Maandag 16/12/2019

Véronique Leysen actrice en Ketnetwrapster, 25 ‘Sinds de kleuterschool ben ik als de dood om fouten te maken’

Hoe denken jongens en meisjes de dag van vandaag over de liefde? Merk je dat het toenemend aantal echtscheidingen hun dromen en verwachtingen beïnvloedt?

“Bij de allerkleinsten is er niets veranderd. Zij geloven nog steeds in prinsen, prinsessen en eeuwige trouw. Meestal zijn hun ouders niet langer bij elkaar, maar gaan ze daar op een hele goede manier mee om. Misschien komt de echte klap pas later, als ze het beter beginnen te begrijpen? Ik heb wel het gevoel dat de verwachtingen van jongeren veranderd zijn, maar veel zicht heb ik daar niet op: met Ketnet bereiken we kinderen tot ongeveer 13 jaar.

“Steeds minder mensen zijn gelovig en voelen dus ook niet meer de druk om samen te blijven - in goede en slechte tijden, tot de dood hen scheidt. Mijn ouders waren overtuigd katholiek en dat werd aan ons doorgegeven. Ik was misdienaar en gelovig omdat het mij werd opgelegd. Toen ik enkele jaren geleden criminologie ging studeren, opende het vak politieke geschiedenis mijn ogen. Plots vond ik de kerk heel hypocriet.”

Ook jouw ouders zijn uit elkaar. Heeft dat jouw verwachtingen over de liefde beïnvloed?

“Ik geloof niet meer dat je heel je leven op één persoon verliefd kunt blijven, tot de dood jullie scheidt. Iemand graag zien, dat wel. Maar er is een groot verschil tussen houden van en gepassioneerd verliefd zijn. Via mijn werk in de media leer ik ontzettend veel boeiende mensen kennen. Knappe, ambitieuze mensen; mensen die barsten van het charisma en het talent. Misschien pakt zo iemand mij ooit wel eens in? Al geloof ik niet dat je daar aan hoeft toe te geven. Het liefst denk ik niet te veel over die dingen na, daarvoor ben ik te romantisch. Mijn lief, Thomas (Vanderveken, tv- en radiopresentator, FVG), is veel nuchterder. Hij zei me dat als hij ooit op een ander verliefd wordt, hij me dat zal vertellen en er tegen zal vechten, tenzij het hopeloos is. Het cliché is waar: liefde is een werkwoord. Thomas en ik zijn nu drieënhalf jaar samen en dat ging allemaal wel vanzelf, maar ik merk steeds meer hoe belangrijk het is dat we tijd voor elkaar vrijmaken en elkaar blijven uitdagen, zodat we elkaar telkens opnieuw kunnen blijven ontdekken.

“Omdat Thomas en ik allebei in de media werken en hij vaak erg vroeg gaat slapen omdat hij er de volgde dag al om vier uur uit moet, is het best moeilijk om gemeenschappelijke gaatjes in onze agenda te vinden. Langs de andere kant merk ik dat ik op deze manier heel veel vrijheid heb. Als mijn lief gaat slapen, begint mijn tweede avond. Dan spreek ik af met mijn single vriendinnen. Die vrijheid heb ik nodig, ik voel me gauw verstikt.”

‘Volwassen worden, is een kind kunnen zijn zonder schaamte’, beweerde de Nederlandse psychiater Jan Foudraine. Heb jij een sterk ontwikkeld innerlijk kind?

“Absoluut! Ik ben nog steeds naïef, denk soms heel simplistisch en sta niet stil bij de consequenties van wat ik doe. En ik ben een echte speelvogel. Ik zou gerust weer klein willen zijn. Die geborgenheid, heerlijk knutselen op mijn kamertje, dat zijn dingen die ik echt mis. Het fijne van klein zijn is dat je nog fouten mag maken zonder dat je verantwoording hoeft af te leggen. Alhoewel. Toen ik nog een kleuter was, kreeg ik op school een oefening waar ik geen zin in had. Ik maakte mij er gauw vanaf en toen foeterde de juf op mij: ‘Véronique, ben jij nu zo dom?’ Sindsdien ben ik als de dood om fouten te maken.

“Ik denk dat Thomas op mijn innerlijke kind valt. Als ik iets kinderlijks doe, zoals onbewust snuiten trekken in de supermarkt (zet bolle wangen en een pruillip op), wordt hij vaak overspoeld door een golf van verliefdheid (glimlacht). Mannen hebben in het algemeen eerder de neiging om grote kinderen te zijn, bij ons is het net omgekeerd: ik ben degene die in een vuil T-shirt rondloopt en Thomas moet mij daarop wijzen.”

‘Vrouwen zijn gelijk kinderen, ze zeggen allerlei dingen die ze niet verstaan en waaruit je veel kan leren’, vond de Vlaamse dichter Ben Cami. Wat leert Thomas van jou?

