Woensdag 27/01/2021

Verarmd uranium: het niets-aan-de-hand-rapport roept twijfels op

Ook bij Amerikaanse oorlogsveteranen groeit de onrust. Het uranium waarvan hen altijd is verteld dat het 'verarmd' was, blijkt dat bij nader inzien toch niet echt te zijn

Wat zat er in de munitie waarmee de Navo tien jaar geleden Irak bombardeerde en acht jaar later Kosovo? Niets dat op langere termijn schadelijk is voor de mens, zo besloot een groep deskundigen van het milieuprogramma van de Verenigde Naties (UNEP) in maart. Frédéric Loore bestudeerde het rapport nog eens en schrok.

De conclusie van het 153 pagina's tellende rapport werd door de media in de hele wereld kort en bondig weergegeven: "De effecten van het gebruik van verarmd uranium in oorlogsmunitie op de volksgezondheid en het leefmilieu zijn niet bewezen of onbestaande." Daarmee leek het hele idee van een Balkansyndroom toch maar weer naar het rijk der fabelen verwezen. Of toch niet?

Het rapport, vrijgegeven op 13 maart, werd opgesteld door de zogeheten Balkans Task Force (BTF). Die was door de UNEP belast met een onderzoek in de destijds door de Navo gebombardeerde gebieden in Kosovo. In november 2000 trokken vijftien experts van de BTF ter plaatse. Vijftien dagen inspecteerden ze in totaal dertien locaties in het westen en het zuiden van de provincie Kosovo. De experts gingen er de radioactieve straling meten en namen enkele honderden stalen van grond, water, plantjes en ook melk van koeien. Ze namen ook achtergebleven munitie mee.

De BTF-deskundigen werkten in nauw overleg met de Kfor en de Unmik (de VN-missie in Kosovo). Er werd met andere woorden samengewerkt met militairen die mee verantwoordelijk waren voor het gebruik van de munitie met verarmd uranium, waar zoveel om te doen is. En dat is niet de enige aanwijzing die wereldwijd nogal wat wetenschappers de wenkbrauwen deed fronsen. Eerder raakte bekend dat de experts van de Wereldgezondheidsorganisatie - die eveneens had besloten dat er geen reden tot paniek was - hadden samengewerkt met het Internationale Atoomagentschap (IAA), dat als voornaamste missie het promoten van de nucleaire industrie heeft (DM 3/3).

Niet alleen de objectiviteit van de BTF staat nu ter discussie, maar ook dat van enkele labo's waar ze hun stalen naar toe brachten. Een ervan is het Zwitserse Spiez. Het labo had een groot aandeel in het onderzoek, wellicht mede doordat Zwitserland de studie hielp financieren. Wat het rapport niet vermeldt, is dat het AC Laboratorium Spiez zonder meer een militair labo is, dat in andere publicaties geen geheim maakt van zijn samenwerking met zowel het IAA als met het Pentagon. Het is ook aardig om weten dat een directeur van Spiez ooit in de Franse krant Libération verklaarde: "De hele zaak van het verarmd uranium berust bijna op hysterie." Dat was duidelijke taal, maar ze dateerde van een ogenblik dat de in Kosovo genomen stalen nog moesten worden geanalyseerd.

Leek de samenvatting van het BTF-rapport ondubbelzinnig, dan leert een iets gedetailleerde lectuur dat de deskundigen soms warm en koud tegelijk blazen. In hun rapport pleiten zij bijvoorbeeld voor de voortzetting van hun onderzoek om zo (met name in Bosnië-Herzegovina) "de eventuele effecten van verarmd uranium op gezondheid en leefmilieu na te gaan". Dat, terwijl zij enkele pagina's verder besluiten dat er geen enkel gevaar voor de volksgezondheid bewezen is.

