Dinsdag 18/01/2022

vallen overal

Zonder geschikt kader, goed gezelschap, kwalitatief hoogstaande thee, zuiver water en een correcte bediening, blijft van het genot der theedrinkers weinig over

Groene thee lijkt steeds meer synoniem te worden van een gezond leven, 'zenstijl'. De ongefermenteerde zuster van de zwarte en de oolong-thee maakte de hele theeplant weer hip. Wetenschappers zijn het evenwel niet eens over de wondere voordelen van dit brouwsel, 's werelds drank nummer één met desondanks een behoorlijk onbekende geschiedenis.

Vooral de groene thee maakt dezer dagen furore. Frisdrankmerken komen met een in suiker verdronken aftreksel ervan en scoren op de markt, de theezakjesfabrikanten voegden aan hun assortimenten een of meerdere groene varianten toe. En evengoed in Brussel, Parijs, Londen, New York, Bangkok of Taipei openen hippe theesalons hun deuren voor consumenten die op zoek zijn naar instant-zen.

Het was al voor deze nieuwe hausse een feit: geen enkel drankje ter wereld wordt zo veel gedronken als thee. In 2002 werd er drie miljoen ton geheel gefermenteerde zwarte, half gefermenteerde oolong en niet-gefermenteerde groene thee geproduceerd, waarvan meer dan de helft in China en India, gevolgd door Sri Lanka, Kenia, Indonesië, Japan, Argentinië en Bangladesh.

Ook het gros van de consumptie gebeurt in Azië: China en India drinken respectievelijk 16 en 20 procent van alle theekopjes leeg, maar ook de inwoners van Rusland, Pakistan, Japan en Groot-Brittannië kunnen zich een leven zonder de dagelijkse bakjes troost niet voorstellen.

Het feit dat thee een onlosmakelijk deel uitmaakt van de dagelijkse rituelen, staat in scherp contrast met de relatieve onbekendheid van zijn wortels en evolutie, en bovenal van de verhalen die er in de loop van de eeuwen over ontstonden.

Neem dat uit de zesde eeuw, over de Indiase monnik die het zenboeddhisme in China introduceerde. Deze Bodhidharma sneed zich de oogleden af, uit vrees anders tijdens zijn meditatie in slaap te vallen. Precies op het moment dat ze op de grond vielen, kwam de theeplant uit de aarde, met blaadjes ter grootte van oogleden, die beter dan wat ook konden verhinderen dat Bodhidharma in slaap viel.

Als feitelijke verklaring voor de introductie van thee in China is Bodhidharma's wrede wedervaren waardeloos: de eerste geschreven bronnen over theeconsumptie in het Rijk van het Midden dateren al van de derde eeuw, maar als oorsprongsmythe heeft ze enig gewicht.

Aanvankelijk gold thee als medicijn: als handlanger van de spijsvertering en verdrijver van katers. Maar vanaf de Tang-dynastie (618-907) ontstaat het theedrinken onder mandarijnen en andere geletterden, als sjieke sociale bezigheid, naast kalligrafie, poëzie en het bespelen van de luit. Het is ook uit deze periode dat de vijf elementen van de thee dateren. Zonder geschikt kader, goed gezelschap, kwalitatief hoogstaande thee, zuiver water en een correcte bediening, blijft van het genot der theedrinkers weinig over.

Chinese theefanaten loven tal van kleurrijke historische personages om hun belangrijke bijdragen tot de kunst van de thee. Lu Yü (achtste eeuw) bijvoorbeeld, die de Cha Jing of Canonieke geschriften van de thee schreef. De kloosterabt die deze vondeling opvoedde, hoopte een toegewijd monnik van de jonge Lu te maken, maar die voelde zich als kind al meer tot het confucianisme dan tot het boeddhisme aangetrokken. Hoewel hij 36 koeien moest hoeden die van de slagerij waren gered, en als straf voor zijn gebrek aan interesse voor meditatie de latrines van de monniken moest schoonmaken, oefende de jongen zich zo vaak als hij kon in de typisch confucianistische bezigheid der kalligrafie. Met een stok als penseel en de buik van een rund als papier.