“Thomas en ik zijn elkaars tegenpool. Hij is een echte perfectionist: hij is ordelijk, let op zijn levensstijl en houdt van regeltjes. Ik eet snoep als avondeten, mijn paperassen zijn één grote chaos en ik ben wispelturig en rebels. Ik lok Thomas uit zijn tent. Maar dat werkt in twee richtingen: hij zet mij regelmatig op mijn plaats. We vullen elkaar perfect aan.

“Ik leer veel van Thomas, hij is mijn leermeester. Ik leerde hem kennen toen ik pas 21 was en vertrouw hem volledig. Als hij zegt dat iets zo moet, dan doe ik het zo. Hij heeft een heel sterke persoonlijkheid. Als ik mij over een kleinigheid opwind, kan hij dat heel goed relativeren.”

Als puber werd je gepest. Beïnvloedde dat je ambities? Wil jij die pestkoppen diep van binnen alsnog laten zien wat je waard bent?

“Die pesterijen hebben mij zwaar getekend. Ik werd nooit hevig gepest, maar wel altijd. Om de stomste redenen: eerst omdat ik dik haar had en op een jongen leek, later omdat ik in Spring speelde en volgens die pestkoppen ook in het echt een gedrocht was. Toen dacht ik vaak: ‘Wacht maar, als ik later in een theaterstuk speel, komen jullie allemaal bloemen naar mijn loge brengen’. Inmiddels heb ik die pesterijen achter mij gelaten, maar ze hebben me onmiskenbaar gevormd. Zo ben ik bijvoorbeeld heel verlegen, wat vaak als arrogant wordt geïnterpreteerd. In Amika en Spring speel ik de bitch. In de ogen van veel mensen ben ik dus een zelfingenomen trut. Daardoor heb ik vaak het gevoel dat ik moet overcompenseren, wat best vermoeiend kan zijn. Ik let altijd heel erg op hoe ik met mensen omga, misschien wel iets te veel. Ik zorg dat ik aardig ben en vaak lach. Ik ben namelijk heel bang om mensen te kwetsen, die pesterijen hebben me veel inlevingsvermogen bezorgd.

“In de media word je voortdurend veroordeeld, iedereen heeft een mening over je. Gelukkig werk ik met kinderen en die zijn écht lief. Ze kijken naar je op, vinden alles cool. Bovendien zijn ze heel eerlijk. Laatst stuurde een Ketnetkijkertje me nog geld op, omdat hij vond dat ik zulke oude kleren droeg (lacht)!

“Toen ik met mijn studie criminologie moest stoppen omdat ik het te druk kreeg met Ketnet en gastrollen in verschillende series, vroeg ik me af waarom ik tv maakte. Die studie legde de nadruk op wat er allemaal misliep in de wereld en had mij bedrukt. Bij Ketnet was alles lief en vrolijk en dat leek opeens zo oppervlakkig. Waarom wilde ik op tv komen? Vond ik mezelf dan zo belangrijk? Wilde ik dat anderen naar me keken? Ondertussen heb ik gemerkt dat ik een voorbeeldfunctie heb voor die kinderen. Ik ben als een oudere zus, zeg maar. Daar doe ik het voor. Toen ik klein was had ik ook een heldin: Ingeborg. Nee, nu niet meer. Met al haar chakra’s is ze toch een beetje raar geworden (lacht).”

Niet alleen kinderen zien je graag op het scherm voorbijkomen. Met jouw looks verlicht je vast ook het leed van menige vader?

“Ken je Mega Toby? Dat is een personage dat gespeeld wordt door Louis Talpe en die man is perfect gebouwd. Niet dat mijn vriend zich zorgen hoeft te maken, maar ik kan me voorstellen dat veel mama’s het dankzij Mega Toby een stuk minder erg vinden om mee naar Mega Mindy te moeten kijken. En ja, papa’s die mij om handtekeningen komen vragen, blijven ook vaak net iets te lang een praatje maken. Als ik optreed met de Ketnetband staan er altijd opvallend veel vaders in het publiek.

“Regelmatig vragen ze mij hoe het voelt om een babe te zijn, ik vind mezelf helemaal geen babe. Momenteel heb ik een soort van tegenreactie op mijn imago: ik mag toch ook lelijk zijn? Jotie T’Hooft schreef een gedicht over de gebeurtenissen in de instelling waar hij is gestorven. Dat eindigt met de zin: “Wanneer ik dan mijn handen op de aarde leg zijn het kleine handen.” Als ik denk aan alle mensen die hier op aarde rondlopen, met hun kop vol gedachten terwijl ze allerlei dingen verzamelen, vraag ik mij af waarom we onszelf toch zo belangrijk vinden. Dat gedicht maakt dat ik mezelf en het Vlaamse mediawereldje ontzettend relativeer. Het is geruststellend om zo onbelangrijk te zijn.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234