Zondag 27/09/2020

Vaste benoeming afschaffen, wie gaat dat betalen?

Klaas De Brucker is docent Micro-economie aan de KU Leuven. Hij neemt er deel aan het sociaal overleg, maar schrijft dit artikel in eigen naam.

Geregeld laait de controverse over de benoeming in het onderwijs weer op. Ook nu weer, zoals blijkt uit de rondvraag van Ann Brusseel (Open Vld) (DM 20/1). Ook sommige leraars vinden het systeem blijkbaar rigide. Gelukkig beschouwt de top van het GO! en het katholiek onderwijs de herziening van de benoeming niet als een prioriteit. De eigenlijke argumenten voor behoud van de benoeming hebben we nog maar weinig gehoord. De meeste van deze argumenten komen uit de organisatietheorie. We lijsten deze even op, maar gaan daarna in op een nieuw, maar belangrijk argument uit de arbeidsmarkteconomie.

Wel, organisatorisch (en sociaal-rechtelijk) geldt het omgekeerde van wat men denkt. Een statutaire benoeming verhoogt de flexibiliteit van de werkgever. Een statuut kan eenzijdig door de overheid worden gewijzigd, een contract is enkel wijzigbaar met het akkoord van beide partijen. Een contract kan ook worden opgezegd, maar dat impliceert opzeggingsvergoedingen. Die zijn niet alleen rigide - en evenzeer in het nadeel van jonge leerkrachten - maar kosten nog handenvol geld ook.

Onafhankelijkheid

Een sterker organisatorisch argument is dat een benoeming nodig is voor het onafhankelijk kunnen uitoefenen van een ambt. In de private sector is zoiets minder nodig, want werkgever en werknemer zijn unaniem gericht op het winstcriterium en elke werknemer die meer opbrengt dan hij kost, zit relatief veilig. Bij de overheid is dat anders. Stel dat onze rechters, politie en andere ambtenaren niet benoemd zouden zijn en ontslagen kunnen worden als ze een politiek ongunstig vonnis vellen. In wat voor een bananenrepubliek zouden wij dan terechtkomen? Zoiets is niet onwaarschijnlijk, kijk maar naar de evolutie in Polen.

Ook professoren ontlenen hun academische vrijheid aan hun benoeming. Zij kunnen onderzoeksresultaten publiceren die ingaan tegen het regeringsbeleid. Benoemde leraars vormen een tegengewicht voor directies die te veel leerlingen zouden willen laten slagen omwille van marktaandelen.

Maar argumenten die vaak vergeten worden, zijn de economische. Wat de regering al inzag, is dat een benoeming een besparing betekent, omdat sociale bijdragen dan lager zijn. Maar dat is slechts een tijdelijke - weliswaar mooi meegenomen - oplossing die resulteert in een eerder boekhoudkundige verschuiving van kosten tussen nu en later, en tussen overheidsinstanties onderling.

Een tweede, zeer belangrijk puur economisch argument is het volgende. Neem nu een niet-benoemde leraar die netto 2.000 euro per maand verdient. Als de private sector deze persoon een job aanbiedt voor 2.200 euro, is het risico reëel dat sommigen overstappen (ook al zullen natuurlijk niet allen zoiets doen). Voor benoemden is dit risico sowieso lager. Dankzij de benoeming kan de overheid haar leraars dus behouden zonder hen opslag te moeten geven. Een benoeming vormt een beloning die geen geld kost. Dit vormt een permanente besparing en extra reden om de benoeming te laten bestaan. Ze afschaffen zal het lerarentekort enkel doen toenemen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234