Dinsdag 06/12/2022

Verpletterende stilte, dat zou Vangheluwes straf moeten zijn’

Tristan van der Vlis in Alphen aan de Rijn, Kim De Gelder in Dendermonde, Hans Van Themsche in Antwerpen: allemaal jonge twintigers, allemaal met demonen in het hoofd. ‘Het systeem bevordert kracht, weerbaarheid, gezondheid: dat is het ideaalbeeld waaraan iedereen moet voldoen. Maar daar staat een prijs tegenover’, zegt kinderpsychiater Peter Adriaenssens (54). En wat demonen in het hoofd betreft is er natuurlijk ook nog Roger Vangheluwe. ‘De gedwongen seks is gestopt, maar het machtsmisbruik niet.’

Wat dacht u toen u het interview met Roger Vangheluwe zag?

“De waanzin voorbij. Echt compleet voorbij. Misschien is het enige nut dat het publiek nu beter zal begrijpen waarom het slachtoffer twintig jaar na de feiten er nog altijd niet door raakt. Waarom de talloze pogingen die hij gedaan heeft om erkenning te krijgen, niet zijn gelukt. Iedereen ervaart nu diezelfde machteloosheid tegenover zo’n man.

“Een jaar heeft Vangheluwe gehad om alles te overdenken, alles te lezen, te beseffen wat hij heeft aangericht. Maar nee, zijn enige boodschap is dat wat hij deed eigenlijk vrij normaal was, en dat seksueel misbruik pas begint bij iets wat erger is dan wat hij gedaan heeft. Hij kijkt alleen naar de wereld door zijn eigen bril, totaal onvermogend om empathie voor het slachtoffer op te brengen.

“De gedwongen seks is gestopt, het machtsmisbruik duidelijk niet. Opnieuw heeft hij zijn klauwen naar het slachtoffer en diens familie uitgeslagen. Ik denk ook dat een dader daar op kickt, zeker vanuit de wetenschap dat hij nog altijd zijn titel heeft, en nog steeds wanneer hij maar wil dat publieke profiel kan gebruiken om te tonen: zelfs al ben ik in het buitenland, ik kan u altijd bereiken. Vandaar dat ik ook moeite had met dat relaxte sfeertje van het gesprek. Ik begrijp dat het wel de natte droom van iedere journalist zal geweest zijn, maar ik vind niet echt dat Vangheluwe uitgedaagd is tot grote intellectuele eerlijkheid, ik vind het zelfs onbegrijpelijk dat de naam van het slachtoffer gevallen is, dat er privégegevens aan bod zijn gekomen. Eigenlijk was het voor hem een kans om zijn slachtoffer via tv nog eens te pakken. Dat moet heel beangstigend zijn voor het slachtoffer en zijn gezin: ‘Stopt het dan nooit?’

“De strengste straf zou eigenlijk de verpletterende stilte moeten zijn. Het zijn wij die de lijnen met die man zullen moeten doorknippen, volledig en voor altijd. De kerk heeft hier weinig uit geleerd, want iets echt nieuws heeft hij niet gezegd, maar zij zou nu toch moeten beseffen dat deze man niet het recht heeft lid te zijn van om het even welke vereniging, en dus ook niet van de kerk. Dit was de taart in hun gezicht. In de discussie over de laïcisering lijkt dit me toch een punt dat meegenomen moet worden. Dit is immers niet de kleine dader die gesproken heeft, maar iemand die zich nog steeds onaantastbaar acht vanuit zijn bisschoppelijke titel.”

Wat vond u van de voorlopige ‘flutstraf’ voor bisschop Vangheluwe?

“Het beste wat je kunt doen is daar in alle toonaarden over zwijgen, dat niet eens de eer geven er veel woorden aan vuil te maken. Je kunt er alleen bij zuchten en naar de grond kijken.”

Minachting?

