Woensdag 16/06/2021

‘Toegeven dat je het even niet meer weet: dat is het moeilijkste’

Ziehier een doordeweekse dag uit het leven van een chauffeur van een koninklijk bemiddelaar: om zes uur vertrekken in Oostende, om twee uur ’s nachts terug thuis. ”Ik ben 99 dagen lang altijd en overal beschikbaar geweest”, zegt Lowie De Leeuw, stiefzoon en chauffeur van Johan Vande Lanotte (sp.a). “Om twee uur ’s nachts thuiskomen, dat valt mee. Weten dat je vier uur later alweer de baan op moet iets minder. Ik ben zelf niet meteen de rustigste mens ter wereld, maar de gedrevenheid van Johan, dat was echt fenomenaal. Kom je hem om zes uur ’s ochtends oppikken, heeft hij al twee uur aan zijn nota zitten sleutelen. Je moét mee, hé.”

“Ik had een cursus yoga gepland om een beetje beter te leren ontstressen, maar ik heb die lessen moeten afzeggen omdat het te druk was met de onderhandelingen.” Groen!-woordvoerster Inge Jooris kan er de ironie nog wel van inzien. “We leven al acht maanden op het tempo van de onderhandelingen”, verduidelijkt Jeroen Overmeer, woordvoerder en toeverlaat van N-VA-voorzitter Bart De Wever. “Bij momenten heel hectisch, zoals in de zomer toen er nog écht onderhandeld werd en geregeld weekends en halve nachten werden doorgetrokken. Na de zomer was het minder hectisch, meer met dalen en pieken. Maar echte rust zat er amper in. Ze hebben me hier op het partijsecretariaat net laten weten dat ik nog veertien vakantiedagen over heb van vorig jaar, en ik had er eind 2009 ook nog een heel aantal openstaan. Ik zal ze maar laten uitbetalen, zeker?”

Eén week vakantie, meer zat er voor de meeste trouwe helpers van de onderhandelaars niet in. Als ze echt geluk hadden, mochten ze van de baas ook nog eens hun gsm afzetten tijdens hun verlof. “Een weekje in augustus, alle andere plannen heb ik moeten opbergen”, bevestigt Peter Vansintjan, kabinetschef en rechterhand van cdH-voorzitster Joëlle Milquet. “Mijn vrouw is daar niet gelukkig mee, maar ik ben bezig aan mijn 17de jaar als kabinetsmedewerker dus zij weet dat het erbij hoort. Als het voor de goede zaak is, weegt het annuleren van een vakantie niet op tegen het bereiken van een compromis. Maar het blijft vervelend als je altijd weer je plannen moet annuleren op het laatste moment. Ik wil mijn echtgenote bij deze nog eens uitdrukkelijk bedanken voor het begrip.”

De mensen achter de schermen staan dan wel niet rechtstreeks in de vuurlinie, ze moesten de voorbije acht maanden minstens even beschikbaar zijn als hun bazen. Vaak zelfs nog meer. Als de onderhandelaars naar hun zoveelste vergadering vertrekken, hebben hun technici al uitgebreide nota’s en cijfertabellen opgesteld. “Iemand als Bart De Wever leunt erg op zijn technici”, merkt Guy Clémer, directeur van de gloednieuwe studiedienst van de N-VA. “Hij is als historicus heel goed in de grotere strategieën, maar is geen cijferman.”

‘DE FINANCIERINGSWET IS MIJN HOBBY’

Clémer is een veteraan van vele staatshervormingen. Hij boog zich onder andere bij de Volksunie en bij premier Guy Verhofstadt (Open Vld) over de geldstromen achter die communautaire hervormingen. “Maar de snelheid is enorm toegenomen, met al die iPhones en BlackBerry’s. Iemand legt een voorstel op tafel, er wordt gebeld en gemaild, en een kwartier later moet dat voorstel helemaal berekend zijn en moeten we weten te zeggen of het al dan niet haalbaar is. Ik overdrijf nu, maar het tempo lag bij momenten heel hoog. Niet simpel als je met miljarden euro’s bezig bent. Gelukkig is de financieringswet een passie voor mij, een hobby zeg maar. (lacht) ‘Uitstekend, voor je hobby moeten we je ook niet betalen’, zei De Wever toen ik hem dat vertelde.”

