Maandag 16/12/2019

turnhouts productiehuis HET GEVOLG VIERT TWINTIGSTE VERJAARDAG MET OPENING EIGEN ZAAL

Artistiek leider Ignace Cornelissen: 'Ik denk dat dit onze waarde is: het brede middenveld mainstream aanbieden'

'Wij maken theater waarbij je geen inleiding nodig hebt'

Bij Het Gevolg kon je deze week geen deur openen of je stootte een schilder van zijn ladder. Alles ging in het wit, omdat het Turnhoutse productiehuis vandaag zijn twintigste verjaardag viert met de officiële opening van zijn eigen zaal in de Otterstraat. Tegelijk gaat het in première met Hendrik de Vijfde, een bewerking van het gelijknamige succes uit 1992. Het Gevolg renoveert, ook inhoudelijk. 'Met deze vaste stek willen we bouwen aan een duidelijker profiel', zegt artistiek leider Ignace Cornelissen.

Turnhout

Van onze medewerker

Wouter Hillaert

Twintig jaar is ongeveer de tijd waarop een mens volwassen wordt en net die ontwikkeling maakte ook Het Gevolg door. Het begon in 1984 als een professioneel kindertheatergezelschap, nadat de pas afgestudeerde Ignace Cornelissen in De Warande Oorlogje had gemaakt met amateurs. Vlaanderen werd in die tijd overspoeld door jeugdvoorstellingen uit Nederland en had zelf maar een beperkt kwaliteitsaanbod voor een jong publiek. Daarbij kwam dat Cornelissen het volwassen circuit toen wat te hoogdravend vond. De keuze was snel gemaakt: Het Gevolg ging toegankelijke en sober vormgegeven reisproducties maken voor kinderen, waarin klassieke stof vaak een actueel tintje kreeg. Een trilogie rond koningsdrama's, waaronder Hendrik de Vijfde, was daar voor velen de top van. Winterslag kreeg al in 1991 de gerenommeerde Signaalprijs.

Vanaf 1997 schakelde Het Gevolg plots over naar producties voor volwassenen. Hoewel, plots? Een hele tijd al had Cornelissen uitstapjes gemaakt naar andere gezelschappen, zoals de KVS, Antigone en Zuidpool. Hij raakte wat uitgekeken op jeugdtheater en wilde de principes die hij daar ontwikkeld had, doorvoeren naar het avondcircuit. Dat Een bruid in de morgen van Claus het scharnier werd, was niet toevallig. Tot op heden toont Het Gevolg een merkbare voorkeur voor het familiegegeven en voor de impact van de grotere politieke werkelijkheid daarop. In Vermist bijvoorbeeld, op tekst van Walter van den Broeck, werd het fenomeen van de witte beweging op de korrel genomen, terwijl Noordeloos van Peer Wittenbols de reacties toonde van een familie op een zieke vrouw.

Beide voorstellingen passen mee in de Turnhoutse verankering die Het Gevolg de laatste jaren steeds meer opzoekt. "We willen prikkelen, tot denken aanzetten, bovenal emotioneren. We willen dat niet doen voor een beperkte, intellectuele elite, maar zoals voorheen een theaterhuis zijn dat in de breedte gaat. Het Gevolg wil bewust mikken op verschillende doelgroepen, niet zonder meer toegeven aan het marginale karakter van theater. Met artistiek hoogwaardige voorstellingen willen we zoveel mogelijk mensen bereiken", schrijft Cornelissen in het jubileumboek 20 jaar Het Gevolg, dat vandaag gepresenteerd wordt. Het gaat om een toekomstvisie, want net met die dubbele betrachting worstelt het huis vandaag nog. Vermist trok goed, maar was artistiek minder geslaagd. Noordeloos was in zijn abstractie veel interessanter, maar kon op minder publiek rekenen.

