Zondag 24/10/2021

Tien jaar Premier League, een snelcursus

De Premier League gaat dit weekeinde het tiende seizoen van haar bestaan in. Over de hele wereld wordt wekelijks in 450 miljoen huizen in 152 landen naar Engels topvoetbal gekeken. De Premier League is de maat der dingen in het wereldvoetbal. De sterkste sportcompetitie ter wereld vanuit tien verschillende invalshoeken bekeken.

In het seizoen 1990-1991, net voor de verzelfstandiging van de Premier League, had Manchester United een omzet van 27,7 miljoen euro. Tien jaar later (2000-2001, de recentste bedrijfscijfers) zit elke Premier League-club daar ruim boven. Het einde van de groei is niet in zicht omdat het voorbije seizoen het eerste was van het nieuwe tv-contract. Man United kreeg in 2001-2002 ruim 40 miljoen euro alleen aan tv-gelden. Van alle clubs die vandaag een profstatuut hebben, bestond 90 procent al in 1900.

Aan de top van die machtige voetbalpiramide: de Premier League, heersend over de rest van Engeland maar ook over Europa. Schotse clubs willen naar het Europees Hof om in de Premier League aan de slag te kunnen gaan en clubs uit eerste divisie stellen alles in het werk om te promoveren naar de toptwintig. Promotie is als de lotto winnen: het betekent een budgetverhoging van minimaal 42 miljoen euro.

Het voorbije seizoen hadden de Premier League-clubs samen een budget van meer dan 1 miljard pond of 1,6 miljard euro. Toch is het niet al rozengeur en maneschijn. In het seizoen 2000-2001 waren maar twaalf Premier League-clubs winstgevend, tegenover tien een seizoen eerder. Tegen 2003-2004 verwachten de analisten van Deloitte & Touche dat de gemiddelde Engelse eersteklasser een omzet draait van 100 miljoen euro.

Omzetstijging Premier League

(in miljoen euro)

1995-1996575

1996-1997771

1997-1998966

1998-19991.113 1999-20001.283

2000-20011.556 2001-2002*1.700

2002-20031.850

2003-20042.000 (*) Voorspelling vanaf 2001-2002, rekening houdend met sterkere euro van juli 2002.

De oudste voetbalclub ter wereld is Sheffield FC, niet te verwarren met Wednesday en United uit diezelfde stad. FC speelt in de zevende reeks, zeg maar derde provinciale, maar vorig jaar op 30 juli was het grote Manchester United op bezoek voor de plechtige terugkeer van de illustere club naar haar originele 'Coach and Horses Ground'. Sheffield FC werd gesticht in 1857. De plaatselijke bibliotheek van de voormalige mijnstad is nog in bezit van het oprichtingsboek van de club. Sheffield FC speelt in de Northern Counties East Football League Premier Division. Daar staat ook twee keer per jaar de oudste derby ter wereld op de kalender. Sheffield FC tegen Hallam FC is pure voetbalhistorie. Hallam FC is de eerste winnaar van de eerste bekende en bewaarde beker in het voetbal. Een verzamelaar kocht de beker, een zilveren karaf eigenlijk die dateert uit 1867, op een veiling in Perth. Een bezoek aan de landelijke voorstad Hallam is ook een reis terug in de wereld. Het plaatselijke voetbalveld heet Sandygate en draagt als trots bijschrift: "The oldest football stadium in the world".

De Premier League glijdt volgens critici af naar een elitespektakel. Daarmee doet het Engelse voetbal recht aan zijn roots, want voetbal was bij zijn ontstaan een elitaire afwijking van rugby. Eliteschool Eton zag meer in het kicking game dan in het trekken, sleuren en gooien van rugby. De spelregels werden in 1863 vastgelegd in de Freemason's Tavern in London. Ook de perceptie dat voetbal een industrie was, zoals de Premier League nu, is al heel vroeg ontstaan. De meeste clubs uit de industriegebieden werden gesticht door industriëlen of zelfs kerken met de steun van lokale zakenlui. Reading was het team van de koekjesfabriek, Sheffield United van de staalmagnaten, Coventry FC had iets met de lokale fietsfabriek, West Ham United was gelinkt aan de Londense staalnijverheid en Arsenal was de club van de munitiefabriek. Aston Villa en Bolton Wanderers waren kerkploegjes. Stoke City en Newton Heath ontstonden bij het spoor. Newton Heath zou later 's werelds grootste en rijkste club worden en is beter bekend onder zijn huidige naam: Manchester United. De eerste professionele club was Darwin uit Lancashire. In 1885 kreeg de voorloper van de huidige Premier League vorm. Binnen het graafschap Lancashire organiseerden de clubs zich in een professionele structuur, een voorloper van de Premier League en een kopie van de baseballcompetitie die enkele jaren eerder in New York was ontstaan.

