Zaterdag 17/04/2021

Vechten in Irak, genezen in Waterloo

In de schaduw van de Leeuw van Waterloo nemen gewonde Britse militairen en veteranen deel aan een uniek herstelprogramma. Helpen bij archeologische opgravingen geeft hen opnieuw de structuur die ze nodig hebben om hun posttraumatische stressstoornis te overwinnen.

De pretlichtjes blinken in de ogen van Ian Russell (30), korporaal in het Britse leger, als zijn metaaldetector plots begint te piepen. Voorzichtig begint Ian met een klein truweeltje wat grond los te woelen, en op ongeveer 20 centimeter diepte haalt hij enkele metalen scherven boven. Een onderdeel van een geweer, stukken kanonskogel, of een ander werktuig.

We staan in de tuin van de hoeve van Hougoumont, naast de Leeuw van Waterloo. Het is hier, op een plaats die al twee eeuwen zo goed als onveranderd is gebleven, dat een minderheid van een paar duizend Britten en geallieerden op zondag 18 juni 1815 veertienduizend Franse troepen van Napoleon Bonaparte versloegen. Hoewel Napoleon het bevel tot de aanval gaf als afleidingsmanoeuvre, slaagden de Britten erin de plaats te blijven verdedigen. Het ene Franse regiment na het andere liep zich te pletter op de muren en de poorten van de boerderij. Achtduizend Franse soldaten lieten er het leven, Napoleon vond er zijn Waterloo en vluchtte verslagen richting Parijs.

De verschrikkelijke gebeurtenissen die hier plaatsvonden, doen ook Ian nadenken. De jonge militair vocht zelf in Irak en Afghanistan. De gevechten en ervaringen zadelden hem op met een posttraumatische stressstoornis (PTSS), een bij militairen vaak voorkomende psychische aandoening die het gevolg is van traumatische situaties. "Je ziet dingen die je liever niet wil zien. In het begin negeerde ik de symptomen, maar in Afghanistan werd het te erg. Ik zonk in een zwart gat, keerde helemaal in mezelf, had nergens nog zin in. Ik geraakte elk doel in mijn leven kwijt." Ian werd gediagnosticeerd met PTSS en keerde terug naar Engeland met ziekteverlof.

Daar zag hij een reportage op televisie over Operation Nightingale, een programma van het Britse ministerie van Defensie dat erop gericht is gewonde soldaten te betrekken bij archeologische opgravingen als deel van hun therapie. Ian meldde zich aan en staat hier nu een week lang met zes collega-soldaten de grond af te speuren naar de geschiedenis van de slag van Hougoumont. En het doet hem goed, zegt hij: de hele dag buiten bezig zijn, nieuwe mensen ontmoeten, opnieuw een doel hebben.

Even het hoofd leegmaken

"Dat is ook het opzet van het hele programma", verklaart Mark Evans, initiatiefnemer en coördinator van het project in Waterloo. Evans is zelf archeoloog van opleiding en verliet jaren geleden, net als Ian, het Britse leger met PTSS na zes jaar dienst in Irak en Afghanistan. Hij publiceerde begin dit jaar een boek over zijn gruwelijke ervaringen met de ziekte: Code Black. Evans raakte aan de drank, hallucineerde over helikopteraanvallen in Londen en kreeg de beelden van doden en gewonden niet uit zijn hoofd. Pas door zijn ervaringen neer te pennen, kon Evans ze een plaats geven. Zijn interesse in archeologie bracht hem uiteindelijk tot bij Operation Nightingale.

Evans kreeg het idee van de opgravingen in Hougoumont door de aankomende 200ste verjaardag van de slag van Waterloo, en omdat hij tijdens zijn legerdienst deel uitmaakte van het Coldstream Regiment, het regiment waartoe ook de meeste Britse soldaten die Hougoumont verdedigden, behoorden. Vandaag fungeert hij er een beetje als mentor. "Heel veel soldaten krijgen vroeg of laat te maken met PTSS", vertelt Evans. "Bij de enen komen de symptomen geleidelijk, bij de anderen heel plots. De ene dag ben je een jonge, fitte kerel van 25, de volgende dag lig je in het ziekenhuis met een kogel in je lijf en met beelden in je hoofd die je nooit meer kwijtraakt. Hier proberen we die soldaten opnieuw te motiveren en proberen we hun zelfvertrouwen opnieuw op te krikken. Wat vooral therapeutisch werkt, is de focus die je hier nodig hebt. Veel jongens vinden het een opluchting dat ze zich nog eens een paar uur kunnen concentreren op een duidelijk afgelijnde activiteit, dat ze even de beelden in hun hoofd kunnen verdringen. Het geeft hen ook voldoening dat ze meteen het resultaat zien van hun werk."

Het helpt volgens Evans ook dat de veteranen hun ervaringen met elkaar kunnen delen. "Iedereen is op een ander moment klaar om zijn verhaal te vertellen. Maar er is hier geen enkele druk, de deelnemers kunnen even de strakke hiërarchie van het leger achter zich laten."

Aan de opgravingen werkt een internationaal team van professionele archeologen mee, die de soldaten begeleiden. Zo was de afdeling Bodembeheer van de UGent verantwoordelijk voor de bodemscans van de omgeving, zodat de archeologen gerichter konden graven. De soldaten zelf zijn enkel Britten, al is er ook interesse vanuit het buitenland, zegt Evans. "We hebben al gesprekken gevoerd met de Nederlandse veteranendienst, en ook met het Belgische leger zijn er verkennende gesprekken geweest."

Bij ons worden er zes militairen behandeld voor posttraumatische stressstoornissen, zo blijkt uit cijfers van Defensie. Toch staat de behandeling nog in de kinderschoenen. Onder de vorige minister van Defensie Pieter De Crem (CD&V) mislukten alle pogingen voor een zogenaamd decrompressiebeleid. Huidig minister Steven Vandeput (N-VA) wil daar verandering in brengen, onder andere via een betere screening. Binnen de maand komt hij daarover met een plan van aanpak, zo bevestigde hij onlangs.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234