Dinsdag 26/01/2021

Van verzamelaar naar nazi-depot naar kassa

Al kort na de oorlog publiceerde de Franse overheid een catalogus met de vermiste werken uit de joodse collectie-Schloss. Drie jaar geleden, op 's werelds grootste kunstbeurs, bood een Belgische handelaar een Schloss-werk aan. De kunsthandel blijft de ogen sluiten.

Brussel / Eigen berichtgeving

Rudy Pieters

Dat een groot deel van de door de nazi's gestolen kunstwerken nog op de dool is, is voor een belangrijk deel aan de kunsthandel te danken. Al tijdens de Tweede Wereldoorlog zelf draaide die op volle kracht, dankzij de met Reichsmarken zwaaiende nazi's. Na de oorlog ging de handel in nazi-roofkunst gewoon door. Tot en met de jaren tachtig stond niemand in de kunstwereld, en zeker niet de grote jongens, echt stil bij de vraag of een te koop aangeboden kunstwerk gestolen kon zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog, en of er misschien geen erfgenamen op zoek waren naar het werk. In 1974 bijvoorbeeld verkocht Christie's een anonieme Vlaamse Primitief uit de Belgische Renders-collectie. Geen haan die ernaar kraaide. Nochtans beschikte de koper, het New Yorkse Metropolitan Museum of Art, over evenveel expertise als het veilinghuis zelf. Ver hoefden ze niet te zoeken. Al in 1948 had de Belgische overheid de Renders in een catalogus met vermiste werken gepubliceerd.

In 1947 had ook het Franse Bureau Central des Restitutions een catalogus verspreid, met daarin veel werk van de collectie-Schloss. De kunsthandel lag er niet wakker van. Nog steeds is de helft van de 333 werken niet terugbezorgd. Uit een aparte Schloss-catalogus die het Franse ministerie van Buitenlandse Zaken in 1998 publiceerde, blijkt dat minstens zeven werken in de handel zijn gesignaleerd, sommige veranderden zelfs verscheidene keren van eigenaar. De herkomstgeschiedenis (provenance) bij een schilderij van Frans Hals leest als het politiedossier van een recidivist: "Chez un particulier de Francfort-sur-le-Main en 1952. Vente Sotheby's, NewYork, 1967. Vente Christie's, 1972. Acheté par un Norvégien. Vente Sotheby's, Londres, 1979. Signalé en République Fédérale d'Allemagne chez un particulier hollandais, en 1982. Vente Christie's, Londres, 1989. Découvert à la Biennale des Antiquaires en 1990." Op die Parijse biënnale kon de Franse Justitie er eindelijk beslag op leggen. Maar voordien werd het werk dus vier keer te koop aangeboden in de twee grootste veilinghuizen zonder dat daar vragen bij rezen.

Zelfs in de jaren negentig, wanneer nazi-roofkunst stilaan een gevoelig thema wordt en hele commissies en congressen zich over het probleem zijn beginnen te buigen, blijft de kunstwereld doen alsof haar neus bloedt. Vaak verschuilt men zich achter zwijgplicht. Wanneer Nick en Simon Goodman, de kleinzoons van de joodse verzamelaar Friedrich Gutmann, vernemen dat Sotheby's in 1964 een Renoir uit de Gutmann-collectie heeft verkocht, vragen ze wie de koper was. Het venduhuis weigert echter te antwoorden, de kleinzoons moeten Sotheby's uiteindelijk voor de rechter slepen om aan de cruciale informatie te geraken. Alsof dat niet volstaat krijgt Gutmanns dochter nadien de tip dat Sotheby's opnieuw een werk uit haar vaders collectie wil verkopen, een Botticelli. "Dat is op zijn zachtst gezegd opmerkelijk", schrijft de Nederlandse journalist Henk Schutten, "omdat de advocaat van de Goodmans al een jaar eerder uitgebreide documentatie naar Sotheby's heeft opgestuurd over de vermiste werken, waaronder de Botticelli. Het veilinghuis heeft kennelijk niet de moeite genomen die te raadplegen." Sotheby's laat het werk toch veilen.

Volgens de Franse Schloss-catalogus kwam een schets van Rubens de laatste jaren twee keer bij Christie's boven water, een keer werd ze aan de New Yorkse tophandelaar Jack Kilgore verkocht. Via datzelfde Christie's en diezelfde Kilgore kwam een aan Adriaan Brouwer toegeschreven zelfportret uit de collectie-Schloss bij de Amsterdamse tophandelaar Salomon Lilian terecht. Lilian bood het drie jaar geleden aan op de Maastrichtste Tefaf, de grootste kunstbeurs ter wereld.

