Maandag 05/12/2022

Tussen slapende honden wakker worden

Adam Cohen is een ijdeltuit. Ondanks een druk interviewschema laat hij de fotograaf vijf minuten wachten omdat hij niet gekiekt wil worden voor het hem gelukt is zijn sjaaltje op de juiste manier om zijn hals te knopen. Pas nadat de promo-dame van zijn platenmaatschappij hem te hulp is gesneld, voelt hij zich helemaal klaar voor de camera. De 23-jarige zanger heeft duidelijk de ambitie net zo'n ladies' man te worden als zijn beroemde vader, Leonard Cohen. Maar voorlopig is hij al blij met elk paar oren dat openstaat voor zijn onlangs verschenen debuut-cd.

Dirk Steenhaut

Vooruit, vraag maar alles wat je over mijn pa wilt weten," zegt hij bij het begin van het gesprek. Het klinkt uitnodigend en strijdlustig tegelijk: Adam Cohen beseft dat zijn verwantschap met een van de belangrijkste singer-songwriters van de eeuw zowel voor- als nadelen meebrengt. Zoals iedere jonge artiest wil hij op de kwaliteit van zijn eigen werk beoordeeld worden. Toch kost het hem geen moeite toe te geven dat zijn familienaam deuren heeft geopend die anders misschien nog heel lang voor hem gesloten zouden zijn gebleven.

"Of het gewicht van mijn vaders muzikale erfenis op mijn schouders drukt? Natuurlijk! Net zoals zovelen ben ik diepgaand door hem beïnvloed. Als liedjesschrijver heeft hij de krijtlijnen uitgezet voor een genre en kwaliteitscriteria vastgelegd die niemand meer kan negeren. Behalve charme en elegantie heeft mijn vader ook een bijzondere uitstraling én het vermogen al die eigenschappen op anderen over te brengen. Bovendien slaagt hij er geregeld in boven zichzelf uit te stijgen. Ik ben trots op de eigenschappen die ik van hem heb geërfd, maar ooit hoop ik uit mijn werk toch een eigen identiteit te puren, net zoals hij heeft gedaan."

Artiesten als Julian Lennon of Ziggy Marley wordt wel eens verweten dat hun oeuvre als twee druppels water op dat van hun vaders gelijkt, maar Adam bedient zich gelukkig van een idioom dat sterk verschilt van dat van Leonard Cohen. Niet alleen blijkt uit zijn titelloze debuut dat hij over een veel soepeler stemgeluid beschikt; door de combinatie van akoestische en elektronische instrumenten met strijkersarrangementen, geprogrammeerde beats en nerveuze grootstadsgrooves doet zijn muziek ook stukken moderner en eigentijdser aan dan die van zijn eminente pa. Chris Stills, een van Adams jeugdvrienden, blijkt er veel meer moeite mee te hebben een eigen parcours uit te stippelen. Zijn eerder dit jaar verschenen cd 100 Year Thing is een doorslagje van de platen die Buffalo Springfield-gitarist Stephen Stills tijdens de jaren zestig en zeventig op de wereld afstuurde.

"Chris' liefde en respect voor de stijl van zijn vader zijn zo groot dat hij absoluut de fakkel brandend wil houden," legt Cohen Jr uit. "En precies daarom heeft hij zich dat geluid eigen gemaakt. Maar het kan hem duur te staan komen. Want anno 1998 kan eigenlijk niemand meer doen alsof hij Stephen Stills is. Niettemin hoop ik dat hij zijn weg zal vinden, net zoals al die andere jonge muzikanten die op zoek zijn naar een plekje onder de zon."

Adam en Chris, allebei kinderen van gescheiden ouders, leerden elkaar kennen op de Amerikaanse school in Parijs en trokken later naar New York, waar ze een tijdlang samenspeelden in de Stills Cohen Band, al vielen hun respectieve stijlen nauwelijks in één groep te verenigen.

"We waren veeleer verbonden door onze vriendschap dan door de muziek die we samen maakten," geeft Adam Cohen toe. "Maar op die leeftijd hou je nu eenmaal van experimenteren. Toch ben ik ervan overtuigd dat we het nooit zo lang samen zouden hebben uitgezongen zonder de ontiegelijke hoeveelheden drugs en alcohol die we in die dagen tot ons namen (lacht)."

Hoewel de jonge Cohen twee jaar geleden al een platencontract tekende, kreeg hij van Columbia ruim de tijd om zijn talent te laten rijpen.

