Dinsdag 28/01/2020

'Total-bataljons' zaaien terreur in Birma

De Frans-Belgische oliegroep TotalFinaElf, voorwerp van een boycotactie, verdedigt zich fel tegen aantijgingen dat haar investeringen in Myanmar (ex-Birma) ten koste gaan van de mensenrechten. Maar deserteurs van het Birmese leger zeggen dat zeven zogenaamde 'Total-bataljons' omwonenden van de Total-pijpleiding wegjagen en dorpelingen verplichten om zonder vergoeding wegen aan te leggen.

Ban I-taung (Myanmar)

Van onze medewerker

Solomon Kane

Een gouden horloge om de pols, een blinkend pistool in zijn gloednieuwe holster, een onberispelijke olijfgroen uniform... Ondanks zijn nogal beperkte soldij (2.200 kyats, ongeveer 270 Belgische frank) loopt commandant Zaw Lwin er piekfijn bij in zijn basis van Ban I-taung, in de jungle in het zuidwesten van Myanmar (ex-Birma). Zaw Lwin is de chef van het 282ste bataljon van het Birmese leger, dat in deze regio beter bekendstaat als het 'Total-bataljon'.

Het 282ste bataljon staat in voor de veiligheid van de gaspijpleiding die door de Frans-Belgische oliegroep TotalFina Elf wordt aangelegd door een gebied dat bewoond wordt door de Karen, een etnische minderheid die zich al decennia verzet tegen het militaire regime in de hoofdstad Rangoon. Bedoeling van de pijplijn is om het Birmese aardgas in Thailand te krijgen, en om deze investering veilig te stellen, krijgt het 282ste bataljon, net als de zeven andere 'Total-bataljons', van TotalFinaElf maandelijkse vergoedingen en voordelen in nature.

Commandant Zaw Lwin weigert ook maar de minste aanwijzing te geven over het bedrag van deze 'schenkingen', maar zijn soldaten zijn minder discreet. Thein is een student die in 1989 verplicht werd ingelijfd door het Birmese leger, de Tatmadaw, en die sinds 1991 instaat voor de beveiliging van de pijplijn van TotalFinaElf. "Elke maand ontvangt de commandant geld maar ook voedsel, medicamenten, kleding en schoenen voor de manschappen", zegt hij.

Een deserteur van het 402de bataljon is nog preciezer: "Onze commandant, Aung Than Hoo, heeft van Total twee auto's gekregen. Bovendien moest hij maar een radioboodschap sturen om de helikopter van de maatschappij nieuwe munitie te laten aanvoeren", zegt hij. "Ons bataljon heeft zo verschillende keren 60 mm- en 81 mm-granaten en kisten met munitie voor onze machinegeweren ontvangen."

Deze bevoorradingen gebeurden op het hoogtepunt van de terreur die door het regeringsleger werd gezaaid in Karen-gebied. Een dorpeling die naar Thailand vluchtte uit het gebied waar de pijplijn doorheen loopt, vertelt zijn relaas. "In november 1999 zijn commandant Kyaw Soe en enkele mannen van het 273ste bataljon, dat voor de veiligheid van de mensen van Total instaat, in ons dorp toegekomen. Ze hebben alle mannen bevolen om mee te werken aan de aanleg van een weg tussen Kanbauk en Ongpin Gwin." Niet alleen werden de mannen verplicht om zonder vergoeding mee te werken aan de weg, elke familie in het dorp moest ook op eigen kosten de bouwmaterialen leveren.

"Een maand lang hebben wij stenen verpulverd en gewerkt aan een weg die uitsluitend gebruikt wordt door de auto's van Total", zegt de vluchteling. Weigeren stond gelijk met gevangenisstraf maar zich schikken naar de bevelen van de militairen betekende "geen eten kunnen geven aan mijn kinderen omdat we zonder oponthoud moesten werken van zes uur 's ochtend tot vijf uur 's avonds." "Vluchten," besluit de man, "was het enige alternatief dat ons nog restte."

Volgens verschillende, eensluidende bronnen zijn tientallen gehuchten die zich in de nabijheid van het traject van de pijpleiding bevonden met de grond gelijkgemaakt en zijn de bewoners weggejaagd. "Er werd hun gewoonweg gezegd dat ze binnen drie dagen de regio moesten verlaten en als ze dat niet deden, zouden we terugkomen om hun huizen in brand te steken", zegt Yé, een deserteur van het 402de bataljon.

Wanneer hij hoort dat de TotalFinaElf bij hoog en bij laag blijft volhouden dat er nooit mensen verplicht zijn om hun dorpen te verlaten, zegt Yé: "Daar kan ik niet mee akkoord gaan. Ik heb zelf deelgenomen aan dergelijke operaties toen ik voor hen werkte in Thepye Chaung."

"Men zegt ons dat we blij moeten zijn met het Total-project omdat het goed is voor de ontwikkeling van de regio", zegt een gevluchte dorpeling. "Maar wij profiteren op geen enkele manier van de pijpleiding, het leger en Total daarentegen wel."

TotalFinaElf noemt de beschuldigingen in dit artikel 'achterhaald en ongefundeerd'. Het bedrijf stelt dat de veiligheid rond zijn project in Birma, zoals in andere landen, de verantwoordelijkheid is van de militairen. De pijpleiding loopt over 60 km. door dunbevolkt gebied, van verplichte verplaatsing van de bevolking is dus geen sprake, aldus TotalFinaElf, van dwangarbeid evenmin. Het bedrijf meldt ook dat het jaarlijks twee miljoen dollar besteedt aan hulp aan de bevolking.

Omwonenden van Total-pijpleiding worden weggejaagd of verplicht tot dwangarbeid

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234