Donderdag 22/04/2021

Thomas Blondeau 'Liefde maakt je gek'

Met 'Het West-Vlaams versierhandboek' speelt Thomas Blondeau hoog spel. Zijn derde allegorisch getinte roman snijdt een verbluffend aantal thema's aan, van de Vlaamse onafhankelijkheid tot de valkuilen van de liefde. 'Zelden zal ik traditionele femmes fatales opvoeren.' Dirk Leyman

Geloei van sirenes. Voorbijrazende brandweerwagens en ambulances. Lijnbussen die met piepende remmen aan hun halte stoppen. Zorgvuldig hadden we een rustig etablissement uitgekozen voor dit interview. Maar zelfs de muziek spant samen om de decibelmeter tilt te laten slaan: Frank Sinatra en Axelle Red galmen door de boxen. En dat allemaal in het bedaarde café van de Vlaamse Opera. Het deert schrijver Thomas Blondeau (35) amper. Zoals de buitenwereld telkens weer de rust in zijn romans komt verstoren, zo zal dit gesprek doorkliefd worden door auditief ongerief. Maar de voorkomende Blondeau - heldere blauwe ogen, modieuze volle baard - behoudt zijn sangfroid. Met zelfrelativering en gepolijste zacht-Hollandse tongval praat de al vijftien jaar in Nederland wonende Vlaming over zijn nieuwe roman. Het West-Vlaams versierhandboek is een merkwaardige terugkeer naar zijn roots aan de schreve. "Het ideale boek is als een prettig gesprek dat alle kanten opgaat en van de hak op de tak schiet. Maar je houdt wél elkaars aandacht vast", hoopt hij.

Blondeau is het toonbeeld van de multitaskende, hedendaagse schrijver-journalist: halftijds eindredacteur bij het Leidse universiteitsblad Mare, geregeld Boekendokter voor Cobra.be of spits columnist voor NRC Next. Ook stelde hij twee erotische bloemlezingen samen. Het West-Vlaams versierhandboek staat bij de uitgever geprogrammeerd als zijn romandoorbraak, na het nogal wisselend ontvangen Ex-schrijver (2006) en Donderhart (2010), waarin het talent opvonkte maar vorm en overdaad in de weg zaten. Toch wil Blondeau zich vooral niet laten opjutten. "Het schrikbeeld is het soort auteur te worden die bij het ter perse gaan van zijn ene roman meteen een subsidieaanvraag indient voor de volgende. Kwestie van de eigen sociale identiteit gaande te houden. Sommige schrijvers vinden dat literatuur vanzelf al een nobele activiteit is. Ze bekommeren zich nauwelijks over de respons. Ik wil geen zeven romans in tien jaar schrijven om daarna te beseffen dat ik mezelf niet kan vernieuwen. Literatuur bedrijf je niet als tijdverdrijf."

Voor Blondeau is het wél de logica zelf dat je compromissen sluit om van je pen te kunnen leven. Dat hij zichzelf zo misschien te veel versnippert, hoort hij liever niet. "Ach, iedereen verzint listen om tijd te vinden voor het schrijven."

