Donderdag 02/04/2020

Aanslagen Brussel

Verbindingsofficier Sébastien Joris: "Ik heb gedaan wat moest"

Sébastien Joris. Beeld Photo News

Sébastien Joris, de verbindingsofficier die meteen na 22 maart met de vinger werd gewezen, slaat terug. "In eer en geweten ben ik ervan overtuigd dat ik mijn werk heb gedaan zoals het moest", zo zei hij vanmiddag in de Kamer. 

Ook deze krant heeft er al pagina’s en pagina’s volgeschreven over de 'Turkse kwestie', maar voor het eerst heeft Joris, de verbindingsofficier in Istanboel, nu zijn versie van de feiten gegeven.

"Als je de tijdlijn bekijkt, is duidelijk wat mijn rol is geweest”, vertelde hij deze middag in de onderzoekscommissie naar 22 maart. “Ik heb alle informatie zo snel mogelijk proberen verzamelen."

Ondanks de grote belangstelling, er stonden acht tv-camera’s ingezoomd op zijn gezicht, maakte Joris een gedecideerde indruk. Hij bleek goed voorbereid op zijn verhoor door de parlementsleden. "In eer en geweten ben ik ervan overtuigd dat ik mijn werk heb gedaan zoals het moest."

Meteen na de aanslagen in Brussel werd één man met de vinger gewezen: Joris. Zijn eigen minister Jan Jambon beschuldigde hem van "nalatigheid" in het dossier van Ibrahim El-Bakraoui, een van de zelfmoordterroristen op de luchthaven. Volgens Jambon had Joris in de zomer van 2015 de uitlevering van El-Bakraoui door Turkije aan Nederland moeten stoppen. Hij liet de latere terrorist ontsnappen.

Tijdens zijn passage in de onderzoekscommissie hield Jambon vorige maand voet bij stuk. Joris was niet proactief genoeg bij de uitlevering. "Je moest toch geen grote mens zijn om het gevaar te zien?" El-Bakraoui werd in de zomer van 2015 opgepakt aan de Turks-Syrische grens. De Turkse politie verdacht hem ervan zich te willen aansluiten bij IS. Deze informatie achterhaalde Joris te laat.

Geen hulp 

Joris zelf benadrukte dat hij zijn best had gedaan om zoveel mogelijk inlichtingen te verzamelen rond El-Bakraoui, maar dat hij daarbij niet geholpen werd. Niet door Turkije. Evenmin door België. "El-Bakraoui was niet gekend voor terrorisme. De terreurafdeling van de federale politie, de DJSOC, meldde me ook niet dat hij vervroegd vrij was voor een overval met een kalasjnikov", zei Joris.

De verbindingsofficier voegde daaraan toe dat hij in de uren en dagen na de aanslagen onmiddellijk een zo gedetailleerde mogelijke reconstructie maakte van de zaak El-Bakraoui, negen maanden eerder. Versta: Jambon beschikte voor zijn straffe uitval over de meeste feiten. Hij wist bijvoorbeeld dat DJSOC ook een dubieuze rol speelde in het dossier van El-Bakraoui. Toch werd alleen Joris gekapitteld.

Joris: "Ik heb me altijd beschikbaar gemaakt voor alle vergaderingen. Mijn geloofwaardigheid binnen de politie is niet aangetast. Ik heb heel wat steunbetuigingen ontvangen.""

Peter De Buysscher, zijn overste die vanmiddag naast hem plaatsnam in de commissie, steunde Joris. "Ik stel me de vraag: wat konden wij in de zomer van 2015 doen met betrekking tot El-Bakraoui?" Er bestond geen internationale seining voor El-Bakraoui. Dat hij de voorwaarden voor zijn vrijlating had geschonden was niet geweten. Zelfs afreizen naar Syrië was op dat moment nog niet strafbaar.

