Maandag 22/07/2019

'Verlos onze

Aangrijpend boek voor jong en oud van Guus Kuijer

ellendige zondagen'

In de nieuwe jeugdroman van Guus Kuijer blikt een man terug op een ongewone kindertijd. Het boek van alle dingen is een ontroerend verhaal waar je ook om kunt lachen, ook al kun je Thomas, de 9-jarige held, bezwaarlijk een gelukkig kind noemen.

Guus Kuijer & Mance post (ill.)

Het boek van alle dingen

Querido, Amsterdam,

112 p., 9,95 euro.

Het is zomer in een benepen, naoorlogs Nederland. Het verhaal speelt in een streng protestants gezin waar "twee ergste dingen waren. Het ene was: fout geweest in de oorlog. Het tweede was: op zondag in de tram zitten." Thomas' vader verschanst zich "achter Gods brede rug" en tiranniseert intussen, in naam van het Woord, zijn vrouw en kinderen. Hij mept er - achter gesloten gordijnen - duchtig op los en legt zijn gezin een streng regime van gebed en bijbelvastheid op, waarin geen ruimte is voor vrolijkheid. Iedereen is er bang: Thomas' vader voor "de geest van de tijd" die zijn gezin dreigt te vergiftigen, maar tegelijk ook voor de mensen; Thomas' moeder voor de agressieve driftbuien van haar man; Thomas zelf voor zijn vader die hem buikpijn bezorgt en hem het gevoel geeft "alsof hij een nijlpaard had ingeslikt" en die in zijn woede de zon laat verduisteren en de hemel ineen laat krimpen. En allemaal, op de nuchtere dochter Margot na, zijn ze als de dood dat de slagen en lijfstraffen aan het licht zouden komen. Geen wonder dat 'later gelukkig worden' Thomas' grootste ambitie is. In zijn eigen Boek van alle dingen schrijft Thomas op wat hij ziet, hoort, droomt en voelt. Over zijn vader, en over hoe God die 'farao' vreselijk moet straffen, met de builenpest of met alle andere plagen van Egypte. Of over de mooie Eliza, met haar kunstbeen van leer "dat kraakte als een paar nieuwe schoenen", de enige die iets van hem snapt. En over de twee bleke zusjes, 's zondags in de kerk: "Ik geef ze tot 1955, maar dan zijn ze morsdood en begraven. Mogen zij in vrede rusten van nu tot in alle eeuwigheid." Kuijer bouwt in zijn boek heel zorgvuldig en tactisch een haast onhoudbare treurigheid en onontkoombare beklemming op die je als lezer niet onberoerd kunnen laten. Maar er is, zoals steeds in Kuijers verhalen, de macht van de verbeelding, die voor de nodige ademruimte zorgt. Thomas ziet dingen die niemand anders ziet en er is altijd nog zijn kamer met het open raam, waar zijn gedachten vrij spel krijgen. Op geregelde tijden krijgt hij de Here Jezus op bezoek, een olijke kerel in een wit kleed, roepend in de woestijn. Wanneer de 'verlichte' buurvrouw (een heks in de ogen van de kinderen, een communiste volgens Thomas' vader) zich meer en meer met Thomas' ellendige bestaan bezighoudt en hem langzaam maar zeker van de verstikkende angst bevrijdt, gaat er voorzichtig een frisse wind door het huis waaien. Met haar Beethoven-platen laat ze violen oprukken in het hoofd van Thomas, zodat hij zich voor het eerst heel erg gelukkig voelt. Luchtige versjes van Annie M.G. Schmidt komen in de plaats van het Woord, de psalmen moeten plaats ruimen voor Lewis Armstrong, de wiebelende bloemetjesjurken van een legertje vrolijke tantes fleuren de kamer op en de engelen applaudisseren opgelucht mee in de hemel.

Evenmin als in zijn verhalen over Polleke of Madelief gaat Kuijer in Het boek van alle dingen nadrukkelijk boodschapperig tekeer. Ook nu weer vertelt hij, met liefde en mededogen voor zijn personages, over wat mensen bezighoudt, over hun sukkelgangetje door het leven, over goede bedoelingen en fanatieke obsessies, over moeizame tederheid en eenzaam getob. Het boek van alle dingen gaat ook over de kracht van woorden. Thomas is gefascineerd door de bijbelse taal waarin hij opgroeit. "Misschien neem Ik je wel tot Mij", zegt de Here Jezus, tijdens een van zijn vele ingebeelde bezoeken. Waarop Thomas: "Dat lijkt me mieters Jezus." Vaak is "de verbijstering in het land groot", daalt "een diepe treurnis neer op de aarde" of is "alles woest en leeg". Kuijer bespeelt meesterlijk verschillende taalregisters. Grappig wordt het wanneer Thomas een en ander verkeerd interpreteert of begrijpt. Zo zegt hij in de zondagse litanie "Goede stierenheer, verlos onze ellendige zondagen" waar "Goedertieren Heer, verlos ons, ellendige zondaren" was bedoeld. "Mijn naam is Haas", gebruikt hij te pas en te onpas en ook het verzoek "Laat deze inbreker aan mij voorbijgaan" vindt hij intrigerend.

Dit Boek van alle dingen is een aangrijpend, goed gecomponeerd verhaal dat door de thematiek en het terugblikkende perspectief ook volwassen lezers zal boeien. Voor 'kindertjes zonder de bijbel' gaat er allicht heel wat de mist in, maar toch blijft het een bijzonder literair avontuur. Bevrijdend ook, met een jonge held die dankzij zijn grenzeloze fantasie de tirannie van volwassenen ontkracht.

Annemie Leysen

Guus Kuijer vertelt met liefde en mededogen over fanatieke obsessies en eenzaam getob

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden