Zaterdag 04/04/2020

Verbindingskanaal

De Brusselse kanaalzone staat voor veel mensen gelijk met verpaupering en vuiligheid, maar daar wil Brussels bouwmeester Kristiaan Borret verandering in brengen. Hij heeft nu een Plan Canal voor Brussel en 'De Morgen' ging al mee op stap langs de lijnen ervan. 'Het kanaal moet weer een verbindingsorgaan worden.'

Dat we het Plan Canal niet mogen verwarren met het Kanaalplan van minister voor Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA), die aankondigde de Brusselse kanaalzone te willen 'opkuisen'. Zo waarschuwt Kristiaan Borret, sinds goed een jaar bouwmeester van Brussel, wanneer we passeren aan de Rue Delaunoy - de hartslagader van wat tegenwoordig bekend staat als'the jihadi capital of Europe', een straat die in de nasleep van de Parijse aanslagen werd belegerd door de politie, het leger en de internationale pers.

"Jambon wil vooral repressief te werk gaan, terwijl dit plan eerder inzet op iets opbouwen, een verbinding maken - van onderen uit", vertelt Borret, terwijl hij ons op sleeptouw neemt langs het Brusselse kanaal, de feitelijke grens tussen de Brusselse vijfhoek en de gemeenten Anderlecht en Sint-Jans-Molenbeek. De realisering van het inmiddels al drie jaar oude Plan Canal moet een mijlpaal worden in de toekomstige ontwikkeling van de hoofdstad.

"Het kanaal is veel te lang een barrière geweest tussen de binnenstad en de buitenwijken. Terwijl het net een verbindingsorgaan zou moeten zijn." Op dat verbindende aspect wil Borret ook letterlijk inzetten. Wanneer we, bij een soundtrack van heftig claxonnerende auto's, langs het water struinen, wijst hij op de aanzet van een nieuwe brug. "Hier komt een van de geplande voetgangersbruggen, waarop ik wil inzetten. Daardoor wordt het metrostation Graaf Van Vlaanderen, dat in Molenbeek ligt en enkel bereikbaar is voor mensen aan deze kant van het kanaal, ook weer bruikbaar voor mensen van de overzijde. Ik wil er niet te veel symboliek aan ophangen, maar inwoners van de binnenstad kunnen wel dagelijks weer de overkant bereiken."

Positieve dynamiek

Belangrijk detail: die brug moest er eigenlijk tien jaar geleden al komen. Als stadsbouwmeester van Antwerpen (2006-2014) was Borret het gewoon dat projecten snel werden gerealiseerd, in Brussel ligt dat moeilijker. "De tijd die hier verloren gaat tussen een plan ontwikkelen en het uitvoeren, is onvoorstelbaar lang. Dat heeft te maken met de administratievemillefeuilledie Brussel nu eenmaal kenmerkt. Naast de minister-president zit je hier ook nog met 19 burgemeesters die er een mening op nahouden. Maar het heeft ook te maken met de machinerie, die hier nog niet zo geolied is."

Toch heeft hij geen heimwee naar Antwerpen. "Onder (toenmalig burgemeester) Patrick Janssens (sp.a) heb ik in Antwerpen wonderjaren meegemaakt, met een heel goede symbiose tussen administratie en bestuur. Daarna is dat fel verminderd, die wonderjaren zijn in mijn geval voorbij. Het is niet eenvoudig om verder te werken als je optimale condities gewend bent.

"In die zin vind ik Brussel veel interessanter. Hier heb je een positieve dynamiek: Brussel wil echt vooruitgaan. Bij het bestuur is de wil om te veranderen is groot. Groter dan de kunde misschien.(lacht)Natuurlijk zijn er obstakels, en ja, er is een zekere traagheid. Maar het is aangenamer om te werken als je het gevoel hebt dat men een verschil wil maken."

Daarom is Borret blij dat er inmiddels toch het een en ander gerealiseerd is. Aan de rand van Sint-Jans-Molenbeek houden we halt bij een groot gebouwencomplex, opgetrokken in rode baksteen, waar het 19de-eeuwse industriegehalte nog steeds vanaf druipt. Maar de oude brouwerij van Belle-Vue, het geuzebier dat tijdens de tweede helft van de twintigste eeuw hier werd gemaakt, is er al lang niet meer. De gebouwen worden sinds twee jaar betrokken door het Meininger Hotel, een betaalbare verblijfplaats voor jonge reizigers en backpackers.

