Donderdag 01/12/2022

Veertigste verjaardag werd sterfdag van de DDR

De weg ernaartoe was natuurlijk nog dezelfde als twintig jaar geleden, via West-Duitse autowegen naar Helmstedt-Marienborn, de belangrijkste controlepost voor wie naar Berlijn en de DDR wilde. De grens bestaat uiteraard niet meer, maar de controlesite is blijven staan als een museum van de Duitse deling.De installaties van de grenswachters huisvesten nu een tentoonstelling: ‘Het oog van de naald tussen twee werelden’. Prikkeldraad, wachttorens en controlebureau staan er nog, het gebouw van de Stasi ook. Zelfs de ‘bank’, waar iedereen verplicht een minimumbedrag aan vreemde deviezen moest wisselen, is er nog.Het oogt allemaal een beetje onderkomen, de prikkeldraad roest, de wachttorensKoffer en motorkap open, parabole spiegels onder de auto. Waar ik wel naartoe zou gaan, welk hotel en waarom die auto niet op mijn naam stond? Firmawagen? Welk soort firma dat dan wel was? Wát, een krant? Ja, dat bleek toch uit het speciale visum voor journalisten in mijn paspoort. A ja, maar waarom staat die stempel zo scheef?Ze wilden alles weten wat ze al wisten, de ambassade had hen immers alles al doorgegeven. Na nog een rondje pesten, uiteindelijk: “Rijden maar. En niet proberen van de voorgeschreven weg te rijden.” Dat alles op een toon die mij deed denken aan een periode uit de Duitse geschiedenis die ik alleen uit boeken en documentaires kende.

November ’89

In november 1989 schreef ik vanuit 0ost-Berlijn in deze krant: “Donderdagavond om vijf voor zeven zei Politbureaulid Günter Schabowski, alsof het om een terloops fait divers ging: ‘O ja, dan moet ik jullie nog zeggen dat beslist is dat DDR-burgers voortaan zonder veel problemen over de grens met Berlijn-West en de Bondsrepubliek mogen. De persconferentie is dan nu gedaan.’ Journalisten aan de grond genageld, ongelovig kijkend en plots in het InternationaleIn de bewuste avond van 9 november belde ik naar de redactie in België met de boodschap dat de Berlijnse Muur langzaam openging. De eindredacteur met dienst maande mij aan te stoppen met flauwe grappen, want op dit uur moest de krant worden afgewerkt. Het vergde enig aandringen van mij, en ik nam het de collega in kwestie toen uitermate kwalijk. Nu al lang niet meer, het klonk inderdaad ook zo ongeloofwaardig. Geen kat kon vermoeden dat dit zou gebeuren, ook eindredacteurs niet. Maar de heksenketel moest op dat moment - ik denk dat het ongeveer 19.10 uur was - nog beginnen. Toen het DDR-tv-journaal om 19.30 uur het nieuws van ‘Schabo’ bracht, gebeurde er niets. Veertig jaar medialeugens worden niet in een paar minuten uitgewist. Pas toen het nieuws op de West-Duitse tv werd bevestigd, stroomden de DDR-burgers de straat op. Eerst honderden, dan duizenden en gedurende de nacht nog veel meer. De grensposten werden overrompeld; even was er de vrees dat ze die Staatsgrenze met het wapen zouden verdedigen, maar van het paniekerige Politbureau kwam het bevel iedereen door te laten.Nadat ik mijn artikel had gefaxt, ging ik mee de straat op. Ik vertelde aan onbekenden wat ik Schabowski op zijn dagelijkse persconferentie had horen zeggen. Hij had niet kunnen dromen dat dit het resultaat zou zijn, daar ben ik wel zeker van. Nu, twintig jaar na datum, is hij in die mate ‘bekeerd’ dat hij in zijn jongste boek schrijft: “De grootste verdienste van de DDR is dat ze mislukt is.”We trokken te voet door de oninneembare vesting Checkpoint Charlie, de grensovergang in de Friedrichstrasse. Vlak achter de Muur lag Café Adler, met decennialang een uniek uitzicht op versperringen en grensbewakers. Plotseling bleek de hele drankvoorraad er gratis te zijn. Toen alles op was, kwamen brouwers nieuwe vaten leveren, ook gratis.

