Vrijdag 27/01/2023

Uitglijden over maandverbanden

Wat zijn ze goed, die nieuwe Vlaamse schrijvers. Prijzen dat ze winnen! De 'onbevangen' J. de Witte overschouwt vanuit Nederland de polonaise en denkt er het zijne van. Comfortabel natuurlijk, zo aan de zijlijn... Vandaag: De kinderen van Calais, Lara Taveirne

"Jozef," zei een Vlaamse kennis me, "als het over Vlaamse boeken gaat, kun je onmogelijk om dit exemplaar heen!" En ze drukte me De kinderen van Calais in de handen, het vlak voor de zomer verschenen romandebuut van Lara Taveirne, door uitgeverij Manteau naar voren geschoven als hun Meisje van de Toekomst.

'"Een vrouwenboek", mompelde ik, waarbij ik afging op het omslag. Daarop staat een foto van een meisje, gekleed in iets van Laura Ashley, dat op haar blote knietjes in het strandwater zit. Haar lange zwarte haren wapperen in de wind; haar blik is op de waterlijn gericht, en haar zwaar opgemaakte ogen, haar zorgelijk gefronste wenkbrauwen en haar weemoedige mond geven aan dat het helemaal niet zo goed gaat met dit mensenkind.

Nee: zij kijkt op tegen het leven, zij hunkert naar iets wat zij niet krijgen kan, zij is vermoedelijk te laat geboren, of dat vindt zij althans, anders trek je zo geen kledij aan, met borduursels en zijden rozen, en zit je niet zo vreugdeloos in dat koude water te verlangen naar achtienhonderd en zes, of naar negentien eenentwintig - hoewel het toen vermoedelijk, en zelfs bewijsbaar, niet veel beter was dan nu. Integendeel, zouden sommigen opperen.

Op de achterflap staat een foto van de schrijfster. Zij was al bij haar geboorte voorbestemd om te schrijven, staat erbij, omdat zij werd vernoemd naar het hoofdpersonage uit Dokter Zjivago. Dat slaat natuurlijk nergens op, want als dat soort fluttigheden zou opgaan, zouden alle Jozeffen timmerman moeten worden, wat ik geenszins ben, alle Anneliezen gesjeesde actrices, zoals de betreurde Louis Neefs het voorspelde, en alle Pimmen kale shockpolitici - maar je maakt zo'n jonge schrijfster natuurlijk wijs wat je wilt, zelfs dat ze het best in de lens zou kijken alsof er zo meteen x-stralen uit haar ogen zullen komen, en dat een vrouw op haar verleidelijkst is als ze de lippen een kleine centimeter uiteen doet, want dit suggereert begeerte en gewilligheid.

Vreemde strategie overigens voor een vrouwenboek, want lezeressen houden helemaal niet van schrijfsters die er wel eens met hun man vandoor zouden willen of kunnen gaan. Lezeressen houden van Donna Tartt en van Saskia De Coster, die maatpakken dragen en hun dunne lippen opeen houden, en die ernstige en doorwrochte boeken schrijven waar mannen sowieso geen jota van verstaan, laat staan dat ze er opgewonden van zouden raken.

Wellicht heeft De kinderen van Calais ten gevolge van deze ondoordachtheid tot op heden zo bitter weinig succes gekend, al zou dat ook aan het boek zelf kunnen liggen.

Het verhaal is nochtans prima: twee jonge hartsvriendinnen van het type Laura Ashley trekken op een dag naar Cap Blanc Nez, waar ze van de beroemde klif naar beneden springen. Dat wordt althans vermoed, want boven op de cap hebben ze hun boekentassen achtergelaten, maar dan blijkt dat er maar ééntje de duik heeft gemaakt en dat de andere het hazenpad heeft gekozen. Ik ga het niet allemaal uit de doeken doen want dan is de lol er straks af, al is de kans vrij klein dat u het boek ook echt gaat lezen, geloof mij.

Op zich zit er een heleboel dramatische potentie in dit uitgangspunt, en de kiem van een heel erg lekker verhaal met veel spanning en intrige en adembenemende uitkomsten, wat het des te teleurstellender maakt dat de vertelling al heel snel verzuipt in een oeverloos gepsychologiseer en een vermoeiende hang naar allerlei uitingen van klinische psychiatrie.

Er mag geen vogel overvliegen of hij vliegt naar Vroeger, bij wijze van spreken, in elke blik, in elk gebaar schuilt een herinnering, een voorgevoel, een vermoeden of een twijfel, het liefst van al een twijfel; er zit altijd wel wat in de schuimende golven verscholen en zeker ook in de wind - die niet waait, maar die herinneringen vervoert, bij voorkeur netelige. Men kijkt niet, men laat zijn blik langs de onzichtbare lijnen van de kosmos glijden, zaken van die strekking. Al op bladzijde 8 tilt iemand de hand op, en houdt die 'als een luifel tegen haar wenkbrauwen', 'misschien om omstaanders te behoeden voor de vernietigende kracht van haar ogen'.

Asjemenou, denkt de lezer, maar de film is nog niet uit: 'Als je die had gezien (die ogen dus) besefte je dat de definitie van blauw dringend een voetnoot nodig had.'

Tot iemands verbazing is, vele bladzijden later, een bruine plastic tuintafel uit de tuin verdwenen. 'Zo moesten de Berlijners zich hebben gevoeld toen die muur plots weg was', interpreteert de vertelster: 'Opluchting. Uiteraard. Maar ook de vrees dat ze nog steeds, maar nu tegen een onzichtbare muur aan konden knallen.'

Muren, tuintafels, ze zijn nooit zomaar weg: 'Vroeg of laat zou ze (de tafel) weer in haar volle lelijkheid en beladen van haar hele verleden opduiken in (haar) vreemde dromen.'

Ach, wat meubilair. Een hoop stenen! Een zilvermeeuw die als neervallend papier over ons uitwaaiert! Zélfs: 'Ze verlangde naar zijn geluid als tegenwicht voor de leegte die ze had achtergelaten en de leegte die zich voor haar uitstrekte en waar zij in haar ledigheid tussen stond' - het is wel heel erg leeg allemaal, ondanks die vele, vele woorden, en je leest en leest en je struikelt over zinnen als 'Die ochtend, toen mijn moeder zich naar huis haastte, voelde ze zich als een overvol emmertje zeewater dat met zo weinig mogelijk morsen de andere kant van het strand moest zien te bereiken' - akkoord, er was door deze vrouw die nacht de liefde bedreven met een manskerel, maar er zijn grenzen aan hoe een mens zich, zelfs in een roman, kan en mag voelen, en emmertjes zeewater zijn, en ik herhaal, of ik herhaal het niet maar het is een lastige dag, met zo'n boek, niet aan de orde. Niet goed!

Maar het allerspijtigste is dat er in dit boek voortdurend wordt gemenstrueerd. God, er wordt wat in af gemenstrueerd! Je glijdt uit over de maandverbanden, je schoenzolen plakken van het geronnen bloed. Overal weeë geuren! Hier en daar wordt er gelijktijdig gemenstrueerd, maar even vaak apart, en als de meisjes jong zijn is er eentje dat vroeger menstrueert dan het andere, wat tot jaloezie leidt, en op den duur vraag je je af wat er van dat mooie verhaal geworden is, van die kiem van daarstraks, die twee boekentassen die zo eenzaam in de wind op de top van Cap Blanc Nez waren achtergebleven, nadat een van die meisjes als een droeve, onmachtige vogel de dood was ingesprongen.

Neen, Lara Taveirne, die is het niet.

Volgende week: Ann De Craemer

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234