Zondag 15/12/2019

Vive le cinema

k weet niet hoe het met u zit maar ik kan alvast niet zeggen dat ik me echt een vat vol energie voel, vandaag. Integendeel, ik voel me leeg.

Leeg als de rekken van de afdeling maandverbanden bij de Di, nadat de tourbus van het meisjeskoor Scala er halt heeft gehouden.

Grapje, ik weet het, en misschien wel een flauw grapje maar, hey, het is zaterdag voor iedereen.

Ik ben behalve leeg en moe ook blij. Dat komt, denk ik, omdat ik me de afgelopen weken weer intensief met cinema bezig gehouden heb en dat zowel in de actieve als de passieve modus. Ik vertel u er straks meer over maar ik wil u nu alvast verleiden tot het uiten van een vreugdekreet met bijbehorende moderne dans binnen het intieme kader van uw huiskamer.

‘Vive le cinéma’, zo gaat de slogan van de week. En dat heeft er natuurlijk mee te maken dat het roemruchte Filmfestival van Gent weer op volle toeren draait. Een gigantische grabbelton vol film en muziek en glamoureuze evenementen en met op de riante recepties achteraf behalve het hele nationale en het halve internationale filmberoep ook altijd wel wat politici die op zoek zijn naar de fotograaf van een bevriend dagblad.

Hier en daar las en hoorde ik wat gemor dat er qua rodelopergehalte dit jaar alleen een Catherine Deneuve beschikbaar was.

Maar die kritiek vind ik helemaal naast de kwestie.

De trappen van het Filmpaleis betreden is een olympische discipine die eigenlijk alleen in Cannes wordt bedreven en dat komt omdat er onder ons gezegd en gezwegen eigenlijk maar één echt filmfestival bestaat in de hele wereld, en dat is dus Cannes.

Al die andere festivals zijn daar eigenlijk ofwel kwalijke kopieën van, ofwel variaties op een thema dat ze naar best vermogen mogen vervoegen. In Gent doen ze dat laatste al bijna een eeuwigheid goed, ja zelfs zeer goed.

Vertrekkend vanuit een basis die haar wortels heeft in de pure cinefilie hebben festivaldirecteur Jacques Dubrulle en zijn talrijke medewerkers door de jaren heen een gouden formule bedacht die natuurlijk vooral bestaat uit een machtig aanbod nieuwe films vanuit de hele wereld, uit boeiende tentoonstellingen (onlangs nog Alfred Hitchcock en Agnès Varda, nu de onschatbare Jacques Tati) en uit een superieure ‘randactiviteit’ die te maken heeft met muziek en dan in het bijzonder filmmuziek. De helemaal uit pellicule en Franse eretekens opgetrokken DM-filmmens Jan Temmerman wees er afgelopen dinsdag in het VRT-nieuws terecht nog op: die warme keuze voor muziek is voor Gent, zeker in het buitenland, zo’n beetje het unique selling point geworden, een invalshoek die ons inmiddels mondiaal benijd wordt en die een festival als Gent veel meer dan zijn bestaansrecht geeft.

De juichkreet ‘Vive le cinéma’ is daar in Gent ook altijd vertaald naar ‘Vive le cinéma belge’ een genre dat de laatste jaren toch steeds meer in onbruik raakt en verengd wordt tot ‘Vlaamse film’, een vreemd begrip dat ervan uit schijnt te gaan dat beeldtaal met een of andere regionale tongval te maken heeft.

Ik kan me er eigenlijk niets bij voorstellen, bij ‘Vlaamse film’, al wens ik de Vlaamse film uit de grond van mijn hart werkelijk niets dan goeds toe. Maar toch, ik zeg u hier en nu en zwart op wit dat de Vlaamse film pas echt volwassen zal zijn geworden op de dag dat er in de boekskes gesproken zal worden over ‘een nieuwe film’ en niet over ‘een nieuwe Vlaamse film’.

Het is overigens ook grappig om vast te stellen hoe hier en daar vooral kleine mannetjes opstaan die zeggen dat zij eigenlijk de vaders zijn van het renouveau van de Vlaamse film.

En er zijn warempel ook nog filmcritici die doen alsof dat filmtalent de afgelopen jaren zo maar plotseling uit de bomen is komen vallen, terwijl het zoetjesaan toch eens mag worden gezegd dat tenminste driekwart van alle briljante cineasten die op dit ogenblik aan de slag zijn in ons filmlandschap, hun kunst en kennis opgedaan hebben aan één van de drie of vier goede filmopleidingen die ons hogeronderwijsnet rijk is.

Daarbij op niet onaanzienlijke wijze gesteund dooor het Vlaams Audiovisueel Fonds en af en toe ook door de omroepen.

Verder was ik de afgelopen dagen vooral van plan de high profile-premières van twee autodidacten te bezoeken: Jan Verheyens Zot van A en Hilde van Mieghems Smoorverliefd. Maar ik heb ze allebei gemist. Voor de eerste moest je gekleed gaan in stylish black with a touch of red terwijl ik net een witte jas had gekocht, en bovendien gebukt ging onder een loodzware werklast en ook nog een korte gevangenisstraf moest uitzitten. Voor de tweede ga ik wachten tot de bladeren van de bomen gevallen zijn, of vice versa.

Maar ik ga ze straks zeker allebei bekijken, op mijn klompen en in mijn boezeroen. Ik mag er dan wel uitzien als een rurale hypochonder maar, geloof me, in wezen ben ik gewoon een lichtjes komisch getinte romanticus.

Wat niet wegneemt dat ik ook droevig kan zijn als weer eens een held van mij in het zand bijt. Er is niet veel over gezegd en de man maakte ook niet écht Vlaamse films maar helemaal aan het eind van vorige maand is Arthur Penn doodgegaan, in alle stilte.

Ik was net als u allemaal destijds behoorlijk gek van zijn meesterwerk Bonnie and Clyde, een grensverleggende film uit een tijd toen grenzen nog verlegd konden worden en die ik gezien heb op de dag dat ik 19 jaar werd en die ik bouleversant vond. En ik heb niet veel later in dat geweldige Brusselse Filmmuseum ook zijn Mickey One leren kennen, een soort van Amerikaanse nouvelle vague-film die in glorieus zwart-wit gefotografeerd werd door onze landgenoot Ghislain Cloquet en met een werkelijk weergaloze jonge Warren Beatty in de hoofdrol.

Om nog te zwijgen van zijn evenknie Paul Newman in The Left Handed Gun. Die film was zo goed dat ik Penn met veel plezier The Missouri Breaks vergeef, een werkstuk dat ondanks de merkwaardige aanwezigheid van Marlon Brando en Jack Nicholson toch niet écht bleek te werken en dat we dus maar onder de noemer ‘interessant’ zullen klasseren.

Die grote Arthur Penn was een aantal jaren geleden te gast in het kleine Gent. Hij bleek van dichtbij bekeken verstandig en bescheiden te zijn. Twee kwaliteiten waar ik persoonlijk erg naar uitkijk.

Misschien volgende week ?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234