Zaterdag 26/11/2022

Van een hoge rots de oceaan in duiken

folksoul

zangeres beth orton is eindelijk zeker van haar stuk

Chemical folk? Strum-'n-bass? De muziek van Beth Orton valt moeilijk te vatten. De Britse zangeres met de snik in de stem slaat een brug tussen de akoestische luisterliedjes van Nick Drake en de elektronische dansmuziek van de Chemical Brothers, maar hoort in geen van beide werelden echt thuis. Haar werk getuigt van grofkorrelige verfijning en optimistische tristesse, paradoxen die je ook weer aantreft op haar nieuwe cd Daybreaker.

Parijs

Eigen berichtgeving

Dirk Steenhaut

Ze oogt zo verlegen als een schooljuf die door het lot is aangeduid om een kransje eminente academici toe te spreken. Maar vijf minuten later heeft Beth Orton dat imago al bijgestuurd: ze is enthousiast, lacht graag en heeft besloten dat ze zich door de potentaten van de muziekindustrie niet in een keurslijf zal laten dwingen. Vijf jaar geleden wist nog geen mens wie ze was; na haar eerste plaat stonden artiesten als Terry Callier, Ben Harper, David Roback, Ben Watt en Dr John te trappelen om met haar samen te werken.

"Toen mijn debuut Trailer Park uitkwam, wist ik niet wat ik mocht verwachten. Ik was al blij dat ik een plaat had mogen maken en stond er geen moment bij stil dat het misschien een succes zou worden. Na al die lovende reacties bekroop me echter het gevoel dat ik me moest gaan bewijzen. Ik beschouwde mezelf niet eens als een songwriter, maar toch werd er plots van alles van me verwacht. Central Reservation kwam dus tot stand in een periode van verwarring en onzekerheid. Pas tijdens de opnamen van Daybreaker leerde ik eindelijk te genieten van alle goede dingen die me waren overkomen. Ik ben nu verzoend met het idee dat ik liedjes kan schrijven en ik word niet langer verscheurd door twijfels over mijn eigen kunnen. Meer zelfs, ik heb me nog nooit zo goed in mijn vel gevoeld als vandaag. Maar dat heeft ook met mijn muzikanten te maken: ik trek al zes jaar met hen op en het zijn mijn beste vrienden.

"Op mijn nieuwe cd hebben we onze onderlinge relaties nog verder uitgediept. De liedjes op mijn eerste twee platen schreef ik in mijn eentje op een akoestische gitaar; ze werden pas in de studio door de anderen ingekleurd. Maar nieuwe songs zoals 'Ted's Waltz' en 'Thinking About Tomorrow' zijn ontstaan doordat mijn gitarist, Ted Barnes, wat met een riff rotzooide en ik spontaan begon mee te zingen, iets wat ik vroeger nooit zou hebben gedurfd. Nu we elkaar door en door kennen, voel ik me minder geremd en laat ik me makkelijker gaan. Als je met mensen werkt die je vertrouwt, hoef je zelf niet voortdurend alle touwtjes in handen te hebben."

Je bent je carrière begonnen onder de beschermende vleugels van William Orbit, Red Snapper en The Chemical Brothers. Maar zelfs nu je als een folkzangeres klinkt, blijf je jezelf zien als een product van de zogenaamde 'dance-mentaliteit.'

"Precies. Ik kom niet uit de klassieke singer-songwriterschool, daarvoor ben ik te veel begaan met dingen als klank, mix en productie. Ik ben ook altijd dol geweest op dansen: tussen mijn negentiende en eenentwintigste schuimde ik alle denkbare raves af en luisterde ik uitsluitend naar dub en soul. In geen geval wilde ik het zoveelste truttige zangeresje-met-gitaar worden, maar inmiddels zie ik wel in dat mijn afkeer voor het folkmilieu vooral door onzekerheid werd ingegeven. In die dagen had ik geen hoge pet op van mijn artistieke capaciteiten. Vandaag ben ik er trots op dat ik liedjes maak waar anderen ook wat aan hebben. Toch laat ik me nog altijd leiden door een specifieke sound. Zo heeft Andrew Weatherall net een ongelooflijke mix gemaakt van 'Anywhere': het is geen dance, maar je kunt er wel op dansen. En hoewel ik veel waardering heb voor de elektronische folk van een groep als múm, hou ik nog meer van elektronica waar een scherp randje aan zit."

