Woensdag 25/11/2020

Update

Vlaamse onderwijs blijft top, maar vertoont dalende trend

Vlaamse leerlingen blijven hoog scoren op de wiskundetest, al is er wel een dalende trend merkbaar.Beeld AFP

Het Vlaamse onderwijs is nog altijd zeer degelijk, maar de gemiddelde prestaties inzake wiskunde, leesvaardigheid en wetenschappen zitten in een dalende lijn. Dat blijkt uit PISA, een driejaarlijkse vergelijking van de onderwijsprestaties in 65 landen.

Het was oud-premier Yves Leterme, tegenwoordig adjunct-secretaris-generaal bij de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO), die de resultaten van de PISA-test voorstelde. Het onderzoek, dat voluit 'Programme for International Student Assessment' heet, gaat na in welke mate 15-jarigen de kennis en vaardigheden verworven hebben die ze nodig hebben om ten volle deel te nemen aan de moderne samenleving.

De focus van de PISA-test 2012 ligt op wiskunde, wetenschappen, lezen en het probleemoplossend vermogen van de leerlingen. In totaal namen 65 landen aan het onderzoek deel: de 34 OESO-landen aangevuld met 31 partnerlanden. Samen goed voor 510.000 studenten.

De 15-jarigen in Vlaanderen scoren in zowel wiskunde, wetenschappen als lezen beter dan het gemiddelde van alle jongeren uit de OESO-landen. Frans- en Duitstalig België doen het minder goed.

Wiskunde
In de OESO-landen scoren jongeren gemiddeld 494 punten op de wiskundetest. De Vlaamse 15-jarigen scoren met 531 punten duidelijk boven dat gemiddelde. De Franse gemeenschap duikt met 493 punten net daaronder, in Duitstalig België lieten de jongeren een score van 511 punten optekenen. Voor heel België betekent dat een score van 515 punten, of 15 minder dan op de vorige test in 2003. Jaarlijks gingen er de voorbije negen jaar gemiddeld 1,6 punten af, volgens de onderzoekers een "statistisch significant" cijfer.

De absolute koploper op het vlak van wiskunde is de Chinese stad Sjanghai, die als aparte entiteit is opgenomen en een score van 613 punten optekent. Aziatische landen geven in het algemeen de rest van het wereld het nakijken. Liechtenstein eindigt als eerste niet-Aziatische land pas op plaats 8 in de wiskunderangschikking. Was de Vlaamse gemeenschap een apart land, het legde beslag op de negende plaats.

De OESO deelde de studenten ook op naar prestatieniveau. Van alle Belgische jongeren haalt 19 procent niet het niveau waarop ze in staat zijn relatief eenvoudige problemen op te lossen aan de hand van hele getallen. Het OESO-gemiddelde is daar 23,1 procent. Opvallend is dat de leerprestaties in Vlaanderen voor wiskunde snel dalen. Enkel in IJsland, Nieuw-Zeeland, Finland en Zweden was de achteruitgang even groot.

Wetenschappen
Ook voor wat wetenschappen en lezen betreft, is Azië de absolute koploper en zijn er duidelijke verschillen tussen de drie gemeenschappen in België. Op wetenschappen scoren de Vlaamse jongeren met 518 punten en de Duitstalige gemeenschap met 508 punten boven het OESO-gemiddelde van 501 punten, de Franstalige jongeren halen een score van 487 punten.

Leesvaardigheid
De leesvaardigheid ligt in Vlaanderen met 518 punten duidelijk boven het gemiddelde van 496 punten. De Franse en de Duitstalige gemeenschap zitten met respectievelijk 497 en 499 punten net boven het gemiddelde. Over het hele land zijn de prestaties op het vlak van lezen en wetenschappen min of meer gelijk gebleven in vergelijking met 2003.


De prestaties van de Belgische jongens en meisjes lopen gelijk aan de gemiddelde geslachtskloof in de OESO-landen. Zo doen jongens het beter op wiskundevlak, laten meisjes een fors betere score optekenen op het vlak van lezen (32 punten) en zijn jongens weer iets beter in wetenschappen.

Opleiding leerkrachten
Volgens de OESO-onderzoekers brengt hun studie enkele gemeenschappelijke kenmerken van de onderwijssystemen met de beste resultaten aan het licht. Zo wordt er grote nadruk gelegd op de keuze en de opleiding van leerkrachten, worden ze aangemoedigd samen te werken en wordt bij investeringen prioriteit gegeven aan de kwaliteit van het onderwijs en niet aan de grootte van de klassen. "Ze stellen ook duidelijke doelstellingen en geven de leerkrachten de autonomie die te bereiken", luidt het.

Daarom zijn de oorzaken van de verschillen in prestaties niet gemakkelijk aan te wijzen. "Het gaat om meer dan de cijfers alleen", zegt Michael Davidson, hoofd van de OESO-afdeling Kleuter- en Schoolonderwijs. "Het gaat ook om de kwaliteit van de leerkrachten." Volgens hem is er een sterke link tussen de sociaaleconomische achtergrond van de leerlingen en hun schoolse prestaties. Maar het is dan weer te gemakkelijk om daar de oorzaak te zoeken van de verschillen tussen Vlaanderen en de Franse gemeenschap. Davidson liet wel vallen dat de kloof van 38 punten op het vlak van wiskunde overeenkomt met ongeveer een vol schooljaar.

Spreiding
De spreiding tussen de vijf procent best presterende leerlingen en de vijf procent zwakste leerlingen is in Vlaanderen groter dan in een gemiddeld ander OESO-land.

Net als bij vroegere metingen blijkt de invloed van de socio-economische status van leerlingen in Vlaanderen groter dan gemiddeld in de OESO-zone. En nergens is het scoreverschil tussen autochtone leerlingen en leerlingen met een buitenlandse herkomst groter dan in Vlaanderen.

"We moeten ingrijpen in ons onderwijs om de dalende trend om te buigen. Dit toont aan dat de goedgekeurde onderwijshervorming noodzakelijk is om ons onderwijs, ook in het ASO, op topniveau te houden", zegt minister Smet. "Ons onderwijs zit op een keerpunt. Of we doen voort zoals vandaag en glijden de volgende jaren verder af op de ranking. Of we slaan een nieuwe weg in die alle leerlingen, van welke studierichting of achtergrond ook, maximaal uitdaagt".

Europese Commissie
De resultaten van het grootschalige onderzoek komen behalve bij de nationale en gemeeschapsregeringen ook op de tafel van de Europese Commissie terecht. Die zal ze bespreken met de lidstaten en ze eventueel in landenspecifieke aanbevelingen gieten. Op 24 februari plegen de Europese ministers van Onderwijs en de Commissie voor het eerst overleg.

In heel België namen ongeveer 10.000 jongeren aan de PISA-test deel. Het gaat om willekeurig gekozen 15-jarige leerlingen van een 280-tal willekeurig gekozen scholen.

Wie wil kan zelf enkele voorbeeldvragen uit de PISA-test afleggen op de website van de OESO.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234