Donderdag 05/08/2021

PortretLionel Barber

‘Trump gedroeg zich als een schurk’: Lionel Barber, oud-hoofdredacteur van ‘Financial Times’

Lionel Barber was van 2005 tot 2020 hoofdredacteur van de FT, een van 's werelds invloedrijkste zakenbladen. Beeld Getty Images
Lionel Barber was van 2005 tot 2020 hoofdredacteur van de FT, een van 's werelds invloedrijkste zakenbladen.Beeld Getty Images

Als hoofdredacteur van de Financial Times, een van ’s werelds invloedrijkste zaken­bladen, was Lionel Barber (66) overal welkom, tot in het Witte Huis en het Kremlin. In zijn boek The Powerful and the Damned blikt hij terug op een turbulente tijd. ‘Trump gedroeg zich als een schurk, als Tony Soprano.’

In juli 2019 stond Lionel Barber, destijds hoofdredacteur van het zalmroze zakenblad Financial Times, op het Rode Plein in Moskou. Vijf jaar na een eerste verzoek bij de Russische ambassade in Londen was president Poetin dan eindelijk bereid anderhalf uur met Barber en zijn Rusland-correspondent Henry Foy te spreken. In geen jaren had Poetin dat zo uitgebreid met een westerse krant gedaan.

“Het Kremlin ontving ons hartelijk”, zegt Barber (66) via Zoom vanuit zijn huis in Dunsfold, een gehucht op anderhalf uur rijden van Londen. “Toen we wachtten op Poetin, kregen we thee en cake in wat ik de Polonium Suite noem”, vertelt hij grappend, verwijzend naar het radioactieve gif dat in 2006 in een Londens hotel in de thee was gestopt van de Russische dissident Aleksander Litvinenko, waarna hij overleed. (Volgens een Brits onderzoek was het Poetin zelf die opdracht gaf tot de moord.)

De hartelijkheid verdween toen Barber en Foy naar een volgende kamer werden geleid. Barber: “Daar stonden vier stevige bodyguards en vier lege stoelen. Ik heb last van rugpijn, dus ik wilde gaan zitten. Maar net toen ik aanstalten maakte, namen de bodyguards plaats. Ik moest een uur blijven staan.”

Barber was erop voorbereid, zegt hij. “Poetin speelt met iedereen een waiting game, zo probeert hij je uit je evenwicht te krijgen.” Na in totaal vier uur wachten, om 23.40 uur, ontving Poetin de FT in de kabinetskamer, met daarin standbeelden van de tsaren Nicolaas I, Alexander II, Catherina de Grote en Peter de Grote.

“Welkom in het Kremlin, meneer Barber”, zei Poetin.

Van 2005 tot 2020 was Barber hoofdredacteur van de FT, een van 's werelds invloedrijkste zakenbladen. Hij erfde een titel in crisis die 60 miljoen pond (bijna 70 miljoen euro) in drie jaar had verloren, maar onder zijn leiding keerde het tij: de krant maakte winst, verdubbelde het aantal betalende lezers tot ruim een miljoen en publiceerde spraakmakende onthullingen.

Desastreuze gebeurtenissen

Barber leidde de krant in een tumultueuze periode: in 2008 brak de financiële crisis uit en in 2016 kozen de Britten voor de brexit en de Amerikanen voor Trump − desastreuze gebeurtenissen volgens de paper of globalisation, zoals Barber de FT noemt. Barber had contact met alle hoofdrolspelers, zo blijkt uit zijn vermakelijke en soms onthullende boek The Powerful and the Damned: Private Diaries in Turbulent Times. Daarin beschrijft Barber in dagboekvorm hoe premiers, bankiers, presidenten en prinsen hem intimideren en paaien om de berichtgeving over hen te beïnvloeden.

Naast Poetin interviewde Barber onder meer de Britse premiers Blair, Brown, Cameron en May, de Amerikaanse presidenten Obama en Trump, de Duitse bondskanselier Merkel (drie keer), de Indiase premier Modi, de Japanse premier Abe, de Rwandese president Kagame en de Iraanse president Rohani. Ook stond hij, toen de bankencrisis in 2008 uitbrak, in nauw contact met Wall Street-CEO's als Lloyd Blankfein (Goldman Sachs), Jamie Dimon (JPMorgan Chase) en Steve Schwarzman (Blackstone).

Die toegang tot de macht kan op gespannen voet staan met journalistieke objectiviteit: wie regelmatig dineert met een politicus, is misschien niet zo snel geneigd een kritisch stuk te schrijven over diezelfde politicus.

