Dinsdag 26/10/2021

Tsjernobyl-besmetting verzwegen

Als gevolg van de radioactieve wolk die in april 1986 neersloeg op Frankrijk na de ramp met de kerncentrale van Tsjernobyl hebben schildklierpatiënten wegens 'vergiftiging' een klacht ingediend. Met documenten tonen ze aan dat het Franse ministerie van Volksgezondheid destijds de Europese stralingsnormen in voedingsproducten aan zijn laars lapte.

Brussel / Valence

Eigen berichtgeving

Maarten Rabaey

In mei 1986 is Angélique vijf jaar, ze is een mollig meisje uit Corsica, in perfecte gezondheid. Haar ouders hebben enkele geiten en een tuin die voedsel oplevert waarvan de hele familie eet. Half mei begint het meisje te klagen over nekpijn, ze huilt en lijkt veel pijn te hebben. Haar klieren zijn pijnlijk gezwollen. In een halve maand vermindert haar gewicht van 24,5 naar 19,7 kilo. De keelholte is beschadigd. Tot begin 1987 blijft het kind pijn lijden.

Angélique heeft geluk, of wat heet: ze kwam ervan af met schildklierbeschadiging. Een aantal andere patiënten in het verslag van dokter Fauconnier uit het departement Haute-Corse is gestorven aan schildklierkanker. Van 1983 tot '85 hadden zowat zeven op de honderd patiënten er schildklierproblemen, stelde hij vast. In 1987 steeg dat aantal tot twintig op de honderd. Het aantal schildklierkankers nam toe van 0,24 procent in 1984 tot 0,38 procent in 1987. De vragen van dokter Fauconnier, zijn collega's en later zelfs de Europese Commissie om een onderzoek te openen naar de oorzaken van de stijging, blijven tot op vandaag onbeantwoord.

De Fauconnier-dossiers maken deel uit van de klacht 'wegens vergiftiging' die gisteren in Parijs tegen 'onbekenden' werd ingediend namens 51 Franse schildklierpatiënten. Samen met de Association Française des Malades de la Thyroïde (AFMT) en het onafhankelijk onderzoeksbureau naar radioactiviteit CRII-RAD veronderstellen ze dat ze besmet werden door de radioactieve wolk die op 26 april 1986 ontsnapte uit de kerncentrale van het Oekraïense Tsjernobyl. De klagers stellen dat de Franse gezondheidsdiensten van deze risico's op de hoogte waren, maar ze om een of andere reden bewust minimaliseerden.

"Voor de 51 patiënten zelf zal het uiteraard moeilijk zijn om een oorzakelijk verband aan te tonen tussen hun ziekte en de radioactieve wolk die destijds neersloeg over de Elzas, de Provence, de Côte d'Azur en Corsica," zegt onderzoekster Corinne Castanier van het CRII-RAD in een gesprek met De Morgen, "maar we hebben wel bewijzen dat de overheid destijds loog over de besmettingsgraad van voedingsproducten". 'Onbekenden' zijn dus wellicht verantwoordelijk voor 'vergiftiging'.

Het CRII-RAD speelde ons meerdere documenten door die deze these moeten staven. Zo toont een document uit mei en juni 1986 van de Service central de protection contre les rayonnements ionisants, een dienst van het ministerie van Volksgezondheid, aan dat het niveau van het radioactieve jodium-131 in de geitenmelk van Haute-Corse op 12 mei 1986 4.400 becquerel per liter bedroeg. Becquerel is de intensiteitseenheid van radioactiviteit. "De Europese limiet was toen vastgesteld op 500 becquerel per liter," zegt Castanier.

Een van de typische kenmerken van een overdosis jodium-131 is beschadiging van de schildklieren. Vooral kinderen zijn daar gevoelig voor. Na de Tsjernobyl-ramp waren de jonge schildklierpatiëntjes van Oekraïne en Wit-Rusland de eerste zichtbare slachtoffers van stralingsziekten. Op Corsica toonden kinderen als Angélique eenzelfde probleem aan. Maar voor de Franse overheid was er geen vuiltje aan de lucht.

"In mei 1986 suste de dienst SCPRI van het ministerie van Volksgezondheid de bevolking met de mededeling dat het gemiddelde niveau van het (kankerverwekkende) cesium-137 in Frankrijk 8,5 becquerel per vierkante meter bedroeg, ver onder de risiconorm," zegt Castanier. "Ons bodemonderzoek van 1987 tot 1992 mat daarentegen waarden van 30- tot 35.000 becquerel per vierkante meter, zoals Straatsburg (32.200 bq/m2) en de regio's Bas-Rhin, Jura, Alpes Maritimes, Alpes de Haute-Provence en Corsica. De maximumwaarde cesium-137 die door Frankrijk werd doorgegeven aan Europa bedroeg 5.400 becquerel per vierkante meter." De Europese Commissie nam het zekere voor het onzekere: ze legde de lidstaten eind mei 1986 strikte cesiumdrempels op voor voedsel. De samengetelde hoeveelheid cesium 134 en 137 in voedselproducten mocht het niveau van 370 becquerel per liter melk en 600 becquerel voor andere producten niet overschrijden. Uit een document van, alweer, het Franse SCPRI blijkt dat in maart 1987 uit stalen van geïmporteerde noten uit Turkije een maximaal cesiumgehalte werd gemeten van 650 tot 1070 bq. Te veel voor de Commissie dus, maar: "ze beantwoorden aan de sanitaire normen. Ze zijn zonder beperking consumeerbaar", adviseert de dienst in het document.

"Een flagrante schending van de Europese reglementen", zegt Castanier. "Dit betekent dat niet alleen mensen die in de zone van de radioactieve wolk woonden risico's liepen, maar ook de mensen die bij wijze van spreken Turkse nootjes of andere producten kochten in een minder besmette zone zoals Bordeaux", zegt Castanier. "Met onze klacht willen we eindelijk antwoorden op de vraag waarom de overheid de regels overtrad, de gezondheidsrisico's voor de bevolking vergrootte en wat daar nu de gevolgen van zijn."

Documenten bewijzen dat Franse overheid radioactieve besmetting van voedsel negeerde

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234