Een opvallende constante in je werk is je zin voor samenwerking. Je nieuwe plaat bevat gastbijdragen van Emmylou Harris, Johnny Marr en Ryan Adams.

"Ook dat is een uiting van mijn dance-mentaliteit. In techno of hiphop is het de gewoonste zaak van de wereld je krachten te bundelen met gelijkgestemden, dus probeer ik nu iets soortgelijks te doen in een folkcontext. Aanvankelijk wilde ik Daybreaker gewoon met mijn band inblikken, maar toen leerde ik Johnny Marr kennen en voor ik het goed en wel besefte, hadden we samen acht songs opgenomen. Ik ben dus bewust op de rem gaan staan: liever dan me op te trekken aan andermans roem, wil ik wil mijn eigen platen maken. Om die reden heb ik me ook losgemaakt van William Orbit. Het risico dat het publiek me op den duur als Williams hulpje zou gaan beschouwen werd me iets te groot.

"Ik ben geen egotripper hoor, ik heb alleen een enorme drang naar onafhankelijkheid en sta het liefst op mijn eigen benen. Dat neemt niet weg dat, als Orbit of The Chemical Brothers me vragen op hun nieuwe platen mee te zingen, ik altijd klaar sta om hen uit de brand te helpen. In ruil vraag ik hen dan gewoon een track te mixen voor mijn eigen cd. Artiesten die kunnen communiceren zonder dat ze met elkaar hoeven te spreken; voor mij is dat de mooiste interactie die er bestaat."

Met Ryan Adams nam je enkele maanden geleden al een opvallende versie van 'Brown Sugar' op, voor een Stones-hommage van het Britse blad Uncut.

"O, Ryan was voor mij een openbaring. Toen ik zijn cd Heartbreaker hoorde, was ik totaal van de kaart. Ik heb nooit voeling gehad met artiesten van mijn eigen generatie, maar de vaststelling dat iemand, die maar net zo oud is als ik, in staat was zulke prachtige teksten en melodieën te schrijven, was zo pakkend en inspirerend dat ik meer dan ooit de waarde ging inzien van dat waar ik zelf mee bezig was. Dankzij de muziek van Ryan Adams voelde ik me voor het eerst in harmonie met het universum. Ik dacht: 'Als ik er met mijn songs in slaag iemand nog maar een tiende te laten voelen van wat ík voel als ik naar Heartbreaker luister, dan nog is het de moeite waard.' Kort daarna heb ik Ryan voor het eerst ontmoet en het klikte meteen. Op een dag liet hij me een nieuwe song horen en vroeg of ik er wat mee kon. Dat was 'This One's Gonna Bruise'. Mijn God, en óf ik het wilde zingen. Het is een intriest, maar ongelooflijk mooi liedje. Eén take en het stond erop."

Ik hoorde dat je zelf nogal trots bent op 'God Song'. Waar gaat het eigenlijk over?

"Het is een soort discussie over de oorsprong van morele waarden als goed en kwaad. Dat lied stamt eigenlijk uit een project ter ere van de Amerikaanse musicoloog en folkarchivaris Harry Smith, waar ook Nick Cave en de zussen McGarrigle bij betrokken waren. De organisatoren hadden me de teksten van drie folktraditionals opgestuurd, die ik die avond moest zingen. Een ervan, 'Frankie & Johnny', was mij totaal onbekend, dus verzon ik er noodgedwongen zelf een melodie bij. Na het concert zei iedereen: 'Dit moet je absoluut opnemen.' Maar ik heb het net zo lang laten sudderen tot ik in staat was er een nieuwe tekst voor te bedenken. Beschouw het maar als mijn antwoord op 'Frankie & Johnny'. Het is lang de traditie geweest dat volkszangers met hun liedjes reageerden op andermans nummers. Ik vind het jammer dat die gewoonte verloren is gegaan."

