Woensdag 28/10/2020

Verlangen op grote schaal

Don DeLillo

Underworld

Eerst was er afval. In antwoord daarop ontstonden beschavingen, als manieren om van ons afval af te komen. Zo luidt het scheppingsverhaal in Underworld van Don DeLillo. De genese van deze kolos van meer dan achthonderd bladzijden gaat zelf terug op een stuk historisch afval, gedrukt op een flard krantenpapier. De gelijktijdigheid van twee koppen op dezelfde voorpagina van de New York Times van 4 oktober 1951 was de vonk die Don DeLillo aan het schrijven zette: een Russische atoomtest en als contrapunt de honkbaloverwinning van de Giants op de Dodgers in New York, dankzij een spectaculaire homerun van Bobby Thomson.

De honkbal die Thomson tijdens de proloog de tribune in slaat, ligt tijdens de epiloog in de handen van de protagonist-afvalspecialist Nick Shay. In de tussentijd legt de lezer een homerun af via drie honken (tussen zwarte bladzijden), zonder ooit de bal uit het oog te verliezen. De jonge Cotter bemachtigt hem tijdens de wedstrijd, vertrouwt hem toe aan zijn vader Manx Martin, die hem voor een dertigtal dollar aan een reclameman verkoopt. Deze geeft hem door aan zijn zoon Chuckie, die hem kwijtraakt, "een van die verstrooide gebeurtenissen die de diepste aard van het tijdperk leek te kenschetsen". Tot de bal weer opduikt bij een verzamelaar; hij verkoopt hem door aan Nick Shay voor het duizendvoudige van wat Manx Martin ervoor gekregen heeft.

De receptiegeschiedenis van dit souvenir is niet meer dan een fijn rood draadje dat af en toe zichtbaar wordt in deze immense, kleurrijke en verrassend transparante sluier. DeLillo schrijft heerlijke dialogen en heeft een ongeëvenaard gevoel voor het juiste register. Zoals de bal van hand tot hand gaat, circuleert het leven in deze roman via allerlei willekeurige contacten van de ene futiliteit in de andere. Alles is via uiterst terloopse links met elkaar verbonden: Nick heeft bijvoorbeeld als zeventienjarige een vluchtige relatie met de kunstenares Klara Sax, die zoveel jaren later in de woestijn alle afgedankte Amerikaanse vliegtuigen beschildert, waaronder het tuig waarin Chuckie nog gevlogen heeft, de man die de bal kwijtraakt.

En zo altijd maar voort: geschiedenis als een souvenir waarvan niemand kan bewijzen dat het wel degelijk authentiek is. In zijn cleane kantoor, waar een gevoel van orde en beheersing heerst, hunkert Nick op het einde van de roman naar zijn jeugd, de dagen van chaos, toen het hem allemaal geen zak kon schelen. "Verlangen op grote schaal, dat is wat geschiedenis maakt." Het convergeren van consumentenverlangens door het kapitalisme kan niet verhinderen (en zorgt er tegelijk maar al te goed voor) dat de meeste van onze verlangens onvervuld blijven. Het geloof in de vooruitgang en het consumentisme van de jaren vijftig wordt in een pareltje van een hoofdstuk opgeblonken, tot het volledig steriel is: moeder maakt eten met Jell'O, stofzuigt met haar nieuwe Hoover, stoft het enorme televisiemeubel af dat bij de knoestige dennenhouten lambrizering past en doet de vaat met rubberen handschoenen, terwijl vader de breezeway schoonmaakt en zoonlief zich aftrekt in een condoom om zich vervolgens in de koelkast te verliezen, "een onbedorven wereld die steeds vernieuwd kon worden".

DeLillo's geschiedenis van het naoorlogse Amerika verloopt niet alleen tegen de wijzers van de klok in, het is ook op een andere manier een tegengeschiedenis, een van pertinente trivialiteiten ("Als ze niet belangrijk waren zouden we er niet zo'n prachtig woord voor gebruiken"), in plaats van de officiële geschiedenis, die altijd die van de overwinnaars is. Tijdens het bijwonen van een kernafvalvernietiging in Kazachstan vraagt Nick aan een Russische collega waarom de hele koude oorlog eigenlijk gevoerd is, waarop de collega antwoordt: "Voor de wedstrijd. Jullie wonnen, wij verloren. Je moet me vertellen hoe het voelt. Grote winnaar." De ironie is dat Nick in zijn eigen ogen nog altijd een Dodger-fan is, wat zoveel betekent als een verliezer. Voor hem staat de bal niet voor de homerun van Thomson maar voor de worp van Branca, voor een verloren wedstrijd, voor het mysterie van de pech.

Nick en zijn collega zijn het erover eens dat er een merkwaardig verband bestaat tussen wapens en afval. De hele naoorlogse geschiedenis hebben we ons op de wapenwedloop geconcentreerd, zonder ook maar een moment aan het smerige bijproduct te denken. Afval is nu de grootste paranoiafactor: alles is met alles verbonden door middel van vuilnis. Zo is ook Underworld met dat andere universum verbonden, Gravity's Rainbow van Thomas Pynchon, via de zone rond Café Complottheorie bij de haven waar een schip vol stront voor anker ligt.

Het hele systeem, de staat, is doordrongen van de stank. Zelfs de man die het bestel verpersoonlijkt, J. Edgar Hoover, is doodsbenauwd dat ze zijn vuilnis zullen doorsnuffelen - een van de tactieken van de FBI om de georganiseerde misdaad aan te pakken. Ook Nick ziet sinds hij bij Waste Containment werkt, overal vuilnis; het onderwerp achtervolgt hem. Het bedrijf heeft hem binnen de kortste keren naar zijn hand gezet. "Ze" dringen hun Weltanschauung op en vervormen mensenlevens volgens het systeem van Hoover, de man die over iedereen een dossier aanlegde vol geruchten, "feitoïden" zonder gezag en daardoor onaanvechtbaar. Dit alles culmineert in de thuishonk van de epiloog met de titel 'Das Kapital'. Alles eindigt waar het begint: de paranoia van het web. "Is cyberspace iets binnen de wereld of is het andersom?"

DeLillo heeft het sluitende bewijs geleverd dat de roman allesbehalve een log, aftands genre is. Alle links die hij legt, de hele bijeengesurfte hypertekst in glashelder proza, drijft op een onderstroom, onmerkbaar en traag als het gisten van het afval en de manier waarop iedereen er eensgezind geen aandacht aan schenkt. DeLillo keert de economie van de middelen om, laat het kapitalisme aan zijn eigen troep ruiken en bezondigt zich met overtuiging aan economisch onverantwoord woordverbruik. Onderhuids kruipt de inertie van bergen materieel teveel, de afval van gedachtegangen die geen direct nut hebben. "Wat doet een piramide op een Amerikaanse dollar? Een mens mag zich die vraag best eens stellen."

Underworld, vertaald door Marijke Koch, Mieke Lindenburg en Harry Pallemans, is als Onderwereld verschenen bij Anthos/Manteau.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234