Woensdag 23/06/2021

Van basic tot XXL

Wie de verwachtingen volledig inloste, was An Pierl�. Niet zwaar op de hand, maar gewoon heel goed

Festival l Jonge stekken en oude enten op Les Nuits Botanique Koen De Meester / Dirk Steenhaut

Het idee van een botanische tuin midden in een metropool is typisch romantisch. Maar al heeft de Brusselse Botanique zijn oorspronkelijke functie verloren, toch blijft het een kweekstation waar zowel jonge stekken als oude enten het aardig doen. De hele week van Les Nuits Botanique bruisen de voormalige serregebouwen dankzij een razend interessante affiche.

Het eerste optreden, zondagavond in de Rotonde, was een schot in de roos. Het ging om de eerste Belgische doortocht van Metric (HHHH), een viertal uit Toronto dat springerige, rammelende maar hoogst melodieuze popsongs uit zijn mouw schudt. Het debuut van de groep, Old World Underground, Where Are You Now? heeft onlangs, met twee jaar vertraging, eindelijk het Europese vasteland bereikt, en klinkt zo pittig en catchy dat je als luisteraar, na enkele draaibeurten, al last krijgt van verslavingsverschijnselen. Live klinkt Metric iets steviger en noisier dan op de cd, maar het klankbeeld bleef opvallend helder, terwijl de muzikanten trefzeker en dynamisch uit de hoek kwamen. Zangeres en toetsenspeelster Emily Haines bleek bovendien voor het podium geboren en gaf blijk van raffinement en sex-appeal. Maar wat Metric écht de moeite waard maakt, zijn songs van het type 'IOU', 'Succexy', 'Combat Baby' en 'Dead Disco', die ons nu al als hits in de oren klinken. Leve het Metriek stelsel!

Ongeveer gelijktijdig speelde elders José González (HHHH), een Zweedse singer-songwriter van Argentijnse afkomst met een hoog Nick Drake-gehalte. Meer dan zijn stem en akoestische gitaar had de man niet nodig om het publiek met de fraaie, intimistische liedjes uit zijn cd Veneer koude rillingen te bezorgen. González beschikt over een verbluffende speeltechniek en zijn sobere coverversie van 'Love Will Tear Us Apart' blijft geniaal.

Van een heel andere orde was het concert van Mugison (HHHH), een IJslands fenomeen dat zijn gitaarsongs live te lijf gaat met vervormingsapparatuur en losgeslagen laptopgeluiden, zichzelf samplet en loopt op het podium en tussendoor even grappige als onderhoudende verhaaltjes vertelt. Zondag manifesteerde hij zich zowaar als een stand-up comedian. Ornelius Mugison zweert namelijk bij spontaneïteit, volgt zijn impulsen en is een gewiekst improvisator. We zagen de artiest al vier keer aan het werk en telkens baadde zijn set in een totaal andere sfeer. Mugison staat voor grofkorreligheid en chaos: door de scherpe kantjes van zijn songs consequent aan te dikken, jaagt hij ook de intensiteitsgraad de hoogte in. Dat was bijvoorbeeld het geval tijdens 'I Want You', het schitterende walsje 'I'd Ask' en het psychedelische 'Sea'Y'. Mugison dolde even met 'Elvis Presley Blues' van Gillian Welch, etaleerde zijn soepele, bluesy gitaartechniek in 'Murr Murr', maar liet vooral een onuitwisbare indruk na tijdens '2 Birds', een nummer dat hij normaal als duet brengt met zijn vrouw. Aangezien Rúna echter thuis op de pasgeboren baby moest passen liet Mugison haar bijdrage via pellicule op zijn gitaar projecteren. Kippenvel. Zeker, de set was soms behoorlijk slordig en de zanger een beetje 'fucked up', maar alles bleek perfect te kloppen: Mugison is magie. Koop, leen of steel dus zijn cd's Lonely Mountain en Mugimama. U zult het zich niet beklagen.