De Premier League bestaat onder de huidige aparte vorm sinds het seizoen 1992-1993. Toen scheurden 22 clubs zich af van de Football League. De Premier League geldt internationaal als de minst ondemocratische van alle hoogste voetbalreeksen in de grote voetballanden. Engeland heeft steeds een vorm van inkomensherverdeling gekend, maar nooit zo rigoureus als in de VS. Ook in de Premier League werd rijk steeds rijker. Tot 1984 kregen ook de bezoekende teams 20 procent van de toegangsgelden. Dat is later vervangen door een herverdeling van het tv-geld, waarbij de grote teams zichzelf het best bedienen met in het achterhoofd dat de kleintjes ook moeten leven.

Ooit stond de voorloper van de Premier League veel dichter bij het Amerikaanse systeem, dat erop gericht is teams economisch (en dus sportief) even sterk te maken om zo te komen tot de zogeheten competitive balance. Tot in 1961 kende het Engelse profvoetbal zelfs een salarisplafond. Het eerst maximumsalaris werd al vastgelegd in 1901 en bedroeg 4 pond per week. In 1958 was dat opgelopen tot 17 pond per week, terwijl een arbeider toen gemiddeld 12,83 pond verdiende. Tegelijk was het ook onmogelijk spelers weg te halen, zelfs als die geen contract meer hadden. Die slavernij werd afgeschaft in 1963. Met de liberalisering van het spelersverkeer en de salarissen is de ongelijkheid tussen de teams steeds toegenomen: vóór 1960 waren veel meer verschillende teams in de running voor de kampioenstitel dan in een vergelijkbare periode daarna.

Ooit was het publiek de koning van het Engelse voetbal. Tussen 1926 en 1960 steeg de toegangsprijs in reële waarde met slechts 26 procent. De gemiddelde bezoeker van het Engelse voetbal tussen de twee wereldoorlogen kwam uit de werkende klasse en was mannelijk. Overigens was er ook toen al hooliganisme net als voor de eerste wereldoorlog. Uiteindelijk zou het slechte gedrag van de fans aan de basis liggen van het economische succes van de Premier League vandaag. Tussen het Heizeldrama (39 doden) en het Hillsborough-drama (96 doden) brandde een houten tribune af in Bradford (55 doden). Het Taylor-rapport als gevolg van die rampen was duidelijk: tegen 1995 moeten alle stadions in twee verdiepingen hoog zijn gemoderniseerd.

Tussen 1992 en 2002 bouwden de Engelse clubs erop los, geholpen door de lokale autoriteiten en renteloze leningen: er werd voor net geen 2 miljard euro (1.947) geïnvesteerd in stadionbouw. De nieuwe tempels van de Premier League trokken ook een nieuw publiek. Tegen het einde van de jaren negentig had de Premier League een middenklassepubliek. Daarna zakte dat. Elk seizoen tussen 1938 en 1980 trok het eerstedivisievoetbal meer bezoekers dan vandaag. Een kaartje was in 1980, rekening houdend met de inflatie, dan ook 3,5 keer goedkoper dan vandaag.

Als de Premier League rijker is dan de topdivisies van alle andere Europese voetballanden heeft dat alles te maken met de tv-rechten. Het begin allemaal in 1927 met een eerste radioverslag op de BBC Radio tussen Arsenal en Sheffield United. De eerste voetbalwedstrijd op de tv was een interland: Engeland-Schotland in 1938. Tussen 1955 en 1964 bestond voetbal op tv uit een opsomming van hoogtepunten. In 1964 begon Match of the Day en dat programma bestaat vandaag nog steeds. De eerste voetbalrechten werden betaald in 1968. Ze bedroegen 120.000 pond en elke club kreeg 1.300 pond. Toen de Premier League in 1992 haar eigen weg ging, was het de clubleiders te doen om een groter deel van de tv-koek. De eerste drie van het voorbije seizoen kregen elk ongeveer 40 miljoen euro uitbetaald. In totaal krijgt de Premier League volgend seizoen net geen miljard euro aan tv-rechten.

Tv-inkomen 2001-2002

Club (behaalde plaats) tv-geld (in miljoen euro)

1. Manchester United (3)40,2

2. Liverpool (2)40,2

3. Arsenal (1)39,9

...

18. Charlton (14)21,6

19. Derby (19)11,4

20. Leicester (20)10,8 Evolutie lokale tv-rechten Seizoen Zender Bedrag per seizoen

1993-1997 BSkyB/BBC94,7 miljoen euro

1998-2000 BSkyB/BBC289,3 miljoen euro 2001-2004 BSkyB/ITV831 miljoen euro

De eerste Engelse voetbalclub die een bedrijfsstructuur aannam, heette Small Heath, het latere Birmingham City. Dat was in 1888. Tegen 1921 waren 84 van de 86 Engelse profclubs een privé-bedrijf. In oktober 2003 is het twintig jaar geleden dat de eerste Premier League-club naar de beurs ging: Tottenham Hotspur. Achttien andere Engelse clubs zijn nu nog beursgenoteerd.

De beursgang is echter geen succes geworden. Tot en met 1997 was het feest. In Engeland waren de voetbalaandelen eind 1997 tien keer meer gestegen dan de index van de honderd grootste bedrijven op de Londense beurs. Toen in de herfst van 1998 de beurs crashte, bleven de voetbalaandelen nog collectief overeind. Alleen hadden ze begin 1998 slecht verteerd en dat in een periode dat de beurzen wel nog feest vierden.