“Niet eens dat. Ik kan me ook niet voorstellen dat veel mensen verrast waren. Iedereen weet dat deze uitspraak er kwam omdat het ‘de verjaardag’ van de feiten is en men toch nog vlug iets wou doen. Het is onbegrijpelijk. Het stelt wel scherper in beeld hoe snedig de Belgische kerk toen gehandeld heeft, door Vangheluwe tot ontslag te dwingen. Mocht de man toen ook ontkend hebben, wat hij jaren gedaan heeft, ik zou niet weten waar we nu zouden staan. Toen hebben ze toch op zijn minst voor enige rechtvaardigheid gezorgd.”

Men heeft het slachtoffer van Vangheluwe niet eens in kennis gesteld, en in het bisdom Brugge hadden ze het over een ‘zware tuchtmaatregel’.

“Dat soort uitspraken kan ik geen plaats geven. Dat een van de bisschoppen voor de parlementaire commissie zei dat men zich moeilijk kan verontschuldigen voor iets wat men niet zelf gedaan heeft, daarvan kan ik alleen maar achterover vallen. Er is toch voldoende bezinningstijd geweest? Je ziet langs de kant van de slachtoffers ook een heel grote stilte. Het zijn groepjes geworden, en de grote massa onder hen hoor je ook niet meer. Ik ben ervan overtuigd dat de oproep van federaal procureur Delmulle aan slachtoffers om hun dossier te halen op heel weinig respons zal kunnen rekenen. Er is een publiek uitzweten geweest, er is een maatschappelijk debat op gang gebracht, tot in het parlement, in alle families is er over gesproken, het thema is publiek geworden. Dat is positief. Maar verder?”

Er was niet alleen het publieke optreden van Vangheluwe. Het Nederlandse Alphen aan den Rijn kreeg te maken met Tristan van der Vlis. Een jonge twintiger, net als Kim De Gelder en Hans Van Themsche. Is de opeenstapeling van ontsporingen toeval, of moeten we er meer achter zoeken?

“Wat nieuw is, is dat deze tijd je veel meer mogelijkheden biedt om je waanzin uit te leven. Vroeger verliep alles veel gecontroleerder, op school en op straat. De lijn van wat nog tot het normale behoorde, was veel duidelijker getrokken. Vandaag zie je meer jongeren met intelligent autisme het moeilijk hebben, terwijl die toch altijd bestaan hebben. Iedereen herinnert er zich wel eentje in zijn klas: de gast die als tiener nog autootjes verzamelde en ordende, maar die toch meekon omdat het systeem zeer regulerend was. Vandaag ligt de verantwoordelijkheid om te zorgen voor je gedrag veel meer bij het individu zelf. Iemand die aan het ontsporen is, wordt daarin minder beperkt door de samenleving, raakt bijvoorbeeld ook makkelijker aan wapens. Soms wordt hij ook gestimuleerd door een media-omgeving die constant het beeld levert dat vergelding een valabele optie is. Waar wij in commissies de hele dag over praten zie je niet, want het echte leven is te saai, maar continu vallen de doden van je scherm, iedere avond opnieuw. Een gezonde kijker kan dat kaderen als fictie, maar niet iedereen heeft die gezondheid. Er lopen veel kwetsbaren rond, kijk naar de wachtlijsten. Het systeem bevordert kracht, sterkte, weerbaarheid, gezondheid: dat is het ideaalbeeld waaraan iedereen moet voldoen. Maar daar staat een prijs tegenover.”

We vergeten op de kleintjes te letten.

“We hebben nog maar weinig mildheid voor de kwetsbaren, ja. Wel nog enigszins tot ze 18 zijn, dan is er nog hulpverlening. Soms falende hulpverlening, maar ze zitten nog in het systeem. Daarna is het gedaan, en iedereen in onze sector weet dat je met een probleem zit bij de gasten tussen 18 en 25. Dan komt de hogeschool of de universiteit, en de counselinggroepen die daaraan verbonden zijn hebben overvolle wachtlijsten. Steeds meer studenten merken dan dat de kloof moeilijk overbrugbaar is, hebben het gevoel dat ze falen in de ambities die ze door de samenleving opgedrongen krijgen, betalen de prijs van de eenzaamheid, soms de verstoting. Als je dan niet sociaal weerbaar bent, geen plek meer voor jezelf vindt, kan het fout gaan.

