Dinsdag 19/01/2021

Veel kans dat een Vlaming de VSB-poëzieprijs wint

De jury van de VSB-poëzieprijs heeft dit jaar een haarscherpe keuze gemaakt, want geen enkele van de vijf genomineerde bundels valt uit de toon. De prijs wordt op 25 januari, aan de vooravond van Gedichtendag, uitgereikt. Drie van de vijf dichters komen uit Vlaanderen: Erik Spinoy, Peter Ghyssaert en Jan Lauwereyns.

Naast Gerichte gedichten (Van Oorschot) van Willem Jan Otten kon de jury niet kijken. De dichter stelt er prangende vragen in over het bestaan. De je-vorm wordt vaak gebruikt in poëzie, de u-vorm maar zelden. Bijzonder wordt het als blijkt dat God degene is tot wie het dichterlijke ik zich richt. Een moedige onderneming, omdat het in deze bundel onder andere over Ottens bekering gaat. Verlies en leegte krijgen ook een plaats, bijvoorbeeld waar de dichter het over zichzelf als jongetje van elf heeft, zonder vader. Dit is erg persoonlijke poëzie over de grote dingen des levens.

Peter Ghyssaert mag tweemaal hoop koesteren: hij is niet alleen voor de VSB-prijs genomineerd, maar ook voor de Herman De Coninckprijs. En terecht, want hij schreef met Ezelskaakbeen (Atlas) een prangende bundel waarin de vergankelijkheid een centrale rol speelt, zonder dat hij voortdurend opzichtig zijn best doet om naar de ontroering van de lezer te hengelen. Die wordt eerder opgewekt door de formulering: de botsende beelden, de onverwachte metaforen, de muzikaliteit van de zinnen. In het titelgedicht 'Zelfportret met ezelskaakbeen' verwoordt de dichter zijn eigen ontwrichting: "Wat was en is, schuift/ als een ezelskaakbeen in de jongste dag/ om er ontbloot en onderzocht te worden."

Jan Lauwereyns is een van de eigenzinnigste Vlaamse dichters van dit moment. Ook hij komt voor de twee poëzieprijzen in aanmerking, met zijn bundel Hemelsblauw (De Bezige Bij). Net als in zijn professionele leven neemt Lauwereyns in zijn poëzie een onderzoekende houding aan, maar hij vindt er in zijn poëzie telkens weer een heldere vorm voor. Hier krijgen we vijf, vormelijk verschillende, lange gedichten. De bundel opent filmisch, met een verwijzing naar de cineast van de stomme film Murnau. De dichter wil "Bloedrood lawaai/ Hemelsblauw verdriet." En dat krijgen we ook, in deze hartstochtelijke bundel.

Het sublieme

En zo belanden we bij mijn twee favorieten. Anne Vegter kreeg twee weken geleden nog de prijs van het Nederlandse poëzietijdschrift Awater. De redactie vroeg aan een hele reeks poëzierecensenten en academici om de drie beste bundels van 2011 te kiezen. Vegter kreeg het grootste aantal stemmen, voor haar bundel Eiland berg gletsjer (Querido).

Een opmerkelijke bundel, inderdaad, alleen al door de interactie van Vegters tekeningen met haar gedichten. In een sobere, maar erg directe tekenstijl schetst Vegter zonder taboes de strijd der seksen. Ook haar gedichten zijn in your face, terwijl haar poëzie toch meerduidig is. Dat komt onder andere door de vermenging van pornografische woorden met muzikale taalbehandeling, zoals hier: "Ook als ik in bed naar stemmen op straat luister en iemand zal haar 'oortjes dichten/ als je nu weer' en ik denk of ze dapper is omdat ze zachte antwoorden geeft, neuk je me."

Maar Erik Spinoy moet de VSB-prijs winnen, voor zijn Dode kamer (De Bezige Bij), waarvoor hij in het najaar al de Jan Campertprijs kreeg. Zijn poëzie schept ruimte voor beelden die zich onweerstaanbaar opdringen, voor het ondenkbare, dat daardoor een unheimlich karakter heeft.

Met een verwijzing naar Descartes in een van de gedichten haalt Spinoy het blinde vertrouwen in de rede onderuit. De dode kamer is hier de ruimte van het sublieme. Erik Spinoy maakt, zoals Ann Veronica Janssens in haar kunstinstallaties, waarnaar hij verwijst, ongemeen fascinerende, ijle en tegelijk erg wereldse ruimtes van zijn gedichten, zoals hier: "een vloedlijn die gedachteloos ruisen scheidt// van helmgras zingend altijd/van betekenis".

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234