"Het Meininger Hotel getuigt enerzijds van een slim hergebruik van een industrieel gebouw, en is architecturaal goed aangepakt", legt de bouwmeester uit. "Anderzijds heeft het ook een sociale impact op de levenskwaliteit in de stad. De boulevard van het Zuidstation naar hier wordt meteen verlevendigd, omdat trekkers en toeristen nu te voet tot hier komen. En het stimuleert lokale tewerkstelling. De hotelsector heeft immers nood aan laaggeschoolde werknemers."

Perfect voor Molenbeek dus, waar veel laaggeschoolden wonen. "Er is in Brussel een stevig gebrek aan evenwicht tussen het aantal jobs voor hooggeschoolden - ambtenarenbanen, kantoorjobs in bedrijven - en het aantal laaggeschoolde inwoners, die geen werk vinden. Het Meininger Hotel toont dat de buurt rond het kanaal dat evenwicht weer kan herstellen."

Dat ideaal wordt ook belichaamd door het nieuwe Belvue Hotel, vlak naast Meininger, dat sinds kort open is. "Daaraan is een hotelschool gekoppeld. Studenten krijgen hun opleiding en kunnen meteen in de praktijk oefenen. Opnieuw de architecturale opwaardering die gepaard gaat met de sociale factor."

Het Plan Canal is eigenlijk niet zozeer de verdienste van Borret, wel van de Franse architect en stedenbouwkundige Alexandre Chemetoff, die in 2013 een nieuwe visie uittekende voor de Brusselse kanaalzone. Borret wil de plannen om die wijken op te waarderen nu in een stroomversnelling brengen.

"Als bouwmeester wil ik projecten kunnen versnellen, net om op die manier de kwaliteit hoog te houden. Want als het te lang duurt, gaat de kwaliteitsambitie ook wat verloren. In het begin zit je met de schwung van een wedstrijd, en staat iedereen achter het winnende ontwerp. Als je dan niet meteen doorduwt, begint iedereen te zeuren en op de duur zou je bijna om het even wat bouwen, gewoon opdat het af zou zijn."

Stadsgerichte industrie

Een van die projecten die er snel moeten komen, zijn de zevenhonderd appartementen op het domein van Tour & Taxis. Naast de historische gebouwen van het Gare Maritime, op de zogenaamde Zone M, staat nu tijdelijk het Muntpaleis, de tent waarin de Koninklijke Munt zijn opera's zal opvoeren nu de schouwburg in de steigers staat. Vanaf volgend jaar komt op deze zone een nieuwe woonwijk, waarvoor Borret samen met de ambitieuze projectontwikkelaar Extensa een architectuurwedstrijd uitschreef. Het consortium AWG - Sergison Bates architects - noAarchitecten werd uitgeroepen tot laureaat en mag weldra aan het ontwerp van de eerste nieuwe gebouwen beginnen.

Met uitzicht op het nieuw aangelegde park in Tour & Taxis moeten de appartementen mensen naar de binnenstad trekken. "België heeft een sterke anti-stedelijke traditie. In de 19de eeuw werden mensen met het buurtspoorwegnet aangemoedigd om buiten de stad te gaan wonen en het principe van bedrijfswagens dat we vandaag de dag kennen, sluit daar eigenlijk bij aan. Maar we moeten mensen weer kunnen overtuigen om in de stad te gaan wonen. Met de kwaliteiten die de Tour & Taxis-site kan bieden, moet dit mogelijk zijn."

Een woord dat altijd opduikt in die context: gentrificatie, het verschijnsel waarbij jonge mensen uit de betere middenklasse luxueuze woningen in de stad betrekken, en laaggeschoolde inwoners, voor wie wonen in de stad te duur wordt, naar buiten worden geduwd. "Gentrificatie heeft, in beperkte mate, voordelen", legt Borret uit, "want het brengt geld naar de stad. Maar die tendens mag niet te sterk worden, want dan verliest een stad haar diversiteit. Kijk maar naar Londen, waar wonen in en om het centrum onbetaalbaar is geworden.London is eating itself, vertelt een Engelse collega me regelmatig."

