Woensdag 05/08/2020

Tijdreis naar het oude Rome

Het resultaat is een sympathieke soort Routard of Lonely Planet, die zijn kracht put uit het originele format, de steengoede titel en de aantrekkelijke, levensecht ogende onmogelijkheid van al wat je leest

Alternatieve Romegids voor een citytrip naar de keizerlijke stad

'Het beste advies dat je kunt geven aan wie in Rome onverwacht ziek wordt, luidt: doe het niet!' Aldus Philip Matyszak in zijn gids voor de reiziger naar Rome anno... 200 (lees: tweehonderd). Matyszaks boek is een verrassend en leuk gedachte-experiment. Maar werkt het ook? Door Patrick De Rynck

Het zijn boeiende tijden voor wie geïnteresseerd is in het leven van de Romeinen zoals het was. De historische studies over aspecten van het dagelijks leven zijn nauwelijks bij te houden, net als de stroom historische romans en thrillers die het Imperium Romanum als decor hebben. Recent voegde Robert Harris daar met zijn Imperium een prachtig boek aan toe over Cicero, onder meer gebaseerd op diens massa brieven. Er zijn de jonge 'sportschoenhistorici' van het Tom Hollandtype (recent vertaald boek: Rubicon). En natuurlijk zijn er de (niet) stevig (genoeg) gedocumenteerde Rome-tv-series, met naast Caesar en de zijnen ook twee 'gewone' soldaten in een hoofdrol. Ook de historisch minder of meer verantwoorde sandaalfilm à la Gladiator beleeft een revival en in strips en jeugdboeken kom je al langer ruimschoots aan je trekken.

Als het goed is (en dat is het niet altijd), profiteren veel van de makers van deze historische stuff van de wending in het historische onderzoek naar wat in de jaren tachtig 'mentaliteitsgeschiedenis' werd genoemd en nu bijvoorbeeld etnologie heet, of sinds peetvader Jérôme Carcopino al jaar en dag la vie quotidienne en daily life: hoe leefden de gewone Romeinen? Wat dachten ze, waarin geloofden ze, wat aten ze? Wat betekenden 'vriendschap' en 'liefde' precies? Wat waren hun gewoontes en verzonnen tradities? Was er racisme, homofobie, vrouwenhaat? Milieuvervuiling, biologische oorlogvoering, nachtlawaai? Hoe vrijden ze en voedden ze hun kinderen op? Hoe snoten ze hun neus en poetsten ze hun tanden? Dat heeft intussen tastbare resultaten opgeleverd, al blijf je in het geval van oude beschavingen natuurlijk ook met enorme bronnenproblemen en lacunes zitten.

Philip Matyszak, doctor van Oxford University en nu actief in Cambridge, had een lumineus idee: ik giet onze kennis van het antieke Rome, zijn monumenten en het leven van zijn inwoners in een aantrekkelijk geschreven reisgids voor wie zogenaamd van plan is om in het jaar 200 een citytrip naar de keizerlijke stad te maken. Verwacht in zijn Ancient Rome on five denarii a day geen wereldschokkende nieuwe inzichten. Maar het resultaat is wel een sympathieke en populariserende soort Routard of Lonely Planet, die zijn kracht put uit het originele format, de steengoede titel en de aantrekkelijke, levensecht ogende onmogelijkheid van al wat je leest. Als dit recept van Matyszak pakt, is een nieuwe serie geboren en zijn we misschien vertrokken voor tijdreizen naar het Athene van 450 voor Christus, Firenze in de vijftiende eeuw, Antwerpen in het jaar 1615 etcetera. Deze eersteling verschijnt volgend jaar alvast in het Nederlands.

"Je bent wel stom of heel naïef wanneer je gaat dineren zonder een testament op zak", aldus de satiredichter Juvenalis over het Romeinse gevoel van onveiligheid. (Uiteraard overdrijft hij, anders schreef hij geen satiren.) Deze Juvenalis, de scherpe epigrammen van zijn collega Martialis, de komedies van Plautus, de maatschappelijke onderbuik die in Petronius' Satyrica aan het woord komt en natuurlijk de duizenden opschriften en de Pompejaanse graffiti van het type 'Ik heb hier goed geneukt': het zijn de usual suspects in boekwerken over het leven van alledag in Rome. Ook Matyszak heeft ze, samen met veel andere teksten, gretig gebruikt in zijn hoofdstukjes 'Actief in Rome', 'Shoppen' en 'Ontspanning' (met bij dat laatste ook 'Prostitutie en bordelen').

