Woensdag 20/11/2019

Verkracht, vermoord en verbrand

De militaire acie tegen de Rohingya in Myanmar kostte in een maand tijd 6.700 mensenlevens. Daarbij waren zeker 730 kinderen, van wie een groot aantal levend verbrand of doodgeslagen werd. Dat blijkt uit veldonderzoek van Artsen Zonder Grenzen.

Eind augustus vielen Rohingya-milities in de staat Rakhine, noord-Myanmar, een dertigtal politieposten aan. Volgens de strijders waren de aanvallen een reactie op de systematische discriminatie van Rohingya-moslims door het overwegend boeddhistische regime van Myanmar.

De wraakacties van het Myanmarese leger, de politie en lokale boeddhistische volksmilities tegen de Rohingya waren meedogenloos en vooral gericht tegen de burgerbevolking. Tussen 25 augustus en 24 september werden bijna driehonderd dorpen platgebrand. Inwoners die niet snel genoeg konden vluchten, werden vermoord, levend verbrand, doodgeslagen of verkracht.

Meer dan een half miljoen Rohingya vluchtten naar buurland Bangladesh. Het merendeel kwam terecht in vluchtelingenkampen in het district Cox's Bazar.

Levend verbrand

De precieze dodenbalans van de moordende razzia's bleef tot nu onbekend. De meeste experts hadden het over 'duizenden doden'. Artsen Zonder Grenzen besloot daarom in november in de kampen van Cox's Bazar zes uitgebreide terreinonderzoeken te doen om het precieze aantal slachtoffers vast te leggen.

Uit het AZG-rapport dat vandaag openbaar wordt gemaakt, blijkt dat de moordpartijen het leven kostten aan minstens 6.700 Rohingya. Volgens deze voorzichtige schatting bevinden zich onder de doden ook 730 kinderen jonger dan vijf jaar. Minstens 69 procent van de slachtoffers kwam om het leven door kogelwonden, 9 procent werd levend verbrand en 5 procent is doodgeslagen. Bij kinderen liggen de verhoudingen anders. Zo'n 59 procent kwam om door kogelwonden, 15 procent werd levend verbrand en 7 procent werd doodgeslagen.

Volgens Artsen Zonder Grenzen bewijzen de bevindingen dat de Rohingya wel degelijk als gemeenschap 'geviseerd' werd. "Wat we ontdekten was verschrikkelijk", zegt dokter Sidney Wong, medisch directeur bij Artsen Zonder Grenzen. "Verschrikkelijk omdat vele mensen ons meldden dat een van hun familieleden gedood werd. Maar ook verschrikkelijk omwille van de gruwelijke manier waarop de slachtoffers werden gedood of verwond. We noteerden getuigenissen over volledige families die levend verbrand zijn nadat ze waren opgesloten in hun eigen huis."

Het aantal doden is volgens dokter Wong wellicht nog een onderschatting van de realiteit. "Het was onmogelijk om alle vluchtelingenplaatsen in Bangladesh te bereiken."

Volgens AZG is het offensief tegen de Rohingya nog aan de gang. Dokter Wong: "Er zijn nog altijd mensen die van Myanmar naar Bangladesh vluchten en ook zij vertellen het slachtoffer van geweld te zijn. We vrezen voor het lot van de Rohingya die achterbleven."

Afgelegen eiland

Omdat het geweld verder woedt, is het voor Bangladesh te vroeg om een terugkeerakkoord met Myanmar te onderhandelen, besluit de hulporganisatie. "Rohingya mogen niet gedwongen worden om terug te keren. Alvorens zulke plannen ernstig kunnen worden overwogen, moeten er garanties komen dat hun veiligheid en rechten na terugkeer worden gevrijwaard."

Het is onduidelijk wat de Bengaalse regering met de vluchtelingen van plan is. Naast het omstreden akkoord met Myanmar is er een internationaal verguisd plan om 100.000 Rohingya naar een afgelegen eiland voor de Bengaalse kust te brengen. De Volkskrant-correspondent Michel Maas meldde onlangs dat het eiland niet meer dan een modderpoel is en totaal ongeschikt om mensen te huisvesten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234