Dinsdag 18/05/2021

Tussen Peer en pint

PEER l Met opnieuw 20.000 bezoekers en een affiche die zich lang niet meer aan de krijtlijnen van het 'woke up this morning'-genre stoort, zet het driedaagse Belgium Rhythm 'n' Blues Festival in Peer de zegetocht van de voorbije jaren verder. Op deze hete 23ste editie gingen soul- en gospelgrootheid Mavis Staples, vaderlandse held Arno en singer-songwriter John Hiatt met de grootste pluimen lopen.

DOOR KURT BLONDEEL EN GUNTER VAN ASSCHE

Gemoedelijkheid en landerigheid gaan in Peer hand in hand, zeker als de hitte haar werk doet. Voor meer dan de helft van het publiek waren alleen wandelingetjes richting drankvoorziening goede aanleidingen voor het strekken van de benen. Bijna leek het alsof de organisatie zich het opbouwen van een podium had kunnen besparen, maar gelukkig tapten behoorlijk wat artiesten eveneens iets fris en schuimends uit hun vat.

Niettemin stond de Mofo Party Band (JJ) zaterdagnamiddag voor de haast onmogelijke opdracht zijn groepsnaam eer aan te doen. Zelfs na de lofbetuigingen en aansporingen van zanger John Clifton maakten de meeste bluesfans geen aanstalten om een iets verticalere positie aan te nemen. Toch wisten de bejaarde Californische vetkuiven gaandeweg zieltjes voor zich te winnen. Die ontluikende feeststemming werd helaas versjteert door Amar Sundy (J), het Algerijnse buitenbeentje op de affiche. De gitarist stelde teleur met een uur vol wereldblues, waarbij niet één wereldsong passeerde. Sundy teerde op vreselijke clichés en gebruikte zijn middelmatige nummers meestal als roestig vehikel voor zijn oeverloze solo's.

Veel opwindender was afsluiter Arno (JJJJ). Die bracht geen grote verrassingen mee, maar na zijn gelauwerde passage op Werchter was ook dit concert er een om in te lijsten. Zo liet de Oostendse rocker 'Ratata' en 'I'm Not into Hop' als een onweer losbarsten in de tent, terwijl de waterlanders niet te stuiten waren bij enkele dames rondom ons tijdens een verstild 'Les yeux de ma mère'. Alleen jammer dat het andere rustpunt, 'Lonesome Zorro', iets te vroeg in de set werd gezwierd: Arno hield het bluesvolkje immers moeiteloos in de ban met stampende nummers als 'Mon Sissoyen' of 'Que Pasa'. Toen Arno na anderhalf uur het podium kuste en wegbeende, barstte een onvoorstelbaar kwaad fluitconcert los. Een hardere oorveeg van het publiek kon de organisatie niet krijgen voor haar beslissing om Hintjens, zowat de incarnatie van de blues, nu pas op de affiche van het festival te plaatsen.

Ook zondag duurde het een poos voor er op het terrein enige begeestering te bespeuren was. Met een gezonde portie working man's blues zetten de Californiër Johnny Mastro & Mama's Boys (JJJ) een rauw concert vol elektrische Chicagoblues neer. Mastro is niet de meest bevlogen zanger, maar met zijn pompende en zuigende harmonicaspel, dat meermaals zwaar in de clinch ging met de gitaar van Dave Melton, slaagde hij erin de herinnering aan de Red Devils levendig te houden. Toch een prestatie.

Niettemin kwam Larry Garner (JJJJ) de eer toe de laatste festivaldag écht voor geopend te verklaren. Nog nooit was de in Baton Rouge, Louisiana residerende gitarist in Peer gepasseerd, hoewel hij wél al vaak op een Belgisch podium heeft gestaan. Een vlijmscherp gitaarspel en swingende toetsen ontstaken de lont van een wervelende set, die Garner meermaals lardeerde met hilarische racontes aangaande hiphop (hij bleek zelf geen onverdienstelijk rapper), whiskey en vrouwen ('You talk too much. Sometimes!').

Gejuich alom, zelfs bij nogal wat dames. Van een man die zowel twaalfmatenblues als ballades dansbaar als de pest kon presenteren, verdraagt een mens veel. Zelfs op de achterste rijen werden kranten aan de kant gegooid en dutjes onderbroken. Good times, kortom.

Zo mogelijk nog opwindender kwamen Campbell Brothers (JJJJ) voor de dag. Onder het motto 'don't let the devil ride!' gaf dit uitgebreide, diepgelovige gezelschap er een onwaarschijnlijke lap op met zijn sacred steel-muziek. Die genreaanduiding verwijst naar de steelgitaar waarmee de Brothers (en hun dansende en zingende sisters) zweterige gospel, bevlogen soul en scheurende blues aanvuren. Gekoppeld aan ophitsende ritmes ging van dit kolkende geheel zo'n overtuigingskracht uit dat zelfs een voltallig bejaardentehuis er een gebroken heup en een weekje aan een baxter voor over zou hebben gehad. Niet zo het publiek in Peer, waarin slechts enkelingen de voeten onmogelijk konden stilhouden en de massa zich beperkte tot het losgooien van de handen. Surrealistisch bijna, maar goed: er kwam toch een oververdiende toegift van, waarbij gitarist Luther Dickinson van North Mississippi Allstars nog even kwam meejammen. Een virtuoos, onvergetelijk concert, dat bewees dat deze oude Afro-Amerikaanse gospelvorm vandaag nog letterlijk springlevend is.

De North Mississippi Allstars (JJJ) hebben familiebanden waar menig aspirant-muzikant alleen maar moet van kwijlen. Zanger-gitarist Luther en drummer Cody Dickinson zijn immers de zonen van de legendarische Memphisproducer en -muzikant Jim Dickinson, die namen als Rolling Stones, Aretha Franklin en Big Star op zijn curriculum heeft staan. Zijn nageslacht, aangevuld met bassist Chris Chew, zoog alle countryblues, soul en rootsrock uit het noorden van Mississippi op als een spons en kwam die in Peer met hoogstens wat onsamenhangend gevolg uitwringen. Hoe dan ook: Blues Peer tapte dit jaar weer fris uit oude vaatjes.

Belgium Rhythm 'n' Blues Festival in Peer zet zegetocht van voorbije jaren voort

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234