"Wel, ze wisten dat ik niet bereid was een cd uit te brengen waar ik zelf niet voor honderd procent achter kon staan," legt hij uit. "Wie weet krijg ik hierna nooit meer de gelegenheid een tweede langspeler te maken. Ik wist dat ik ten minste over één kans beschikte en wilde die ten volle benutten. Soms denk ik: o mijn God, wat als deze plaat echt aanslaat? Dan word ik wellicht verplicht snel een opvolger uit te brengen, voor ik er helemaal klaar voor ben. Je ziet: ik sta nog maar aan het begin en de druk van de industrie laat zich nu al voelen. Maar ik wil door de voordeur naar binnen, man. Ik wil promotie, airplay, toegang tot de media. En dat zijn dingen die alleen een grote multinational je kan garanderen."

Adam Cohen schreef de songs voor zijn debuut-cd niet op zijn eentje, maar liet zich, zowel voor de teksten als de muziek, een handje helpen door professionele songwriters uit L.A. zoals Tonio K of Brock Walsh - allemaal vrienden van producer Steve Lindsey, zo blijkt. "Een voor een waren het excentrieke figuren met een uitgesproken mening over mijn werk. Het is altijd goed als je een klankbord hebt: iemand met wie je over je songs van gedachten kunt wisselen en die je teksten kan helpen redigeren of suggesties kan doen om hun effect te versterken. Van belang daarbij was dat alle overtollige informatie geschrapt werd en de conversatieachtige toon bewaard bleef. Mijn ruwe ideeën en songstructuren vormden het uitgangspunt voor lange discussies, waar ik veel uit heb geleerd. Soms kwam een van de schrijfpartners met een schitterend idee op de proppen dat was ingegeven door een element dat ik had aangereikt. Een echte wisselwerking dus."

Cohen Jr maakt er geen geheim van dat hij de onderwerpen voor zijn liedjes uit zijn eigen ervaringswereld put. "Laatst vroeg iemand mij of ik niet bang ben me op mijn plaat te veel bloot te geven. Absurde vraag! Ik zou me als artiest veeleer zorgen maken mocht ik in mijn werk helemaal niets onthullen en als gevolg daarvan niemand aanspreken. Net doordat het persoonlijk is, wordt het herkenbaar en dus universeel. Bovendien hebben criticasters het altijd moeilijker om een song de grond in te boren waarin de waarheid wordt verteld, dan een die op louter fantasie berust. Als ik mij op mijn cd open en eerlijk opstel, doe ik dat dus ook uit zelfbehoud."

Naar zijn teksten te oordelen is Adam Cohen niet geheel vrij van masochistische trekjes. Zo schept de ikfiguur uit 'Tell Me Everything' er behagen in te vernemen hoe zijn beste vriend hem bedriegt met zijn beste vriendin. En elders gaat hij nog een stapje verder: "The more you hurt me / The closer I get to you." Paradox? Niks paradox.

"Eigenlijk stuit je hiermee op het centrale thema van de plaat," vertelt Cohen. "Eerst wilde ik ze trouwens This Pain noemen, maar dat zou een tikje te pretentieus zijn geweest, ook al is het de song waar ik me het sterkst mee verbonden voel. Wat me fascineert is dat pijn soms tot een vorm van communicatie kan uitgroeien en dat de mens er blijkbaar behoefte aan heeft te worden gekwetst. Misschien zijn de momenten waarop je teleurgesteld bent of pijn lijdt die waarop je het duidelijkst voelt dat je leeft. Als je gelukkig bent, heb je de buitenwereld doorgaans weinig te melden, gewoon omdat de lach op je gezicht al boekdelen spreekt. Gaat alles slecht, dan wil je dat gevoel zo snel mogelijk uitdrijven. Ik vermoed dat schrijvers het daarom veel vaker over hachelijke situaties hebben dan over heuglijke. Tja, iedereen ervaart momenten van onvrede. Dus kun je je er ook makkelijker mee identificeren."

Cohen Jr heeft, net als zijn vader, een scherp oog voor de duistere en perverse kantjes van de menselijke natuur. De motieven van zijn personages zijn zelden zuiver: 'How the Mighty Have Fallen' gaat over machtswellust; 'Sister' over een kerel die eigenlijk verliefd is op een andere man, maar diens zus mee uitvraagt omdat ze zoveel fysieke gelijkenissen vertoont met het voorwerp van zijn adoratie. En de gestoorde hoofdfiguur uit 'Quarterback' doet denken aan de lustmoordenaar uit Brett Easton Ellis' roman American Psycho.

"Je moet weten dat op middelbare scholen in de VS American football verreweg de meest geliefde sport is," licht Cohen toe. "De quarterback, een soort verdediger, is de populairste speler uit het team: de bofkont die probleemloos alle meisjes kan krijgen. Wel, de gozer uit mijn song is zijn absolute tegenpool. Vandaar de jaloezie, de onderhuidse spanning, de dreiging van geweld."

Met het ontstaansproces van het bewuste nummer is een anekdote verbonden, waar in het cd-boekje nogal cryptisch naar wordt verwezen als het ouzo-incident.