Procedures gevolgd 

"Mijn verbindingsofficier heeft de procedures gevolgd. Moest ik hem geweest zijn, dan had ik naar DJSOC gebeld om meer uitleg te krijgen over El-Bakraoui. Maar dat is een kwestie van temperament." De conclusie van De Buysscher bleef dan ook: Joris had naar El-Bakraoui criminele CV kunnen vragen, maar eigenlijk had hij die details moeten krijgen van DJSOC, de gespecialiseerde terreurdienst.

Sébastien Joris en Peter De Buysscher. Beeld Photo News

"Onze verbindingsofficieren behandelen honderden dossiers en duizenden berichten per jaar. Moet hij dan zelf op zoek gaan naar inlichtingen over al die dossiers? Dat is echt niet zo evident." Het probleem was veel groter dan de verbindingsofficier, besloot De Buysscher. Hij maakte zich daarbij kwaad over de Turkse onwil om informatie over terreurverdachten te delen met België.

“Als wij een vraag stellen aan Turkije, krijgen we amper antwoord. Misschien na één maand, misschien na een half jaar, misschien na meer dan een jaar. In juli 2016 stond in een Turks magazine dat de Turkse inlichtingendiensten telefoontaps hadden uitgevoerd op El-Bakraoui. Wij wisten van niets”, foeterde hij.

Of de aanslagen voorkomen konden worden door de verbindingsofficier, blijft zo een open vraag. Het antwoord is meer dan waarschijnlijk nee. En als Joris fouten maakte, dan de DJSOC zeker ook. 

Tijdlijn: de gebeurtenissen op een rij 

11 juni 2015: Ibrahim El-Bakraoui probeert de Turks-Syrische grens over te steken in Gaziantep. Hij betaalt een mensensmokkelaar maar wordt verraden. De Turkse politie arresteert hem als mogelijke IS-aanhanger.

26 juni: De Turkse anti-terreurdienst meldt de Belgische verbindingsofficier Sébastien Joris via een mail in het Turks dat El-Bakraoui is opgepakt, als terreurverdachte. Diens secretaresse vertaalt het woord 'terörizm' niet.

29 juni: Joris informeert de Belgische antiterreurdienst DJSOC dat El-Bakraoui is opgepakt in Turkije. De dienst antwoordt dat hij een strafblad heeft, voor klassiek banditisme, maar niet voor terrorisme. DJSOC vraagt meer info over de arrestatie. Joris maakt een afspraak met de Turkse politie op 15 juli, zijn eerste werkdag na zijn zomerverlof in België.

14 juli: Veel sneller dan normaal wordt El-Bakraoui uitgewezen. De Turkse politie zet hem ‘s ochtends op een lijnvlucht naar Nederland. De Belgische en Nederlandse ambassade weten dit pas in de namiddag. El-Bakraoui is spoorloos.

15 juli: Op een vergadering met de Turkse politie wordt Joris gemeld dat El-Bakraoui gearresteerd was op verdenking van terrorisme. Als de verbindingsofficier meer wil weten moet hij een officiële schriftelijke vraag stellen. Joris belt DJSOC.

20 juli: Joris stelt een officiële schriftelijke vraag aan Turkije. Hij geeft dit, per mail, ook door aan DJSOC.

9 december: De Staatsveiligheid, justitie en DJSOC zitten in Brussel samen een vertrouwelijke vergadering over Belgische jihadisten. Het dossiers van de broers El-Bakraoui wordt besproken maar er gebeurt verder niets mee.

11 januari: Turkije antwoordt, meer dan zes maanden na de uitzetting van El-Bakraoui, op de officiële vraag van Joris. Hij was inderdaad gearresteerd op verdenking van terrorisme. DJSOC seint El-Bakraoui als mogelijke jihadist.

22 maart: El-Bakraoui trekt samen drie andere zelfmoordterroristen, waaronder zijn broer Khalid, naar de luchthaven van Zaventem. Khalid laat zich later in het metrostation van Maalbeek ontploffen. Er zijn 35 doden. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234