Woensdag 12/05/2021

Verdwijnen in de stroom

Het oeuvre van Raymond van het Groenewoud begint stilaan gigantische proporties aan te nemen, want Tot morgen is al zijn vijftiende langspeler. Geen wonder dus dat de persvoorstelling ervan, eergisteren in de club van de Brusselse AB, uitgroeide tot een feestelijke gebeurtenis. De zanger werd op het podium geassisteerd door enkele speciale gasten en dat was geen toeval: ook zijn nieuwste werkstuk laat zich als een Flemish All Stars-bedoening omschrijven.

Tot morgen is in meer dan één opzicht de plaat van het Grote Weerzien. Niet alleen maakt oude gabber Jean Blaute, ooit jarenlang Raymonds rechterhand bij de Centimeters, zijn comeback als muzikant en producer; ook Jean-Marie Aerts, die in 1973 al de snaren beroerde op Je moest eens weten hoe gelukkig ik was, duikt weer op aan de zijde van de Meester. Een blik op de hoes leert voorts dat oude bekenden als Eric Melaerts, Roland Van Campenhout, Ronny Mosuse, Jan De Smet van De Nieuwe Snaar en opnametechnicus Dan Lacksman occasioneel in de studio hebben gekampeerd. Maar de kern van de bezetting blijft toch Van het Groenewouds vaste begeleidingsgroep, bestaande uit gitarist Rik Aerts, bassist Vincent Pierins, drummer Cesar Janssens en saxofonist Bertus Borgers. Het wendbare strijkkwartet dat eerder dit jaar betrokken was bij de theatertournee De minister van cultuur geeft eveneens present. De luisteraar voelt het dus al op zijn klompen: niets is aan het toeval overgelaten.

Zoals bekend is Raymond een muzikale veelvraat die graag met uiteenlopende klanken en stijlen jongleert. Die stilistische veelzijdigheid is ook op Tot morgen weer manifest: het aanbod varieert van frivole afropop tot broeierige Cubaanse son, van melodieuze folkrockballads tot uitgebeende blues en soul, van zwierige hoempa tot afgemeten funk. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de bevreemdende kruisbestuivingen, waarvan de samenstellende delen vaak zo ingenieus zijn vermengd dat je er nauwelijks meer een naam op kunt plakken. Hoe diep er tekstueel soms ook wordt gegraven, humor blijft een terugkerende component. De muzikale en andere grapjes zijn niet van de lucht.

Als liedjesschrijver blijkt de zanger andermaal in topvorm te verkeren. 'Ochtendlied', het goed in de gitaren zittende openingsnummer, geeft meteen inzicht in zijn escapistische ambities: "meegaan met de stroom / erin verdwijnen." Een vergelijkbare drang naar bevrijding en gemoedsrust treffen we aan in het sublieme 'Alles vergeten', waarin een nerveuze technobeat fel contrasteert met sierlijke strijkers en blazers: "Alles verliezen, elke greep op dit bestaan (...) Eindelijk vrij." Is Raymond levensmoe of heeft hij gewoon de leeftijd bereikt waarop hij alle overtollige ballast af wil werpen? Een beetje Freudiaan zou aan dat vraagstuk een vette kluif hebben.

Elders maakt de sombere teneur echter plaats voor tevredenheid, zoals in het sobere 'Bij jou te zijn'. Het is een mooie lovesong waar Vincent Pierins een sitar binnensmokkelt en de zanger zachtjes voor zich uit mijmert op een bed van accordeonklanken. Andere hoogtepunten: 'In mijn hoofd', een akoestische song die zich opwarmt aan zacht opkringelende violen; het uit louter blues opgetrokken 'Geen ontkomen aan', met een Jean-Marie Aerts die tot aan zijn knieën in de Mississippi-delta staat; het voor zichzelf sprekende 'Loom', waarin zoon Jasper van het Groenewoud de tweede stem krijgt toegemeten, en de titeltrack, met een protagonist die vol verwondering aankijkt tegen "de roerloosheid van het bestaan".

Ergernis is al jaren de brandstof waarmee de motor van Raymonds creativiteit wordt gevoed, en naar 'Ik geloof u niet' te oordelen is er nog lang geen energiecrisis in zicht. Het is een als schlagerdeun vermomd haatlied aan het adres van schijnheilige en demagogische televisiepersoonlijkheden ("handelaars in groot verdriet"), die in hun talkshows voortdurend kwetsbare en gebroken mensen opvoeren "omdat het lekker kleurt in de uitzending". Nog beter is 'Formulieren', een stream of consciousness-tekst op funkbenen, waarin de administratieve molen van de ambtenarij het moet ontgelden. In het zorgeloos voorthuppelende 'Laura' haalt de zanger dan weer het ras van de azijnpissers over de hekel; elders vormen egoïsme en berekening zijn inspiratiebronnen.

Als Raymond van het Groenewoud zelf in de huid kruipt van een verwerpelijk personage, zoals in 'Ik ga mijn eigen gang', stemt dat nog enigszins tot mildheid, maar echt amusant wordt het pas als er een fikse scheut ironie en sarcasme aan te pas komt. In 'Help de rijken' wordt onze welgestelde medemens als slachtoffer opgevoerd; in 'Harde porno' wordt een highbrow cultuurminnares uitgespeeld tegen een volgeling van Heffner en Flynt, maar gaandeweg blijkt dat de verteller voor geen van beiden veel sympathie weet op te brengen. En het frivole 'Foei, foei, foei' gaat over de gevolgen van een nachtje excessief alcoholverbruik. Het mag dan al hoofdpijn opleveren, recidivisme is onvermijdelijk: Raymonds personages zijn nu eenmaal de slaaf van hun lusten.

Wie vertrouwd is met Otis Reddings versie van 'Try a Little Tenderness', zal aan 'Een beetje tederheid' wellicht niet echt een boodschap hebben: Raymond Van het Groenewoud is geen soulzanger, al bereikt hij naar het einde toe wel het soort overgave dat 'Je veux de l'amour' destijds zo memorabel maakte. Tot morgen bevat dus voor elk wat wils en kan rustig worden beschouwd als een nieuw hoogtepunt in de lange carrière van een van Vlaanderens grootste artiesten.Dirk Steenhaut

De cd Tot morgen van Raymond van het Groenewoud is uit op EMI.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234