Toeristenvallen en geldklopperij

Mijn hotel bestaat niet meer. Het Palast Hotel was zowat de enige plek waar buitenlandse journalisten mochten logeren. Allemaal samen in hetzelfde gebouw, dan zijn ze beter in de gaten te houden. De kamers waren uitgerust met afluisterapparatuur en verborgen camera’s, zo werd verteld. Ik heb er niets van gemerkt, maar het zal wel waar zijn. De vensters en glazen deuren kwamen allemaal van een bedrijf uit België, net zoals een deel van de prikkeldraad van de Muur.Op die plek staat nu een mastodont van een Scandinavische hotelgroep. Vlak ernaast ligt het DDR Museum, dat een idee wil geven van het ‘dagelijkse leven in het socialisme’, maar niet veel meer is dan een toeristenval, zoals veel van de geldklopperij die nog rond de vergane Muur plaats heeft. Aan Checkpoint Charlie staan Amerikaanse nepsoldaten nog visums en foto’s uit te delen, tegen betaling uiteraard. Dertig meter verder staan dubieuze figuren kepi’s, uniformen, vlaggetjes en Leninkopjes te verkopen, allemaal namaak en ‘made in Hongkong’. Ik ben er tenminste zeker van dat mijn twee brokstukjes uit de Berlijnse Muur echt zijn. Heel vroeg in de ochtend van 10 november 1989 kreeg ik ze van een van de talloze ‘muurspechten’. Zo werden mensen plotseling genoemd die het ding met beitels en hamers te lijf gingen. Trabant-autootjes zijn er ook nog nauwelijks, ik heb er onlangs veel meer in Hongarije en Roemenië gezien. Een handige jongen heeft er wel een hele vloot op na gehouden, die hij nu verhuurt. De Trabi Safari wordt de grappigste stadsrondrit genoemd, zelfs de New York Times schreef: “Forget about the double-decker buses, rent your own Trabi.”Het parlement is afgebroken, het gebouw van het Centraal Comité van de SED ingekapseld in het ministerie van Buitenlandse Zaken van de eenheidsstaat, de Karl Marx Buchhandlung is opgedoekt - zelfs haar filmroem via Das Leben der Anderen heeft dat niet kunnen beletten.Toch zijn er nog sporen van ‘mijn’ Oost-Berlijn uit 1989. Marx en Engels zijn nog buiten proportie aanwezig op het gelijknamige plein. Nu klimmen kinderen op Marx’ schoot, de Stasi zou er niet om gelachen hebben. Stukken van de Muur zijn behouden, en het stuk East Side Gallery is een ware trekpleister geworden. Het Ampelmännchen - het typische verkeerslicht uit de DDR - is zelfs een icoon van het nieuwe Berlijn. De wijk Nicolaiviertel, een prestigeproject van de DDR, wordt nu overrompeld door Japanse toeristen. Een beetje verder ligt mijn favoriete restaurant Zur letzten Instanz er nog, maar de kelner Bernd, die er zo graag mee pochte ‘een vertrouwensman van de partij’ te zijn, werkt er niet meer. De legendarische tv-toren op de Alexanderplatz staat er nog, maar moet nu westerse hamburgertenten in zijn buurt dulden. Het Stasihoofdkwartier in de Normannenstrasse, een gebouwencomplex van een kilometer lang, is er nog, maar de agenten zijn weg. Wie een beeld wil krijgen van de werkmethoden van de geheime dienst kan nu zelfs het bureau van Erich Mielke bezoeken. Mielke was van 1957 tot 1989 opperchef van het Stasileger en daardoor een van de machtigste mannen van de DDR.Een bronzen Bertolt Brecht zit nog altijd voor zijn Berliner Ensemble. Aan zijn bedrukt gezicht zie je dat hij zich zorgen maakt over de prijzen in het cultuurleven. Vroeger was cultuur bijna gratis, nu heersen westerse prijzen en kunnen vele ossi’s zich een bezoek aan het Brechttheater én andere niet meer veroorloven.Er is zelfs een traditie die iemand al voor 1989 invoerde en die in oostelijk Berlijn nog voortleeft. Brecht ligt begraven op de Dorotheenstädtischer Friedhof in de Chausseestrasse, vlak tegenover zijn huis. Een journalist gaat al jaren élke keer als hij in Berlijn komt een bloem neerleggen op het graf van Bertolt Brecht. Ik ken hem.

