Vrijdag 27/11/2020

Slavernij

Tijd voor excuses voor slavernij, vindt Amsterdamse gemeenteraad

Black Lives Matter-demonstraten betogen in Cleveland, Ohio, tegen systemisch racisme in de VS.Beeld AFP

Amsterdam kan niet meer om excuses voor het slavernijverleden heen, vindt de Amsterdamse gemeenteraad. Uit nieuw onderzoek, op vraag van het gemeentebestuur, blijkt dat de betrokkenheid van Amsterdam in de slavenhandel veel omvangrijker was dan eerder werd aangenomen.

De Amsterdamse betrokkenheid bij slavernij was grootschalig, mondiaal, langdurig, werkte door tot ver na de officiële afschaffing en kende verschillende vormen, blijkt uit nieuw onderzoek dat dinsdag is uitgekomen. 

De onderzoeksopdracht kwam van het gemeentebestuur. Aanleiding was een initiatiefvoorstel waarin de gemeenteraad aandrong op excuses voor het slavernijverleden. Amsterdam zou daarmee in Nederland de eerste zijn. Schepen Rutger Groot Wassink wilde eerst onderzoeken waarvoor Amsterdam excuses moet aanbieden en welke rol de gemeente, dus niet individuele burgers, heeft gespeeld.

Spil in internationale slavenhandel

Uit het boek De slavernij in Oost en West, waaraan 41 auteurs een bijdrage hebben geleverd, blijkt dat Amsterdam betrokken was bij slavernij in Suriname, Curaçao en Indonesië, maar ook in Zuid-Afrika, Taiwan, Brazilië en in Noord-Amerika. 

De rol van Amsterdam in de slavenhandel was divers. Zo was er sprake van directe betrokkenheid via bijvoorbeeld de Sociëteit van Suriname, waarvan Amsterdam een van de drie eigenaren was. Die organisatie bestierde Suriname van 1683 tot 1795 en transporteerde duizenden mannen, vrouwen en kinderen vanuit Afrika naar Suriname. 

De tweede lijn is indirect. Amsterdamse bewindvoerders hadden de belangrijkste stem in het bestuur van de Verenigde Oost-Indische Compagnie en de West-Indische Compagnie. Beide ondernemingen lieten de handel gepaard gaan met volksverplaatsingen, slavenhandel en dwangarbeid, met steun van het stadsbestuur. 

Tot slot waren diverse burgemeesters zelf actief in de slavenhandel, waarbij ze hun ambt inzetten als dat nodig was. Het Amsterdamse stadsbestuur speelde bovendien een belangrijke rol in de rechtvaardiging van slavernij.

Zelfonderzoek is heilzaam

In het boek beschrijven de auteurs ook de doorwerking van die slavenhandel op de samenleving van nu. “De commerciële slavernij was een geracialiseerde praktijk”, zegt medeauteur Guno Jones. “Het waren inheemsen, Afrikanen en Aziaten die vanaf de vijftiende tot de negentiende eeuw tot slaaf werden gemaakt. Die praktijk leidde in de achttiende en de negentiende eeuw tot het biologisch racisme, waarbij dezelfde mensen op basis van uiterlijke kenmerken als minderwaardig werden bestempeld. Die patronen van rasdenken werken door tot op de dag van vandaag, zoals ook door de Black Lives Matter-demonstranten naar voren wordt gebracht. Racisme en uitsluiting hangen nauw samen.”

De activisten hebben veel over zich heen gekregen. Ook dat is een patroon, vertelt Jones: “Op het moment dat mensen racisme aankaarten als erfenis van het slavernijverleden, wordt daar heel fel op gereageerd. Het racisme wordt onmiddellijk zichtbaar, zeker op sociale media. Het is belangrijk om daarnaar te kijken. Er is in Nederland nooit een traditie geweest racisme te onderzoeken als maatschappelijk fenomeen.”

Dat zelfonderzoek kan een onaangename klus zijn, maar ook een heilzame. Jones: “Ik geloof dat het in het algemeen goed is om schaduwzijden toe te laten, en daar verantwoordelijkheid voor te nemen. Het slavernijverleden is een van de schaduwen die de Amsterdamse welvaart mogelijk hebben gemaakt.” 

‘Slag in het gezicht’

Een meerderheid van de gemeenteraad vindt dat het onderzoek voldoende basis biedt om tot excuses over te gaan op 1 juli 2021, tijdens de herdenking van de afschaffing van de slavernij. “We gaan het doen”, zegt Mourad Taimounti (Denk), de initiator van het raadsvoorstel. “Wat heb je nu nog meer nodig om excuses te maken?”, aldus Nenita la Rose (PvdA). Schepen van Sociale Zaken, Diversiteit en Democratisering  Groot Wassink vindt de conclusie over het Amsterdamse verleden ‘een slag in het gezicht’, maar wil nog niet zeggen of excuses zullen volgen.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234