Het voorlopig laatste feit deed zich opnieuw bij Christie's voor. Begin dit jaar werd daar bijna een werk uit de Nederlandse Goudstikker-collectie geveild. The Art Loss Register, dat veilingcatalogi op gestolen kunst onderzoekt, vond het onbegrijpelijk dat Christie's de twijfelachtige oorsprong niet zelf had opgemerkt, temeer omdat de provenance ook nog eens de naam Hofer vermeldde, Görings belangrijkste koper. De huidige eigenaar trok het werk in en gaf het onlangs terug aan Goudstikkers schoondochter, het allereerste werk dat de familie opnieuw in handen krijgt.

Er zijn handelaars die het nazi-verleden van een kunstwerk nog trachten te verdoezelen, of geen moeite doen om het te achterhalen - kunnen ze achteraf zeggen dat ze het niet wisten. Maar er zijn ook handelaars die zonder scrupules de naam van de joodse eigenaar in de provenance opnemen. Zo gingen eind 1985 twee portretten van Frans Van Mieris onder de hamer bij Sotheby's met de vermelding 'Collection Schloss. Stolen by the Nazis.' Ook bij de Frans Hals die in 1990 op de Parijse antiekbeurs werd aangeslagen, vermeldde verkoper Adam Williams doodleuk dat het een Schloss-stuk was. Het jaar voordien, toen hij het zelf gekocht had, had Christie's trouwens evenmin geheimzinnig gedaan over de herkomst.

Wat zich op de Tefaf van 1998 afspeelde, was al even flagrant. Op dit prestigieuze evenement - trouwens het jaar waarin Lilian er zijn Brouwer aanbood - stond de Belgische kunst- en antiekhandelaar Axel Vervoordt met een zeventiende-eeuws stilleven van Pieter van Roestraten. Prachtig schilderij. De provenance oogt minder fraai: 'Doweswell, circa 1900; A. Schloss Collection, Paris; Private Collection, Belgium'. Stond letterlijk in de Tefaf-catalogus. Opnieuw geen haan die ernaar kraaide. De poppen gingen pas vorig jaar aan het dansen toen Michel van Rijn op de cataloguspassage uit 1998 wees. De Nederlander was vroeger kunstsmokkelaar en voert tegenwoordig een kruistocht tegen kunstdiefstal, wat al voor flink wat paniek heeft gezorgd in het wereldje.

In zijn Schloss-catalogus schrijft het Franse ministerie van Buitenlandse Zaken waar de toenmalige eigenaar van de Van Roestraten woonde: "Collection privée, Belgique. Kasteel vaan (sic) 's Gravenwezel. Belgique. Sa restitution est demandée par voie diplomatique." Axel Vervoort zelf, dat is bekend, heeft een kasteel in 's Gravenwezel. Wat natuurlijk nog niet onomstotelijk bewijst dat hij persoonlijk de eigenaar was. De voorbije week hebben we hem per e-mail enkele vragen gesteld. We hebben ook meermaals gebeld, maar kwamen niet voorbij een antwoordapparaat, dat meldde dat Vervoordts zaak van 14 tot 29 juli gesloten is. Geen nood, twee maanden geleden heeft de digitale versie van het Nederlandse maandblad Kleintje Muurkrant al gemeld dat het van Boris Vervoordt, de zoon van Axel, een e-mail had ontvangen met de volgende tekst: "In reactie op uw mail moet ik u melden dat: 1. Het schilderij van Van Roestraeten niet meer in ons bezit is. 2. Wij niet kunnen mededelen waar het schilderij zich momenteel bevindt. 3. Het aan de familie Schloss is om hun rechten te doen gelden, niet aan iemand anders." Nog steeds hebben de erven-Schloss hun Van Roestraten niet terug.

Maar de tijden lijken langzaam maar zeker te veranderen. In mei werd Adam Williams, de Britse handelaar die in 1989 de Schloss-Hals kocht en die het jaar nadien trachtte te slijten, voor een Parijse rechter gebracht. Williams' verdediging: hij dacht dat het een van de teruggevonden Schloss-werken was, die de familie nadien opnieuw in de handel had gebracht. Flauwekul, zei het openbaar ministerie: de Frans Hals stond met foto en beschrijving in de officiële catalogus van 1947. Op 6 juli veroordeelde de rechter de handelaar tot acht maanden voorwaardelijk. Een belangrijk precedent voor de internationale kunsthandel en museumwereld, vindt ook Pierre-François Veil, advocaat van de erven-Schloss: "Dat vonnis van een Franse rechtbank effent de weg voor erven van families wier kunstcollecties in de oorlog werden ontvreemd om elk schilderij terug te eisen, zelfs van musea."

Tot en met de jaren tachtig stond niemand in de kunstwereld stil bij de vraag of een te koop aangeboden kunstwerk gestolen kon zijn tijdens WO II

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234