“Veel mensen slagen niet op dat ogenblik. Niet door een gebrek aan intelligentie, maar door een gebrek aan sociale vaardigheden. Sommigen sluiten zich dan op, soms tot blijdschap van de ouders die van de scènes verlost zijn en hopen dat de schijnbare rust in huis uiteindelijk niet tot stommiteiten zal leiden. Dan mag hij lid worden van de schietclub, wapens kopen. Het is niet dat iedereen de sprong maakt naar de schietpartij in het winkelcentrum - anders zouden we dat maandelijks moeten meemaken, want de groep kwetsbaren is heel groot - maar hoe ga je inschatten bij welk individu uiteindelijk de stoppen helemaal doorslaan? Wel, eerlijk, we weten niet waarom het juist bij die ene gebeurt.”

Telkens na zo’n drama komt de roep naar oorzaken en verantwoordelijken. De ouders van Kim De Gelder die wilden dat hun zoon gecolloqueerd was geweest, bijvoorbeeld. Heel snel gaat de beschuldigende vinger naar de hulpverlener, de te lakse wetgeving, het falen van de overheid.

“We blijven opgevoed in een systeem waar je behoort tot de goeien of tot de anderen. In het onderwijs: je bent bij de top of je bent een kneusje. In de sportwereld: je bent een goeie spits voor eerste of een verdediger voor provinciale. In je werk: je maakt promotie of je wordt ontslagen. We zijn te weinig alert voor de kostprijs van dat universele mechanisme. Het debat voeren over collectieve verantwoordelijkheid, over collectieve mechanismen die falen, dat durven we niet. Wat gebeurt er met mensen die altijd moeten kiezen tussen machtigen en onmachtigen, die dat uiteindelijk ook gaan toepassen in hun privé- of seksuele leven? Daar blijven we van weg, we hopen dat morgen een neurobioloog het plekje in de hersenen gaat vinden dat het verschil maakt tussen dader en niet-dader. Terwijl we weten dat bij veel mensen het gedrag afhankelijk is van dat soort mechanismen, dat je ze zelfs moeiteloos kunt doen folteren als je ze maar in een logica plaatst waardoor ze het normaal gaan vinden.”

Kun je als hulpverlener inschatten wanneer dat kan gebeuren?

“Nee, toch niet op het individuele niveau. Tenzij je naar een big brother-samenleving gaat, waar je iedereen voortdurend gaat screenen. Waarom wordt zo iemand niet permanent onder toezicht gehouden? Omdat je dan een massaal aantal mensen onder toezicht moet houden. Wij hadden hier in Leuven het psychiatrisch ziekenhuis Lovenjoel, dat op zijn hoogtepunt 800 bedden had. Het bestaat vandaag niet meer. We hebben afstand genomen van het idee dat je een heleboel mensen terecht en onterecht chronisch in de psychiatrie moest houden. En nu krijg je het debat van de andere kant: doen we het niet te weinig? Maar je staat als samenleving voor dezelfde afweging die iedere ouder maakt die een tiener moet laten gaan. Je kunt angstig zijn voor alle zijstraten die hij mogelijk inslaat, maar je maakt er ook geen evenwichtige mens van als je hem de hele tijd op zijn kamer opsluit en bewaakt. Dat debat leeft continu, en we zijn bereid dat risico te aanvaarden. Voor de onzen toch, niet voor de anderen.

“Witteboordcriminelen bekijken we daarom met meer mededogen dan een handtasdief, ook al kunnen de feiten bij de eersten veel zwaarder zijn. Maar omdat we ook al eens durven foefelen bij een belastingaangifte behoort die tot ons, terwijl de tweede duidelijk een ‘andere’ is. Die dubbele logica brengt een deel van de kwetsbaren op gevaarlijke sporen. Zij zien heel vaak de dubbele laag in wat wij als norm stellen. Hoe we eerst Kadhafi de hand drukken en hem een jaar later gaan bombarderen, daar doen we ook niet moeilijk over. Er is een soort schijnlogica waarom iemand van onze kant plots een andere wordt, een logica die haast niet in vraag gesteld kan worden.”