Deze alternatieve Romegids is ook en vooral het product van wat economische en sociale historici, papyrologen, onderzoekers van graf- en andere opschriften en natuurlijk archeologen onder meer de jongste decennia hebben bovengespit. Zo begint Matyszak met een hoofdstukje 'De reis naar Rome', dat je inwijdt in de Romeinse scheepvaart en het weinig comfortabele reizen te land op kar en koets: "Het gekrijs van slecht ingevette assen zal je je hele reis lang gezelschap houden." Elders is de leuke formatvondst een handig glijmiddel om in het kort fundamentele maatschappelijke thema's aan te raken: Rome als spektakelmaatschappij, de verregaande sociale controle op het leven van de burger, het harde bestaan van velen, de openheid wat de dingen des lichaams betreft: "Je krijgt er weleens wijn geserveerd in een recipiënt met de vorm van een penis in erectie. Zo'n fallus is een symbool van gezondheid, voorspoed en overvloed. Toch zal alleen wie goed zat is van de teut drinken." Matyszaks boekje zit vol met dit soort Britse tongue in cheek humor. Het is er een van de sterktes van: "Als je in het Colosseum op een plaats zit waar je niet thuishoort, kon je wel eens eindigen als onderdeel van het spektakel."

Rome vertoonde kenmerken van een beschaving die tot voor kort 'primitief' werd genoemd, en ook dat gaat Matyszak niet uit de weg: hij heeft het en passant over corruptie bij het uitreiken van visa, over de vele zuigelingen die te vondeling worden gelegd en de gebrekkige geneeskunde, over het permanente brandgevaar en over de bekende inhumane vormen van bestraffing. In een aantal bladzijden voel je al te goed dat Ancient Rome op twee gedachten hinkt: dat Rome handelscontacten onderhield met Oezbekistan, China en Sri Lanka is best wel verrassend voor een moderne lezer, maar wat komt het in deze valse reisgids doen? En het hele hoofdstuk over 'Wetten en ordehandhaving' - over het politie- en gevangeniswezen en over procesvoering - hoort hier nauwelijks thuis, lijkt me. Hier wint de historicus die absoluut zijn ei wil leggen, het van de gids die in de beperking zijn meesterschap zou moeten tonen.

Klassieke reisgidsen zouden hun voordeel kunnen doen met deze Matyszak, die ruim aandacht heeft voor het sociale leven in Rome en voor aspecten als gokken, de prijzen van de dingen, de waterbevoorrading in een mediterrane stad en de gewoonten van de Romeinen, onder meer bij huwelijken en begrafenissen. Dat verraadt natuurlijk ook dat dit boek als reisgids nep is en dat het, nog eens zeggen, vooral een aantrekkelijke presentatievorm is om bestaande historische kennis verteerbaar te brengen. Aan de andere kant is het frappant welke enorme evolutie de lay-out van 'echte' reisgidsen de jongste tien/vijftien jaar heeft doorgemaakt. Die is aan Matyszak en zijn vormgevers goeddeels voorbijgegaan: wanneer hij ons in de hoofdstukken over 'Plekken die je moet zien' en 'Wandelen in Rome' langs de keizerlijke fora, Romeinse badhuizen en de Tiberwijken leidt, ben je vooral aangewezen op woorden, en dus op je kennis en/of verbeelding. Dat zou in Capitool- en andere gidsen kleurrijk geïllustreerde wandelingen opleveren. Ik mag niet liegen: Matyszaks boek bevat 16 bladzijden virtuele reconstructies: het badhuis van Caracalla (dat in 200 trouwens nog niet gebouwd was maar passons), het Pantheon, enkele tempels, een 'luchtfoto' van Rome in het jaar 200. Rome as the Romans never saw their city.

Je zou dit idee van Matyszak dan ook eigenlijk moeten combineren met het project Rome reborn, dat recent publiek werd gemaakt en waarin het antieke Rome digitaal, en vooralsnog zonder mensen, wordt gereconstrueerd, met de bijbehorende mogelijkheid tot virtuele stadswandelingen (www.romereborn.virginia.edu/). Misschien wordt een overigens goedgeschreven boek als dat van Matyszak pas echt krachtig in een soortgelijke multimediale combinatie? Nu is het bijvoorbeeld doorgaans niet duidelijk wat er van de beschreven gebouwen vandaag de dag nog te zien is. Dat hoort nu eenmaal bij het gekozen format, en dus bij het spel dat hier wordt gespeeld.

