Maandag 01/03/2021

Vier eeuwen ongebroken succes

Geen enkel kunstgenre is zo vaak doodverklaard als de opera. Zelfs zijn grootste profeten, zoals Gerard Mortier, kondigen regelmatig de godendeemstering aan. De reden is eenvoudig: opera is een dure kunstvorm. En toch lopen de operahuizen telkens weer vol.

Door Stephan Moens

Van de bezettingsgraad van opera kunnen andere podiumkunsten bij ons enkel dromen. Her en der worden ook nieuwe operahuizen geopend, onlangs nog in Kopenhagen en Valencia, binnenkort in Oslo. Maar dat is niet genoeg: met een opendeurdag op het hele Europese continent willen de operahuizen zaterdag nieuwe publieksgroepen aanboren.

Is het toevallig dat twee van de initiatiefnemers van die Europese Operadagen Belgen zijn? Bernard Foccroulle is voorzitter van Opera Europa, de vereniging van Europese operadirecteurs. Hij plaatst het fenomeen opera in een Europees cultuurhistorisch perspectief: "Opera heeft zich vanuit Europa ontwikkeld in de hele wereld. Het is drager van een bepaalde wereldbeschouwing. Het is een spiegel van menselijke emoties en zet bepaalde humanistische waarden op het toneel die hebben bijgedragen tot het ontstaan van de democratie."

Ook zijn voorganger in de Munt, Gerard Mortier zit op die lijn: "Opera is een bijzondere vorm van het erfgoed van de verlichting. Het is een spiegel waarin de Europese mens zichzelf kan bestuderen en zich verwonderen over zijn hoop, zijn mislukkingen, zijn utopieën. Maar daartoe moet de spiegel uit het rariteitenkabinet gehaald worden en een levende, fascinerende reflectie worden van de mens van onze tijd."

Legitimering lijkt de achterliggende gedachte. Opera moet na vier eeuwen ongebroken succes (in 2007 is het vierhonderd geleden dat het eerste meesterwerk dat nog altijd op het repertoire staat, Monteverdi's L'Orfeo, ontstond) opnieuw verantwoorden waarom de samenleving niet onbelangrijke middelen moet spenderen aan deze bij uitstek Europese kunstvorm. Foccroulle: "Europese opera bezit een uitzonderlijke dynamiek van samenwerking. Hij wordt vaak beschouwd als een luxueuze, elitaire kunstvorm. Toch bereikt het elk jaar opnieuw een publiek van tientallen miljoenen toeschouwers, onder wie een groeiend aantal kinderen en jongeren, en genereert het een substantiële economische return."

Mortier heeft om die thesis hard te maken volgend weekend een heus driedaags colloquium bij elkaar geroepen in Parijs, waarvoor hij niet alleen de grote kanonnen laat aanrukken maar ook jongeren uit heel Europa uitnodigt om hen het vuur aan de schenen te leggen. Die conferentie draait rond drie thema's: 'Het erfgoed van de Europese opera: diversiteit en gemeenschappelijke waarden', 'Werken met en voor een nieuw publiek' en 'De toekomst van de opera'.

Vervolg op pagina 4

Het ligt voor de hand dat al die betrokkenen het genre hardnekkig zullen verdedigen; de vraag is eerder welke toekomstperspectieven ze zullen kunnen aanwijzen. Foccroulle doet al enkele suggesties: "Creaties buiten de traditionele ruimtes, operaproducties in achtergestelde wijken of in scholen, creatie van intercultureel en multimediawerk, interventies uit nieuwe technologieën en zo meer."

Al die dingen worden inmiddels hier en daar in Europa realiteit. De Munt is een voortrekker op het vlak van de doelgroepenwerking, Lyon (waar de Vlaming Serge Dorny directeur is) van de wijkwerking. Mortier heeft in Parijs al het een en ander met multimedia gedaan (zoals een Tristan und Isolde met een videodecor van Bill Viola). Van hem is ook bekend dat hij een voorstander is van een herinterpretatie van de canon via een herschrijven ervan, zoals dat bij het gesproken theater in een aantal landen (waaronder Vlaanderen) al het geval is. Wolf van Alain Platel, waarin aria's uit opera's van Mozart opnieuw werden geïnstrumenteerd in functie van een dansvoorstelling, was daar een eerste voorbeeld van.

Toch ligt dat herschrijven bij opera heel wat moeilijker dan bij theater - in het verleden bleef het doorgaans beperkt tot al dan niet oordeelkundig aangebrachte coupures. Partituren hebben vaak een veel dwingender structuur en zeker de werken uit de romantiek en later verzetten zich van binnenuit tegen allerlei ingrepen. Daarbij komt nog dat de jongste jaren de roep naar een herontdekking van de canon weer sterker is geworden.

Wat er in België tijdens het operaweekend aan de hand zal zijn, presenteerden de drie operadirecteurs van het land, Bernard Foccroulle, Marc Clémeur en Jean-Louis Grinda (allen ontslagnemend) broederlijk naast elkaar. In de Munt zijn er rondleidingen in niet minder dan 35 talen, open repetities, opera op groot scherm, workshops voor groot en klein en nog veel meer. Zaterdagavond geeft Transparant in de KVS-bol een opvoering van La mort de Sainte-Alméenne, een onvoltooide opera van Honegger. De Vlaamse Opera verzorgt in Gent eveneens rondleidingen maar ook een meet-and-greet met de muzikanten, een workshop Wat is opera? en een sessie Techniek voor dummy's over Die Walküre. In een Sing Along wordt in drie kwartier het 'Vilja'-lied uit Die lustige Witwe ingestudeerd en het koor brengt een concert met Elgar en Grieg. De Operastudio Vlaanderen speelt Der Kaiser von Atlantis van Ullmann. In de Waalse Opera in Luik is er een soortgelijk programma, met een uitvoering van de micro-opera L'enlèvement d'Europe van Milhaud als kernpunt.

Wat kan dat allemaal opleveren? Rechtstreeks waarschijnlijk weinig. Een nieuw publiek win je niet op een opendeurdag maar door je een centrale plaats te verwerven in de stad en door gestadig te werken met allerlei doelgroepen. Het hele gebeuren lijkt er precies op gericht een stap te zetten naar die inbedding in de stad. De grote kracht van opera is altijd geweest dat het samenspel van de kunsten erin buitengewone emoties losweekt. Daardoor kon hij een centrale plaats in de podiumkunsten en in de steden opeisen.

Dat, zeggen deze opendeurdagen, willen we zo houden.

www.operadays.eu; www.demunt.be; www.vlaamseopera.be; www.orw.be.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234