Dinsdag 01/12/2020

Milieu

‘Tien jaar om het tij te keren’: hoe Europa zijn eigen milieubeleid verknoeide

Beeld Belga

Ondanks het strafste milieubeleid ter wereld is het Europese milieu er vandaag slechter aan toe dan vijf jaar geleden en haalt de EU nauwelijks haar milieudoelen. ‘Het verlies aan natuurlijk kapitaal is alarmerend. We hebben tien jaar om het tij te keren’, stelt het Europees Milieu Agentschap (EMA).

Momenteel waait er een sterke groene wind door de Europese wandelgangen in Brussel. Binnen een week legt Frans Timmermans, ‘supercommissaris’ in de nieuwe Europese Commissie, de Green Deal voor. Dat is een klimaatwet die van Europa tegen 2050 het eerste klimaatneutrale continent ter wereld moet maken, waar geen vervuiling meer is en voedsel duurzaam geproduceerd wordt.

Of de nieuwe Commissie de lidstaten zal meekrijgen, valt af te wachten. De Green Deal past wel perfect bij het imago dat de EU heeft als ‘groenste van de klas’. Want dankzij zo’n vier decennia milieuwetgeving zijn de Europese lucht en het water minder vervuild en stoten we nu zo’n 20 procent minder broeikasgassen uit sinds 1990. En dat terwijl de economie is blijven groeien.

Toch zou het een vergissing zijn om nu achterover te leunen, zo stelt het Europees Milieu Agentschap (EMA) op basis van zijn nieuwste doorlichting. Het is de grootste analyse van het Europese milieubeleid ooit. Ze schudt wie louter naar de paar positieve resultaten kijkt hard wakker.

Beeld EEA

Het Europese milieu is er vandaag slechter aan toe dan in 2015. Europa haalt het gros van zijn eigen milieu- en klimaatdoelen tegen 2020 niet. En richting 2030 ziet het er nog slechter uit.

Het EMA klinkt dan ook ongerust. “Europa staat voor ongezien grote milieu-uitdagingen”, zo meldt het rapport van 500 pagina’s waarin tekeningen van alarmbellen staan. “Vooral het verlies aan biodiversiteit in Europa is alarmerend en even catastrofaal als de klimaatverandering. We hebben tien jaar om het tij te keren.”

Wie kijkt naar het recente verleden weet dat het een enorme uitdaging wordt. Het is Europa dan wel gelukt een en ander te verbeteren dankzij het sterkste groene beleid ter wereld, toch kleuren slechts 14 van de 35 streefdoelen uit de laatste tien tot vijftien jaar geruststellend groen.

Afval recycleren

Het best scoorde Europa de laatste jaren voor de dertien verwezenlijkingen die te maken hebben met ‘evolueren naar een duurzame economie die minder materialen en grondstoffen verspilt en minder broeikasgassen uitstoot’. Hier scoren we negen op dertien. Zo stoten we nu 22 procent minder broeikasgassen uit dan in 1990. We recycleren meer dan de helft van ons afval. En terwijl in 2005 een kleine 10 procent van de Europese energieconsumptie uit hernieuwbare energie kwam, is dat nu gestegen naar ongeveer 18 procent. Ook daalde de energieconsumptie tot het niveau van 1990 en is de vervuiling door de zware industrie flink afgenomen.

Beeld Bas Bogaerts

Maar zelfs wat tot nu het makkelijkst leek te gaan, begint te haperen. Voor 2020 halen we maar vier van de dertien doelen die het beleid oplegt voor een groenere economie: luchtvervuiling, hernieuwbare energie, energie-efficiëntie en duurzaam materiaalgebruik. Tegen 2030 evolueert enkel afvalverwerking in de juiste richting. Al zien de onderzoekers dat de EU op dit punt eigenlijk maar heel traag vooruitgang boekt, omdat de technologie niet snel genoeg verbetert terwijl we wel altijd meer afval produceren. Daarbij komt dat landen waar we ons afval dumpen, zoals China, het beginnen te weigeren.

Ook de positieve energie-klimaatprestaties uit het recente verleden volstaan niet meer om de toekomst het hoofd te bieden.

Beeld EEA

Zo zitten we nu formeel goed met 18 procent hernieuwbare energie, maar het EMA betwijfelt of we de vooropgestelde 32 procent tegen 2030 en de 100 procent tegen 2050 bereiken. Want het aandeel neemt jaarlijks met 0,7 procent toe terwijl dat minstens 1,1 procent zou moeten zijn. Bovendien stijgt de energievraag sinds 2014 opnieuw met 0,1 procent per jaar terwijl ze zou moeten dalen. Daardoor mist de EU mogelijk nipt het bindende beleidsdoel om tegen 2020 20 procent meer energie te besparen.

