Vrijdag 24/01/2020

Toen James Bond nog een Bondje was

Topauteur Jeffery Deaver geeft Agent 007 een make-over. Een hoogtepunt in het thrillerjaar of een licence to overkill?

Toen in 1953 Ian Flemings Casino Royale verscheen, werd een onsterfelijke nieuwe held geboren. Hij heette Bond, James Bond, spioneerde in dienst van MI6 en was geen katje om zonder handschoenen aan te pakken. Een man zoals ze niet meer worden gemaakt, die het heel normaal vond om als aperitief een halve fles wodka en een fles champagne soldaat te maken en er een dagrantsoen van zeventig sigaretten door te jagen. Een onverbiddelijke charmeur, een genadeloze doder of, zoals Raymond Chandler schreef, "de kerel die elke man zou willen zijn en elke vrouw in haar bed zou willen hebben". De tijden zijn veranderd.

Toen eind mei 2011 Jeffery Deavers Carte Blanche verscheen, werd een held herboren. Hij heet ook James Bond, maar Ian Fleming zou hem nauwelijks herkennen. Deaver heeft een kordate beslissing genomen. Voor de 43ste Bond (Fleming schreef zelf twaalf boeken, na zijn dood werd de reeks met wisselend succes door anderen voortgezet) breekt hij met de continuïteit en de chronologie en stampt hij een gloednieuwe 007 uit de grond. Le nouveau James is een jonge dertiger, heeft in Afghanistan gevochten en werkt niet voor MI6 maar voor een schimmig bedrijf, Overseas Development Group, dat in het diepste geheim voor Hare Majesteit de kastanjes uit het vuur haalt. Het personeel kennen we al: M, de grote baas, zijn secretaresse Moneypenny, techneut Q, niemand ontbreekt. Zelfs Bonds sexy secretaresse, Mary Goodnight, is van de partij - eveneens in een vijftig jaar jongere versie. Niet dat Bond ervan profiteert, want in zijn nieuwe avatar is hij een echte heer. Hij rookt niet, drinkt matig en doodt zijn tegenstanders alleen als het echt niet anders kan. De tijden zijn echt wel veranderd.

Voor het overige speelt Deaver het spel volgens de regels. Na een korte actieproloog (Bond voorkomt in Servië een milieuramp en redt ettelijke duizenden mensenlevens zonder zich echt moe te maken), springen we over naar Londen. Het personage wordt netjes geïntroduceerd aan de hand van details die recht uit Casino Royale komen: van Bonds favoriete ontbijt tot zijn Bentley en de cruciale wetenschap dat hij altijd instappers en nooit veterschoenen draagt. Dan wordt het tijd voor het echte werk: de geheime diensten hebben een boodschap onderschept over een aanslag die duizenden mensenlevens zal kosten. Het wat en het waar zijn niet duidelijk, maar de man achter het complot is snel gevonden: de lugubere Severan Hydt, een man die gefascineerd is door dood en verderf, zich ontspant door zijn collectie foto's van massagraven te bekijken en ook nog necrofiele neigingen heeft - een Bondschurk van de oude school. De rest van het verhaal maakt James, gewapend met een iPhone vol "handige spionage-apps", jacht op de onfrisse Hydt en diens gewetenloze handlanger.

Het probleem met dat verhaal, dat hijgend van Londen naar Dubai en Zuid-Afrika flitst, is dat Deaver erg veel moeite moet doen om de spanning erin te houden. Zelfs met een karrenvracht plotwendingen en twee erg doorzichtige subplots lukt het nauwelijks. Fleming had het in dat opzicht makkelijker: in zijn tijd waren de lezers al tevreden met tweehonderd bladzijden en eisten ze niet het dubbele, zoals nu, terwijl in de simpele jaren vijftig alleen al de exotische locaties waar Bond zijn avonturen beleefde het publiek fascineerden.

Kortom, Carte Blanche is best een leuk boek voor bij het zwembad, maar een slap afkooksel van Flemings edelpulp. Carte Blanche zal goed verkopen, maar wordt geen wereldhit op de schaal van Dan Browns Da Vinci Code - dat succes kun je zelfs met de beste publiciteitsmachine niet kopen. En hoe flink Deaver ook zijn best doet, dit watje van een Bond kan niet tippen aan het niveau van zijn normale productie. De heisa en de hype hebben een andere verklaring: het merk James Bond moet in de belangstelling blijven. De jongste Bondfilm, Quantum of Solace, dateert van 2008. Zijn opvolger zal in het beste geval pas op het eind van 2012 in de bioscopen komen. Carte Blanche is dus een zoethoudertje, een tussendoortje opdat we Bond niet zouden vergeten.(BH)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234