Zondag 22/09/2019

Ruhrgebied

Van de smerigste stad van Europa naar de groenste: de Duitse industriestad Essen kreeg het voor elkaar

Dat Essen is uitgeroepen tot groene hoofdstad van Europa is een klein mirakel. Beeld Getty Images

Verkozen worden tot groene hoofdstad van Europa, wat doet die titel van de Europese Commissie met een stad? Op bezoek in Essen, de Duitse industriestad die een metamorfose onderging.

In de berm van Bundesstrasse 224 in Essen, de belangrijkste noordelijke toegangsweg tot de stad, staat alles klaar voor een feestje. Wind en regenvlagen rukken aan de met stenen verzwaarde witte partytent waarin een handvol bestuurders, beleidsmakers en geïnteresseerden bij elkaar kruipen voor een tafel met koffie en broodjes.

Voorbijrazend autoverkeer

De lokale pers is opgetrommeld om verslag te doen van de opening van de 'Magistrale Vogelheim': een 1,7 kilometer lang fietspad dat de oevers van de riviertjes Emscher en Bern met elkaar verbindt. "Een toekomstgericht en duurzaam project voor onze groene hoofdstad", zegt schepen Simone Raskob. Ze komt nauwelijks boven het lawaai van het voorbijrazende autoverkeer uit. Fietsers zijn in geen velden of wegen te bekennen.

De opening van de Magistrale Vogelheim is een nakomertje uit 2017, het jaar waarin Essen werd verkozen tot European Green Capital. Die titel kent de Europese Commissie toe aan steden die zich hebben onderscheiden op het vlak van duurzaamheid. Stockholm in 2010 was de eerste stad die de titel in de wacht sleepte, gevolgd door steden als Kopenhagen, Hamburg, Bristol, Nantes en Ljubljana. Dit jaar is de eer aan de Nederlandse stad Nijmegen. 

Mirakel

Dat Essen, met 574.000 inwoners de negende stad van Duitsland, werd uitgeroepen tot groene hoofdstad, is op zichzelf al een mirakel. De metropool in het hartje van het Ruhrgebied was decennialang het centrum van de Duitse kolen- en staalindustrie.

Lees verder onder de foto.

In de zomer wordt nu gezwommen bij de voormalige kolenmijn van Zollverein. Beeld REUTERS

In en rond de stad wemelde het van de kolenmijnen, hijskranen en rokende schoorstenen. Essen is ook de bakermat van Krupp, de iconische staalproducent ("hart wie Kruppstahl", was een gevleugelde uitspraak van Adolf Hitler) die ooit grote delen van de stad beheerste met zijn fabrieken. Reden waarom Essen in de Tweede Wereldoorlog door de geallieerden grotendeels plat is gebombardeerd en opnieuw moest worden opgebouwd.

Toeristen

Dat is allemaal verleden tijd. De mijnen zijn gesloten. Zollverein, ooit de productiefste kolenmijn ter wereld, is nu een museum annex creatieve broedplaats, in 2001 uitgeroepen tot Unesco Werelderfgoed. Op het terrein van de voormalige ijzergieterij van Krupp in het westen van de stad, dat jaren braak lag, is een park aangelegd met groene heuvels (gevuld met afval), een speeltuin en een skatepark.

"Von grau zu grün", wordt de ontwikkeling genoemd die Essen de afgelopen halve eeuw heeft doorgemaakt. "De bekroning tot groene hoofdstad van Europa was de kers op de taart", zegt professor Hans-Peter Noll, bestuurslid van de stichting Zollverein, die de nalatenschap van het oude mijncomplex beheert.

Tot 1986 daalden hier duizenden mijnwerkers dagelijks af om tonnen steenkool naar boven te halen. Nu hebben de koempels plaatsgemaakt voor toeristen, zo'n 1,5 miljoen per jaar, en fladderen vlinders en vleermuizen over het honderd hectare groot terrein.