Komen er niet veel van die ‘anderen’? Je hoort niets anders meer dan mensen met ADHD, asperger, schizofrenie... Zijn er echt meer, of worden ze vandaag gewoon sneller gevonden en geregistreerd?

“Er zijn er waarschijnlijk meer, omdat onze tijd hectischer is geworden, onze ambities groter zijn, en kwetsbaarheid minder beschermd wordt. Deze generatie vindt het logisch om te trachten met zoveel mogelijk leerlingen aan de eindmeet te raken. Iedereen hoogopgeleid is een mooi en democratisch ideaal, maar het is niet erg realistisch. Toen wij dertien of veertien waren, werden sommigen door de paters met zachte hand naar een patron begeleid om daar aan de slag te gaan, en het diploma lager middelbaar kregen ze dan cadeau. Anders hielden ze hem finaal tegen. Zo kreeg je mensen die bij een garagist gingen werken, en twintig jaar later zelf een grote garage hadden. Dat was dan vermoedelijk een serieuze ADHD’er, alleen benoemde men hem toen niet zo. Zij konden niet in het systeem aarden, en dus werden ze gelost.

“Wij zijn de eerste generatie die zich de ambitie aanmeet niet langer te aanvaarden dat ze om die reden zouden uitvallen. Daar betaal je een prijs voor, die van de frustratie, die hoe dan ook vroeg of laat komt. Want de schoolgebouwen zijn nog net die van dertig jaar geleden, en de klasgrootte ook. Dat is niet logisch, niet correct. Van een klas van 25 moet je er vandaag zeven in het oog houden: die volgt een programma dyscalculie, die dyslexie, daar zit er een met ADHD, met asperger, enzovoort. En je hoopt dat de gewone wel vanzelf meekunnen, maar dat is uiteindelijk niet fair. Met de doelstelling is niets mis, wel met het ontbreken van de middelen om die doelstellingen te halen. Je ziet nu rond één klas al drie of vier taakleerkrachten draaien, terwijl ieder onderzoek aantoont dat je veel beter af bent met kleine klassen met een vaste leerkracht, die aan ieder individu dan de tijd kan geven.

“Daarnaast is er ook het probleem dat veel ouders dat ‘andere’ niet kunnen hanteren. Niet alleen wegens ‘mijn kind, schoon kind’, maar omdat we allemaal bang zijn dat er geen plek zou zijn voor ons kind in een samenleving waarvan we de hardheid kennen. Sommigen zijn zelfs bang voor begeleiding, omdat zoiets al een aanwijzing is dat hij ‘een andere’ is.

“Ik kreeg onlangs telefoon van een dertigjarige politieman, die samen met twee anderen kandidaat was voor een hogere functie. Op zijn vijftiende was hij hier drie maanden in de jeugdpsychiatrie geweest voor een depressie, als reactie op de scheiding van zijn ouders. Hij komt erbovenop, alles gaat goed, nooit meer hulp nodig gehad. En nu vroeg hij me hoe zeker hij kon zijn dat niemand dat voorval ooit te weten zou komen, want alle drie waren ze aan het zoeken naar argumenten om hun concurrent in een minder goed daglicht te kunnen stellen. Dan ga je je afvragen wie de heiligen van vandaag zijn, waar nog het sacrale zit, als de kinderpsychiater moet gaan bepalen wat goed is of niet? Misschien krijgen we binnen twintig jaar wel een onderzoekscommissie naar de hulpverlening, na veel klachten van mensen die dan zullen zeggen dat zij wegens bepaalde hulpverlening in hun jeugd een aantal kansen niet hebben gehad.

