Donderdag 22/10/2020

ExitstrategieContact tracing

Tweeduizend ‘coronaspeurders’ gezocht: ‘Een métier op zich’

Zo zou de werkruimte van de contact tracers er straks weleens kunnen uitzien: erg gelijklopen met een call center. (Archiefbeeld)Beeld Getty Images

Wanneer de quarantainemaatregelen versoepelen, worden goede contact tracers belangrijker: mensen die de contacten nagaan van wie besmet is. De versoepeling is binnen handbereik, maar de zoektocht naar coronaspeurders moet nog zo goed als beginnen. Is dat rijkelijk niet laat?

“Types maatschappelijk werkers die het beroepsgeheim goed kunnen bewaren en goed aan de telefoon zijn.” Dat is volgens Wouter Arrazola de Oñate, medisch directeur van de Vlaamse Vereniging voor Respiratoire Gezondheidszorg en Tuberculosebestrijding (VRGT), het profiel van een goede contact tracer of coronaspeurder. Dat zijn gezondheidsmedewerkers die voor elke nieuwe coronapatiënt onderzoeken met welke mensen hij of zij contact gehad heeft om nieuwe besmettingen zo veel mogelijk te voorkomen. Zij worden straks broodnodig wanneer de quarantaine afgebouwd wordt om een nieuwe uitbraak van het virus in te dammen.

Het grootste deel van de contact tracers zal vooral telefonisch werken. Zij proberen zo goed mogelijk te achterhalen met hoeveel mensen de besmette patiënt contact heeft gehad en hoe intens dat contact is geweest. Op basis daarvan adviseren ze mensen wat ze het beste doen. Een tweede, kleiner deel van de tracers gaat ter plaatse. Zij helpen patiënten en/of hun contacten zo goed mogelijk de regels na te leven, bijvoorbeeld door samen met hen na te gaan of ze zich goed kunnen isoleren. “Het is niet zozeer een controleactiviteit, eerder een hulp voor de mensen, zodat ze zich goed aan de maatregelen kunnen houden”, zegt Arrazola de Oñate. Uiteraard worden die telefoongesprekken en bezoeken zo veel mogelijk gecombineerd met testen op corona. 

Belangrijk is dat die gegevens anoniem verwerkt worden. Ze worden immers verzameld in een federale database. Deze databank is belangrijk in een tweede fase, waarin de anonieme gegevens van alle gecontacteerden gebruikt worden om patronen te herkennen en eventuele lockdownmaatregelen bij te sturen. Blijkt dat er bijvoorbeeld veel besmettingen ontstaan in supermarkten, dan worden de maatregelen daar terug wat scherper.

Eerste fase

Dat weten we al een tijdje – want dit is de klassieke manier van werken bij elke epidemie – en toch moet de zoektocht naar nieuwe coronaspeurders nog zo goed als beginnen. Het huidige ‘legertje’ aan tracers van bijna twintig man bleek ontoereikend in de eerste fase van de epidemie. In totaal hebben we er nog 2.000 extra nodig, zo berekenden Arrazola de Oñate en zijn collega’s: 1.200 in Vlaanderen, 600 in Wallonië en 200 in Brussel.

De aanwerving is een regionale bevoegdheid, al vond Vlaanderen nog geen nieuwe contact tracers. Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) gaat niet zelf op zoek naar de nieuwe speurders, hij wil daarvoor samenwerken met een extern consultancybureau. Maar dat kan enkel via een openbare aanbesteding. De opdracht kon pas deze week uitgeschreven worden.

Binnen de Vlaamse regering klinkt er achter de schermen kritiek op Beke. Waarom startte hij niet vroeger met die zoektocht? Deze mensen moeten straks nog allemaal opgeleid worden. En ook al wordt die vorming behoorlijk vereenvoudigd zodat ze in een halve dag past, “het beroep van contact tracer blijft toch een métier op zich”, zegt infectioloog Erika Vlieghe (UAntwerpen/GEES). Bovendien moet er nog een softwareplatform gebouwd worden waarop alle speurders hun data delen. Dat is dan weer een federale materie en ook dat proces staat nog maar in zijn kinderschoenen.

Erika Vlieghe, diensthoofd infectieziekten van het UZA en voorzitter van de expertengroep die de exitstrategie voor ons land voorbereidt. 'Het beroep van contact tracer blijft toch een métier op zich.'Beeld VTM

Het zal met andere woorden dus wel nog even duren vooraleer de nieuwe speurders aan de slag kunnen. Toch vinden de virologen niet dat de regering te laat in gang is geschoten. “Herinner u twee weken geleden: toen waren we met zijn allen nog bezig met de woon-zorgcentra”, zegt Arrazola de Oñate. “Zo gaat het nu eenmaal altijd bij een epidemie. Het lijkt altijd alsof je te laat bent met nieuwe maatregelen, maar eigenlijk gaat dat niet anders.”

Hadden we dat een maand geleden aan de regering gevraagd, dan had die ‘neen’ gezegd”, zegt viroloog Marc Van Ranst (KU Leuven). “Daarvoor moeten de geesten rijpen. Bovendien wordt het pas echt zinvol om contact tracers in te zetten als de curve opnieuw naar beneden gaat.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234