Zondag 27/09/2020

‘Toegegeven, ik heb beoordelingsfouten gemaakt’

Het zag er lang naar uit dat Leuvenaar André Bergen als enige Belgische topbankier de kredietcrisis zou overleven. Eerder waren de Fortistoplui Maurice Lippens, Herman Verwilst en Jean-Paul Votron en ook Michel Tilmant (ING) van het toneel verdwenen. Elk van hen kreeg met gezondheidsproblemen te kampen. Ook de jongere Axel Miller (Dexia) moest vertrekken uit de top van de bankenwereld.Maar op 11 mei sloopte de uitzonderlijke stress van de kredietcrisis ook André Bergen. Hij kreeg problemen aan het hart en moest meteen geopereerd worden. Een dag later raakte bekend dat KBC in zwaar onweer was verzeild en voor de derde keer was gaan aankloppen bij de overheid om steun. Bergen, die het eerste contact met de overheid nog had gelegd, maakte de eindonderhandelingen niet meer mee.Zijn carrière bij KBC was meteen voorbij. Hij werd opgevolgd door Jan Vanhevel. Bijna vier maanden later blikt een herstelde André Bergen nog één keer terug op de voorbije turbulente maanden in een opvallend openhartige babbel met de pers.

Over het afscheid in mineur

“Het afscheid valt me makkelijker dan ik dacht”, zegt Bergen. “Het is zo dat je na een hartprobleem toch ‘over het muurke kijkt’. Ik was al van plan om eind volgend jaar te stoppen, op mijn zestigste, nog los van het feit dat ik als CEO het uithangbord was van een bedrijf dat drie keer bij staat heeft aangebeld om steun. Ik vroeg me af: zal ik de kracht hebben om na vier maanden meteen weer in dat hoge tempo te starten, daarbij wetende dat ik over enkele maanden weer zou vertrekken? Dat kon ik het bedrijf niet aandoen.”In de dagen na de derde redding van KBC werd gefluisterd dat Bergens gezondheidsproblemen eigenlijk een elegante exit creëerden. Voor sommige KBC-bestuurders zou zijn positie aan de top sowieso onhoudbaar geworden zijn na de derde crisis in één jaar. “Van de raad van bestuur is niemand mij dat komen zeggen”, zegt Bergen daarover. “Ik heb beoordelingsfouten gemaakt, ja. Ik had het uiteraard liever anders gezien. Ik blijf er filosofisch bij. Het is alsof je in een vliegtuig zit dat crasht. Dat is tegenslag. Dat is het leven. Zoals Anderlechtspeler Marcin Wasilewski na zijn beenbreuk zei: ‘Wat je niet doodt, maakt je sterker’ (een citaat van filosoof Friedrich Nietzsche, EV). Ik heb meer littekens dan zes maanden geleden. Letterlijk ook.”

Over de waanzin van de crisis

Het hartprobleem van Bergen was het gevolg van stress. “Achteraf gezien waren er voortekenen. Alleen zag ik die niet. Ik was snel bekaf en moest veel blazen, merkte mijn echtgenote op. Maar dat schreef ik toe aan de stress van het moment, want het waren hallucinante maanden.”De ex-KBC-baas geeft toe dat op het hoogtepunt van de financiële crisis zelfs de toplui van de banken niet meer wisten van welk hout pijlen maken. “De voorbije maanden maakte iedereen een crisis mee die ‘buiten de norm’ was. Een crisis zonder bijsluiter, heb ik het al genoemd. We kwamen in situaties die niemand eerder heeft meegemaakt. Alles waarvan men dacht: dat zal nooit gebeuren, is toch gebeurd. We dachten dat het ergste achter de rug was, ten onrechte.“De marktconstellatie is helemaal anders dan vijftien jaar geleden. Een analistenrapport, zelfs komt het van een onbekende analist, kan je koers met 10 procent doen zakken. Hetzelfde met een rapport van een ratingbureau, waarover je pas één à anderhalf uur voor publicatie over ingelicht wordt.”De waardering van probleemkredieten is zo ingewikkeld dat het zelfs voor topbankiers niet vanzelfsprekend is om de gezondheid van een bank te meten op basis van winst- en verliescijfers. “Ik kan u verzekeren dat het een serieuze inspanning is om de resultaten nog te begrijpen.”