Hoe probeerde Barber, die beschamende onthullingen publiceerde over CEO's met wie hij al decennia vriendschappelijk omging, zijn objectiviteit te waarborgen? Hoe slaagde hij erin om de FT weer succesvol te maken? En hoe kijkt hij terug op de FT-verslaggeving van de financiële crisis en de brexit?

Een profiel uit 2016 in de rechtse tabloid The Daily Mail omschreef Barber als een scherpe, namedroppende intellectueel met de uitstraling van een staatsman en een voorliefde voor dure maatpakken. Barber, die Duits en geschiedenis studeerde aan Oxford, komt uit een journalistenfamilie. Zijn broer is EU-correspondent in Brussel voor de FT en zijn inmiddels overleden vader schreef voor The Sunday Telegraph. Lionel Barber ging in 1985 werken voor de FT, waarvoor hij onder meer correspondent in Brussel en Washington was.

Hoogste baan

Vanwege de deplorabele staat van de krant drong Barber in 2005 bij de eigenaar aan op een wisseling van de hoofdredacteur. Prompt kreeg hij zelf de hoogste baan. Hij greep direct in: hij verhoogde abonnementsprijzen en was in 2007 een pionier toen hij een betaalmuur introduceerde op de site. Het plan voor een dagelijkse sportpagina schoot hij af. De focus moest liggen op financiële journalistiek.

De FT onderscheidt zich van de in New York gevestigde rivaal The Wall Street Journal door een kosmopolitische blik. De krant schreef veel kritischer over Donald Trump dan de WSJ, dat met Rupert Murdoch dezelfde eigenaar heeft als het rechtse Fox News. En waar de WSJ toch vooral een Amerikaanse krant is, omschrijft de FT zichzelf als World Business Newspaper. De verslaggeving vanuit Brussel van de EU is ongeëvenaard.

In 2006 ging Barbers telefoon. Aan de lijn hing Hank Paulson. De oud-topman van Goldman Sachs vertelde Barber dat hij het aanbod van de Amerikaanse president Bush om minister van Financiën te worden, had aanvaard. Voor Paulson was de FT een bruikbaar medium om te vriend te houden. Hoewel de redactie staat in The City, het financiële hart van Londen, is slechts een derde van de lezers Brits. Abonnees wonen van New York tot Shanghai.

Lezers zijn vaak actief in de politiek of bij bedrijven. Uit een peiling in 2011 bleek dat de FT onder zakenlieden het meest gelezen blad was. “We schrijven voor een nichepubliek”, zegt Barber. Tevreden: “Al hebben we tegenwoordig een miljoen betalende lezers.” Een abonnement is duur − digitale toegang kost 38 euro per maand − want de doelgroep is rijk. Volgens de FT is de helft van de lezers van de ultraluxueuze weekendbijlage How To Spend It bereid om meer dan 11.000 euro voor een horloge te betalen.

Lionel Barber (m.) en Rusland-correspondent Henry Foy interviewen Vladimir Poetin in het Kremlin. Beeld Mikhail Klimentyev/TASS
Lionel Barber (m.) en Rusland-correspondent Henry Foy interviewen Vladimir Poetin in het Kremlin.Beeld Mikhail Klimentyev/TASS

Barber zag de toenaderingspoging van Hank Paulson als uitnodiging tot de macht en besloot toen dat het onderhouden van invloedrijke contacten een cruciaal onderdeel van zijn baan zou worden. Barber werd editor-reporter, hoofdredacteur-verslaggever. Waar andere hoofdredacteuren vanuit hun kantoor de lakens uitdelen en het schrijven van stukken aan anderen overlaten, vloog Barber naar paleizen en ministeries om kopstukken te spreken en zijn netwerk te verbreden.

Die reizen leverden hem niet alleen geruchtmakende interviews op met wereldleiders − het interview met Poetin is gefilmd en 1,8 miljoen keer op YouTube bekeken − maar ook waardevolle off the record-gesprekken met beleidsmakers. Barber: “In 2018 schreef ik een memo aan de redactie na gesprekken in Washington met mensen uit de top van de politiek en de inlichtingen- en zakenwereld. Ik zette daarin uiteen dat Amerika zich tegenover China agressiever zou opstellen, waardoor wij onze verslaggeving moesten aanpassen.”

Barber benadrukt dat die informatie slechts één puzzelstukje vormde voor een eventueel artikel. “Als hoge functionarissen vroegen waarom hun verhaal nog niet tot een stuk in de krant had geleid, zei ik dat mijn journalisten ook met andere bronnen spraken.”

