Zaterdag 03/12/2022

Vergiftigde, sta op

Magistraten en speurders horen pas met conclusies te komen als er spijkerharde bewijzen zijn. En die zijn er omtrent de aanwezigheid van asbest in het bijgebouw van het Brusselse justitiepaleis vooralsnog niet - toch niet officieel. Er zijn wel al zes kankerdoden geteld onder griffiers en magistraten. 'Ik vraag me af of ik straks met een masker moet komen werken.'

Anne de Graaf

Toen in december een man met een chirurgenmaskertje uit de dienstlift stapte in het Brusselse justitiepaleis aan het Poelaertplein 1, dachten bezoekers even dat hij zich van gebouw had vergist. "Amiante, asbestverwijdering", wees de man naar de papieren zak in zijn handen. "Stapt u maar gerust in, de kust is vrij. We zijn klaar." Een stofwolk danste hem op zijn weg naar buiten achterna. De lift wordt inmiddels gemeden als de pest, maar nog altijd weet niemand wat er loos is in het justitiepaleis, en in het bijhuis aan de overkant van de Vier Armenstraat. Deze week werden ook daar maskers gesignaleerd.

Het gebouw huisvest al dertig jaar lang de speurders van de gewezen gerechtelijke politie. Zij verhuizen binnenkort naar de IBM-toren, in de Noordwijk. De onderzoeksrechters en hun griffiers blijven achter in de kantoren van het oude gebouw op de derde verdieping.

En dat is duidelijk niet naar de zin van iedereen. Sinds vorig jaar is het aantal kankergevallen aanzienlijk gestegen in het bijhuis in de Vier Armenstraat. Al wie in het gebouw werkt, kent wel een collega die er niet meer is. Men vindt het aantal zieken per aantal personeelsleden nét iets te hoog om normaal te zijn.

Een rondvraag leert dat maar liefst vijf griffiers een of andere vorm van de ziekte opliepen. Drie van hen zijn inmiddels overleden. 'La maladie de la greffe', noemt men de kankergevoeligheid van de griffiers, maar dat klopt niet helemaal. Ook twee magistraten en onderzoeksrechter D.M.H zouden zijn nu ziek zijn. De laatste zou een hersentumor hebben.

Zijn de kankers een gevolg van de aanwezigheid van asbest? Het is niet wetenschappelijk te bewijzen zolang geen epidemiologisch onderzoek is verricht, zoals destijds in het Berlaymont-gebouw van de Europese Commissie. Daar bleek immers dat de meeste patiënten op den duur overleden aan epithelioom of longvlieskanker, een gevolg van asbestose, de sluimerende voorbode van de ziekte. Een van de moeilijkheden is dat epithelioom zich pas vijfentwintig jaar na een eerste blootstelling manifesteert. Dat maakt het zo moeilijk de ziekte af te doen als werkongeval en/of daarvoor de verzekering aan te spreken

Toen La Dernière Heure deze week de kankerplaag plots linkte aan het asbestprobleem in het gebouw, sloegen de stoppen dan ook door op de derde verdieping van het bijhuis. Voor de daar zetelende onderzoeksrechters diende zich immers voor het eerst een dossier aan waarmee hun eigen hachje gemoeid was. De meesten hadden al vaak om informatie gevraagd, maar kregen nooit een afdoend antwoord op hun vragen. Nu in januari weer iemand is overleden, zijn ze samen van plan de onderste steen boven te krijgen.

Ze willen het vooral allemaal weten omdat beslist is dat er "onder hun voeten" eerstdaags zal worden gerommeld. Officieel wegens 'renovatiewerken', officieus om de asbest onder het linoleum te bedekken met een nieuwe hermetisch beschermingslaag.

Een griffier kijkt bedrukt naar zijn computerklavier. Hij heeft net een collega verloren. "Ik vraag me af of ik straks met een masker moeten komen werken. Al dat stof komt straks natuurlijk regelrecht naarboven gewaaid. Ik begrijp het niet: ze weten toch dat ze asbest beter laten liggen. Ik kan toch moeilijk mijn adem inhouden als ze beginnen?"

Boeiender dan een link met het lijstje doden is wellicht te weten of er nu echt gevaarlijk asbest zit in de gebouwen. Uit een rapport dat De Morgen kon inzien blijkt dat het keuringsinstuut AIB Vinçotte in opdracht van het Brussels Instituut voor Milieu Beheer (BIM) op 24 november 1997 een certificaat afleverde voor het bijhuis waaruit bleek dat meer dan de helft van 46 stalen wel degelijk asbest bevatten, zij het van de minder gevaarlijke soort. De toestand van de isolatie-elementen rond de verwarmingsinstallaties, en in de lijmconcentraten tussen vinyltapijt en de vaste vloer werden "bijzonder kritiek" genoemd.

Het rapport, dat blijkbaar binnenskamers moest blijven, werd besproken op een werkvergadering in 1999. Justitie vroeg de eigenaar van het gebouw, Les Entreprises François, maar ook de uitbaters Sogesmaint en het architectenbureau Polak om tekst en uitleg. Na uren gepalaver besliste men met de dringendste asbestverwijdering te beginnen: in de verwarmingsruimte. Twee jaar geleden werd daar in alle stilte mee begonnen. In een later stadium zou dan werk worden gemaakt van de vloeren, maar dit slechts na het vertrek van de gerechtelijke politie.