Over fouten en verantwoordelijkheid

KBC kwam in mei in de problemen omdat zijn CDO-portefeuille (herverpakte bedrijfsobligaties) van nu 16 miljard euro deels ongedekt bleek door de problemen bij de Amerikaanse herverzekeraar MBIA. Het grote publiek was niet op de hoogte van die portefeuille.“Ik kan kritiek verdragen op de communicatie. Of ik het anders had kunnen doen, is een andere zaak”, blikt André Bergen terug. “Ik had er wel problemen mee dat men zei dat de informatie verborgen was. De analisten kenden de portefeuille, want die staat vermeld in onze jaarverslagen en risicorapporten. Het was min of meer publieke informatie.“We hebben een appreciatievergissing gemaakt, ja. Maar toen we begonnen met de CDO’s leken ze een voorzichtige belegging. Ze hadden een uitstekende rating en het was een zeer liquide markt. Bovendien hadden we een deel ervan herverzekerd bij een verzekeraar die toen een AAA-rating had (MBIA, EV).”Bergen geeft toe dat KBC zich heeft laten meevoeren met de stroom en uit de bocht is gegaan. “We hebben zelf ook meegewerkt aan de uitbouw van een financieel systeem met intrinsieke tekortkomingen en zwakheden. Dat moeten we erkennen.”

Over het Angelsaksische marktdenken

De financiële crisis is deels te wijten aan sommige traders die met gigantische pakketten grote risico’s namen en de financiële turbulentie verhevigden. “Wat mij chagrineert, is de veralgemening”, zegt Bergen daarover. “Ik heb zelf in de tradingzaal gewerkt. De meeste traders zijn niet zo. Maar hebben bepaalde instellingen de essentie van hun businessmodel op trading gebaseerd? Ja.“Iedereen ging mee met de Angelsaksische stroom. Ook wij. Ik had beter mijn eigen principes gevolgd, zoals de nadruk op het relationele aspect bij bankieren. Maar dat is praat achteraf. Er was de voorbije jaren een evolutie naar een Angelsaksisch marktgedreven model, maar die trend is eigenlijk al vijftien jaar bezig.“Neem de ‘mark-to-market’-boekhoudregels (beleggingen moeten gewaardeerd worden tegen hun marktwaarde. Alleen was er tijdens de kredietcrisis plots geen markt meer voor sommige beleggingen, waardoor de banken moesten overschakelen op schattingen, EV). Daar zit ook een Angelsaksische doctrine achter, namelijk het geloof in marktefficiëntie. Door de ‘mark-to-market’-boekhoudregels is alles procyclisch geworden. De markt is nu zoals een auto zonder schokdemper. Er is geen tijd meer om schokken op te vangen. Onze herverzekeraar MBIA had problemen op 18 februari. Wel, KBC kwam in de problemen op 19 februari.”

Over de roep naar kleinere banken

Bergen staat sceptisch tegenover de stemmen die opgaan om terug te gaan naar kleine, traditionele banken met een eenvoudige balansstructuur: spaartegoeden aan de ene kant en kredieten aan de andere kant. “Ik zeg vaak: een hypothecair krediet is ook een gestructureerd product. Een hypothecair krediet mag je vervroegd aflossen en heeft dus eigenlijk een putoptie (een recht om te verkopen, EV). We zijn te ver gegaan, door gestructureerde producten in gestructureerde producten te stoppen. Dat leidde tot aberraties. Maar we moeten niet terug willen gaan naar de zwart-wittelevisie. Er zijn de voorbije tien, vijftien jaar een aantal financiële innovaties geweest die wel degelijk een toegevoegde waarde hebben.”Bergen wijst erop dat het debat in de loop der decennia als een slinger heen en weer gaat. “Wat is de optimale grootte van een bank? In de jaren tachtig had consultantbureau McKinsey het over “breaking up the bank”. Toen al ging het over Citigroup. In de jaren negentig was het alles schaalvergroting en schaalvoordelen wat de klok sloeg. Nu krijgen we de weerslag. De banken moeten kleiner worden, wordt nu gezegd.”