Een sms van Boris Johnson

The Powerful and the Damned is op zijn sterkst als Barber onderonsjes beschrijft waarin machtige figuren hem subtiel of minder subtiel proberen te beïnvloeden. Nadat de FT in 2008 had onthuld dat Dubai op de rand van een faillissement stond, belde prins Andrew, een bekende van kroonprins sjeik Hamdan. “Jouw man in Dubai, Simon Carr, veroorzaakt veel problemen.” Barber: “U bedoelt Simeon Kerr?” Prins Andrew: “Ja, Simon Kerr... Kijk, ik geef alleen maar de boodschap door. Jouw man veroorzaakt veel problemen.”

Na het brexitreferendum in 2016 kreeg Barber een sms van Boris Johnson. “Wanneer gaat jouw kant toegeven dat jullie de discussie verloren hebben en stoppen jullie met het beschrijven van de brexit als de nieuwe kanker?”, schreef de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken. “Ik heb nog nooit zo’n lading misselijkmakende, treurige, liberale confirmation bias gezien.” De reactie van Barber: “Boris, lees de verdomde krant. We accepteren de uitslag. PS: we helpen je graag beslissen wat er nu gaat gebeuren − iets dat je nooit fatsoenlijk hebt besproken tijdens de campagne.”

Als hoofdredacteur kun je geen hooggeplaatste vrienden hebben, zegt Barber. “Vrienden vragen je om gunsten en dan moet je maar sterk genoeg zijn om nee te zeggen. Anders ga je jezelf censureren.”

Vooruit, er was één uitzondering. Eén persoon die “een levenslange vriend en bron was”, dankzij wie hij zijn redactie tijdens de eurocrisis in 2010 kon voorzien van inside-information over de houding van Merkel of een mogelijk vertrek van Griekenland uit de eurozone. Dat was Mario Draghi, destijds directeur van de Europese Centrale Bank – en nu premier van Italië.

Is een vriendschap tijdens de eurocrisis tussen de belangrijkste bankier en een van de belangrijkste journalisten gezond?

“Het was een begrensde vriendschap”, zegt Barber. “We respecteerden de baan van de ander. Soms klaagde hij over onze berichtgeving, maar dan zei ik dat ik niet ging ingrijpen. Als de redactie, waar ze wisten dat Mario en ik close waren, over hem wilde schrijven, zei ik: ‘Schrijf wat je wil schrijven, als het maar accuraat is’.”

Fluwelen handschoentjes

De Ierse journalist Fintan O’Toole schreef in een recensie in The Guardian dat Barber zich soms te nederig opstelde. Zo hekelde O’Toole dat Barber schreef dat hem “toegang werd verleend” tot de Britse prinsen Andrew en Philip en hun Saudische collega Mohammed bin Salman.

“Ik gebruikte die bewoordingen omdat zij lid zijn van het koninklijk huis, zij hoeven de pers niet te woord te staan”, zegt Barber. “Maar goed, de suggestie dat we Bin Salman met fluwelen handschoentjes hebben aangepakt, is absolute onzin. Als je kijkt naar onze verslaggeving zie je dat we ons geen moment hebben ingehouden. Misschien was Fintan jaloers.”

Het uitbreiden en onderhouden van zijn netwerk was niet de enige reden voor Barbers reizen. “Ik kon ontsnappen aan mijn bureau in Londen. Ik kon de vlag van de FT planten op meerdere continenten, in de hoop dat ze ons daar ook zouden gaan lezen.”

De reizen hadden iets weg van een staatsbezoek, georganiseerd door de correspondent ter plaatse. Neem zijn trip naar Zuid-Afrika, in 2007. Die begon met diners met de top van de zakenwereld, onder wie de voormalige vakbondsleider (en huidige president) Cyril Ramaphosa. Barber sloot de reis af met een bezoek aan president Mbeki.

De meest curieuze ervaring had Barber in 2017 in het Witte Huis, met de net aangetreden president Donald Trump. 'Hij gedroeg zich als een schurk, als Tony Soprano.' Beeld AP
De meest curieuze ervaring had Barber in 2017 in het Witte Huis, met de net aangetreden president Donald Trump. 'Hij gedroeg zich als een schurk, als Tony Soprano.'Beeld AP

Vonden de correspondenten, die dag in dag uit bezig zijn met de politieke ontwikkelingen in hun land, het niet vervelend dat hun baas even langskwam en de hoogste piefen voor hun neus wegkaapte? “Nee”, zegt Barber. “Zij vonden het prachtig als de hoofdredacteur in de stad was. ’s Avonds betaalde ik de drankjes en tijdens de interviews nam ik dan wel de leiding, maar zij mochten ook vragen stellen. Daarnaast wisten ze dat mijn aanwezigheid waarschijnlijk de reden was dat het interview überhaupt plaats zou vinden.”

Vladimir Poetin was niet het enige staatshoofd dat probeerde Barber te intimideren. “President Kagame van Rwanda fluisterde dusdanig zacht dat je wel ongemakkelijk naar voren moest buigen om hem te verstaan.”