Een magistraat: "Ik was erbij en moest aanhoren hoe ze de zaak bagatelliseerden. Ze wisten het nochtans. Ik zat er met mijn neus op in mijn kantoor. Her en der is het linoleum tot op de laatste vezel versleten. Onder de cracquelé is het asbest open en bloot te zien. Op de derde verdieping ligt nog zo'n gat. Het is ondertussen een echte bezienswaardigheid geworden Een paar collega's zijn zich er onlangs van komen vergewissen dat "ons asbest" inderdaad wit, en niet grijs is."

Op de werkvergadering in 1997 werd besloten dat het personeel open en eerlijk zou worden ingelicht over de alarmerende onderzoeksresultaten. "Er werd beslist een dokter aan te stellen die aan iedereen zou uitleggen wat de verschillende soorten asbest zijn, en welke gevaren daaraan verbonden zijn", herinnert een van de aanwezigen zich. "Er zijn immers veertig soorten. Slechts een vijftal zijn op termijn kankerverwekkend. Men sprak af een brief te richten aan de gebruikers van het gebouw, om de mensen uit te nodigen op een informatiesessie. Helaas was er geen interesse. We waren nogal verwonderd."

Een van de direct getroffen is de bekende onderzoeksrechter Bruno Bulté. "Ik heb nooit één letter van die brief gezien", zegt hij. "Ik heb anders pakken papier verstuurd om hierover meer te weten te komen." Al zijn collega-onderzoeksrechters op de derde verdieping treden hem bij. Wanneer we hen erover aanspreken, blijkt het de eerste keer te zijn dat ze van het Vinçotte-rapport horen."

Het is allemaal niet verwonderlijk als blijkt wie zich in feite bezighoudt met de veiligheid van de 2.900 personeelsleden. De daarvoor bevoegde SIPP (Interne Dienst van Preventie en Bescherming van het Werk) telt welgeteld drie veiligheidsambtenaars. "Die staan in voor hygiëne en brandveiligheid tot en met de problemen inzake seksuele intimidatie, terwijl daarvoor wettelijk een ambtenaar voor aangesteld zou moeten zijn", zegt Paul Van Gheluwe, de vice-voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg in Brussel.

De Brusselse speurders en magistraten vrezen niet alleen asbest. Ooit suggereerde een veiligheidsadviseur tijdens de bespreking van het brandreglement dat het "in geval van brand beter zou zijn binnen te blijven, dan een van de slechte nooduitgangen te gebruiken".

"Sommige brandblussers werden hier nooit getest", zegt een gerechtelijke bron. "Aan de overkant, in het oude justitiepaleis, ontbrandde ooit zomaar een vracht kolen. Niet te geloven: zo weinig veiligheidsmensen voor zo'n immens gebouw waarin je werkelijk urenlang verloren kunt lopen. In de jaren tachtig hebben ze hier zelfs een lijk gevonden. Het lag er al verschillende maanden. Een clochard, waarschijnlijk."

Dinsdag werd het helemaal te dol toen in het justitiepaleis een zitting van het krijgshof plaatsvond terwijl buiten in de gangen een nijver legertje asbestverwijderaars bezig was. "De zaal daverde tijdens de zitting onder het drilboorgeweld", vertelt een onderzoeksrechter. "Stof waaide binnen onder de gecapitonneerde deuren door, maar de zitting ging vrolijk door. Buiten werd gewrikt en geboord. Niemand werd op voorhand gewaarschuwd. Ik herinner me dat de Berlaymont destijds is ingepakt en dat voor de eurocraten een veilig heenkomen werd gezocht. (droge kuch) Maar ja, wij zijn natuurlijk niet van Europa."

Zelfs de werkmannen waren verwonderd: ze verwijderden asbest in hermetische overalls met witte maskers, terwijl enkele meters verderop hof, advocaten, openbaar ministerie en beklaagden in toga of burgerkleren argumenten uitwisselden.

Toch is er, zo blijkt uit een deze week verspreid rondschrijven van het 'basisoverlegcomité' niks aan de hand: "We wensen u mee te delen dat de waarborgen behouden zijn met betrekking tot de volksgezondheid. We kregen een rapport dat melding maakt van alle interne en externe controlemiddelen."

We vroegen conservator Van De Sande over welke controlemiddelen het dit keer dan wel gaat, maar hij moest het antwoord schuldig blijven. AIB Vinçotte? "Ik weet het niet. Wees gerust: het oude justitiepaleis dateert van 1883. Asbest deed pas vijftig jaar later zijn intrede. Het is bij ons alleen gebruikt in de isolatie van de verwarmingsbuizen."

"Juist, precies daar, vlak naast het Krijgshof", zegt Van Gheluwe, "waar ze vorige week bezig waren." De vice-voozitter wandelt door de gang en opent een deur. In de kamer liggen drie papieren zakken van de werknemers. De tocht blaast een witte boord op de dorpel. "Ik maak me zorgen over de mensen die hier acht uur per dag werken. Griffiers, bodes, de secretaresses, krachten die hier hun leven slijten. Wellicht begrijp je nu waarom meer magistraten liever thuis werken."

Justitieminister Marc Verwilghen wenste gisteren niet te reageren. Bij AIB Vinçotte heeft men "niet de gewoonte uitleg te geven bij afgeleverde asbestrapporten".

Officieel is er in het bijgebouw van het Brusselse justitiepaleis niks aan de hand. Maar, zegt een magistraat: 'Ik zit er met mijn neus op in mijn kantoor. Her en der is het linoleum tot op de laatste vezel versleten. Daaronder is het asbest open en bloot te zien.'(Foto Iso Press)

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234