Vrijdag 03/12/2021

'Tutsi of Hutu? Ik ben vrouw'

Na recente bloedbaden en onzekerheid over de voortzetting van het vredesproces zweeft het Centraal-Afrikaanse land Burundi opnieuw tussen vrees en hoop. Maggy Barankitse (53) wil met haar opvangtehuis voor oorlogskinderen de heersende onverschilligheid tegengaan. 'Om ons land te genezen zullen er nog veel antibiotica nodig zijn. De stilte is medeplichtig.'

Brussel

Eigen berichtgeving

Maarten Rabaey

Maggy Barankitse's leven werd overhoop gegooid bij de staatsgreep van oktober 1993, toen president Melchior Ndadaye en andere vooraanstaanden werden vermoord. Daarna brak etnisch geweld los met tienduizenden doden (Hutu's en Tutsi's) tot gevolg. Bijna een miljoen mensen sloegen in binnen- en naar het buitenland op de vlucht. Door het aanhoudende conflict tussen het door Tutsi gedomineerde leger en Hutu-rebellen telt het land nu al minstens 14.000 kindsoldaten, 5.000 straatkinderen en maar liefst 700.000 wezen.

"De bevolking is nog altijd getraumatiseerd door die gebeurtenissen maar ze laat zich niet meer zo manipuleren als toen", zegt Barankitse. "Ook ik ben een vrouw die veel geleden heeft maar ik heb geleerd om optimistisch te zijn, hoopvol te zijn tussen de hopelozen.

"Ze hebben in 1993 voor mijn ogen 112 mensen vermoord. Ik heb ouders begraven en hun verminkte kinderen opgevangen." Barankitse begon met het helpen van zeven kinderen, drie Tutsi's en vier Hutu's. Ze ontsnapten aan de moorden door te schuilen in een kapel, waar er nog een groep Hutu's kwam schuilen. Ze werden ontdekt.

Zelf afkomstig uit een Tutsi-familie wist ze de Tutsi's te beletten om te moorden maar ze werd geslagen. Ze wist te ontkomen met 25 kinderen maar de volwassenen kwamen om toen de kapel in brand werd gestoken. "Een Tutsi-moeder werd onthoofd toen ze verkoos om bij haar man te blijven, een Hutu. Ze gaf me haar acht maanden jonge baby om op te voeden."

"Dat heeft bij mij een klik veroorzaakt. Die dag heb ik besloten om me nooit meer te laten doen. Ik besloot om luid en krachtig voor mijn mening uit te komen: Burundi kan een paradijs zijn, waar het goed is om te leven... als we dat willen. Het is een keuze die we moeten maken. We mogen niet zomaar zeggen 'après moi, le déluge'. We mogen niet zomaar de andere kant opkijken. Aan vrede moet iedereen meewerken, elk met zijn eigen verantwoordelijkheid."

Daarom nam ze zelf het heft in handen. Ze leidt sinds 1993 het Maison Shalom (huis van de vrede). Daar ving ze al meer dan 10.000 jongeren en oorlogsweduwen van alle etnieën op die in het conflict niet alleen have en goed kwijt zijn geraakt maar ook het spoor van hun leven bijster raakten. "Onder hen bevinden zich ook veel ex-kindsoldaten. We leren ze opnieuw autonoom te worden. Ze krijgen psychologische begeleiding maar worden ook landbouwtechnieken aangeleerd, leren naaien of lezen. Eigenlijk zouden in heel Burundi huizen zoals het mijne moeten worden opgebouwd, want elke burger heeft een samenlevingsproject nodig."

De etniciteit is volgens haar door de oorlogszuchtigen misbruikt. "Tutsi of Hutu? Ik ben in de eerste plaats vrouw. Ik heb niet gekozen om in een bepaalde etnie te worden gecatalogiseerd, ik beschouw mezelf als een menselijk wezen. De meerderheid van de Burundese bevolking denkt daar net zo over. Tachtig procent zijn eenvoudige plattelandsmensen die zich niet inlaten met politiek. Ze zijn arm. Voor hen telt alleen het overleven van de dag."

Barankitse maakt er geen geheim van niet hoog op te lopen met de elite, wier economische belangenstrijd het land naar de afgrond leidde. "Onze leiders hebben geen maatschappelijk inzicht. Het leeuwendeel van de begroting, meer dan 60 procent, vloeit nog altijd naar het leger terwijl het onderwijs met enkele procenten marginaal wordt behandeld. Dat is de wereld op zijn kop."

Barankitse werd voor haar inspanningen om het tegendeel te bewerkstelligen al herhaaldelijk bekroond in het buitenland, met prestigieuze prijzen en eredoctoraten, maar blijft daar heel nuchter bij. De internationale gemeenschap heeft niet altijd op de juiste manier aandacht voor Burundi, zegt ze. "Er is een hemelsbreed verschil tussen besluiten van internationale conferenties en wat wij dan op het terrein zien. Zelf ondervond ik dat al verscheidene keren aan den lijve. Een goed voorbeeld is de bestrijding van hiv/aids, dat helaas ook bij ons voor talloze slachtoffers zorgt. De wereldbank zou al herhaaldelijk kredieten vrij hebben gemaakt maar de tientallen kinderen die ik opvang en die nood hebben aan aids-remmers blijven in de kou. Het geld blijft ergens hogerop kleven. Dat is jammer, want de bevolking verliest door loze beloftes de hoop op beterschap."

Volgens de vredesovereenkomsten moet de huidige Burundese transitieregering verkiezingen organiseren maar daar is weinig animo voor. "De leiders zijn bang om hun macht af te geven, want dan zouden ze ter verantwoording kunnen worden geroepen voor hun misdaden uit het verleden. Niet het volk, maar de straffeloosheid regeert." En dan zegt ze fel: "Alle vrienden van Burundi moeten ons helpen om uit de cultuur van onverschilligheid te raken. Om ons land te genezen zullen er nog veel antibiotica nodig zijn. De stilte is medeplichtig. Daarom heb ik hier opnieuw een oproep gedaan opdat de vrouwen uit het noorden een helpende hand zouden uitreiken naar hun zusters uit het zuiden. Met vele kleine stappen gaan we vooruit. Dat leer ik mijn kinderen ook."

Barankitse haalt het voorbeeld aan van Gloriosa, een meisje van veertien dat ze op een dag bedelend aantrof. "Ik zag dat ze een baby had en ik vroeg haar wat er gebeurd was. Ze vertelde me een slaaf te zijn die verkracht werd toen ze nog maar dertien was. De moordenaars van haar ouders gaven haar het kind waarvan ze beviel. Ik vroeg haar om me te vergezellen. Ik leerde haar brood bakken. Nu is ze een bakker en kan ze zelfstandig leven." Ze besluit met een mijmering. "Om de oorlog te stoppen, is er vooral liefde nodig. L'amour est inventive."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234