De meest curieuze ervaring had Barber in 2017 in het Witte Huis, met de net aangetreden president Donald Trump. “Hij gedroeg zich als een schurk, als Tony Soprano.” Nadat Barber de Oval Office was binnengekomen, stond Trump niet op en gaf hij ook geen hand. Toen Barber, die zich voorafgaand aan de verkiezingen in een hoofdredactioneel commentaar voor Hillary Clinton had uitgesproken, de president bedankte voor zijn abonnement op de FT, zei Trump: “Dat is prima. Jij hebt verloren, ik heb gewonnen.”

De verkiezing van Trump, in november 2016, was niet de eerste dreun voor het liberale wereldbeeld van de FT. Een aantal maanden eerder had het Verenigd Koninkrijk in een referendum besloten tot de brexit.

Grootste fout

Barber ziet de brexitverslaggeving van de FT als de grootste fout van zijn hoofdredacteurschap. “We hebben ons te veel gefocust op het sentiment in de grote steden. Vier buitenlandcorrespondenten hebben we naar het platteland gestuurd en zij zeiden allemaal: ze gaan hier leave stemmen. Nieuwsgierigheid − het hebben van een open blik − is de belangrijkste eigenschap van een journalist. Dus iemand had moeten zeggen, nee ík had moeten zeggen: we horen nu vier keer leave. We moeten hier meer aandacht aan besteden. En die stukken moeten op de voorpagina. Maar dat is niet gebeurd.”

In zijn boek kijkt Barber ook kritisch terug op zijn functioneren tijdens de financiële crisis. “Misschien waren we te close met de bazen van de City en Wall Street. We besteedden te weinig aandacht aan de beurshandelaren.”

Met meer plezier kijkt Barber terug op de onthullingen van zijn krant. Zo achterhaalde de FT waarom de Britse reclameman Martin Sorrell was opgestapt bij het door hem opgerichte WPP, ‘s werelds grootste advertentiebedrijf: hij was op kosten van de zaak naar een bordeel gegaan. Een ongemakkelijke publicatie voor Barber, want hij ging al twintig jaar vriendschappelijk om met Sorrell, die de aantijgingen altijd heeft ontkend. “Maar ik heb daar geen slapeloze nachten van gehad. De beschuldigingen waren serieus en aandeelhouders hebben recht om te weten waarom hij was opgestapt.” Sorrell heeft het hem nooit vergeven.

Barbers hoogtepunt kwam in zijn laatste jaar als hoofdredacteur, in 2019. Na drie jaar onderzoek had FT-journalist Dan McCrum een enorm boekhoudschandaal blootgelegd bij het Duitse onlinebetalingenbedrijf Wirecard. Na de onthullingen vroeg het betalingsbedrijf het faillissement aan en belandde een van de oprichters in de gevangenis. De baas van de Duitse beurswaakhond stapte op. Overgaan tot publicatie was een moeilijk besluit, zegt Barber. “Met pr-campagnes en juridische dreigementen zijn we geïntimideerd door deze criminele organisatie die Duitslands favoriete softwarebedrijf was.”

Een aantal maanden na dit klapstuk maakte Barber plaats voor zijn opvolger Roula Khalaf, die de eerste vrouwelijke hoofdredacteur van de FT werd. Barber vreesde dat hij na zijn aftreden met weemoed zou terugdenken aan de tijd waarin hij onder de sneltoets stond van de groten der aarde, maar dat gevoel is uitgebleven. “Het was tijd om te gaan.” Hij dacht aan wat zijn journalistieke mentor Ben Bradlee, tussen 1968 en 1991 een legendarische hoofdredacteur van The Washington Post, tegen hem zei: “Op de dag dat je opstapt als hoofdredacteur kom je erachter wie je echte vrienden zijn.”

Met Draghi is hij nog steeds bevriend, zegt Barber, en ook anderen bellen nog steeds terug. “Het duurt alleen wat langer.”

Wat doet Barber nu?

Barber zit na zijn vertrek als hoofdredacteur niet stil. Hij is begonnen met de interviewpodcast What next?, waarvoor hij onder meer de Britse oud-premier Tony Blair sprak. Ook schrijft hij een column voor Nikkei, het Japanse mediabedrijf dat de FT in 2015 kocht. En hij heeft, samen met de oud-CEO van The New York Times Mark Thompson, geïnvesteerd in The New European, een Brits weekblad dat schrijft over Europa. “Ik zal daar adviseur van zijn, geen hoofdredacteur.”

Lionel Barber: The Powerful and the Damned - Private Diaries in Turbulent Times. WH Allen, 480 pagina’s, 15,99 euro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234