Uit verveling nam Lu uiteindelijk de wijk: hij sloot zich aan bij rondreizende komedianten en zou in de daaropvolgende decennia overal geroemd worden om zijn vermogen de kwaliteit van water en thee te taxeren.

Tijdens de Tang-dynastie ontstaat ook het 'tribuutsysteem': het hele verdere keizerrijk lang zal een flinke hoeveelheid van de allerbeste thee naar het hof worden getransporteerd, al evolueert de mening over de vindplaats daarvan in de loop der eeuwen van een regio nabij Shanghai naar het zuidoostelijke Fujian. De legende wil dat het begon met een ijverige monnik die zijn keizer dertig kilo van de lekkerste blaadjes stuurde als presentje, waarop de heerser antwoordde met de verordening die cadeautjes vervolgens jaarlijks en in veel grotere omvang te sturen.

De tribuutverplichting zorgde ervoor dat zo'n dertigduizend mensen gedurende dertig dagen in de lente elke voormiddag voor dag en dauw al begonnen met het plukken van theeblaadjes, waarna ze in speciale ovens werden gedroogd en vervolgens verpulverd en in vormen gegoten, zodat theecakes ontstonden, waarvan makkelijk stukjes gesneden konden worden.

Voor de gastarbeiders werd een batterij hoeren voorzien, en uit de officiële geschriften blijkt dat het gros van de noeste werkers hun schamele, zuurverdiende loon nagenoeg geheel aan deze lichtekooien opmaakte en berooid van de pluk naar huis terugkeerde.

In de Tang-dynastie had men het niet over thee maar over soep: vaak werden aan het aftreksel van de theebladeren immers ajuinen, sinaasschillen, gember of munt toegevoegd. De thee werd in een fles gemaakt. De eerste dergelijke containers waren van goud, maar de theemeesters verzetten zich daartegen: metaal is geen goede basis voor thee, veel beter is terracotta.

Tijdens de Song-dynastie (960-1279), die zowat de mooiste theekeramiek ter wereld zou voortbrengen, werden twee grote klassiekers over de thee geschreven, waarvan één door keizer Hui Zong hemzelve. Tevens bereikten de prijzen voor de beste theesoorten een absoluut record. Voor een kwart kilo hoorde 42 gram goud te worden neergeteld.

De thee was intussen in Japan geïntroduceerd, waar eigen variëteiten werden ontwikkeld, en een theeceremonie ontstond op basis van theepoeder. In China zelf doken op dat moment de eerste losse blaadjes op, een praktijk die net zoals het gebruik van de theepot vanaf de Ming (1368-1644) algemeen verspreid zal raken.

Thee werd ondertussen ook steeds belangrijker als pasmunt in de onderhandelingen met de door China als barbaars betitelde nomaden aan de noordergrenzen. Thee werd tegen paarden geruild, en opstandige nomadengroepen zagen hun theebevoorrading als straf beknot.

Na de Japanners worden de Koreanen 's werelds derde theedrinkende natie. Europa zal op de Portugese priester Gaspar de Cruz moeten wachten, die voor het eerst over het fenomeen verslag deed, en rond 1560 kwamen de eerste theeblaadjes in Lissabon aan. De commerciële verkoop van thee in Europa begon in 1610, met de Verenigde Oost-Indische Compagnie.

Tegen de negentiende eeuw was thee voor de Britten de niet-alcoholische drank bij uitstek, zonder dewelke de industriële revolutie wellicht nooit zou zijn geslaagd. Alleen zorgde die theeliefde voor een onevenwicht in de handelsbalans met China, waarop de Britten besloten voortaan met opium uit India te betalen om het land onderuit te halen.

Dat in de hele anglosaksische wereld melk, suiker of citroen aan thee worden toegevoegd - niet minder dan godsschennis voor Chinezen - en dat het vooral de kwalitatief minderwaardige, gefermenteerde, zwarte thee is die de voorkeur geniet, is volgens John Blofeld in Thé et tao "een ongeluk van de geschiedenis". Toen de Britse overheidsambtenaren het Chinese keizerlijke hof in de achttiende eeuw bezochten, dronken ze er thee met de heersende Mandsjoes, die net zoals de Tibetanen en de Mongolen als enige volkeren in de regio melk of boter toevoegen aan hun thee.

n

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234