'God Song' is een duet met Emmylou Harris. Voelde je je niet geïntimideerd door haar reputatie?

"En of. Op een avond ging ik naar een van haar optredens kijken met de bedoeling achteraf naar haar mening over 'God Song' te polsen. Die avond droeg ze toevallig een halsketting die ik haar vier jaar eerder cadeau had gedaan en aangezien ze helemaal niet wist dat ik kwam, beschouwde ik dat als een goed voorteken. Terwijl ik in de zaal zat te luisteren, dacht ik de hele tijd: 'Straks vraag ik haar of ze op mijn cd wil zingen.' Maar toen puntje bij paaltje kwam, was ik veel te verlegen om het ter sprake te brengen. Dus stopte ik de demo inderhaast in een envelop en vroeg aan John Prine of hij hem aan Emmy wilde bezorgen. Een dag later liet ze me weten dat ze het een prachtig nummer vond. Ze nam haar zangpartij op in Amerika, tijdens een rustdag halverwege de Brother, Where Art Thou?-tournee. Zelf was ik er dus niet bij, maar ik wist: als Emmylou Harris iets doet, legt ze er haar hele ziel en zaligheid in. Ze is al 55, maar ziet er nog altijd fantastisch uit. Het is een vrouw op wie de tijd geen vat lijkt te hebben."

'Thinking About Tomorrow' en 'Anywhere' doen me een beetje denken aan Marvin Gaye. (Blij verrast) "Tegenwoordig maak ik psychedelische folksoul, meneer. Ook in dance heb ik me altijd aangetrokken gevoeld tot de psychedelische component. Net daarom werk ik zo graag met de Chemicals. Die twee zijn nogal eh... trippy. En dat is nog zacht uitgedrukt."

In 'Mount Washington' zeg je "What you sing you never could say". En in 'Paris Train': "Sometimes I see much more than is good for me". In die tekstregels lijk je de kern van je creativiteit te raken.

"Dat is absoluut zo. Maar sinds ik John Prine heb leren kennen, probeer ik meer en meer verhaaltjes te schrijven. Mijn songs moeten universeler worden, minder persoonsgebonden."

"Hope blinds reason, thankfully", stel je in 'Anywhere'. Hebben we een zekere dosis zelfbedrog nodig om ons door het leven heen te kunnen slaan?

"Dat nummer heeft natuurlijk een sarcastische ondertoon. Maar net als iedereen ben ik soms geneigd te blijven hopen tegen beter weten in. Niets menselijks is mij vreemd, haha."

Als ik je in het refrein van 'Daybreaker' hoor beweren: "We're doing fine now / We don't feel sad or bad or blue", zou ik haast zweren dat je net het tegenovergestelde bedoelt.

"Ik hou wel van die ambiguïteit. Iets dat meer dan één betekenis heeft, wordt per definitie rijker en interessanter. Bovendien stel ik vast dat mijn songs inhoudelijk voortdurend blijven evolueren. Dat komt omdat de wereld om me heen in beweging is en ik ook zelf bepaalde veranderingen doormaak. Een liedje is niet meer dan een momentopname."

'Paris Train' en 'Mount Washington' werden duidelijk ingegeven door je vele reizen en tournees. Ben je het type dat in een vreemde omgeving zichzelf beter leert kennen?

"Vast en zeker. Dat gevoel had ik al toen ik voor het eerst door Amerika toerde. Als je van huis weg bent, vallen er een heleboel remmingen weg: je hoeft je niets meer aan te trekken van het beeld dat anderen zich van jou hebben gevormd. Door een poosje uit Engeland weg te zijn heb ik ontzettend veel geleerd, ook over mezelf. Want weet je, soms ben je zo geconditioneerd door je opvoeding dat je jezelf alleen nog door andermans ogen kunt zien.

