Maandag 21/10/2019

Onderwijs

Van unief terug naar basisschool: master basisonderwijs in de maak?

Het onderwijsveld wil meer universitaire profielen voor de klas in het basisonderwijs. Beeld ANP

Het onderwijsveld wil meer universitair opgeleide leraren in het basisonderwijs. Een nieuwe masteropleiding voor het basisonderwijs moet het korps diverser en sterker maken. Een deel van het plan ligt vandaag op tafel in de Vlaamse superministerraad.

Hoe lang sleept het al aan?

De Vlaamse regering gaat een drukke dag tegemoet. Niet alleen moet ze een beslissing nemen over het huurdecreet van minister Homans. Ook een nieuwe, universitaire opleiding voor het basisonderwijs staat op de agenda. Daar hamert het onderwijsveld al langer op. Het idee waart al rond van toen Marleen Vanderpoorten (Open Vld) nog onderwijsminister was, zo’n vijftien jaar geleden. Rik Torfs, toen nog rector van de KU Leuven, heropende het debat in zijn nota om de job van leerkracht weer glans te geven. 

Ook de Vlaamse Onderwijsraad (VLOR) wou het idee intussen laten onderzoeken. Het Katholiek Onderwijs en Christelijk Onderwijzersverbond (COV) wachtten niet en stelden een voorstel samen. Dat bracht het dossier in een stroomversnelling. Vandaag liggen een aantal technische voorbereidingen klaar die de regering moet goedkeuren in de aanloop naar een nieuwe, universitaire opleiding voor het basisonderwijs.

Wat houdt het voorstel in?

Alles draait om een universitaire opleiding voor onderwijzers in het basisonderwijs. Die bestaat nu niet, terwijl dat in het buitenland vaak wel het geval is. Die masteropleiding zou dan naast de traditionele hogeschoolopleiding bestaan. Wie in het basisonderwijs wil werken, kan dan kiezen welk type opleiding hij of zij volgt. Welke vorm die opleiding precies krijgt, is nog niet duidelijk. Hoogstwaarschijnlijk wordt dat geen volledige opleiding van vier leerjaren, maar eerder een traject waarop onderwijzers in spe kunnen aanhaken na een eerste opleiding.

Het Katholiek Onderwijs Vlaanderen en het COV lanceerden in maart al een voorstel voor die nieuwe opleiding. Daarin wordt al een voorbeeldscenario geschetst. Professionele bachelors kleuter- en lager onderwijs zouden na een schakeltraject kunnen aanhaken op het masterprogramma aan de universiteit. Wie een academische bachelor afwerkte, bijvoorbeeld in de pedagogische wetenschappen, zou rechtstreeks kunnen instromen. Die extra opleiding moet hen dan specifiek voorbereiden om als leraar in het basisonderwijs te werken. Het is afwachten of de regering dat volgt. Een volledig akkoord komt er vandaag sowieso niet, dat is voor na de zomer.

Waarom is het nodig?

“De normaalschool was vroeger de universiteit van de kleine man. Die tijden zijn veranderd. We zien dat leerlingen die een master aankunnen veel minder dan vroeger in het basisonderwijs terechtkomen. En als ze er al zijn, dan vertrekken ze vrij snel naar een andere functie”, zegt Lieven Boeve, topman van het Katholiek Onderwijs. 

Daar lijken twee redenen voor te zijn. Enerzijds is er geen duidelijk traject van de universiteit naar een job in het basisonderwijs. Anderzijds speelt ook het loon mee. Wie een masterdiploma heeft, wordt meestal beter betaald dan een bachelor. In het basisonderwijs is dat niet het geval. Daar vallen beide onder hetzelfde, lagere barema. Dat maakt dat universitaire profielen vaak meer kunnen verdienen in een andere onderwijsjob, bijvoorbeeld als kaderlid of in een pedagogische functie. En dan blijkt de keuze vaak snel gemaakt.

Ook het gemeenschapsonderwijs (GO!) vraagt al lang om universitaire profielen in het basisonderwijs. Al mag het daar niet bij die lagere school blijven, benadrukt gedelegeerd bestuurder Raymonda Verdyck. “We hebben die universitaire profielen nodig in alle geledingen van het onderwijs. Ook in de eerste graad van het secundair onderwijs ontbreken die vaak, net als in het secundair beroepsonderwijs. Onderwijs wordt steeds complexer. Daarvoor hebben we dus sterke, complementaire teams nodig op alle niveaus.”

Lees de opinie van Lode Delputte, journalist en leerkracht

Hoeveel verdienen ze?

Meer masters in het basisonderwijs betekent ook hogere lonen in het basisonderwijs. Wie er nu lesgeeft, verdient na vijf jaar anciënniteit zo’n 2.786 euro bruto per maand. Aangezien er geen apart masterbarema is, geldt dat voor iedereen die er werkt. Als de masteropleiding er komt, dan lijkt een aparte beloning automatisch te volgen. “Dan moeten we die mensen ook als master betalen”, beaamt Boeve. Hij verwijst daarvoor naar de situatie in het secundair onderwijs. Daar wordt meestal naar diploma beloond en verdient een master na vijf jaar maandelijks zo’n 3.500 euro. Die bedragen drijven, naargelang de carrière vordert, nog verder uiteen.

Kunnen we dat betalen?

Een hervorming betekent dus waarschijnlijk ook hogere personeelskosten. Dus moet er nieuw geld worden gevonden. “De kostprijs is een heikel punt, we moeten uitgaan van een meerkost”, zegt Raymonda Verdyck, geen voorstander van een rechtlijnige opdeling op basis van barema. “We mogen niet alleen naar het diploma kijken, het inhoudelijke werk is van tel. Als de teams diverser worden, dan kunnen we het type werk ook anders verdelen. Die masters kunnen bijvoorbeeld andere taken opnemen, zoals het begeleiden van andere leerkrachten. Het verschil in takenpakket zou een betere basis zijn voor die beloning.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234