Symboolwaarde

Wat in Essen is gebeurd, heet Strukturwandel, doceert Noll: een structurele omwenteling. De stad kan daarmee een voorbeeld zijn voor de rest van de wereld. "Van de smerigste stad van Europa tot de groenste. Dat had niemand kunnen denken." Vanzelf gaat dat niet, benadrukt Noll. "Mensen zijn bang voor verandering. Juist in de neergang klampen ze zich aan het oude vast. Maar je moet naar de toekomst kijken."

In Essen is dat gelukt. De stad, die lang in inwonertal terugliep, groeit weer. Ook Krupp, in 1999 gefuseerd met branchegenoot Thyssen tot ThyssenKrupp, kwam na jaren weer terug: het nieuwe, kolossale (en duurzaam ontworpen) hoofdkwartier staat pal naast het Krupp-park.

Lees verder onder de foto.

ThyssenKrupp kwam na jaren weer terug: het nieuwe, kolossale (en duurzaam ontworpen) hoofdkwartier staat pal naast het Krupp-park. Beeld AFP

Qua symboolwaarde kan de betekenis van de titel Green Capital niet worden overschat, meent Noll. "Mensen hebben een verhaal nodig om in te geloven. Het heeft de burgers van Essen trots gemaakt over wat wij hier bereikt hebben."

Zwembad

Het maakt ook een einde aan de hardnekkige vooroordelen over het Ruhrgebied, zegt schepen Raskob in het gemeentehuis, dat hoog boven de stad uitsteekt. "Iedereen denkt nog steeds dat de kolen hier in het rond vliegen." In het Green Capital-jaar trok Essen 384.000 dagtoeristen meer dan het jaar voordien.

De titel heeft de duurzame ontwikkelingen in een stroomversnelling gebracht, zegt Raskob. Een veelvoud aan projecten is het afgelopen jaar gerealiseerd. Driehonderd eenrichtingsstraten zijn van twee kanten geopend voor fietsverkeer. Op een aantal plekken in de stad zijn gemeenschapstuinen aangelegd. In de Baldeneysee, een verbreding van de Ruhr, is een zwembad gemaakt waardoor er na 46 jaar weer in de rivier kan worden gezwommen.

Een van de meest aansprekende projecten is het herstel van de Emscher, een 85 kilometer lang riviertje dat ten noorden van Essen dwars door het Ruhrgebied loopt. Door de kolenmijnbouw is de bodem plaatselijk tot wel 10 meter verzakt. Daardoor was het onmogelijk ondergrondse riolen aan te leggen.

In plaats daarvan is de Emscher decennialang gebruikt als open riool. Delen van de rivier werden in betonnen bakken gekanaliseerd om het afvalwater af te voeren. Nu de mijnbouw is stopgezet, kan er ondergrondse riolering worden aangelegd voor het afvalwater en kunnen de Emscher en de zijbeken worden hersteld in hun oorspronkelijke staat.

Mammoetklus

Het is een mammoetklus waar in 1992 mee is begonnen en die in 2020 moet zijn afgerond. De kosten bedragen 4,5 miljard euro, alleen al voor het stuk bij Essen moet 490 miljoen op tafel komen. Het grootste deel wordt opgebracht door een compensatiefonds van de voormalige mijnbouwindustrie.

Bij de Borbecker Mühlenbach, oostelijk van het centrum, is het werk al voltooid. "Tien jaar geleden was dit nog een betonnen goot", wijst Patricia Bender van de Emschergenossenschaft, die verantwoordelijk is voor het rivierbeheer. "Je kon nergens bij het water komen. Overal stonden hekken." Nu kabbelt de Borbecker Mühlenbach weer tussen groene oevers en groeien waterplanten in de ondiepe bedding. "Zelfs de rivierdonderpad is alweer gesignaleerd."

Lees verder onder de foto.

Tot 1986 daalden hier duizenden mijnwerkers dagelijks af om tonnen steenkool naar boven te halen. Nu hebben de koempels plaatsgemaakt voor toeristen - 1,5 miljoen per jaar. Beeld AP

Geen eendagsvlieg

Green Capital was een duurzaam jubeljaar, maar het mag geen eendagsvlieg zijn, benadrukt Raskob. Essen heeft zichzelf ambitieuze doelstellingen opgelegd, zoals een vermindering van de CO²-uitstoot met 40 procent in 2020 en een drastische afname van het autoverkeer.