Tijdens Les Nuits worden niet alleen reputaties geboren, maar ook gewogen. Zo durfden we zondagavond haast niet te gaan kijken naar Maximilian Hecker (HHH), omdat de man zo'n kwalijke livereputatie heeft. Toch zijn de cd's van deze Duitser meer dan behoorlijk. Hecker liet zich door een groep begeleiden en die zorgde ervoor dat zijn songs overeind bleven. We verwachtten daarentegen wel heel veel van BASX (HH), het project van Doug Wimbish, Skip McDonald en Keith Leblanc. Drie legendarische namen uit het avant-funkwereldje met zelfs een deeltijdse Rolling Stone in de gelederen. Hun muziek pretendeerde avonturistische spacefunk en dubblues te zijn, maar was veel te basic. Het plezier bleef immers beperkt tot binnenpretjes bij de virtuozen. We voelden ons als luisteraar volledig buitengesloten en de matige songs hielpen daarbij maar weinig.

Wie echter wel de verwachtingen inloste, was An Pierlé (HHHH) in de uitverkochte grote tent. Ze heeft iets met de Botanique, want de vorige keer dat we haar hier zagen, was de wederzijdse sympathie ook al groot. Daar zat haar charmante mengeling van Frans, Nederlands en Engels voor iets tussen, maar vooral de prettige vertolking van een aantal oudere en nieuwe songs. Die nieuwkomertjes zullen pas over een half jaar verschijnen en prikkelden frivool de nieuwsgierigheid. Pierlés stem herinnerde verrassend genoeg soms aan die van Natalie Merchant van 10,000 Maniacs. We hoorden onder meer 'As Sudden Tears Fall' en het nieuwe 'I Love You', dat als refrein "I don't love you anymore" meekreeg. De sound werd door haar begeleiders breed uitgesmeerd en neigde meer dan ooit naar seventiesrock. Pierlé nodigde zelfs een koppel uit om op het podium te komen slowen. Niet zwaar op de hand dus, maar gewoon heel goed.

Maandag was het instant genieten met de knipmesrock van The Departure (HHH). Ze mogen dan uit de Bloc Party-school komen, toch overtuigen ze dankzij net iets betere songs dan de doorsnee bende jonge Britse snotapen. Ook op de Domino Label Night in de Rotonde was het genieten. Het eigenzinnige label had onder anderen neo-folkie James Yorkston (HHHH) afgevaardigd. Yorkston speelde solo, zonder zijn Athletes. We konden ons zo voorstellen hoe de Schot thuis nummers zit te schrijven. Zelfs oudere liedjes werden door hem behoedzaam benaderd alsof het nieuwe aanwinsten waren. Hij ging telkens op zoek naar extra accenten wat het gitaargeluid betreft en dwaalde vaak weg van de traditionele folk. Ook de Britse artiest Adem (HHH) was bij vlagen oorstrelend. In zijn groep speelden King Creosote, Pictish Trail (allebei bekend van het Fence-collectief) en violiste Emma Smith. De liedjes zijn knap, maar 's mans stem liet het spijtig genoeg soms afweten. De Hollywood P$$$ Stars (HHH) overklasten met hun thuismatch in de tent moeiteloos het warrige Hot Hot Heat (H), dat met een nieuwe gitarist niet meer de toppen van vroeger schoor. De kans dat deze rammelrockers nog echt groot worden, lijkt nu wel definitief vergooid.

Dan was het dinsdagavond wel even anders. In de Rotonde gaven de jonge Cribs (HHHH) uit Leeds een staccato en poppy kopstoot om niet te vergeten. Hun oproep 'Hey Scenesters' viel niet in dovemansoren en de overvolle Rotonde deinde mee met de puberrock van dit trio. Ze klonken als een kruising tussen The Jam en The Clash, maar dan in een light uitvoering. De drummer ging soms uit puur enthousiasme rechtop achter zijn drumstel staan, terwijl de basgitaar in fluorescerend oranje bewees dat ze geen smaak hadden. Maar wie maalt daarom als ze songs, tempo en inzet bezitten?

In het Koninklijk Circus ging het er inmiddels heel wat rustiger toe. De combinatie van Archive en het Mons Orchestra (HHHH) was een mooie zet. De zestien strijkers en blazers gaven de songs een totaal nieuwe dimensie. Daarbij klonken de violen veeleer elektronisch dan liefelijk. Deze XXL-versie van Archive combineerde triphop met een progrockachtig geluid dat klonk als een minder logge Pink Floyd. We krijgen het moeilijk over de lippen maar Archive slaagde er zowaar in om aan de scheldwoorden 'symfonische rock' weer een positieve betekenis te geven. En dat was toch even slikken.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234