Woensdag 24/04/2019

Bouwen

Vergeet staal en beton, de modernste flatgebouwen zijn gemaakt van hout

Simulatie van een project van Sidewalk Labs in het Canadese Toronto. Beeld rv

Ruim een eeuw nadat staal en beton het standaardmateriaal zijn geworden voor de bouw van torenflats, beleeft de boom zijn comeback. In Canada en de Verenigde Staten is houten hoogbouw in opmars. Ook bij ons is er een duidelijke tendens.

Maken binnenkort ook houten appartementstorens deel uit van de stedelijke skyline? Het zou zo maar kunnen, want houtbouw is aan een heuse opmars bezig. De verklaring: het is veelzijdig en duurzaam. Bleef houtbouw tot nog toe vaak steken in de traditionele chalet met everzwijnkop tegen de muur, dan lijkt de trend naar hedendaagse toepassingen nu definitief ingezet.

In Noorwegen, waar bouwen met hout al langer traditie is, staat het Treet-gebouw, een appartementsgebouw van veertien verdiepingen hoog. Treet is Noors voor boom. In Amsterdam wordt gebouwd aan de Haut, een houten woontoren met 21 verdiepingen. En in Wenen kun je al de HoHo bezichtigen, een houten appartementsgebouw van 24 verdiepingen en 84 meter hoog. Londen heeft zijn Oakwood-plannen: 300 meter, het equivalent van 80 verdiepingen. In de volksmond werd de toren al – hoe toepasselijk – de tandenstoker gedoopt.

Maar de rage is vooral in Canada en de VS aan het uitdijen. Sidewalk Labs, een zusterbedrijf van Google, wil het vervallen industriegebied Port Lands in Toronto herontwikkelen tot innovatieve wijk met uitsluitend houten gebouwen. “Het materiaal kan bijdragen aan de gezondheid van mensen, is mooi, makkelijk in elkaar te zetten en sterk genoeg om tientallen verdiepingen te dragen”, zegt Karim Khalifa, directeur gebouwinnovatie bij Sidewalk Labs, aan Bloomberg. 

“En in tegenstelling tot beton en staal, die heel CO₂-intensief zijn om te produceren, haalt hout juist CO₂ uit de atmosfeer.”
 Omdat de begane grond nog in beton wordt uitgevoerd, is er toch nog een kleine netto-uitstoot. Maar wel veel minder dan bij een betonnen gebouw: 34 ton in plaats van 870 ton. 

Sidewalk is niet de enige partij die op hout inzet. De Canadese vastgoedontwikkelaar Triovest zet een houten kantoortoren van tien verdiepingen neer in Vancouver. 

Inertie

“We merken ook in onze contreien een tendens naar houtskeletbouw”, zegt Dirk Derwael van de Confederatie Bouw. “Een flatgebouw is bij mijn weten nog niet meteen in aanbouw, maar houtskeletbouw heeft toch al een marktaandeel van 10 procent. Een aandeel dat gestaag groeit.”

De voordelen van hout zijn legio, weet Derwael. Het is lichter dan steen, waardoor het minder stevige fundamenten nodig heeft. Bij stedelijke constructies is het snelle bouwproces ook een groot pluspunt. De onderdelen worden in ateliers gemaakt en op de werf in elkaar gezet. Wat ook meespeelt, is dat hout financieel aantrekkelijker is geworden door de stijgende staalprijzen enerzijds en anderzijds het gebruik van prefab houten panelen, die weinig arbeidsuren vergen om in elkaar te zetten. 

“Hout heeft eigenlijk maar één nadeel, en dat is de inertie. Steen zal de warmte opslaan en vrijgeven, dat is niet het geval met hout”, weet Derwael. Maar verder is er geen technisch bezwaar.

Ten opzichte van vroeger is er ook wel wat veranderd aan de techniek. Voor het massagebruik van hout worden tegenwoordig jongere, kleinere bomen gebruikt, die aan elkaar worden vastgemaakt. Zo worden verschillende lagen hout aan elkaar gelijmd tot stevige, dikke panelen die op maat gemaakt kunnen worden om dienst te doen als muur, vloer, balk of dakbedekking.

Het klinkt ergens wel contradictorisch: hoe kan bossen kappen voor het zetten van huizen of flats nu duurzaam zijn? “Het is wel degelijk een ecologisch proces”, zegt Derwael. “De grondstof komt rechtsreeks uit de grond, natuurlijker kan niet. Tegelijk past het in een ruimer bosbeheer waarbij bomen worden aangeplant en gerooid specifiek voor de bouw. Simpel gezegd: voor elke boom die gerooid wordt, is een andere aangeplant.” 

Met houtbouw zou een stad kunnen veranderen in een enorme opslagplaats van CO₂.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.