Woensdag 12/05/2021

Tour de force en Corse

Op de motor door adembenemend Corsica

Zelden ben ik zo beladen met uitroeptekens op reis vertrokken. Zelden heb ik onderweg de vele superlatieven zo bevestigd gezien. Met de motor ontdek je nu eens traag, dan weer snel waarom Corsica het Ile de la Beauté wordt genoemd.

Door Luc Van de Steene

at een landschap, en zo afwisselend", was me bij het vertrek ingefluisterd. En al die bochten, om de honderd meter, soms korter. De variatie is inderdaad fenomenaal, op zo'n beperkte oppervlakte bovendien. Het ene moment slinger je jezelf en je machine door de woeste maquis tot je er dolgedraaid van wordt. Het volgende moment ben je in de woestijn beland, in de Désert des Agriates met name. Wat later rijd je door het bosrijke Parc Naturel Régional de la Corse, waarna je de kunst van het slowmotorcycling gaat beoefenen langs de adembenemende rode Calancherotsen van Piana, en vervolgens de diepe afgronden, aftandse smalle wegen en honderden bochten langs de Cap Corse trotseert. Hola, je doet dat beter niet allemaal op één dag. Volgens Wim, de enige echte uit de bende die zijn naam draagt, heeft de fascinatie van motorrijden veel te maken met de vaak zeer verschillende geuren die men tijdens een motorrit opsnuift. In Corsica komt men niet toe met één reukorgaan. Zelfs Napoleon was het indertijd al opgevallen. Hij liet zijn paard in zijn plaats kijken zodat hij zich helemaal kon concentreren op de geuren van de maquis. Hij rook het een en ander: mirte, cistusroosje, rozemarijn, cyclamen, lavendel, mastiekstruiken, jeneverbessen, aardbeibomen, boomheide en nog veel andere heerlijke parfums. Corsica telt maar liefst 78 unieke plantensoorten. De kleine Corsicaan - hij zou nu op een verlaagd motorzadel moeten gaan zitten - beweerde dat hij zijn eiland blindelings herkend zou hebben, alleen al door de geur op te snuiven. Wijzelf hielden onze ogen open: een rondje Corsica leverde de volgende allerfraaiste stops op, in ritvolgorde.

"Que c'est magnifique", hoor je de Fransen zeggen als de SNCM-veerboot de citadel van Calvi nadert. Voor één keer hebben ze gelijk. Calvi ligt in het middelpunt van de Balagne, een streek die ruikt naar druiven en olijven. Zet je vizier maar open, ook als je aan tafel schuift op het terras van restaurant L'Ile de Beauté. Het uitzicht op de luxejachten krijg je er niet gratis bij (www.iledebeaute-calvi.com). Een driesterrenkamer met zicht op zee vind je in hotel Saint-Christophe (www.hotel-saint-christophe.com).

Als onherbergzaam nog een betekenis heeft, is het wel van toepassing op Cap Corse, het vingertje van Corsica dat letterlijk naar Genua wijst, de voormalige bevoogdende mogendheid. De moderne tijd is er nog niet gepasseerd. De Corsicanen noemen het soms l'isula di l'isula, het eiland van het eiland. Rijd de hele kustweg af, het is absoluut een van de mooiste ter wereld. De Cap-Corsicanen zijn altijd wat avontuurlijker geweest dan de anderen. In de negentiende eeuw trokken ze weg naar Centraal-Amerika, waar ze fortuin maakten. Maar ze keerden terug en lieten op hun vadereiland pompeuze paleizen optrekken. Nu nog spreekt men over de palazzi americani. Een mooi voorbeeld is het Castel'Brando (nu hotel) in Erbalunga, het geboortedorp van de schrijver Paul Valéry, even ten noorden van Bastia. Je raakt er in de ban van de statige doch mystieke Spaans-koloniale stijl (www. castelbrando.com). Ga een hapje eten in La Terrasse op de Place du Village. Op het menu vis uiteraard, zeelucht verdraagt niets anders. Proef van de grote schotels met zeevruchten, en drink Muscat Cap Corse, Gaëlle de Cap Corse... Ga best te voet terug (www.laterrasse-resto.com).

Een charmant vissershaventje dat je ertoe dwingt te stoppen, al was het maar voor de talrijke, zeer betaalbare visrestaurantjes. Wie het wat breder heeft, probeert ineens de (vermaarde) kreeft in Le Vieux Moulin, ook al een palazzo americano (www.le-vieux-moulin. net).

