Zondag 29/03/2020

TRUMP verdeelt de kleedkamer

Het gemor begon vorig jaar met Black Lives Matter en ging naadloos over in onvrede over de verkiezing van Donald Trump. De Amerikaanse profsport is opgedeeld in lovers en haters van Mr. President. Zelfs de grote sportmerken zijn het niet eens.

De halfzwarte American footballspeler Colin Kaepernick van de San Francisco 49ers besloot vorig jaar in augustus om niet meer recht te staan voor de 'Stars Spangled Banner', het Amerikaanse volkslied dat voor elke wedstrijd in de VS wordt gespeeld.

Kaepernick wilde zo zijn ergernis uiten over het politiegeweld tegen zwarten, maar kreeg de volle laag van blank en conservatief Amerika. Hij zou de vlag niet respecteren en derhalve ook niet de mannen die voor de vlag waren gevallen, en dus was hij een vijand van de militairen en van het volk, een term die Donald Trump onlangs voor de pers gebruikte.

Die Trump, toen nog als redelijk kansloos geachte presidentskandidaat, was een van de eersten om te reageren, via Twitter: "Dat hij een land zoekt dat beter is voor hem dan de VS. Won't happen." Waarop Kaepernick terugbeet en zei: "Wat een domme opmerking. Hij wil Amerika weer groots maken? Welnu, Amerika is nog nooit groots geweest voor gekleurde mensen. Hij kan daar alvast mee beginnen."

Rond die tijd begon de Amerikaanse sportsite Bleacher Report met een aantal steekproeven, en altijd kwam daarin hetzelfde terug: in het American football zijn alle blanken voor Trump en alle zwarten voor Clinton, of alvast tegen Trump. Het ruwe American football is buiten het veld duidelijk een Trump-sport. Twee van de meest illustere coaches schaarden zich in de campagne achter de Republikeinse kandidaat: Rex Ryan van de Buffalo Bills sprak op een verkiezingsrally in Buffalo en Bill Belichick van de New England Patriots uitte zich samen met zijn quarterback Tom Brady als supporter van Trump.

Democratisch Amerika was tijdens de Super Bowl een maand geleden dan ook erg duidelijk fan van de Atlanta Falcons, en toen die met 28-3 tegen de Patriots van Belichick leidden, leek de titel binnen handbereik. Trump had een Super Bowl-party georganiseerd, maar verdween bij die stand, onthutst over het nakende verlies. Als bij wonder kwamen de New England Patriots terug, en zo ook de president op zijn eigen feestje en op Twitter. Uiteindelijk werd het 34-28 voor de Patriots in de grootste comeback ooit. Trump triomfeerde: zijn winners hadden gewonnen. De Patriots zijn eigendom van Bob Kraft, van het gelijknamige bedrijf dat een van de grote sponsors was van de presidentscampagne van zowel Trump als Clinton.

Verhitte discussies

Enkele dagen na de overwinning lieten twee Patriots-spelers, Devin McCourty en Martellus Bennett, weten dat ze niet naar de traditionele ontvangst op het Witte Huis zouden gaan. "We voelen ons niet geaccepteerd door het Witte Huis." Die ontvangst moet nog worden gepland en de aanwezige spelers zullen ongetwijfeld nauwkeurig worden geteld, want afwezig blijven door politiek protest is ongezien.

De overwinning van Trump heeft voor discussies gezorgd in de Amerikaanse sport, heeft vriendschappen doen eindigen. De scheidslijn is raciaal. De NFL zit nu in het tussenseizoen, maar kort na de verkiezingen hebben verschillende teams hun spelers de raad gegeven - volgens hun cao is een verbod niet toegestaan - om niet over politiek te praten. Op tv-zender ESPN legde een analist uit hoe dat werkt. "Zwarte jongens praten onder elkaar over Trump en blanken doen dat ook. Als blanken en zwarten onder elkaar zijn, wordt het onderwerp gewoon gemeden."

Dat op zich is niet nieuw. Ook Barack Obama was een te mijden onderwerp. Er zijn in de voorbije jaren verhitte kleedkamerdiscussies gemeld na opmerkingen als "De eerste zwarte president is niet eens een Amerikaan", een bewering die onder meer van Trump kwam. In een competitie waar bijna zeven op de tien spelers zwart zijn, kwam dat hard aan. "Wie heeft gestemd op Trump, zal ik niet meer vertrouwen", was na november 2016 een vaak opgepikte opmerking. Wat dan weer werd gecounterd uit blanke hoek: "Zwarten spelen het altijd raciaal."

In april begint het baseballseizoen. Samen met ijshockey (4 procent) is dat de minst zwarte van de Amerikaanse sporten, met maar 8 procent Afro-Amerikanen op de spelerslijsten. De Amerikaanse bevolking telt 14 procent zwarten. Baseball is met 60 procent blanken en 30 procent hispanics de 'witste' en meest traditionele Amerikaanse sport. Als er in het honkbal ooit discussies zullen ontstaan over Trump, dan met de Spaanssprekende groep spelers.

