Zaterdag 13/08/2022

AchtergrondPrikstrategie

Vaccinatiecampagne lijkt eindelijk op toerental te draaien: zo staat ons land er precies voor

Een dame krijgt haar prikje in Sint-Truiden.  Beeld Karolien Coenen
Een dame krijgt haar prikje in Sint-Truiden.Beeld Karolien Coenen

Na bijna drie maanden lijkt de Belgische vaccinatiecampagne eindelijk op toerental te draaien. Het priktempo is flink opgetrokken, met dank aan stabiele leveringen van Pfizer. Hoe staat ons land er precies voor?

Stavros Kelepouris

Nog maar een paar weken terug leek de Belgische vaccinatiecampagne helemaal vierkant te draaien. In geen tijd was het – vaak onterechte – beeld ontstaan dat onze diepvriezers vol vaccins zaten die lagen te wachten op Godot. Vaccinatiecentra raakten niet op tijd van start, de software voor de uitnodigingen kampte met kinderziektes.

Bovendien kon het verhoopte werkpaard van de vaccinatiecampagne, het vaccin van AstraZeneca/Ofxord, de hooggestemde verwachtingen niet waarmaken. Beloofde leveringen werden keer op keer uitgesteld en teruggeschroefd, en door zeldzame bijwerkingen met bloedklonters zal het vaccin in ons land enkel nog gebruikt worden voor 40-plussers.

Door de samenloop van omstandigheden bengelde ons land lange tijd helemaal achteraan, in de staart van het Europese peloton. Maar die valse start is intussen goedgemaakt. Het vaccinatietempo is stevig opgekrikt, waardoor België het in een Europese vergelijking lang niet slecht doet.

Op dit moment heeft iets meer dan 29 procent van de volwassen Belgen minstens één inenting gehad, ofwel zo’n 23 procent van de totale bevolking. Daarmee nestelt ons land zich netjes in de Europese middenmoot. Al blijft het verschil groot met de echte toppresteerders zoals het Verenigd Koninkrijk, waar zowat de helft van de bevolking intussen een vaccin kreeg.

Daartegenover staat wel dat ons land enigszins achterop hinkt wat betreft mensen die al helemaal gevaccineerd zijn: slechts 6 procent. Daar is de eerdere achterstand in de Europese ranglijsten nog niet goedgemaakt. Maar het is ook een feit dat amper een handvol landen voorlopig boven de 10 procent raken.

Steeds sneller in de arm

Al negen weken op een rij wordt er week na week meer geprikt, zo blijkt ook uit cijfers van IT’er Joris Vaesen, die een gedetailleerd dashboard bijhoudt met data over de vacccinatie. Dat de campagne intussen op toerental is geraakt, is in hoofdzaak te danken aan één vaccinproducent: Pfizer.

Er kan maar gevaccineerd worden als er vaccins geleverd zijn, en op dat vlak toonde Pfizer zich een rots in de branding. De aanvoer werd de voorbije weken gestaag opgeschaald en loopt inmiddels zo vlot dat Pfizer in mei en juni 5 miljoen vaccins zal leveren, dik een miljoen meer dan verwacht. Vanaf eind mei worden iedere week 730.000 doses aangevoerd.

Dat heeft ook gevolgen op de doorlooptijd, de duur tussen het moment dat een vaccin geleverd wordt en het moment dat het in een arm belandt. “Voor het Pfizer-vaccin schommelt die doorlooptijd tussen drie en negen dagen”, weet Vaesen. Omdat Pfizer zo betrouwbaar aanlevert, kunnen de vaccinatiecentra al uitnodigingen versturen nog voor het vaccin in ons land is.

Voor andere vaccins ligt dat anders, vooral voor dat van AstraZeneca. Door de onzekere leveringen gingen de uitnodigingen pas de deur uit als de vaccins hier op het schap lagen. Mede daardoor bedroeg de doorlooptijd op zeker moment drie tot vier weken. Maar ook dat ligt intussen een flink stuk lager.

“De doorlooptijd voor alle vaccins is zeker korter dan het geweest is”, zegt ook Vaesen. Toch waarschuwt hij dat de cijfers een vertekend beeld geven. Er worden immers erg vaak meer doses uit een flacon gehaald dan officieel afgesproken, soms tot 20 procent meer. Dat zorgt ervoor dat de doorlooptijd korter lijkt dan werkelijk het geval is.

Kijken we naar wie gevaccineerd werd, dan lijkt ons land er goed in te slagen om – zoals de bedoeling was – de kwetsbaarste groepen volop te vaccineren. Meer dan 77 procent van de 65-plussers heeft een eerste prik gehad, bij de 75-plussers is dat zelfs 88 procent.

Maar zoals bekend gaan daarachter grote regionale verschillen schuil. In de oudste leeftijdscategorieën ligt Vlaanderen, met 94 procent die minstens één inenting kreeg, gevoelig voor op Brussel en Wallonië (respectievelijk 70 en 78 procent). Ook over de gehele volwassen bevolking is het verschil markant: bijna 31 procent kreeg in Vlaanderen een eerste inenting, 30 procent in Wallonië, en slechts 23 procent in Brussel.

Toch ligt dat niet (uitsluitend) aan een slabakkende vaccinatie in de hoofdstad. Een belangrijk deel van het verschil is te verklaren doordat veel zorgverleners niet in Brussel wonen maar er wel werken en er ook gevaccineerd zijn. Een deel van de Brusselse vaccinvoorraad is zo in de arm van niet-Brusselaars beland.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234