Vrijdag 25/06/2021

Verwilghen schrapt vooral straatarme landen

De paarse regering zal voortaan 18 in plaats van 25 landen met bilaterale ontwikkelingshulp steunen. 11.11.11 en andere experts vinden dat minister van Ontwikkelingssamenwerking Marc Verwilghen (VLD) op een transparantere manier had moeten selecteren en vragen zich af waarom vooral straatarme landen uit de boot vallen.

Brussel

Eigen berichtgeving

Koen Vidal

De landen die geschrapt worden, zijn: Burkina Faso, Ethiopië, Bangladesh, Cambodja, Ivoorkust, Laos en de lidstaten van de Ontwikkelingsgemeenschap van Zuidelijk Afrika (Angola, Botswana, Lesotho en Malawi). De partnerlanden die op bilaterale steun van België kunnen blijven rekenen, zijn: Kongo, Burundi, Rwanda, Oeganda, Tanzania, Zuid-Afrika, Senegal, Mali, Benin, Mozambique, Niger, Algerije, Marokko, Bolivia, Ecuador, Peru, Palestina en Vietnam.

Minister van Ontwikkelingssamenwerking Verwilghen beloofde gisteren dat de lopende projecten in de geschrapte landen afgewerkt zullen worden. De reden waarom de zeven landen hun hulp verliezen, heeft vooral te maken met "de kwaliteit van de dialoog en de samenwerking". Ander argument is dat de Belgische hulp in die landen te beperkt is om een "leidende rol" te spelen.

Verwilghen: "Vergeet ook niet dat de geschrapte landen nog wel op indirecte en multilaterale hulp kunnen rekenen. De bilaterale hulp is het kleinste deel van de ontwikkelingshulp. Andere manieren van hulpverlening zoals conflictpreventie en noodhulp blijven wel bestaan."

Het is niet de eerste maal dat België de lijst met partnerlanden afslankt. Verwilghens voorganger Eddy Boutmans (Agalev) schrapte voordien al 24 landen.

Han Verleyen van de ngo-koepel 11.11.11 vindt een verdere concentratie van de ontwikkelingshulp een goede zaak maar stelt zich wel de vraag welke objectieve criteria Verwilghen heeft gebruikt bij zijn selectie. "Het enige wat de minister naar buiten brengt, is een lijst met landen. Enige toelichting lijkt ons toch noodzakelijk. Opvallend is ook dat de selectie er op heel korte termijn is doorgedrukt. Het blijft allemaal een beetje geheimzinnig."

Ook professor Robrecht Renard van het Instituut voor Ontwikkelingsbeleid (Universiteit Antwerpen) heeft "niet de indruk" dat Verwilghen zijn selectie op basis van een uitgebreid vooronderzoek heeft gemaakt. "Verder valt op dat de geschrapte landen stuk voor stuk straatarm zijn. Verwilghen beweert dat het moeilijk was om met die landen samen te werken, maar ik ben het daarmee niet eens. Van landen als Burkina Faso, Cambodja en Laos kun je niet zeggen dat ze niet behoorlijk met hun donorlanden meewerken."

Ook het argument dat België in bepaalde landen geen leidende rol als donorland kan spelen, werd volgens Renard niet waterdicht toegepast. "Burkina Faso valt eruit omdat de Belgische aanwezigheid te beperkt zou zijn en omdat Frankrijk het overheersende donorland is. Maar hetzelfde kun je zeggen van Mali, Benin, Niger en Senegal. Het is mij niet duidelijk welke criteria hier gehanteerd werden."

Renard zegt wel voorstander te zijn van een vermindering van het aantal partnerlanden. "Omdat je op die manier kosten kunt besparen. Voor België is het veel goedkoper om zich op 10 in plaats van op 25 landen te concentreren. Verder is het natuurlijk zo dat wanneer België meer hulp aan minder landen geeft het een grotere invloed op het beleid in die landen kan hebben."

Belgische hulp zou er te beperkt zijn om 'leidende rol' te spelen

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234