Een bezoek aan Le Musée de la Corse is zonder meer interessant (www.musee-corse.com). Intussen zin in zoets gekregen? Bij patisserie Grimaldi in de Cours Paoli zijn de aanraders falculelle (taartjes met brocciu), amaretti (notenmakronen), canistrelli (droge koeken) en - daarvoor moet je naar hier komen - de flamands aux amandes. Zoek je 's avonds nog een restaurantje (met terras), dan kunnen we op de place Paoli zeker A Scudella aanbevelen. Aangenaam, lekker en niet duur. Voor de nacht zochten wij onze toevlucht in Le Refuge, een sympathiek familiehotel op 2 km van Corte, aan het begin van de vallei van de Restonica (www.lerefuge.fr.fm).

Voorbij Porto vindt men de beroemde rode rotsformaties van de Calanches, Unesco-werelderfgoed waar men helemaal stil van wordt. Adembenemend is het. Bovendien rijd je in Piana (rechterkant, moeilijk zichtbaar) langs hotel Les Roches Rouges, dat dateert uit 1912 en dat je met verstomming slaat: een Hitchcockdecor. Mevrouw kocht het historische gebouw, en passant, een jaar of zes geleden, toen een ruïne. De renovatie is nog steeds aan de gang. Zolang het niet helemaal af is, blijft logeren er betaalbaar, maar daar zal ongetwijfeld snel verandering in komen (www.lesrochesrouges.com). Probeer er eens een lunch op het terras achteraan. Je gelooft niet wat je ziet.

In Ajaccio is het ineens weer uitkijken om niet van je sokken te worden gereden. Parkeer ergens op de Place Foch, vlak bij de jachthaven en het Maison Bonaparte, van daaruit kan je makkelijk de stad bezoeken. In de geboortestad van Napoleon lijkt de keizer verworden tot een bonte souvenirhandel. De etalages puilen uit met Napoleonmemorabilia. Je loopt je een buil tegen de vele standbeelden. Interessanter dan het geboortehuis is het Musée Fesch (www.musee-fesch.com). Kardinaal Fesch, een oom van Napoleon, bracht er een schitterende collectie Italiaanse primitieven (Titiaan, Veronese, Botticelli...) bij elkaar. Hotel Marengo is een mogelijk adres (www.hotel-marengo.com).

Het zuidelijke vestingstadje Bonifacio heeft alles om je motorreis met een dagje te verlengen. Behalve 's zomers, dan sta je naar verluidt in de file. Wat je zeker gezien moet hebben: de hoge krijtkliffen waarop de (idiote) Genuezen destijds een vestingmuur van 3 km bouwden, het ommuurde zeeliedenkerkhof, een dodenstadje, de oude, oosters aandoende bovenstad (in de verte zie je Sardinië liggen), de jachthaven waar de ene toerist aan een ijsje likt en de andere het bovendek van zijn luxejacht laat schrobben...

's Avonds gingen we aubergines farcies à la bonifacienne en ravioli au brucciu eten bij Anna, de Italiaanse kokkin van restaurant Stella d'Oro. Een fijn adres, maar wel prijzig (www. bonifacio.com/stella.oro).

Na het ontbijt op het terras van hotel Centre Nautique (www.centre-nautique.com), met uitzicht op de haven, was de tijd om terug te keren helaas aangebroken.

Het is niet anders, onze laatste rit op het mooie eiland vond plaats in regen en mist. En misschien is dat maar goed ook. Het Saint-Tropez van Corsica kan mij gestolen worden. Christine Ockrent (en te veel andere snoevers) heeft er een optrekje van 1,1 miljoen euro, dat zegt genoeg. Zelfs in de mist trekken de naburige witte stranden van Rondinara en Palombaggia ons meer aan. Als afsluiter een koffie bij Le Glacier de la Place op de Place de la République? n

Droom van een eiland

1. Corsica is met zijn 8.700 km2 het grootste mediterrane eiland, na Sicilië en Sardinië. Het is 183 km lang en 83 km breed. De hele kust is 1.047 km lang, waarvan ongeveer 300 km toegankelijke stranden.

2. Elk jaar zakken 2,5 miljoen toeristen naar Corsica af, of tien keer de bevolking. In Marseille wonen circa 300.000 Corsicanen, meer dan op het eiland zelf. Mei-juni of september is de ideale reistijd. Met wat geluk rijd je er zoals wij eind september nog rond in een zalige 25 graden.

3. Wij scheepten in in het mondaine Nice en arriveerden 3,5 uur later in Calvi. Er zijn overigens mogelijkheden genoeg: in Marseille, Toulon en Nice varen ferry's uit naar Bastia, Calvi, Ile Rousse, Ajaccio en Bonifacio. Nice is maar net haalbaar op één dag, zelfs met een 1200 onder je kont. Een paar Franse etappes als opwarmertje plannen is verstandiger én rustgevender.