"Toen we de zangpartij voor 'Quarterback' opnamen, was ik stomdronken. Ik verkeerde immers in de waan dat ik de razernij van dat personage alleen zou kunnen uitdrukken door mezelf in een gemoedstoestand te brengen die je slechts kunt bereiken met behulp van drugs of alcohol. En ouzo was een van de ingrediënten. Ik dronk er zoveel van dat ik later, ten huize van mijn producer, bewusteloos neerviel op de keukenvloer. Ik ontwaakte tussen de honden, liep midden in de nacht naar buiten, liet de deur openstaan, begon te hallucineren en maakte zoveel kabaal dat ik de hele buurt tegen me in het harnas joeg. Geen episode waar ik trots op ben, vooral omdat het nog dagen heeft geduurd voor ik weer de oude was. Waar de gezonde inlevingsdrang van een artiest al niet toe kan leiden." (brede grijns)

Als Adam Cohen het in zijn liedjes over relaties heeft, worden die niet zelden ingebed in bizarre scenario's waar het wemelt van overspelige partners en driehoeksverhoudingen. Wat de zanger echter van de meeste van zijn collega's onderscheidt, is dat hij zijn onderwerpen weet te benaderen vanuit een onverwachte invalshoek.

"In het ideale geval zou je, om het boeiend te houden, voor ieder lied dat je schrijft een verrassend gezichtspunt moeten vinden. Maar ik twijfel er soms aan of ik in staat zal blijven aan die oude, al vaak vertelde verhalen een interessante draai te geven. Ik wil dat mijn nummers onderhoudend en meeslepend zijn, dat ze iets onweerstaanbaars hebben, zodat de luisteraar ze kan meezingen en zich erin herkennen. Uiteraard vertel ik het liefst over dingen die mij intrigeren, maar eigenlijk wil ik in de eerste plaats de waarheid vertellen."

Cohens manier van zingen is vaak nogal afstandelijk, waardoor een song als 'Down She Goes', over een meisje dat door haar verslaving tot prostitutie wordt gedwongen, net nog schrijnender wordt. "Dat was een van de tracks waar ik in de studio het meest mee heb geworsteld," zegt de zanger. "Ik slaagde er maar niet in het behoorlijk te zingen en na drie, vier mislukte pogingen, trok ik een oude elpee van Chet Baker uit het rek. Uiteindelijk heeft zijn uitvoering van 'My Funny Valentine' model gestaan voor de manier waarop ik 'Down She Goes' heb aangepakt. Want zoals je zegt: de schijnbaar onbewogen zanglijn accentueert de tragiek van het verhaal."

Toch neemt ook humor in Adam Cohens werk een belangrijke plaats in. Neem nu het fraai getoonzette 'Opposites Attract', geïnspireerd door de onverenigbare karakters van Liz Taylor en Richard Burton in de filmversie van Edward Albees Who's Afraid of Virginia Woolf?: wie zich niet meteen laat meeslepen door de trieste teneur van het nummer, stuit op hilarische regels als "Maybe there's a way we can accomplish the impossible / You never know / All that it would take is just an ordinary miracle."

"Humor is een van de dingen die ik zo waardeer in het werk van mijn vader. Of dat van Tom Waits en Randy Newman. Als je een manier kunt vinden om zwaarwichtige onderwerpen komisch te verpakken, ben je als artiest geslaagd. Want het werkt niet alleen verfrissend, het belet je ook saai en belerend te worden."

Die tongue-in-cheek-component is overigens een noodzakelijk tegenwicht voor een nummer als 'It Don't Mean a Thing', dat op het ondraaglijke af gemeen is en waarin verliefdheid wordt verdrongen door onverschilligheid. "Iemand geeft je een geschenk dat je graag zou appreciëren, maar tot je ontzetting stel je vast dat het volstrekt niets voor je betekent. Je voelt je verdoofd, bent totaal gevoelloos. En omdat je zo nonchalant met de emoties van de ander omspringt, begin je ten slotte van jezelf te walgen. Pijnlijk... Yeah, it's pretty heavy."

Na al die weinig opkikkerende verhalen, komt het gelaten 'It's Alright', waarmee Adam Cohens debuutplaat wordt afgerond, als een verademing. "Ik wilde per se eindigen met een positieve noot," zegt hij. "Al was het maar om de luisteraar duidelijk te maken dat er altijd nog ruimte is voor troost en hoop. Ik geloof sterk in het yin- en yang-principe: de duisternis houdt altijd de belofte van een nieuwe dageraad in. Het slechte bestaat niet zonder het goede. Vandaar."

De cd Adam Cohen is uit op Columbia. De artiest is op zondag 18 oktober te zien tijdens het Crossing Border-festival in de Gentse Vooruit.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234