Zondag 21/07/2019

Verkiezingen

Vlaams Belang, een geschiedenis van electorale hoogte- én dieptepunten

Beeld Bas Bogaerts

De uitslagen voor de federale en Vlaamse verkiezingen tonen een forse winst voor Vlaams Belang. Als die trend zich verderzet, keert de partij volledig terug naar de hoogdagen van het begin van de eeuw. En is de pandoering die de partij in 2014 kreeg, helemaal vergeten.

🗳️LIVE: volg al het verkiezingsnieuws op de voet in onze liveblog

📍Verkiezingen 2019: bekijk alle uitslagen hier live

Vlaams Belang hoopt de stunt van 2004 nog eens over te doen, toen er Vlaamse en Europese verkiezingen georganiseerd werden en de partij (toen nog Vlaams Blok) met net geen kwart van de stemmen aan de haal gingen. Vlaams Belang strandde op 24,15 procent in Vlaanderen, terwijl CD&V en N-VA sámen het moesten stellen met 26,09 procent. Vlaams Belang werd dan ook de grootste politieke fractie in het Vlaams Parlement. Na 13 juni 2004 - de zoveelste Zwarte Zondag - ging het alleen maar bergaf met de partij.

Vijf jaar later, toen er opnieuw gekozen moest worden voor een Europees en Vlaams parlement, bleef Vlaams Belang steken op iets meer dan 15 procent. Dit betekende een verlies van 7 à 8 procent ten opzichte van de vorige Vlaamse en Europese verkiezingen. Op sommige plaatsen halveerde de aanhang en zelfs in Antwerpen was het verlies dramatisch. Het was de eerste zware verkiezingsnederlaag van de partij in haar geschiedenis. “Het begin van het einde”, zo werd voorspeld. De federale verkiezingen van 2010 leken dit te bevestigen: ook toen verloor Vlaams Belang.

Maar de echte doodsteek voor de partij kwam pas vier jaar later, in 2014: Vlaams Belang werd toen knock-out gemept door de N-VA van Bart De Wever. Bij Vlaams Belang werden de nodige conclusies getrokken: Filip De Winter werd zachtjes richting uitgang geduwd en Tom Van Grieken nam het roer over. Die laatste veranderde ook meteen de toon van het discours van de partij: de donkerbruine praat werd vervangen door iets subtielere bewoordingen. Dat lijkt nu zijn vruchten af te werpen. Tel daarbij de prijs die N-VA moet betalen voor haar regeringsdeelname op federaal niveau en de rekening klopt. Dan is het niet eens zo gek dat Van Grieken voorspelde dat deze verkiezingsdag beter zou worden dan Zwarte Zondag.

Of Vlaams Belang inderdaad opnieuw een kwart van de stemmen of meer zal halen, zoals in 2004 toen ze een historisch hoge score behaalde, is niet zeker. Maar zelfs als het een paar procenten minder zijn, is het nog niet slecht voor een partij die onder de naam Vlaams Blok voor het eerst opkwam in 1978 en dat jaar tevreden moest zijn met 1 Kamerzetel. Het zou meer dan tien jaar duren voor iemand echt rekening ging houden met de partij: in 1991 sprong het Vlaams Blok in de Kamer van 2 naar 12 zetels en in de Senaat van 1 naar 5. Alle traditionele partijen kregen een dreun, en 24 november 1991 werd omgedoopt tot Zwarte Zondag. Nadien zouden er nog enkele Zwarte Zondagen  volgen: op 8 oktober 2000 en 13 juni 2004. De Zwartste Zondag viel in 2004, vlak voor het Vlaams Blok vervelde tot Vlaams Belang. Op 14 november 2004 hief de partij zichzelf op nadat ze voor racisme veroordeeld was. Voortaan noemde ze zichzelf Vlaams Belang.

Filip Dewinter mag zich een van de grote overwinnaars van de verkiezingen noemen. Beeld BELGA

De scores van Vlaams Blok/Vlaams Belang sinds Zwarte Zondag:

Federaal 1991:

Vlaams Blok: 11 procent

Vlaams 1995:

Vlaams Blok: 13 procent

Vlaams 1999:

Vlaams Blok: 15 procent

Vlaams 2004:

Vlaams Blok: 24,15 procent
CD&V/N-VA: 26 procent

Antwerpen 2006:

Vlaams Belang: 33,5 procent

Vlaams 2009:

Vlaams Belang: 15 procent

Vlaams 2014:

Vlaams Belang: 5 procent

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden