Woensdag 02/12/2020

Koppen

Uitzendverbod 'Koppen' was juridisch niet te verantwoorden

Het nepprofiel van 'Thomas Geys' deed te veel denken aan de 22-jarige Thomas Gijs en dat vond zijn vader niet kunnen.Beeld VRT

Omdat een fictieve naam in een Koppen-reportage over de gevaren van sociale media te zeer leek op die van een echte student, oordeelde de rechter dat het programma woensdagavond niet mocht worden uitgezonden. Een absurde beslissing, zo blijkt, want de media mogen nooit van tevoren gecensureerd worden.

"Hier schrik je stevig van, als journalist. Wat kan je dan eigenlijk nog doen?" Pol Deltour van de Vlaamse Vereniging voor Journalistiek is niet te spreken over de beslissing van de Brusselse rechtbank. Woensdag oordeelde die in kort geding dat de Koppen-reportage over grooming - waarbij een pedofiel zich online voor een leeftijdsgenoot uitgeeft om tieners te kunnen benaderen en te verleiden - niet mocht worden uitgezonden. Een preventief verbod, dus: censuur. Ook al staat er in de grondwet dat "de censuur nooit kan worden ingevoerd".

Even reconstrueren: voor de reportage maakte Koppen-journaliste Phara de Aguirre een nepprofiel aan op Facebook, met als naam 'Thomas Geys', om op die manier enkele leerlingen van een middelbare school te benaderen. Er bestaat geen ander profiel met die naam: dat heeft de VRT op voorhand gecheckt. Toch vond de vader van een zekere Thomas Gijs, een 22-jarige student uit Londerzeel, dat zijn zoon reputatieschade zou ondervinden als de reportage werd uitgezonden. En dus stapte hij naar de Brusselse rechtbank.

Phara de Aguirre en Peter Dams, directeur van het Sint-Ludgardisinstituut.Beeld PHOTO_NEWS

Dwangsom van 10.000 euro

Woensdag, omstreeks 15.20 uur, kreeg de Koppen-redactie een e-mail van een advocatenkantoor uit Londerzeel, waarin werd gevraagd om vóór 15.30 uur te bevestigen dat de naam niet in de reportage gebruikt zou worden, verklaarde De Aguirre gisteren tijdens het Radio 1-programma Hautekiet.

Maar volgens de juridische dienst van de VRT kon de reportage gewoon worden uitgezonden. Tot er rond 20.30 uur, een uur voor de uitzending, een gerechtsdeurwaarder aan de Reyerslaan stond, met een vonnis van de rechter in kort geding in zijn hand. Daarin stond dat "het gebruik van de volledige voor- en achternaam, gelet op de grote gelijkenis met de naam van de cliënt, onaanvaardbaar is". Er hing de VRT een dwangsom van 10.000 euro boven het hoofd - ook al had vader Gijs oorspronkelijk op 1 miljoen aangestuurd.

Op de redactie wisten ze tot dan toe niet eens dat er een zogenaamd 'eenzijdig verzoek' bij de rechtbank was ingediend. De VRT gaf toe, maar Koppen liet dezelfde avond op Twitter nog weten dat ze "ervan uitgaan dat de reportage volgende week wordt uitgezonden" en dat ze dit "juridisch aanvechten". En iedereen lijkt het erover eens dat, als de VRT de beroepsprocedure van het derde verzet aantekent, ze dat ongetwijfeld zullen halen.

"Wat hier is gebeurd, is preventief ingrijpen. Dat kan niet, volgens de wet", legt Koen Lemmens, professor mediarecht (KU Leuven/VUB) uit. "Een rechter kan pas na de uitzending bepalen of iemand recht heeft op een schadevergoeding voor reputatieschade, als de journalist foutief gehandeld heeft."

De Koppen-redactie liet duidelijk verstaan dat "de reportage, over een relevant onderwerp, correct is gemaakt". Bovendien heeft de rechter die zich over Gijs' eenzijdig verzoek heeft uitgesproken, de reportage niet opgevraagd bij de VRT - en dus niet bekeken. Wat vragen oproept over de bekwaamheid. "Rechters moeten een bijscholing krijgen over mediarecht en persvrijheid", vindt Deltour.

De rechter was blijkbaar ook niet op de hoogte van uitspraken in eerdere, gelijkaardige zaken, waarbij van het eenzijdig verzoekschrift misbruik wordt gemaakt. VTM-programma Telefacts kreeg al drie keer te maken met een gelijkaardig verbod, en VRT-baas Cas Goossens besloot in 1990 een eenzijdig verzoekschrift naast zich neer te leggen. In 2011 stapte de Franstalige omroep RTBF zo naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg (EHRM), toen de uitzending van het programma Au nom de la loi verboden werd. Het EHRM besliste toen dat een dergelijk verbod in strijd was met de Belgische grondwet.

In een opiniestuk op deredactie.be haalt professor mediarecht Dirk Voorhoof (UGent) een wetsvoorstel van sp.a-Kamerleden Dirk Van der Maele en Renaat Landuyt uit 2010 van onder het stof. In plaats van een uitzending of publicatie te verbieden, zou een rechter "de auteur of redacteur verplichten te vermelden dat de bijdrage of het programma het voorwerp is van een rechtsgeding dan wel dat de verzoeker de publicatie of het programma als lasterlijk of beledigend beschouwt". Het voorstel werd nooit besproken, maar Van der Maele diende het gisteren wel opnieuw in.

Volgens Voorhoof is er "geen enkele juridische verantwoording voor een dergelijk uitzendverbod", en zowel rechtsgeleerden als politici lijken het daarmee eens te zijn. Zelfs Thomas Gijs zal nu misschien wel terugkomen op zijn mening: zijn reputatie gaat nu niet enkel in een Koppen-reportage, maar in het hele Vlaamse medialandschap over de tongen. En dan hangt hem misschien nog een schadevergoeding van de VRT boven het hoofd.

Beeld VRT - Charlie De Keersmaecker
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234