Je hebt een stevig format dat van de lezer veronderstelt dat hij in de rol van een Romereiziger van 1800 jaar geleden stapt, je hebt ook aandacht voor de minder leuke aspecten van dat leven van alledag en je vervalt dus niet in het euvel van reisgidsen en erfgoedmensen die vooral jubelen over de goeie oude tijden die ons zoveel schoons hebben nagelaten. Waarom, vraag ik me dan af, doorbreek je dat stevige kader door voortdurend te verwijzen naar latere tijden? 'Mensen die 'Julius' heten zijn in Rome misschien even verre familie van elkaar als twee MacDonalds in de eenentwintigste eeuw." Of: "De zuivere lijn van de Boog van Titus maakte zo veel indruk op de latere Fransen dat hij als model dienstdeed voor de Parijse Arc de Triomphe." En nu we in het luikje 'kritiek' zitten. Het spel wordt in dit boek tot het einde gespeeld, met op de laatste bladzijden een reeks zogenaamde 'Nuttige zinnetjes': hoe zeg je 'Gezondheid!' in het Latijn? Hoe vraag je de weg? Matyszak heeft ook dit grappig opgevat, met vragen als "Hoe zeg je in het Latijn: lijk ik niet te dik in deze tuniek?" Het is alleen pijnlijk dat dat Latijn van hem soms nergens op lijkt en dat er dikke flaters in staan die een eerstejaars zijn kop zouden kosten. Een vies vlekje op dit leuke boek. (Tenzij ook dit grappig bedoeld is?)

Nog meer wegwijzers

Romereizigers die het Rome van de Romeinen willen ontdekken, kunnen zich flink wapenen. Wat non-fictie betreft, mag onder meer deze Matyszak mee in de koffer, naast het rechttoe rechtaan boek Stad in marmer. Gids voor het antieke Rome aan de hand van tijdgenoten van Jona Lendering (Athenaeum-Polak & Van Gennep). Lendering heeft het over dezelfde periode als Matyszak. En voor wie meer wil weten over het 'echte' antieke toerisme, is er Route 66 A.D. van Tony Perrottet, in het Nederlands vertaald als De weg naar Olympus. In het voetspoor van de Romeinse toeristen uit de oudheid (Byblos/Roularta). En om te weten hoe Romeinen dachten en voelden, zijn er natuurlijk... de Romeinen zelf en hun vele teksten. Daar kan, wat mij betreft, geen living history tegenop.

Van keizer tot Marcus met de pet

Nog meer dagelijks leven uit het keizerlijke Rome. De reeks 'Ooggetuigen van...' van uitgeverij Bert Bakker is gebaseerd op een format dat vertrekt van egodocumenten en dat de begrippen 'echtheid' en 'emoties' hoog in het vaandel voert: we belichten een tijdvak aan de hand van gebloemleesde fragmenten uit dagboeken, reisverslagen, brieven, krantenartikelen. Hoe hebben mensen wat voor ons historische gebeurtenissen zijn, 'echt' beleefd? De historische sensatie! U zit op de eerste rij! Het is een idee dat perfect aansluit bij tijden waarin 'beleving' en 'authenticiteit', hoe nep en geconstrueerd ook, het nec plus ultra zijn. Er verschenen in de reeks al volumes over onder meer de Russische, de Nederlandse en de wereldgeschiedenis, over de Eerste Wereldoorlog, de middeleeuwen en de rock-'n-roll.

In het geval van Ooggetuigen van het Romeinse rijk in meer dan zestig reportages zit je dan met een probleem, wegens nauwelijks 'dagboeken' en al helemaal geen journalisten. De samenstellers, de Nijmeegse oudhistorici Hekster en Moormann, hebben daarom een op veel momenten verrassende keuze gemaakt uit wetsteksten ("Van al het ons overgeleverde Latijn uit de oudheid staat meer dan de helft van de woorden in een wetstekst"), opschriften, brieven en redevoeringen, 'hoge literatuur' en 'verslagen' van historici. Dat ze veel zelf hebben moeten vertalen, zegt iets over de originaliteit van hun selectie. Het gaat hier vooral over de keizertijd, en je leest zowel stukjes uit keizer Augustus' testament als een gedicht geschreven door een overleden elfjarige dat op diens grafmonument staat, of een wetstekst over het kopen en verkopen van handelswaar: "Vanaf de dag van de koop behoren de vruchten, de arbeid van een slaaf, de jongen van het vee en het pasgeboren kind van een slavin aan de koper." Veel vreemds en veel herkenbaars, van keizer tot Marcus met de pet, van Capitool tot Hadrian's Wall. Een eyeopener, dit boek.Julius Caesar, een dubbel man