Een sleutel om die gentrificatie voldoende tegen te gaan is 'stadsgerichte industrie', volgens de bouwmeester. Zo trek je ook zogenaamdeblue collar workersaan, en vermijd je tegelijk verkeersopstoppingen door de in- en uitvoer van goederen: bedrijvigheid en woongelegenheid kunnen gecombineerd worden.

"Deze zone, rond het Bécodok, bestaat oorspronkelijk uit brown fields, industriegebieden. Je hebt hier nog bedrijven, zoals InterBeton. Klassieke stadsontwikkeling zou zo'n betoncentrale naar buiten duwen. Het Plan Canal heeft de bedoeling om die bedrijvigheid net te behouden en uit te zoeken hoe we dat kunnen mengen met nieuwe woonwijken. Daarvoor moeten die bedrijven een 'stedelijk gelaat' ontwikkelen."

Zo kunnen de bedrijven hun productie-uren beperken, kiezen voor opslag in silo's in plaats van open lucht, en een akoestische buffer creëren door hun kantoorcomplexen strategisch te bouwen. "Industrie die stadsgericht is, zoals de Brasserie de la Senne of het Brussels Beer Project, kunnen hier al perfect hun plaats vinden, omdat ze op een korte afstand, binnen de stad, kunnen leveren. Maar dat moet ook gelden voor de 'vuilere' industrie."

Daarom zou Borret graag zien dat ook het omstreden Citroëngebouw een deel zijn industriële functie kan behouden, zodra Citroën er over een jaar of twee uittrekt. "De regering heeft zich uitgesproken voor een museum. Maar ik hoop dat er nog iets anders komt dan een culturele functie of woonfunctie: dat is er al genoeg langs het kanaal. Ik zou er graag iets logistieks zien komen, of een technische school. Of waarom geen klein depot voor de vuilnisdiensten? Dat is ook stadsgericht."

Hinkstapspringen

Een site die verschillende functies combineert, is het slachthuis van Anderlecht, waar in de weekends ook markten worden georganiseerd. "De slachthuizen liggen eigenlijk veel dichter bij het centrum dan je zou denken", legt Borret uit. "Je moet ze alleen bereikbaar kunnen maken."

Het onontwarbare verkeersknooppunt dat die bereikbaarheid verhindert, heet de Ninoofsepoort, het klaverblad waar het kanaal van Molenbeek afbuigt naar Anderlecht. "Een gigantische plas asfalt, met allemaal onbruikbare hoeken", vindt Borret. "Maar stedenbouwkundig is dit een scharnierpunt. Er is al besloten om de wegsituatie hier vereenvoudigen, zodat het verkeer minder druk wordt. Dan kunnen we aan de Ninoofsepoort ruimte creëren voor een park, en met daarnaast plaats voor een wooncomplex."

De zone - nu een werf waarop de leegstaande loodsen worden afgebroken - moet een 'evolutief' park worden. "Ik pleit ervoor om ook hier een ontwerpwedstrijd te organiseren, om op die manier mensen uit de buurt warm te maken en snel resultaat te zien. Maar dan moeten we het project ook tijd gunnen om het te laten groeien, en te kunnen zien hoe dit knooppunt optimaal kan functioneren. Zo kan deze plek terug een publieke ruimte worden. Een tussensprong tussen wat nu geïsoleerde wijken zijn, en de binnenstad. Zoals bij het hinkstapspringen, eigenlijk."

Op die manier moet het Plan Canal het uithangbord worden van de stedenbouwkundige visie die Borret heeft ontwikkeld voor onze hoofdstad. "De vorige bouwmeester, Olivier Bastin, heeft zich terecht eerst gericht op architecturale projecten maar ik ben ook sterk stedenbouwkundig geïnteresseerd. In dat opzicht is mijn mandaat uitgebreider. Vandaar dat ik de uitvoering van het Plan Canal wil versnellen en de kwaliteit ervan nog wil verbeteren: dit is een plan voor het hele gewest, van de ene tot de andere grens. We hebben nood aan die schaalvergroting, en zo werk ik ook graag. In die zin ben ik meer stedenbouwer dan architect."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234