Eddy Peeters, directeur algemeen beleid bij vicepremier Steven Vanackere (CD&V), kreeg van zijn partij de officieuze titel ‘coördinator van de back office’. Hij moet “op het juiste moment de juiste mensen” samenbrengen om voorzitter Wouter Beke te voeden en te ondersteunen. Niet simpel, want die momenten wisselen razendsnel. Er wordt vergaderd over pakweg de financieringswet, een partij gaat niet akkoord en gooit B-H-V op tafel, en plots gaat het alleen nog over B-H-V. Volgens Peeters is het mee aan de mensen van de tweede lijn om hun kopman of -vrouw te allen tijde scherp te houden. “Na maanden en maanden onderhandelen loert het gevaar dat je alles al duizend keer gehoord hebt en amper nog luistert. Het is onze taak, van de mensen achter Wouter, om enthousiasme te blijven opbrengen. Om accurate informatie boven te spitten, om openingen en oplossingen te blijven zien.”

Vaak hoeft het zelfs zo complex niet te zijn. Nog los van de inhoud moeten de waterdragers ook waken over de sfeer aan de onderhandelingstafel, ze moeten ervoor zorgen dat minstens de randomstandigheden perfect in orde zijn. “Joëlle Milquet hechtte veel belang aan gastvrijheid”, benadrukt haar Nederlandstalige woordvoerder Benoit Lannoo. “Vandaar dat men zo vaak bij ons kwam vergaderen, men voelde zich hier thuis. Dat is het abc van een regeringsvorming: zorg dat de onderhandelaars zich welkom voelen. We hadden de hele derde verdieping voor hen gereserveerd, er waren naambordjes, voor elke partij een afzonderlijk lokaal waar altijd verse koffie en frisdrank ter beschikking stond, en tweetalig personeel. Het was af.”

Als de vergadering afgelopen is, begint het werk van de woordvoerders pas echt. “Je moet altijd weten waar het over gaat”, is volgens Overmeer basisregel nummer één. “Nota’s lezen, technische materie instuderen, mee zijn met de inhoud van de onderhandelingen. Je moet ook kunnen switchen. Eerst het partijstandpunt over de notionele interestaftrek uitleggen, en een telefoon later voor iemand van de populaire pers uitzoeken of Bart nu het vorige weekend naar de Efteling of naar Plopsaland was gegaan. Mijn job is radicaal veranderd de voorbije acht maanden. Min of meer verdubbeld. Voor de verkiezingen waren de Franstalige media amper geïnteresseerd in de N-VA. Toen Bart informateur werd en als het ware boven de partijen moest gaan staan, moest ik opeens de twee taalgroepen bedienen. Bij zijn eerste persconferentie was ik stomweg vergeten zijn tekst in het Frans te vertalen.”

“Wij hebben de N-VA toen uit de nood gered”, herinnert Lannoo zich. “Ik zag de fout gebeuren en ik heb onmiddellijk de woordvoerder gecontacteerd: ‘Of wij voor het rechtzetten van die communicatie misschien zouden kunnen helpen door onze adressenlijsten ter beschikking te stellen?’ Bij de N-VA waren ze maar wat happig om hierop in te gaan. Op dat moment dacht ik nog dat de formatie goed zat: De Wever die wordt gedepanneerd door het kabinet-Milquet, en wel om zijn imago voor de Franstalige publieke opinie te helpen redden.”