4. De Grande Randonnée 20 (GR20), die dwars door Corsica loopt en Europa's beroemdste wandelroute is, lokt elk jaar 40.000 waaghalzen uit de hele wereld. De Corsicanen zelf blijven meestal ver uit de buurt: zij kennen de gevaren. De legionairs, die hier een basis hebben in de omgeving van Calvi, moeten weleens uitrukken om de 'vermisten' op te sporen en al dan niet levend terug te brengen.

5. Ruim 85% van Corsica is bergachtig. Het weer kan er zo plots omslaan dat zelfs een korte wandeling levensbedreigend kan zijn. Met de motor blijf je maar beter de berijdbare paden volgen, dat is al lastig genoeg. Reeds 29 doden in het verkeer dit jaar, van wie 23 aan de kust, bericht Corse-Matin op 27 september 2006. Onervaren piloten kunnen beter eerst de eigen tuin leren omploegen.

6. De beroemdste Corsicaan luistert naar de naam Ozewiezewozewiezewallakristrallix. Wablieft? Stripgoden Goscinny en Uderzo, de geestelijke vaders van Asterix, hebben het klaargespeeld de vele deugden (en ondeugden) van de Corsicanen te verenigen in één archetype, de fiere, moedige, prikkelbare maar genereuze clanleider, die zich misschien snel gekrenkt voelt, maar die door de grote liefde voor zijn eiland met zijn vele geuren en kazen ook vrij aandoenlijk overkomt. Ozewiezewozewiezewallakristrallix zou zelfs echt bestaan hebben, zo wordt verteld.

7. Corse-Matin is dé krant van het land. De redactie zit tegenwoordig in Ajaccio, de pers drukt vlak bij Bastia. Net als De Morgen wordt de krant sinds vorig jaar uitgegeven op het berlinerformaat.

8. De twee departementen houden voorlopig stand: Haute-Corse, met als hoofdstad Bastia, en Corse du Sud, met als hoofdstad Ajaccio. In de geboortestad van Napoleon zetelt het regionale parlement en doet Vrouwe Justitia haar werk.

9. De ook bij ons prominentste vertegenwoordigers van het Corsicaanse lied zijn Jean-François Bernardini en de zijnen, beter bekend als I Muvrini. Hun laatste cd heet Alma, Corsicaans voor 'ziel'.

10.Pasquale Paoli (1725-1807) wordt als de ware nationalist, de vader des vaderlands aangezien, en niet Napoleon. Zijn standbeeld staat in Corte. Hij kwam er aan met een leger, een vloot, een munt, een universiteit, een drukkerij, een krant. In de grondwet die hij opstelde, samen met Jean-Jacques Rousseau, was het vrouwenstemrecht voorzien, wat redelijk vooruitstrevend was voor die tijd.

De vrienden van de gps

Nee, we bedoelen niet de bekende autorally - want die is er ook, in oktober opnieuw -, maar wel een routeplan waarmee je vijf dagen hemels motorrijden zal beleven. De coördinaten zijn bestemd voor de vrienden van de gps - verbind ze en je kunt vertrekken. Instellingen: geen tolwegen, geen onverharde wegen, kortste route.

DAG 1

Calvi N42 33.987 E8 45.745 * Feliceto N42 32.671 E8 56.001 * Speloncato N42 33.750 E8 58.936 * Belgodere N42 35.158 E9 01.050 * Saint-Florent N42 40.842 E9 18.163 * Bastia N42 42.115 E9 27.135 * Erbalunga (Castel'Brando) N42 46.447 E9 28.494

DAG 2

Macinaggio N42 57.844 E9 24.311 * Centuri-Port N42 57.841 E9 20.869 * Nonza N42 43.280 E9 21.623 * Poggio-d'Oletta N42 39.964 E9 22.143 * Olmeta-di-Tuda N42 36.325 E9 21.494 * Barchetta N42 30.667 E9 20.763 * Corte N42 17.346 E9 07.735

DAG 3

Castirla N42 20.618 E9 08.766 * Calacuccia N42 20.108 E9 01.143 * Evisa N42 15.089 E8 48.577 * Piana N42 14.278 E8 38.357 * Ajaccio N41 55.146 E8 44.375

DAG 4

Bains de Taccana E41 51.050 E8 57.899 * Filitosa N41 44.705 E8 51.945 * Abbartello N41 42.238 E8 50.058 * Sartène N41 37.121 E8 57.291 * Bonifacio (Centre Nautique) N41 23.387 E9 09.872

DAG 5

Porto-Vecchio N41 35.468 E9 16.761 * Palavese N41 37.752 E9 14.477 * Spartu N41 46.252 E9 12.591 * La Solenzara N41 50.215 E9 19.729 * Calvi N42 33.975 E8 45.495

BMW Belux liet ons rijden met een R1200 GS, waarvoor dank.