Wel is Het Gevolg een huis met vele kamers. Het heeft naast de regies van Cornelissen altijd onderdak geboden aan een paar jonge vrouwelijke regisseurs. In de periode 1994-'96 was dat Arlette Van Overvelt, die nu Luxemburg leidt. En sinds Het Gevolg in 2001 opnieuw jeugdtheater ging maken werden dat Nathalie Roymans en daarna Ianka Fleerackers, van wie onlangs Norway.Today in première ging. "Het zijn nieuwe mensen aan wie je kansen geeft vanuit een zekere voeling met hun werk. Wat ze doen, is net als bij mij niet te hermetisch, maar toch verschilt het van mijn werk. Zo zie ik ook de functie van het productiehuis dat we willen zijn voor Turnhout en omstreken: door niet één stijl of niet één soort voorstelling te bespelen, een zo divers mogelijk publiek aanspreken", aldus Cornelissen.

Door die focus op het lokale publiek lijkt Het Gevolg de laatste jaren evenwel niet meer dezelfde uitstraling te hebben als in het eerste decennium. Toen stonden jullie aan de spits van het jeugdtheater, vanuit een engagement tegenover de ontwikkeling van het hele veld. Wat is vandaag nog de waarde van Het Gevolg?

Ignace Cornelissen: "Het is zeker niet zo dat we ons hier in deze stad terug gaan trekken. We gaan sommige producties weliswaar enkel in eigen zaal spelen, omdat we twintig jaar lang hebben gereisd en het soms frustrerend is dat de maten van de vrachtwagen de verbeelding bepalen. Maar met andere producties blijven we op tournee gaan.

"Ik vind die reisfunctie ook heel belangrijk. Je moet jezelf blijven confronteren met wat er elders leeft, en met een publiek dat misschien kritischer is dan hier in Turnhout. Alleen is het daarbij veel moeilijker geworden om je sterk te profileren, omdat er nu zoveel meer gezelschappen zijn. Ik denk dat dit net onze waarde is: het brede middenveld een bepaald soort mainstream aanbieden. Dat is een heel belangrijk segment van het theaterveld, maar dat wordt wel eens vergeten. Een gezond landschap leeft bij gratie van zijn diversiteit."

En bij gratie van zijn artistieke kwaliteit. in Vermist bijvoorbeeld waren die niet echt groot. Een breed publiek bereiken met mainstream en artistiek verrassen kan toch samengaan?

"Nee, dat is inderdaad de enorme uitdaging: om ook voor well made plays een relevante manier te vinden om ze op te voeren. Bij Vermist had ik meer moeten durven te knippen in de tekst, en verder durven te gaan in de satire. Bij De ronde van Vlaanderen, ook een tekst van Walter van den Broeck, lukte dat veel beter, omdat we daar echt een onverwachte speelstijl op loslieten. Ik blijf het ook heel legitiem vinden om een well made play op te voeren van een auteur van boven de zestig. Voor mij moeten toeschouwers niet al te veel codes beheersen om van theater te kunnen genieten. We moeten kunst meer inbedden in een cultuur van toegankelijkheid."

Hoe ziet u toegankelijkheid dan, artistiek gezien?

"Als ik een voorstelling maak, is het niet zo dat ik zo nodig toegankelijk wil zijn. Ik denk veeleer dat de toegankelijkheid van mijn voorstellingen het gevolg is van mijn persoonlijke manier van vertellen, van hoe ik tegen de wereld aankijk. Het heeft iets te maken met het spanningsveld dat ik 'de kunst van het entertainen, en het entertainen van de kunst' noem. Dat is voor mij heel centraal. Ik denk aan een publieksonderzoek dat NRC Handelsblad ooit heeft gedaan naar 'wat de mensen eigenlijk op toneel willen'. Daar kwamen twee dingen uit: enerzijds willen ze verrast worden, anderzijds bevestigd in een vorige positieve ervaring. Dat is ontzettend dubbel, maar het maakt wel de kern uit van waarmee je aan de slag moet. Het probleem is alleen dat het vernieuwende margetheater in Vlaanderen in het centrum is komen te staan, terwijl mainstream nu de uitzondering is."

Zo kreeg Het Gevolg van de beoordelingscommissie van de Vlaamse Gemeenschap net een preadvies voor maar twee jaar. Wat wilt u daartegen inbrengen?

"Ik vind de tweejaarlijkse structurele subsidie een oneigenlijk gebruik. Die was bedoeld om nieuwe groepen te laten instromen, niet om iedereen meteen opnieuw zoveel tijd te laten steken in het schrijven van een vers dossier. Wat kun je in twee jaar tijd trouwens bewijzen?