En om in 2050 klimaatneutraal te worden, moet de reductie van de uitstoot veel sneller dalen. Nu zijn de lidstaten zelfs niet op weg om alvast de bindende doelstelling van minstens 40 procent reductie tegen 2030 te halen. “In dit tempo zal dat slechts 30 procent minder zijn”, stelt de analyse van het EMA.

Vooral transport, dat voor bijna driekwart wegtransport is, blijft een hardnekkig probleem. Zuinigere motoren hadden tot nu toe wel een gunstig effect, maar steeds meer vervoer en het feit dat ons transport vooral op fossiele brandstoffen blijft draaien, weegt daar niet meer tegenop. “Ook de trend naar meer SUV’s doet de verbetering in motorentechnologie ook deels te niet”, zeggen de onderzoekers. Daardoor steeg de uitstoot uit transport tussen 1990 en 2016 met een kwart in plaats van te dalen. In diezelfde periode steeg het aandeel van transport in de broeikasgasuitstoot van de EU van 15 naar 24 procent.

Gezondheid

Het agentschap bekijkt ook hoe het beleid onze gezondheid beschermt tegen milieuschade. In het verleden evolueerden drie pijnpunten positief: er zitten minder vervuilende stoffen in de lucht, de impact daarvan op de gezondheid is afgenomen, en we hebben plannen om ons tegen de klimaatverandering te beschermen.

Maar ook hier ziet het er niet langer goed uit. De EU is in 2020 gebuisd voor zes van de acht beleidsdoelen. Tegen 2030 evolueren drie milieuproblemen erg negatief en vier twijfelachtig.

De Spaanse premier Pedro Sánchez verwelkomt Europees president Charles Michel op de klimaattop in Madrid.Beeld AFP

De EU komt bijvoorbeeld niet aan haar ecologische doelstelling voor oppervlaktewater tegen 2020: slechts 40 procent van het oppervlaktewater is in goede ecologische staat. De winst in de strijd tegen luchtvervuiling slabakt. Drie vervuilende stoffen (stikstofdioxide, ozon en fijnstof) blijven grote schade berokkenen: zo’n 400.000 Europeanen per jaar sterven vroegtijdig door fijnstof en bijna een op de vijf Europeanen leeft op een plek waar de lucht volgens minstens een van de Europese standaarden te vervuild is. Voor de concentratie aan vervuilende stoffen in de lucht haalt de Unie haar eigen beleidsdoel voor 2020 wellicht pas in 2030.

Chemische stoffen blijken eveneens een hardnekkig probleem. Onderzoek wijst uit dat er veel meer riskante stoffen in de omgeving zitten dan vermoed. Maar van de ongeveer 100.000 stoffen op de markt zijn de schadelijke effecten van slechts 500 stoffen erg goed bekend. “We tasten hier in het duister”, zegt EMA-directeur Hans Bruyninckx.

Lawaai

Een ander (onderschat) probleem dat tegen 2030 erger dreigt te worden, is lawaai. Minstens 20 procent van de Europeanen woont op een plek met schadelijke lawaainiveaus, vooral door wegverkeer. Op lange termijn leidt dat tot 48.000 meer mensen met een hartziekte per jaar en jaarlijks 12.000 vroegtijdige sterftes.

Bovendien schaadt ook de klimaatverandering de Europeanen meer en meer. Zo zijn er bijvoorbeeld meer hittedoden door frequentere hittegolven. 

De derde categorie aan milieubeleid slaat op het natuurlijk kapitaal: de bossen, rivieren en andere natuur die voedselproductie, zuivere lucht, zuiver water, CO2-opslag en de productie van talloze goederen mogelijk maken. Hier schiet de EU het zwaarst tekort. Meer beschermde bossen en andere natuurgebieden op land en op zee zijn de enige twee van de veertien doelen die we in de laatste tien à vijftien jaar hebben gerealiseerd en die we voor 2020 halen.

Beeld EEA

Vandaag is 18 procent van de landmassa en 9 procent van de zeegebieden in Europa beschermde natuur onder de strenge Natura 2000-regels, waardoor de EU het grootste netwerk beschermde gebieden ter wereld heeft. Dat levert jaarlijks tussen 200 en 300 miljard aan economische voordelen op.

“Dat is uiteraard positief”, zegt Bruyninckx. “Maar aantallen vierkante kilometers zeggen niet alles. Er is dan wel meer beschermd gebied, maar de Europese natuur verkeert in slechte staat.”

Zo is het aantal vogels en vlinders, die een perfecte graadmeter zijn voor de staat van de natuur, sinds 1990 bijvoorbeeld sterk afgenomen. Er zijn nu ongeveer een derde minder landbouw-vogelsoorten en graslandvlinders – die belangrijk zijn als bestuivers – dan dertig jaar geleden. En slechts 16 procent van de beschermde habitats en 40 procent van de beschermde soorten zijn in ‘ecologisch gezonde staat’.