Ostalgie

De man heeft een bio zoals er geen betere kan zijn voor iemand uit de ex-DDR. Zoon uit een arbeidersgezin, daarna zelf arbeider in een fabriek. Dan naar school gestuurd en in oostelijk Berlijn - ‘Hauptstadt der DDR’ - geraakt. Middelbaar onderwijs, aan ‘Humboldt’ theorie en geschiedenis van de cultuurwetenschap gestudeerd. Kort voordat hij aan de prestigieuze universiteit tot professor werd benoemd, kwam het nieuwe Duitsland er aan.Dr. Horst Groschopp (60): “Ineens waren wij niet meer nodig. Cultuurfilosofen, historici, economisten, wij waren allemaal ‘marxistisch besmet’ en daar konden de nieuwe bazen niets mee. We moesten dus buiten. Uit alle windstreken van West-Duitsland kwamen nieuwe professoren.”Hij is vier jaar werkloos. Nu zoekt hij een andere weg, via de Humanistischer Verband Deutschlands, waar hij een nieuwe carrière maakt. Groschopp weet nog goed dat in protestantse kerken - de Getsemane Kirche was een bakermat - via ‘vredesdiensten’ de basis voor verandering werd gelegd.“Wij waren er nog mee bezig het socialisme te verbeteren, toen het systeem zelf al om zeep ging. Op 4 november kwamen 1 miljoen DDR-burgers op straat, ze hadden hun angst overwonnen en dát was het einde van de DDR. Vijf dagen later ging de Muur open, en dat was maar het logische gevolg.”De beladen term ‘Anschluss’ wordt in deze context vaak gebruikt. Groschopp weet daar wel weg mee. “Natuurlijk is de DDR op vele vlakken onheus behandeld, werden wij ossi’s voor naïef en dom versleten en werden wij DDR’ers stap voor stap angeschlossen. Bijna 2 miljoen mensen zijn weggegaan uit ons land, en naar de ex-DDR zijn in hoofdzaak West-Duitse geluksridders en speculanten gekomen. De bloeiende landschappen die ons vanaf het begin werden beloofd, zijn er nog niet helemaal, maar het gaat ons materieel wel veel beter. Als mensen mij vragen hoe het nu eigenlijk met ons gaat na de Anschluss, zeg ik altijd dat wij daarvoor echt ook wel al elektriciteitDe net niet benoemde professor zegt dat de DDR twee decennia later nog altijd als dictatuur bestudeerd wordt, “maar wij wisten dat het een dictatuur was”. “Wij moesten leven in dit systeem en wij lééfden.” Hij heeft het over het in potentie betere onderwijssysteem “als je de ideologische ballast er af haalde” en over het feit dat na twintig jaar “eindelijk eens een echt objectieve analyse moet worden gemaakt”.“Ik doe nu vaak wat ik vroeger niet mocht: reizen. Ik zie dat de ossi’s in het westen blijven samenhokken, en voor de wessi’s geldt hetzelfde. ‘Inter-Duitse’ huwelijken zijn bijna krantennieuws en, ja hoor, de muur in de hoofden bestaat nog.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234