Voetbalaandelen zijn enorm volatiel en in geen enkel model te vatten. De aanbeveling van de beursspecialisten was: afblijven. Sindsdien ging het steeds verder bergaf. Van alle 32 Europese clubs die in november 1998 al op de beurs waren, heeft er geen enkele een betere quotering. De meeste clubs zijn de helft of meer van hun waarde verloren. De afgelopen twaalf maanden waren de slechtste ooit voor de voetbalaandelen: van de achtendertig Europese voetbalaandelen zijn er slechts twee gestegen: West Bromwich Albion en Sporting Lissabon. Drie voetbalaandelen van het eerste uur verdwenen van de beurs: de holdings Loftus Road (QPR) en Ninth Floor (Swansea City) en het aandeel van het zieltogende Nottingham Forest.

Nu de stadions van de Premier League vol zitten en de prijzen onbetaalbaar worden, ziet de gewone fan zich steeds meer verplicht om zijn godenzonen via de tv te volgen. Livewedstrijden zijn in Engeland ongebruikelijk, maar toch slagen de fans erin sommige wedstrijden live te zien. Daarvoor huren ze desnoods superbegaafde ingenieurs in en die slagen er altijd in de juiste signalen op te vangen en de gewenste wedstrijd naar het achterafzaaltje van de lokale pub af te leiden. Elke vakantieganger kent de borden voor de pubs van de Spaanse costa's: 'live football at 3pm'. Soms gaat het om illegale uitzendingen, maar omdat de show ver van haar bed gebeurt, treedt de Premier League niet op. Op Brits grondgebied wordt wel elke speeldag jacht gemaakt op de illegale signaaldieven. Zelfs op zaterdagmiddag zijn heel wat wedstrijden illegaal live te volgen. Handige jongens halen al jaren de buitenlandse beelden naar Engeland. Lange tijd was de Noorse tv een onbewuste toeleveraar van illegale beelden. De Noren kregen elke zaterdag live een wedstrijd. Er ontstond een technologische oorlog tussen de illegale signaaldieven, de Noren en de Premier League, waarbij de dieven steeds een stapje voor waren. Volgens experts halen we straks even makkelijk een voetbalwedstrijd uit de ether als we vandaag een cd kopiëren of muziek van internet downloaden.

Elke zichzelf respecterende club in Engeland heeft een of meerdere fanzines. Een fanzine is een officieus supportersblad dat kankert op alles wat de fan liefheeft: de club, de spelers, het stadion en vooral het bestuur. Ze beconcurreren de duurdere glossy, officiële clubmagazines en wedstrijdprogramma's. Sociologen dateren het ontstaan van fanzines in de jaren zeventig, als een punk-uiting in woord en beeld. Van bij het begin combineerden de illegale magazines scherp sarcasme met nostalgie en grote liefde voor de club. Fanzines hebben of hadden vaak erg originele namen die niets aan de verbeelding overlaten: Sack the Board (Nottingham Forest), Those were the Days (Ipswich Town) en A Kick Up the Rs (Queens Park Rangers Football Club).

(Sportspages in Londen is de enige boekhandel die sommige fanzines verkoopt. Meer info op www.sportspages.co.uk of in de winkel zelf, Charing Cross Road - Caxton Walk.)

Belgen in de Premier League: het is geen overweldigend succesverhaal. In orde van grootheid presteerde Philippe Albert bij Newcastle (1994-1999) misschien nog het best. Albert werd er twee keer vice-kampioen en kreeg de bijnaam The Prince, maar in zijn vijfde seizoen kwam hij er niet meer aan de bak en werd hij uitgeleend aan Fulham. Voor hem had Nico Claesen bij Tottenham als Belg de weg geëffend in de Engelse competitie, maar dat was in het pre-Premier-League-tijdperk. Veel later draaiden Marc Degryse en Gilles De Bilde mee met Sheffield Wednesday, maar een echte meerwaarde, tenzij aan de eigen portemonnee, konden ze ook niet bieden. Sommigen kennen brute pech, zoals Laurent Delorge, die als jong talent bij Coventry meteen een zware blessure opliep. Idem voor Luc Nilis, zijn beenbreuk bij Aston Villa betekende meteen het einde van zijn carrière. Cédric Roussel kende een goed seizoen bij Coventry, maar that's it. Branko Strupar is de duurste transfer van een Belg naar de Premier League (voor 5 miljoen euro wisselde hij Genk voor Derby County), maar hij werd afgeremd door blessures en degradeerde vorig seizoen naar de First Division. Dit seizoen is het uitkijken of de grote belofte Jonathan Blondel zijn plaats kan afdwingen bij Tottenham.

Belgen in Premier League anno 2002-2003

Nico Vaesen (Birmingham City), Jonathan Blondel (Tottenham), Tom Peeters (Sunderland).

Bronnen: The Economics of Football, Dobson en Goddard Sport in de Wereld, Trudo Dejonghe Football Confidential , Bent, McIlroy, Mousley, Walsh Football Business (magazine) Deloitte & Touche Annual Review of Football Finance Equipe Magazine

Hans Vandeweghe

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234