De druk van verstedelijking en landbouw is erg groot en de bodem is er door vervuiling, erosie en uitputting niet goed aan toe. Jaarlijkse oogstverliezen door bodemerosie worden geschat op 1,25 miljard euro.

Het leven in zee

Op zee tekent zich een gelijkaardig plaatje af. Hoewel het aantal beschermde gebieden tussen 2012 en 2016 maar liefst is verdubbeld en overbevissing van verschillende soorten een halt is toegeroepen, slaagt de EU niet in haar doelstelling voor 2020. Zo is nog altijd 93,9 procent van de commerciële visbestanden in de Middellandse Zee overbevist. Ondertussen bedreigen ook 8 miljoen ton plastic extra per jaar, steeds meer inheemse soorten, verzuring en opwarming het leven in zee.

Experts zien drie grote oorzaken voor de nijpende toestand.

Ten eerste drijft de EU mee op wat wetenschappers ‘De grote versnelling’ noemen. Sinds de jaren 50 zijn er drie keer zoveel mensen en is economische productie vertwaalfvoudigd, waardoor er veel minder armoede is.

Maar daardoor zijn driekwart van het landoppervlak en 40 procent van de zeegebieden op aarde ingrijpend veranderd, laat de opwarming haar tanden zien en is er een zesde massale uitsterving van soorten. De gezondheidskosten door ziekte en vroegtijdige dood als gevolg van vervuiling en milieuschade liggen vandaag dan ook drie keer hoger dan die van aids, tbc en malaria samen.

Omdat ook Europa mee in dat systeem zit dat enerzijds zo succesvol maar anderzijds zo vernielend is en omdat die evolutie van steeds meer mensen, productie en consumptie steeds sneller gaat, is het almaar moeilijker de schade met beleid bij te benen.

milieu klimaat Barbara Debusschere transport nieuw goedBeeld eea

Ten tweede wordt bestaand beleid te vaak niet uitgevoerd. Vlaanderen overschrijdt bijvoorbeeld al zo’n tien jaar de Europese stikstofdioxidenorm en Nederland piekt boven de opgelegde stikstofwaarden. Ook de transportsector volgt de regels niet, waardoor broeikasgasuitstoot nu dus zelfs weer omhoog gaat.

Aan die kloof tussen afspraken en verplichtingen en daden hangt een prijskaartje, onder andere door een groter aantal zieken en vroegtijdige sterftes door luchtvervuiling. In 2018 bedroeg het verlies doordat beleid niet (volledig) is toegepast 55 miljard euro, zo berekende de Commissie eerder dit jaar. Jaarlijks gaat minstens 30 miljard euro in rook op door oogstverliezen, ziekte en bijvoorbeeld ook natuurgebieden die niet daadwerkelijk worden beschermd.

Ten derde is er soms ook gewoon geen beleid. Zo heeft Europa geen regels die bodemerosie en -vervuiling en versnippering van land tegengaan en is er ook geen beleid om het voedingssysteem te verduurzamen, iets wat volgens het EMA een van de grootste uitdagingen wordt.

Wat nu? “Het beleid wel uitvoeren zoals beloofd, zou al heel wat verschil maken”, zegt Bruyninkcx. “Maar dat zal niet volstaan.”

Radicaal anders

Onze technologieën, productieprocessen, consumptiepatronen en manieren van leven moeten dringend fundamenteel anders om de enorme druk op de omgeving, het klimaat en onze gezondheid te verlichten, zo staat in het rapport. “Europa komt er niet meer met simpelweg de economische groei stimuleren en schadelijke neveneffecten proberen wegwerken met wat sociaal en ecologisch beleid”, zegt het EMA. Hoe we wonen, ons verplaatsen, eten produceren en consumeren moet radicaal anders.

“En dat moet binnen de tien jaar”, luidt het. Anders raakt Europa ingesloten in consumptie- en productiesystemen die nog veel meer economische verliezen en schade aan de gezondheid zullen veroorzaken.

Via belastingen, heroriëntering van grote investeringen en de grote sommen subsidies die nu nog altijd naar fossiele brandstof gaan, moet zo’n transformatie, die sociaal rechtvaardig moet zijn, nog mogelijk zijn. 

Het agentschap wijst erop dat er alvast een groter draagvlak ontstaat bij burgers en bedrijven. “Ook het feit dat er een Green Deal komt waar de Europese Investeringsbank en de Europese Centrale Bank zich achter scharen is ongezien en hoopgevend”, zegt Bruyninckx. Eén principe dat het milieuagentschap expliciet als cruciaal bestempelt, heeft echter niets te maken met centen, technologie of overheidsregels. Binnen de tien jaar deze schadelijke evolutie keren, kan alleen wanneer “alle regeringsniveaus en beleidsafdelingen nu dringend coherent gaan samenwerken”.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234