“Voortdurend willen we heiligen uitroepen, organisaties canoniseren, beroepsgroepen quasi onaantastbaar verklaren. Maar als de kerk ons één ding leert, dan is het wel dat op zulke momenten de grootste risico’s ontstaan, dat de absolute macht in een aantal gevallen hoe dan ook misbruikt zal worden. Net daarom heb je permanent het debat nodig. Dat er iemand zegt: dat kind heeft ernstige ADHD en moet rilatine nemen, en dat er iemand zegt dat we al die kinderen kapot maken met rilatine. Dan zijn we beschermd, als we tegengesproken worden. Zeker wanneer je bezig bent met minderjarigen die zich niet kunnen verzetten tegen het hele systeem van hulpverlening. Je moet je constant de vraag stellen: doe ik hier wat ik voor mijn eigen kind ook zou doen? In lang niet alle gevallen ben ik ervan overtuigd dat iedere hulpverlener ja zou antwoorden. Waar ben je dan mee bezig? Van die vraag proberen wij ons dagelijks bewust te zijn. In de VS is rilatine nu al een smartpil geworden, die ervoor kan zorgen dat ook mensen die niets mankeren, toch een paar uur langer kunnen studeren of werken, en die dus betere promotiekansen garandeert tegenover de sukkels die de pil niet durven te nemen.”

De parlementaire commissie over seksueel misbruik in de kerk, heeft die haar huiswerk goed gemaakt?

“Ik was redelijk positief verrast, ik had erger gevreesd. Ze zijn in ieder geval met meer negativiteit gestart dan uiteindelijk geëindigd. Hoe meer men de complexiteit van de problematiek begreep, hoe meer men ook de vele angels zag, en toch uiteindelijk tot een bemiddelend voorstel kwam. Het is geen boksmatch geworden tussen vrijzinnigen en katholieken, waarbij hoogstnodig afgerekend moest worden met dingen uit het verleden. Wel mis ik wat scherpte in de antwoorden. De voorzitster heeft bijvoorbeeld meerdere keren gezegd dat ik meegewerkt had aan een vorm van parallelle justitie, de bisschoppen zijn ook stevig en zeer scherp aangepakt. Toch iedere keer met de suggestie dat er dingen achter de coulissen geregeld werden. Goed, die vragen moeten worden gesteld, maar wat is daar nu hun finale opinie over? Die lees ik nergens. Dan hebben ze dus niet vastgesteld dat er planmatig veel verdoezeld is, zeker?

“Er is een milde middenweg bewandeld, met veel goede intenties, waarvan ik hoop dat ze er nu ook echt gaan komen. Ik was lid van een van de post-Dutroux-commissies. Sommige van onze voorstellen van toen vind ik nu letterlijk opnieuw terug. Maar goed, ditmaal zal een opvolgingscommissie ervoor zorgen dat het ook echt gebeurt, en we moeten hopen dat het geen loze belofte wordt.”

Wat men ook niet echt zegt, is of je nu best via justitie of via hulpverlening werkt.

“Er bestaan in andere landen modellen waar men probeert gerecht en hulpverlening te laten samenwerken, omdat je deze problematiek onmogelijk in maar een van die twee lades gestopt krijgt. Die knoop is hier niet doorgehakt, ook al omdat de bevoegdheden communautair verspreid liggen. Wij lopen nochtans vast in die toenemende verkokering, terwijl we net de combinatie van de twee nodig hebben. Want mag ik, na alle kritiek op mijn commissie destijds, eens vragen wat er in het afgelopen jaar dan via de juridische weg wel bereikt is? Een juridisch kluwen waarin stilaan niemand nog weet wie welk dossier nog kan onderzoeken? Een groep daders die meer dan een half jaar lang niet verhoord zijn geweest? Dossiers van slachtoffers die daar een jaar onaangeroerd hebben gelegen in een juridische oorlog? Daar spreekt de parlementaire commissie zich ook niet over uit. Dat mis ik een beetje, de zoektocht naar de collectieve verantwoordelijkheid.

“Ik had het ook kunnen weten in de jaren negentig, net als alle anderen die vertrouwd waren met de term ‘kom eens naar mijn kamer’. We hebben toen allemaal de andere kant opgekeken. Daar heb ik in het parlement te weinig over gehoord, men heeft niet genoeg zichzelf bevraagd, of de hulpverlening, en de media. Waarom had onze jeugdbescherming geen dossiers? Vrij en Vrolijk (een instelling voor kinderen waar in de jaren zeventig wantoestanden en misbruik plaatsvonden, YD) hebben we in die tijd wél ontdekt en gestopt, waarom dit niet? Hoe beschermen we ons daartegen in de toekomst, voor dat collectieve blind en doof zijn?”

