Zaterdag 27/11/2021

Van Koude Oorlog naar Koele Vrede

Er heerst een wederzijds wantrouwen tussen Rusland en het Westen. Beide partijen beschuldigen elkaar ervan energie als politiek wapen uit te spelen

Lien Verpoest vindt president Poetins uithaal naar het Westen niet echt verrassend

Vorige donderdag was het weer zover. Een breedgeschouderde Poetin sprak gespierde taal in zijn jaarlijkse toespraak voor de Russische natie. Tegen het einde van de speech haalde hij stevig uit naar het Westen. Het rakettenschild in Tsjechië en Polen, de westerse sponsoring van ngo's en de aanhoudende inmenging in de binnenlandse politiek werden allen beschouwd als een schending van de Russische staatssoevereiniteit en een bedreiging voor de nationale veiligheid. Zelfs de westersgezinde buurlanden kregen een veeg uit de pan. Met de gebalde uitspraak "Rusland heeft geen revolutie nodig" alludeerde Poetin op de Oranje - en Rozenrevoluties in respectievelijk Oekraïne en Georgië.

Poetins toespraak werd onmiddellijk wereldnieuws en, zoals gebruikelijk als het over Rusland gaat, was de Koude Oorlogretoriek niet ver te zoeken. Zeker niet toen Condoleezza Rice zich in haar repliek vanop een NAVO-vergadering in Oslo versprak en het over de 'sovjetstrijdmachten' had in plaats van over de Russische strijdmachten. Wat natuurlijk weer veel zegt over het referentiekader van de leden van Bush' administratie.

Poetins state of the nation in de Doema is een jaarlijkse traditie waarbij hij uitgebreid de basislijnen van Ruslands binnen- en buitenlandbeleid uittekent. Het is niet de eerste keer dat hij opmerkelijke uitspraken doet tijdens dergelijke speeches. In 2005 noemde hij de implosie van de Sovjet-Unie de "grootste geopolitieke catastrofe van de eeuw". In zijn toespraak van 2006 wilde hij de demografische crisis in Rusland tegengaan door middel van bonussen aan vrouwen die meer dan één kind kregen. Zijn eerdere toespraken waren echter vooral notoir om wat ze níét vermeldden. In 2004 ontweek Poetin veelbetekenend het onderwerp van de oorlog in Irak en in 2005 zweeg hij in alle talen over de ingrijpende Oranjerevolutie in Oekraïne.

Dat de president van Rusland plots de zogenaamde buitenlandse inmenging en militaire dreiging van het Westen openlijk veroordeelt is dan ook een nieuw gegeven. Maar is het verrassend? Niet echt. Deze uithaal is slechts een van de vele incidenten die de relatie tussen Rusland en het Westen de voorbije maanden hebben geteisterd.

Vorig jaar nog merkte een medewerker van Poetin op dat 'gekleurde revoluties' zoals in Oekraïne en Georgië een bedreiging vormden voor Ruslands nationale soevereiniteit. In maart 2006 beschuldigde de woordvoerder van het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken de Raad van Europa ervan 'dubbele standaarden' te hanteren ten aanzien van landen zoals Rusland en kleine broer Wit-Rusland. In mei 2006 ging minister van Buitenlandse Zaken Sergey Lavrov zelfs zover om de Europese Unie van imperialisme en bevooroordeeld gedrag ten aanzien van Rusland te beschuldigen. Diezelfde maand werden vicepresident Cheney's uitspraken over Ruslands afwijkende benadering van democratie en mensenrechten in scherpe bewoordingen geriposteerd. De vele recente incidenten zijn duidelijk geen alleenstaande gevallen, maar wijzen op een groter probleem. Ruslands ontevredenheid ten aanzien van het Westen is al een aantal jaren geleidelijk aan het escaleren. Opvallend is ook dat niet alleen de Verenigde Staten, maar ook de Europese Unie en de Raad van Europa almaar meer het doelwit van kritiek zijn. Wat zegt dit? Rusland voelt zich bedreigd. Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie was het onafhankelijke Rusland nog altijd een van de grootste landen ter wereld. Tijdens de zware politieke en economische crisisjaren die daarop volgden groeide echter langzaamaan het besef dat er maar weinig overbleef van de voormalige grootmachtstatus van Rusland. Na eeuwen van keizerlijke en sovjetdominantie was Rusland met zijn verouderd economisch en politiek apparaat nog maar net een regionale speler. Het verlies van grootmachtstatus kwam voor de Russen erg hard aan. Na de zware crisis van 1998, toen Rusland zich op zijn zwakst voelde, volgden enkele internationale gebeurtenissen elkaar erg snel op.

Die ontwikkelingen droegen niet bij tot Ruslands veiligheidsgevoel. De NAVO-bombardementen naar aanleiding van de Kosovocrisis in 1999 werden door Rusland sterk veroordeeld. In 2001 keek Rusland met argusogen toe hoe de Verenigde Staten twee 'tijdelijke' militaire basissen in het naburige Kyrgyzstan openden in het kader van de war on terror. De NAVO- en EU-uitbreidingen van 2004 werden niet bepaald enthousiast onthaald, noch was dit het geval voor de 'gekleurde' revoluties in Oekraïne, Georgië en Kyrgyzstan. Door de stijgende activiteit vlak bij zijn grenzen begon Rusland zich steeds meer omsingeld te voelen. De geplande radar en raketinstallaties in Polen en Tsjechië bleken dan ook de spreekwoordelijke druppel. Dat we geleidelijk aan terugkeren naar een wapenwedloop is echter zeer onwaarschijnlijk. De sloganeske spraakverwarring van Condoleezza Rice toont aan dat dit eerder in de hoofden van de Amerikanen zit. Poetin zei vorig jaar nog dat hij het nooit zou toelaten Rusland opnieuw in een Koude Oorlog te laten belanden.

Waarom worden de kritische aanvallen van Rusland op het Westen dan frequenter? De eenvoudige reden hiervoor is dat Rusland zich zowel economisch als politiek weer sterker voelt. Sinds zijn aantreden heeft Poetin Rusland consistent als een grootmacht beschouwd en uitgespeeld. Dat Rusland als nieuwe energiereus opnieuw economisch veel in de pap te brokken heeft, draagt hier natuurlijk ook toe bij.

Het grootste probleem in de Oost-Westrelatie is evenwel de evolutie van geopolitiek naar geo-economisch denken. Een week geleden merkte de EU-Commissaris van Handel Michael Mandelson op dat de relaties tussen Rusland en de Europese Unie op het laagste pitje staan sinds de Koude Oorlog. Er heerst een wederzijds wantrouwen tussen Rusland en het Westen. Beide partijen beschuldigen elkaar ervan energie als politiek wapen uit te spelen. Zolang dergelijk geo-economisch denken de politieke relaties tussen Rusland en het Westen blijft domineren, zal het vertrouwen spijtig genoeg ver te zoeken blijven.

Lien Verpoest is wetenschappelijk medewerkster van het Instituut voor Internationaal en Europees Beleid, KU Leuven.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234