'Zijn wij Rome?'

De meest gekleurde Amerikaanse sporttak is ongetwijfeld de NBA, met vier op de vijf niet-blanken. Het profbasketbal is de meest gekleurde, internationale, sociaal geëngageerde en raciaal militante competitie en Trump-aanhangers onder de spelers houden zich gedeisd. The black man's game for a white man's audience, zwarte sport voor een blank publiek, trekt vooral aan de west- en oostkust een Democratisch gezind publiek, en dat reflecteert zich in de uitlatingen van de hoofdrolspelers. Detroit Pistons-coach Stan Van Gundy was snel met een reactie na de overwinning van Trump: "Ik geloof niet dat iemand kan ontkennen dat deze man openlijk racistisch en misogyn is. We hebben een heel deel van onze bevolking onder de bus gegooid."

Een collega, Gregg Popovich, is de morele leider van het protest in de NBA. De 68-jarige coach van de San Antonio Spurs is van Servische afkomst en spreekt naast Amerikaans ook Servo-Kroatisch en Russisch. Hij volgde aan Air Force Academy Sovjet-studies, protesteerde tegen de Vietnam-oorlog, reed in een gele Corvette en diende drie jaar in het Amerikaanse leger in Turkije, als vertaler van onderschepte Russische boodschappen. Daarna keerde hij terug naar school en werd hij basketcoach.

Coach Pop kan het niet helpen, het is sterker dan hemzelf, maar om de zoveel persconferenties moet hij uithalen naar zijn president. Het begon al na de verkiezingen. "Ik ben er ziek van, aan mijn maag."

Enkele dagen later ging hij door. "We verliezen de belangen van de zwarten, hispanics, vrouwen en holebi's compleet uit het oog door deze man te verkiezen. En hij durft dan nog een gehandicapte te beledigen met zijn zesdeleerjaar-verstand. Come on. En deze man moet ons land leiden. Dat is walgelijk."

Vorige maand was het Black History Month, maar in de aanloop daar naartoe stond er ook een superbelangrijke wedstrijd bij de Cleveland Cavaliers op de agenda. De hele persconferentie die Popovich voor de wedstrijd hield, ging op aan Trump, racisme ("Onze nationale zonde") en fulmineren tegen zijn vaderland. Zijn favoriete zin, of eerder zijn grootste angst, is deze: "Zijn wij dan Rome geworden?"

Een ass

Net als de Amerikaanse maatschappij was ook de Amerikaanse sport nog nooit zo verdeeld. Zelfs de sportmerken vliegen elkaar in de haren. Nike kwam enkele weken geleden met een nieuwe campagne, 'Equality' of gelijkheid. Op YouTube is de anderhalve minuut lange spot te zien. LeBron James keerde er zelfs voor terug naar de pleintjes, net als tennisster Serena Williams, collega-basketbalspeler Kevin Durant en andere gekleurde sterren van het grootste sportmerk van de planeet. "Hier word je beoordeeld op je prestaties, niet op je looks of je geloof."

De spot kwam in de weken na Trumps beslissing om migratie te bemoeilijken, iets wat ook heel even resoneerde in de sport. "Sport is de gelijkmaker. De bal zou voor iedereen hetzelfde moeten botsen. Als we in de sport gelijk kunnen zijn, moet dat overal kunnen."

De publicitaire campagne werd gezien als een ongemeen sterke boodschap en een regelrechte aanval op de Trump-doctrine. Nike heeft natuurlijk ook secundaire belangen in de strijd tegen Trump. Het merk heeft samen met enkele andere grote retailers een actie opgezet tegen de geplande belastingen op in het buitenland geproduceerde goederen. Het vond in Adidas een bondgenoot, maar bijvoorbeeld niet in het bij de jeugd zeer populaire Under Armour, dat vooral roots heeft in de NFL.

Dat merk verslikte zich in de persoon van hun CEO Kevin Plank, toen die het opnam voor Donald Trump, in wie hij een president ziet die goed zou doen voor het zakenleven. "Trump wil dingen bouwen, wil beslissen. Zo'n president hebben is een echte troef voor dit land." Voor 'een troef' gebruikte Plank het Amerikaanse 'an asset'.

Planks woorden waren nog niet koud of hij kreeg al de wind van voren op sociale media - waar tot een boycot van Under Armour werd opgeroepen - maar ook van sportsterren, en niet van de minste. Stephen Curry, twee jaar na elkaar tot beste speler van de NBA uitgeroepen én nota bene voor 5 miljoen per jaar onder contract bij Under Armour én mede-aandeelhouder van het bedrijf, reageerde: "Ben het compleet eens met onze CEO, als je de -et van asset weghaalt."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234