Julius Caesar (100-44 v.Chr), de verklaarde doodgraver van de sowieso kwijnende Romeinse Republiek en dus de man die indirect mee verantwoordelijk is voor Matyszaks keizerlijke Rome, blijft de gemoederen beroeren. Het lijkt ook voor historici in zijn geval moeilijk om geen partij te kiezen. Adrian Goldsworthy, een jonge Oxfordhistoricus die naam maakte als kenner van het Romeinse leger, beschrijft in een ouderwetse pil van 600 bladzijden leven en werk van de generalissimus: Caesar heet het simpelweg (Ambo/Manteau). Goldsworthy doet dat in een meeslepende stijl, met veel context (dit is veel meer dan een biografie!) en met volop aandacht voor wat hij "het dubbelzinnige van Caesar" noemt: meedogenloos wreed in Gallië en (soms) grootmoedig in Rome, een ijskoude pragmaticus en een uiterst bekwaam patriot en veldheer, een intellectueel en een man van de daad, een uitzonderlijke figuur en een kind van zijn tijd: alle Romeinse generaals waren per definitie imperialisten. En als we niet weten hoe het zat, zoals zo vaak in biografieën, zegt Goldsworthy het ook: hoe was de onverzadigbare rokkenjager Caesar privé? Wat waren zijn ambities toen hij op z'n 56ste op de iden van maart werd vermoord? Goldsworthy geeft zijn lezers ook inzicht in hoe oudhistorici te werk gaan.

Je slaat met dit boek een aantal vliegen in één klap, want ook Romeinse grootheden als Marcus Antonius, Cicero en Pompeius, en natuurlijk Cleopatra speelden een belangrijke rol in Caesars leven, dat zich afspeelt in de best gedocumenteerde en misschien wel boeiendste periode uit de oudheid. Goldsworthy behapt het allemaal. En het gaat in het midden van het boek dan ook nog eens over 'ons', de dappere Belgen, waar je de Noord-Fransen bij moet rekenen, en Ambiorix' Eburonen, die Caesar bijna op de knieën kregen. Goldsworthy, net als zijn generatiegenoten en oudhistorici Tom Holland en Simon Young een rasverteller, kwam, schreef en overwon. Lof zij de vertaalsters van deze turf, Corrie van de Berg en Carola Kloos, die prachtig werk afleverden.

Papieren labyrint

Erudiete mensen, we moeten ze koesteren. Bert Treffers, Nederlands Caravaggiospecialist verbonden aan het Koninklijk Nederlands Instituut in Rome, is zo'n erudiete mens en een groot Romekenner, die al jaren in de stad woont. Maar erudiete mensen kunnen bijzonder vermoeiend zijn wanneer ze hun kennis en masse en zonder al te veel structuur over je uitstorten en tonnen voorkennis veronderstellen. Dat levert een boek op als Het hart van Rome. Een zoektocht door het eeuwige labyrint (Bert Bakker). Het 'labyrint' uit de ondertitel is in dit geval een omen: je verdwaalt moeiteloos in dit boek, waarin de auteur namen, citaten en kunsthistorische begrippen en allusies achteloos laat rondslingeren en al te veel bladzijden een ondraaglijk hoog soortelijk gewicht hebben. Treffers is een goede observator van Rome. Hij schrijft met hartstocht, heeft veel te vertellen en er defileert in zijn dikke boek een caleidoscopische stoet rare Romeinen-van-de-straat. Maar ik weet niet wat dit boek wil zijn: een alternatieve stads- en kunstgids? Een persoonlijke odyssee? Een zedenschets? Een papieren labyrint? Een associatief meanderende stream of consciousness? Het is in elk geval erg lastige lectuur: "Wielingen van associaties maken iedere stap die je doet virtueel", staat er ergens. Dat is het helemaal.

Nee, dan liever het Rome dat in een overbekend palindroom voor 'liefde' staat: Roma - amor. Patrick Lateur stelde een bloemlezing van meer dan tachtig korte teksten samen uit 2000 jaar literatuur over de altijd tijdelijke liefde in de Eeuwige Stad: van Catullus tot Claus, van Aafjes tot Zola, van eendagshoeren tot pausin Johanna: Amor in Roma is een heerlijk, venerisch broeierig boek (Athenaeum-Polak & Van Gennep).

(PDR)

Philip Matyszak

Ancient Rome on five denarii a day

Thames & Hudson, Londen, 144 p., 12,95 pond.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234