Zou u graag alle dossiers terugkrijgen?

“Niet ik persoonlijk, maar ze zouden wel gebruikt moeten kunnen worden voor wetenschappelijk onderzoek. Want vandaag worden ook basale vragen niet beantwoord. Waarover praten we, over welke handelingen gaat het? Wij hadden wat cijfers, Rik Devillé heeft wat gegevens, maar iedereen heeft brokjes, geen globaal overzicht. Terwijl die informatie nuttig kan zijn voor toekomstige preventie. Waarom geen wetenschappelijke commissie die al die stukken kan bekijken, patronen kan ontdekken? Een heel stuk van onze kennis over daders begon met gevangenisinterviews in Canada, waar pedofielen de garantie kregen dat ze vrijuit konden praten zonder dat die informatie nog gerechtelijk tegen hen gebruikt zou worden. Dan bleek dat zo iemand niet alleen de vier kinderen had misbruikt waarvoor hij was veroordeeld, maar gaf hij tegenover de onderzoekers vijftien gevallen toe. Dankzij die gedetailleerde info kun je aan preventie werken. Want hoe hebben honderden van die mannen dat gedaan zonder dat iemand het wist? Welke mechanismen hebben ze gebruikt om in het netwerk waarin ze werkten de zwakkeren uit te kiezen, wat hebben ze juist gedaan, hoe hebben ze het stil kunnen houden? Pas als je die methodes en werkwijzen kent, kun je er een tegenstrategie tegen ontwikkelen, kun je opvoeden tot weerbaarheid. Want echt hallucinant is wel dat er hier in dit land nog steeds honderden daders rondlopen die perfect weten dat het over hen gaat, en die helemaal niets gedaan hebben. Nergens bij psychiaters of elders in het veld zijn daders bovengekomen met een vraag om hulp of bemiddeling. Niet een van hen heeft dus een hand uitgestoken naar zijn slachtoffers.”

Wat heeft de zaak-Vangheluwe eigenlijk met uw persoonlijke geloof gedaan?

“Gelovig zijn is nog iets anders dan traditioneel katholiek. Voor mij is daar niet eens zoveel in aangetast, omdat het geloof voor mij altijd eerst betekend heeft dat je je laat leiden door wat Christus als normen en waarden naar voren geschoven heeft. Op dat niveau is er nooit twijfel gewest.”

In uw vakgebied noemen ze dat, geloof ik, dissociatie.

“Ik lees dat ook, dat ik geen echte gelovige ben, maar een soort salongelovige, eentje die à la carte de dingen kiest die hem uitkomen.”

Zou u nog kerkelijk begraven willen worden?

“Dat is meer een keuze voor mijn nabestaanden. Ik zie in het kerkelijke ritueel nog wel heel veel heling, maar de kerkelijke structuren en de hiërarchie, daarvan lig ik net als vele gelovigen niet meer wakker. Ze hebben hun kansen verkeken om zich weer op de agenda te zetten als een organisatie die een grote moraliteit kan claimen. Het is wel duidelijk dat zeker die roomse kerk lijkt te kiezen voor het bestaan van een minderheidskerk, en haar prioriteiten niet legt bij de brede geloofsgemeenschap. Ze zijn in het extreme terechtgekomen van de ‘onzen’ en de ‘anderen’. Wanneer iemand die een roeping heeft, en dus een goede is en tot onze groep behoort, wanneer die vreselijke dingen doet, dan is dat niet meer dan een snel te vergeven stommiteit. Met een herderlijke preek en een verplaatsing is het dan opgelost.

“De meeste organisaties zijn door een dal gegaan voor ze de weg hebben gevonden naar de democratisering van hun structuren. Maar onze bisschoppen, waarin ik toch veel competentie heb ontmoet, reageren met een verpletterende stilte als er suggesties komen om naast geestelijken ook anderen meer verantwoordelijkheid te geven. Deze crisis tast hoe dan ook de structuren aan. Alleen willen ze het nog niet voldoende beseffen.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234