Over een crisisbelasting voor banken

Een crisisbelasting op alleen maar de Belgische banken ziet Bergen niet zitten, want dat creëert volgens hem concurrentienadelen tegenover de niet-Belgische banken die in ons land actief zijn. Een crisisbelasting die geregeld is op internationaal niveau kan wel voor Bergen.“Eén: men moet duidelijk definiëren wat men bedoelt met een crisisbelasting. Twee: we zijn de gemeenschap, zowel de federale als de Vlaamse overheid, enorm dankbaar dat ze ons geholpen heeft en we vinden het niet meer dan normaal dat we dat correct verlonen. Maar als daar nog eens een belasting bovenop komt, kan het ezeltje overladen worden en door zijn poten zakken.”Hij wijst erop dat KBC vergoedingen betaalt voor de waarborgen en kapitaalsteun die de overheden leveren. Die vergoedingen zijn volgens hem “marktconform”, aangezien ze bijna de perfecte weerspiegeling zijn van wat ING betaalt voor de Nederlandse steun. “Als er een belasting bovenop komt, kunnen we dan praten over die vergoedingen? We kunnen het niet lostrekken uit een internationale context. We leven niet in een gesloten bokaal. Men heeft het in Europa toch altijd over het belang van een level playing field.”Als een bank in de problemen komt, zal de overheid vrijwel zeker te hulp snellen, weet elke bank nu na de opeenvolgende reddingsacties. Bergen vindt het bespreekbaar dat de overheid in ruil voor die impliciete garantie wordt vergoed. “Dat daar iets tegenover moet staan, oké. Daar kan ik inkomen. Maar dat moet op internationaal niveau geregeld worden.”

Over de toekomst van KBC

Bergen verwacht geen drastische koerswijzigingen bij KBC. “Neem even die problemen met de CDO-beleggingen weg. Dan stond KBC er schitterend voor. Ik blijf geloven in het onderliggende businessmodel van retail- en kmo-bankieren. Misschien zijn we te ver gegaan in de financiële markten, ja.”Bergen blijft ook achter KBC’s kenmerkende aandeelhoudersstructuur staan, met de Vlaamse families, de Boerenbond en Cera die meerderheid bezitten en zo KBC verankeren in Vlaanderen. “KBC is nog een van de enige Belgische banken met vaste aandeelhouders. Er is geroepen om een volledige nationalisering van KBC. Maar als de staat alle aandelen koopt, aan wie zal ze die dan over een aantal jaar weer verkopen? Toch niet aan de vaste aandeelhouders die in dat scenario hun aandelen hebben moeten verkopen? Men moet weten wat men op termijn wil. Als je de vaste aandeelhouders nu frustreert, kun je over vijf jaar geen verankering meer bewerkstelligen.“Bij Agfa heb ik een puur financieel aandeelhouderschap meegemaakt. Ik kan u verzekeren: dat is een een heel andere intake. In dit land is er niet genoeg kapitaal om verschillende groepen van onze taille te schragen. Kijk maar naar wat er met Fortis is gebeurd.”Ook KBC’s plan om Centraal- en Oost-Europa uit te bouwen tot tweede thuismarkt moet niet herbekeken worden, vindt Bergen. “Drie, vier maanden geleden was het allemaal doom and gloom over Oost-Europa. Nu lees ik positieve artikelen over Polen, Tsjechië en zelfs Rusland. We hebben de beslissing om naar Centraal- en Oost-Europa te trekken in 1997 genomen. Als je dat doet, moet je consistent zijn. Je moet over de cyclus heen kijken.“Ierland heeft het moeilijk, maar noemde men tot voor kort de ‘Celtic Tiger’.”

Over zijn toekomst

Een CEO stapt op het einde van zijn carrière vaak over van het dagelijkse management naar de toezichthoudende raad van bestuur. Niet zo bij André Bergen. “Ik wil hier niet in de weg lopen. KBC heeft niet de gewoonte om uitvoerende managers op te nemen in de raad van bestuur. Dat gebeurde niet met Willy Duron en evenmin met Remi Vermeiren. Alleen Jan Huyghebaert (de huidige voorzitter, EV) is de uitzondering”, zegt hij.Wellicht zal Bergen wel opduiken in andere raden van bestuur, zij het niet in de bankensector. “Ik wil geen concurrent worden van mijn eigen instelling.” Een job als CEO laat Bergen aan zich voorbijgaan. “Ik heb al een voorstel gekregen voor een executief mandaat, maar dat zag ik niet zitten.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234