‘VOORZICHTIG OMSPRINGEN MET DE BUITENLANDSE PERS’

Het liep wel eens vaker mis bij het vertalen. Toen Vande Lanotte zijn ultieme communautaire nota klaar had in het Nederlands was de vertaler van de Senaat, waar de bemiddelaar kantoor hield, zo vriendelijk die op zijn vakantieadres in Zuid-Frankrijk te vertalen. Een race tegen de tijd, tot overmaat van ramp viel de internetverbinding uit toen de man de Franstalige versie wilde doorsturen. De arme vertaler kon ’s avonds laat in de middle of nowhere op zoek naar een internetcafé. Het wordt al 249 dagen lang uitvoerig bewezen: een regering vormen in een tweetalig land, het is niet simpel.

“En dan hebben we het nog niet eens over de internationale media gehad”, gaat Overmeer verder. “Ook de internationale pers is op de N-VA gesprongen: het land dat zogezegd op splitsen staat, dat spreekt tot de verbeelding. Je kan die kansen om je visie op België aan een internationaal publiek uit te doeken te doen niet zomaar laten liggen, maar we zijn voorzichtig omgesprongen met die buitenlandse pers. Het is bijzonder delicaat, (lachje) denk maar aan Der Spiegel. Dat is de grootste moeilijkheid van de voorbije maanden: het immense belang dat aan de woorden van Bart wordt gehecht. Of zelfs aan die van mij. Elke zin wordt onder een vergrootglas gelegd. Achter onschuldige meldingen worden toch betekenissen gezocht en conclusies getrokken. Zeker als we in onze huidige positie schaarser zijn met mediaoptredens. Zeg je dan toch eens iets, dan is dat meteen wereldnieuws.”

Hoe langer de onderhandelingen duren, hoe moeilijker Jooris het vindt om te communiceren. “Het klinkt pathetisch, maar ik ben naast woordvoerder van Groen! ook nog burger van dit land. Als de boel weer eens vastloopt, ben ik ook kwaad en ontgoocheld. Maar ook als de ballon van de hoop weer maar eens is doorprikt, moet je als woordvoerder die eerste momenten van woede en ontgoocheling opzij kunnen zetten. Het helpt dat Wouter Van Besien altijd de eerste is om de zaak te relativeren als iedereen er even door zit. Misschien de wereld op zijn kop, hij moet de back office oppeppen.”

‘DE SCHADUW KUNNEN VERDRAGEN’

De chauffeur is meestal de eerste vertrouweling die de politici te zien krijgen na de vergadering. “Je zit op de allereerste rij, dat is fascinerend”, vindt De Leeuw. “Johan vraagt me wel eens om advies, luistert ook, maar houdt er vervolgens geen rekening mee. (lacht) Hij heeft één principe: als ik hem gelijk geef met een of ander voorstel of theorie, dan weet dat hij dat hij verkeerd bezig is. Je weet enorm veel, je hoort natuurlijk ook al die telefoons in de auto. Ik heb de eerste nota-Vande Lanotte zelf rondgedeeld. Maar dé gouden regel voor een chauffeur is: horen, zien en zwijgen. Discretie is het allerbelangrijkste in onze job.”

“Je moet de schaduw kunnen verdragen”, vindt ook CD&V’er Eddy Peeters. “Ik was zelf bij heel veel vergaderingen aanwezig en als ik er niet bij was, dan belde Wouter me altijd meteen erna. Ik weet evenveel als de onderhandelaars zelf. Een voorzitter heeft dat nodig, iemand die als klankbord dient. Wouter verwacht dan niet meteen een repliek. Het helpt al als je gewoon luistert, of onder woorden brengt waar de onderhandelaars zelf mee zitten. Voor mijn omgeving zal het wel eens frustrerend zijn dat ik niets los over de onderhandelingen of over CD&V, maar voor mij is dat vanzelfsprekend.”

Met discretie heeft Overmeer het niet moeilijk. Het allermoeilijkste vindt hij de momenten dat de twijfel toeslaat. “Als er één ding is waar politici niet van houden, en wat voor woordvoerders heel moeilijk te communiceren is, dan is het wel twijfel. Of een standpunt nu aansluit bij dat van de anderen of er dwars tegen in gaat, dat kan je uitleggen en kaderen. Maar toegeven dat je het ook even niet meer weet, en dat is overal onvermijdelijk, dat is het moeilijkste.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234