Van de auteur verscheen bij Touring-Lannoo De 28 mooiste motorroutes in België, Nederland, Frankrijk, Duitsland en Schotland (2006).

Bommen, granaten en varkens

Slechts eentje, een stripliefhebber, vond het nodig me op voorhand tot enige voorzichtigheid aan te manen. "Pas toch maar op voor de bommen en de everzwijnen!" In Bastelica, de streek van de illustere Sampiero Corso, bekend als 'de meest Corsicaanse aller Corsicanen', zullen we een late incarnatie van Obelix tegen het lijf lopen. De zeventigjarige blijkt een ex-garde de chasse te zijn, die liefst 2.500 varkentjes naar de eeuwige jachtvelden heeft gestuurd. Ook wat uit zijn mond komt, gaat de verkeerde kant op: "Moi, je suis Français, je vote Le Pen." Corsica, met amper 10% migranten, is volgens onderzoek de meest racistische regio van Frankrijk. En die bommen dan? In het mondaine Nice, waar we bij nacht en ontij de ferry naar Calvi nemen, is er van enige extra waakzaamheid alvast niets te merken. Er is nauwelijks controle en geen douane. Naar de letter hoeft dat laatste ook niet. Corsica is immers Frans bezit, sinds 1768 al. Je blijft op Frans grondgebied, en het overgrote deel van de bevolking, de Corsicanen dan toch, wil dat eigenlijk liefst ook zo houden. Corsica wil niet weten van een scheiding, en al zeker niet van een vechtscheiding zoals de terreurgroep Front de la Libération Nationale de la Corse (FLNC) dat duidelijk wel wil. Het FLNC is inderdaad verantwoordelijk voor nogal wat bomaanslagen. Vooral in de jaren tachtig, en opnieuw slechts een paar jaar geleden, leek Corsica meer een oorlogszone dan een vakantiegebied. Zowat dagelijks waren de bommen voorpaginanieuws. In een poging een eind te maken aan dertig jaar separatistisch geweld, stelde minister Nicolas Sarkozy van Binnenlandse Zaken in 2003 voor de twee departementen, Haute-Corse en Corse du Sud, samen te voegen en zo het eiland meer autonomie te geven. Hij wil daarover zelfs een referendum houden. De rechts-conservatieve regering beet in het zand: 51% van de bevolking wil zo dicht mogelijk bij Frankrijk blijven. De patstelling is compleet. De Corsicanen zelf bleken als de dood voor het fatale isolement, mocht de (economische) navelstreng worden doorgeknipt. Het FLNC was woest. Het aantal aanslagen op vakantiewoningen en openbare gebouwen bereikte een nieuw hoogtepunt. Yvan Colonna, de vermoedelijke moordenaar van de Franse politieprefect Erignac op Corsica, werd opgepakt en berecht in Ajaccio - nog meer olie op het vuur van de vrijheidsstrijd. Nu lijkt de rust weergekeerd. De voortvluchtige Colonna verborg zich vijf jaar in het beruchte macchia (maquis), de typische begroeiing die zo dicht en ondoordringbaar is dat ze eeuwenlang de speeltuin vormde voor zowel verzetslui als struikrovers. Het bleek niet altijd makkelijk om die uit elkaar te halen. De struikrovers verdeelden hun tijd tussen overvallen en het jagen op wilde varkens en moeflons, veel cafés en restaurants dragen de afgeleide naam A Muvra. De struikrovers zijn inmiddels verdwenen, de wilde zwijnen zijn gebleven. Je vindt ze heel vaak in de Corsicaanse keuken onder de vorm van prisuttu (rauwe ham), salamu (rookworst), coppa (varkensrug), lonzu (filet), salsiccia (gekruide worst) en de fameuze figatellu, een worst van lever en ander orgaanvlees die meestal gegrild wordt geserveerd met pasta of polenta (van kastanjemeel). Van een varken is alles lekker, zegt de rondborstige Corsicaan. Buon appetito!

palazzi americani

Veel Cap-Corsicanen trokken in de 19de eeuw naar Centraal-Amerika, en keerden later rijk terug. Ze lieten pompeuze paleizen optrekken, zoals dit hotel Castel'Brando.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234