In 2035 moet het vervoer in de stad gelijkelijk verdeeld zijn over auto's, fietsers, voetgangers en openbaar vervoer: ieder 25 procent. Dat betekent dat het autoverkeer (nu 44 procent) met bijna de helft omlaag moet en het percentage fietsers moet worden vervijfvoudigd.

Fietsers

Vrome voornemens, waar in de praktijk nog maar weinig van terechtkomt, zegt Jörg Brinkmann van de lokale afdeling van de Duitse fietsersbond ADFC. Essen is een typische autostad en daar is volgens hem nog geen fundamentele verandering in gekomen. Er zijn wel fietspaden aangelegd, onder meer op tracés van voormalige fabrieksspoorlijnen. "Maar veel te weinig. Ze hebben veel meer beloofd dan is waargemaakt. De fiets heeft net als voorheen geen prioriteit." Zo wordt bij het vernieuwen en herinrichten van straten nog steeds niet vanzelfsprekend rekening gehouden met fietsers.

"Mobiliteit is ons zwakke punt", geeft wethouder Raskob toe. "Essen is helemaal ingericht op auto's, een erfenis van na de oorlog." Door te werken aan betere busverbindingen en fietspaden hoopt ze Essenaren te verleiden de auto vaker te laten staan.

Wat de Magistrale Vogelheim betreft: ook die is maar een doekje voor het bloeden, zegt Brinkmann. "De ruimte langs de weg wordt vrijgehouden voor de eventuele aanleg van een autobaan in de toekomst. Als die voorlopig toch niet wordt gebruikt, kunnen we er net zo goed een fietspad neerleggen, heeft iemand bedacht. Voor het woon- werkverkeer heeft dat fietspad weinig te betekenen."

Scepsis

Brinkmann is niet de enige die niet meeloopt in de Green Capital-polonaise. Scepsis staat op het gezicht van Karl-Heinz Kirchner terwijl hij luistert naar de toespraken in de partytent. Dit fietspad, zegt hij naderhand, eindigt in het niets. "Na één kilometer kun je niet verder."

Kirchner is vertegenwoordiger voor Vogelheim, een oude arbeidersbuurt, in de wijkraad van het noordelijk stadsdeel Altenessen. Het noorden van Essen is van oudsher het industriële deel van de stad, het zuiden is groener en welvarender.

Ook in Vogelheim hadden ze plannen: een gemeenschapstuin, een barbecueplaats voor de jeugd. Maar ze hebben geen cent gekregen, klaagt Kirchner. "Green Capital is aan Vogelheim helemaal voorbijgegaan. Vooral het rijke zuiden heeft ervan geprofiteerd."

Hij wijst naar het verbodsbord langs de B224: van 6 tot 13 uur mogen vrachtwagens over deze weg Essen niet in. "Nu rijden ze door Vogelheim. De economie gaat voor de mens."

Vier voorbeelden van veranderingen in Essen

Zollverein

De mijnen in Essen zijn gesloten. Zollverein, ooit de productiefste kolenmijn ter wereld, is nu een museum annex creatieve broedplaats, in 2001 uitgeroepen tot Unesco Werelderfgoed.

Lees verder onder de foto.

Beeld rv

Krupp-park

Op het terrein van de voormalige ijzergieterij van staalproducent Krupp, dat jaren braak lag, is een park aangelegd met groene heuvels (gevuld met afval), een speeltuin en een skatepark.


Radschnellweg R1

Het riviertje de Emscher heeft weer groene oevers. Een stellage zuivert de bodem van alle smerigheid. Jarenlang werd de Emscher gebruikt als open riool door bedrijven en huishoudens. De kosten bedragen 4,5 miljard euro, het stuk bij Essen kost alleen al 490 miljoen euro.

Emscher

Essen is nu nog een typische autostad. In 2035 moet het vervoer in de stad gelijkelijk verdeeld zijn over auto's, fietsers, voetgangers en openbaar vervoer. Er worden nieuwe fietsbanen aangelegd, onder meer op tracés van voormalige fabrieksspoorlijnen. De R1 is de grootste verbinding door de stad.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234