"Ook heb ik lange tijd geloofd dat ik overal zou kunnen aarden: ik voelde me niet verbonden met mijn geboorteplek, beschouwde mezelf als een wereldburger. Maar nadat ik Central Reservation had voltooid, besloot ik nog drie maanden in LA te blijven hangen en daar werd ik me echt bewust van mijn Engels-zijn. Plots wist ik waar ik thuis hoorde: het had iets te maken met een bepaalde manier van praten, met een specifiek gevoel voor humor. Een bevrijdende vaststelling: ik kon nu gewoon naar huis gaan en alles wat ik had geleerd een plaats geven in mijn leven. Nu ik vrede heb met wie ik ben en waar ik vandaan kom, kan ik mijn aandacht en energie weer op andere dingen richten."

"Paint what you know, not what you see'", zing je ergens. Mag ik daaruit afleiden dat je veeleer op je intuïtie vertrouwt dan op wat objectief waarneembaar is?

"Ach, mijn percepties zijn soms een beetje vervormd, dus lijkt het me veiliger op mijn instincten terug te vallen. (lacht) Mijn levensgezel is een schilder die lesgeeft aan een kunstacademie. Daar zeggen ze doorgaans: 'Schilder wat je ziet, niet wat je kent.' Ik vond het wel interessant die uitdrukking eens om te keren, al ben ik er niet van overtuigd dat schilderen wat je kent wel zo'n goede zaak is. Als artiest dreig je dan immers het vermogen te verliezen jezelf te verrassen."

Ik heb je al drie keer live aan het werk gezien en telkens maakte je een erg verlegen indruk. Voel je je inmiddels al wat meer op je gemak op het podium?

"Ik begin er langzaam maar zeker plezier aan te beleven, ja. Maar ik heb optreden lang afschuwelijk gevonden. Ik voelde me gewoon verlamd door mijn gebrek aan zelfvertrouwen."

Is die plankenkoorts niet vreemd voor iemand met een theateropleiding?

"Ik heb een poosje geacteerd, maar vergis je niet: ik ben nooit naar de toneelschool geweest. Als kind zong ik veel en graag, alleen nooit als er anderen bij waren. Zingen in het openbaar was voor mij net zo beangstigend als van een hoge rots de oceaan in duiken. Spelen of acteren kan ik tot ik er blauw van zie, maar... Weet je, toen ik nog op school zat, ik was een jaar of zeventien, kreeg ik een rolletje ik een musical. Ik hoefde maar vier regels te zingen, maar toen het mijn beurt was, klapte ik helemaal dicht. Hoe ver ik ook mijn mond opensperde, ik slaagde er niet in een geluid voort te brengen. Ik voelde me als bevroren en dat was behoorlijk traumatiserend. Zingen voor een publiek blijft voor mij dus een hels karwei."

Het feit dat je songs zo persoonlijk waren, maakte het er wellicht niet makkelijker op.

"Neen. Weet je wat het is? Mijn liedjes komen niet uit mijn hoofd, maar uit mijn hart en in het begin wist ik vaak zelf niet eens waar ze over gingen. Soms drong de inhoud pas tot me door als ik op het podium stond. Fuck, dit klinkt behoorlijk gestoord, dacht ik dan, terwijl ik mijn tranen amper in bedwang kon houden. Op een dag, als ik oud en grijs ben, zal ik misschien in staat zijn om mijn werk te analyseren, maar momenteel wil ik gewoon vooruit. Het toeval wil dat ik pas muziek begon te maken kort nadat mijn moeder aan kanker was gestorven. Ik was negentien, mentaal gebroken en betrapte mezelf erop dat ik ineens allerlei dingen ging doen die ik nog nooit had gedaan. Op een gegeven moment heb ik zelfs met een stier in een arena gestaan. Ik deed de bizarste dingen, om mezelf eraan te herinneren dat ik leefde. Dat heeft me doen inzien dat je risico's en uitdagingen nooit uit de weg mag gaan. Van nu af aan doe ik alleen nog maar dingen die me angst inboezemen."

De cd Daybreaker is uit bij Heavenly/Capitol. Beth Orton is op woensdag 18 september te zien tijdens Les Nuits Botanique in Brussel.

'Als je van huis weg bent, vallen er een heleboel remmingen weg: je hoeft je niets meer aan te trekken van het beeld dat anderen zich van jou hebben gevormd'

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234