Waarom die slag om de arm? De BTF baseert zijn niks-aan-de-handconclusie op de normen die zijn vastgelegd door de Internationale Commissie voor de Bescherming tegen Radioactiviteit (ICBR). Dat orgaan legt limieten vast over de hoeveelheid radioactiviteit waaraan een mens jaarlijks mag blootstaan zonder gevaar voor de gezondheid. De BTF-experts zijn er zich vermoedelijk van bewust dat er over die normen de laatste tijd heel wat te doen is. Een recente studie van de Britse onderzoekster Alice Walker, uitgevoerd in samenwerking met George W. Kneale, wees in augustus vorig jaar uit dat die normen al een halve eeuw lang berusten op vervalste gegevens en dus zeker geen garantie bieden. Wie dat weet, leest het rapport plots op een heel andere manier. En dan gaat de conclusie veeleer klinken als: we weten hier te weinig over, en doordat we te weinig weten, moeten we besluiten dat er niets aan de hand is.

Er staan echter harde gegevens en cijfers in het rapport. Je moet er even naar zoeken, maar eens je ze vindt, klinkt het verhaal plots anders. Zo meldt de BTF de aanwezigheid van plutonium 239 en 240 in de restanten van vier obussen die op Kosovaars grondgebied werden aangetroffen. In januari had de UNEP ook al gesignaleerd dat bepaalde laboratoria "uranium 236" hadden aantroffen in een van de andere stalen. Uranium 236 is een isotoop die vreemd is aan de samenstelling van verarmd uranium (dat enkel de isotopen 235 en 238 bevat). Maar wat betekent dat dan? Dat er in de Navo-munitie die in Kosovo werd gebruikt veel méér zat dan alleen verarmd uranium, zoals tot nu toe werd aangenomen.

Voor de kenners van de materie is dat helaas geen verrassing. In de Verenigde Staten wordt het verarmd uranium geleverd door de fabrieken in Paducah (Kentucky), Oak Ridge (Tennessee) en Portsmouth. In de omgeving van die fabrieken zijn in het verleden al meermaals besmettingen vastgesteld van plutonium, technetium, neptunium of americium. Het gaat om hoogst radioactieve stoffen met rampzalige gevolgen voor mensen die eraan zijn blootgesteld. De arbeiders die in de fabrieken werkten, kunnen erover meepraten. In de arbeiderswijken in de buurt van de fabriek in Paducah worden artsen al sinds het midden van de jaren vijftig geconfronteerd met een opvallend hoog aantal kankers en andere atypische zieken.

Een man die in 1980 overleed en er een twintigtal jaren werkte, stelde kort voor zijn dood een lijst op van vroegere collega's die stierven aan kanker. Een in oktober 1999 verspreid tussentijds rapport van het Amerikaanse ministerie van Energie heeft de verklaringen van alle getuigen in dit een halve eeuw oude schandaal bevestigd. Men kan daarin lezen dat de lucht, het water en de grond binnen een straal van veel kilometers rond fabriek van Paducah besmet zijn, alsook de arbeiders die in dat extreem radioactieve milieu hebben gewerkt. In het rapport wordt ook aangestipt dat er, tot voor kort toch, weinig of niets is ondernomen om de (ex-)arbeiders en de lokale bevolking te waarschuwen of te beschermen.

Roger Trilling, een Amerikaanse journalist die onlangs in Paducah op onderzoek trok, was erg verbaasd over het hoge aantal kaalhoofdigen die hij ontmoette. De inwoners verzekerden hem dat het hier niet om een modeverschijnsel ging, maar om de bijwerking van chemotherapie.

Vandaag wordt duidelijk dat het dezelfde twijfelachtige stocks zijn waar de Navo bestanddelen vandaan haalde voor de munitie die ze zowel tijdens de Golf- als de Balkanoorlog gebruikte. Vandaar de groeiende onrust bij Amerikaanse oorlogsveteranen. Het uranium waarvan hen altijd is verteld dat het "verarmd" was, lijkt dat bij nader inzien toch niet echt te zijn.

En zo wordt plots heel veel duidelijk. Men begrijpt nu beter waarom de aanwezigheid van plutonium is gesignaleerd in de stalen die in Kosovo werden genomen. Dat verklaart ook hoe, tien jaar na de Golfoorlog, bij bepaalde veteranen U236 werd aangetroffen in het lichaam. Dat isotoop, dat niet in de natuur voorkomt en dus niet kan opduiken in de samenstelling van verarmd uranium, wordt door artsen beschouwd als een soort markeerstift van besmetting. U236 wordt uitsluitend geproduceerd in nucleaire reactoren.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234