"Kijk, we hebben voor de komende periode geprobeerd om ons niet al te zeer te laten opjagen door het beleidsmoeras waaruit van alles geroepen wordt over 'internationalisering', 'kunsteducatie' of 'vernieuwing'. Heel veel collega's lijken dat wel gedaan te hebben, waardoor alle dossiers sterk op elkaar beginnen te lijken. Nee, wij gaan voor een profiel waarin we geloven omdat het onze eigen sterkte is. Internationalisering is bijvoorbeeld niet onze prioriteit. Wel willen we nieuwe pistes openleggen en op zoek gaan naar nieuwe uitdagingen, maar dat vertaal je niet één twee drie naar de praktijk."

Wat zijn die nieuwe uitdagingen? Wordt het niet vooral de zaak om de Turnhoutse inbedding ook echt voelbaar te maken in thema's op het podium zelf?

"Dat is inderdaad de eerste van drie krijtlijnen waarmee we willen bouwen aan een duidelijker profiel. Het heet 'littekens in het landschap', waarmee we willen gaan werken omtrent Kempense thema's en locaties. Zo komt er volgend seizoen een project in de kolonie van Wortel. Daar staan een aantal gevangeniscomplexen met een rijke geschiedenis, waar Don Verboven op de locatie zelf een voorstelling over zal maken. 'De grote boodschap' staat dan weer voor kindervoorstellingen die uitgaan van een volwassen problematiek. Ik wil iets maken over de journalisten die in het spoor van het leger de Irak-crisis volgden, over de manipulatie van media. En in 'Krassen op de ziel' vragen we aan auteurs die niet zo vaak voor theater schrijven om een stuk voor volwassenen te maken. Eerst komt Guido Van Meir aan de beurt, de scenarist van Terug naar Oosterdonk. Die drie lijnen moeten Het Gevolg meer een gezicht geven, omdat we de laatste jaren een soort imagoprobleem hebben ervaren door het eclectische karakter van onze programmering."

Ergens is het vreemd dat jullie daarbij afkerig staan tegenover kunsteducatie. Dat zou toch een handig hulpmiddel kunnen zijn,

als je wilt proberen je eigen artistieke uitdagingen mee in overeenstemming te brengen met de kijkkaders van je specifieke publiek?

"Je ziet dat het politieke beleid maatschappelijke problemen probeert door te schuiven naar cultuur, daar heb ik problemen mee. In de jaren zestig moest kunst gaan over het individu dat zich kon verheffen uit de massa, terwijl nu plots de sociale cohesie hersteld moet worden om 'de verzuring tegen te gaan'. Maar dat is niet onze kerntaak: wij moeten theater maken. Daarbij willen we voorstellingen maken die niet noodzakelijk een inleiding of een voorbereiding behoeven. Ze moeten op zich kunnen verleiden om mensen nog eens terug te doen komen, niet via theatereducatie. Toeschouwers moeten toch niet eerst een getuigschrift kunst hebben, voor ze naar theater kunnen gaan? Dat is een zaak van wat je toont op het podium zelf."

Is dat dan vooral de missie van Het Gevolg?

"Ik las onlangs Het boek van Geert Lernout, waarin hij uitlegt dat de alfabetiseringsgraad groter is dan ooit, maar dat er steeds minder mensen lezen. Zo maak ik me zorgen over het aantal mensen dat nog bereid is om naar het theater te gaan. Ik merk bij mezelf zelfs een grote angst voor een lege tribune. Maar ook los daarvan moeten we een breed publiek blijven aanspreken, mét artistiek interessante voorstellingen. Anders vrees ik dat het medium zal wegkwijnen aan zichzelf. Het grote publiek is te belangrijk om over te laten aan de commercie."

Vandaag, 16 april, viert Het Gevolg zijn twintigjarige bestaan met de voorstelling Hendrik de Vijfde, de officiële opening van zijn eigen zaal in de Otterstraat in Turnhout en de presentatie van het boek 20 jaar Het Gevolg. Info: www.hetgevolg.be of tel. 014/426327

n 1992 Mark Stroobants en Simone Milsdochter in Wintersprookje.n 2001 Max Thijssen en Bart Klein in Radio Futura.n 2004 Gert Portael in Noordeloos.

n 1990 Willy Thomas in Dokter Zero op een zigurat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234