Zelfhulpboeken

In Het West-Vlaams versierhandboek zet Blondeau nogal wat verhalen in de steigers. Zijn hoofdpersonage en alter ego Raf Fauchery zoekt zijn heil in zijn geboortedorp, na een verblijf in het buitenland en een gebroken relatie. Om al schrijvend een depressie af te wentelen. "Ik bega een eerste doodzonde: een boek schrijven over een schrijver", grapt Blondeau. Maar al spoedig verzeilt Raf in de tribulaties van de lokale politiek. Het dorp scheurt zich af van de moederstad (waarin je makkelijk Poperinge herkent), onder impuls van de moddervette goeroe Jozua Goeminne leeft het koppig zijn separatistische neigingen uit. En dan is er Rafs toenadering tot Serena, de ongrijpbare, getroebleerde notarisdochter. "Mijn tweede hoofdzonde? Het toelaten van een zeker nostalgisch gevoel", zegt Blondeau. "Op je twintigste keer je je af van dat leven in een dorp, op je vijfendertigste sluipt de mildheid binnen. Je kunt niet langer ontkennen waar je vandaan komt. Af en toe door een leeg veld lopen, met als enig gezelschap een staart van een koe, is soms heilzaam voor de stadsziel." Blondeau maakt van Het West-Vlaams versierhandboek ook een zelfhulpboek en adolescentiekroniek. Raf becommentarieert zijn eerste stappen in de liefde en poogt daar lessen uit te trekken. Zelfhulpboeken fascineren Blondeau al lang, hij schreef er deze zomer columns over in De Standaard. "Ze zijn een pervertering van het idee dat je van literatuur en kunst een beter mens wordt. Dat het lezen van boeken veel edeler is dan bridgen of vissen. Het verheft je, verhoogt je empathie en verschaft je esthetisch genoegen. Zelfhulpboeken stileren dat diep in ons sluimerende idee."

Ook deze roman gaat over iemand die weer grip wil krijgen op zijn identiteit, benadrukt Blondeau. "Raf Fouchery zit hit rock bottom. Een klassiek thema in de literatuur, ik weet het... Alles waar hij zijn hoop op stelt, mislukt. Ik wou vooral het persoonlijke met het grotere verbinden. Hoe zwaar mijn liefdesverdriet soms ook mag zijn, ik ben nooit ongevoelig voor de politieke situatie of gesprekken in de tram." Blondeau is onmiskenbaar een exponent van zijn schrijversgeneratie, die het tongue in cheek cultiveert. Het boek wemelt van de komische voetnoten en ironische commentaren. Gewiekste manieren om zichzelf te betrappen op een cliché of critici de wind uit de zeilen te nemen? "Ik moet mijn eigen grappendwang soms beteugelen. Laat ik er maar een expliciete karikatuur van maken, dacht ik. Als mensen clichés koesteren over West-Vlamingen, wel, dan zal ik ze eens goed in de verf zetten, zonder in absurdisme te vervallen. Als je over een dorp schrijft, weet je dat je in Vlaanderen een hele literatuurgeschiedenis meetorst, van Claus' De geruchten tot het neo-naturalisme van Dimitri Verhulst. Uiteindelijk toon ik wel enige liefde en waardering en schilder ik de dorpelingen niet af als domme boertjes. Ik nam notulen van dorpsraden in de Westhoek door en zag met eigen ogen aan welk ijltempo huizen leeg komen te staan en cafés sluiten. Daarom lees je deze roman beter als een allegorie. Wanneer ik het dorp laat afsplitsen, neem ik natuurlijk een loopje met de heersende politieke afscheidingsdrang. Toch wilde ik niet dat men in Jozua Goeminne een bepaald politicus herkent." Niettemin spuit Blondeau graag een aantal meningen over het Vlaams-nationalisme. "Nationalisme is een soort godsdienst, ooit had het een emanciperende kracht. Maar stel je nu eens dat de republiek Vlaanderen wordt uitgeroepen? Dan wordt het er beslist niet makkelijker op. Tegelijk erger ik me aan sommige van mijn Antwerpse vrienden die in scherpe bewoordingen Bart De Wever hekelen en hem vergelijken met het Derde Rijk. Dat is ongepast. Wel ben ik verbaasd over de onvrede in een van de rijkste landen ter wereld. Ik word altijd erg ongemakkelijk van de uitdrukking 'Vlaanderen is een bananenrepubliek'. Dan moet je vooral eens het vliegtuig nemen naar een échte bananenrepubliek. Een tijd had ik een Russisch lief. Haar moeder zei me vaak: "Crisis? De mensen schudden van het vet."

Opmerkelijk is de vorm waarin Blondeau zijn roman giet: korte hoofdstukken, soms doorspekt met notities of meer essayistische stukken. "Eerst gooide ik minstens zes à zeven keer dertig pagina's weg, omdat het te klinisch en voorspelbaar klonk. Uiteindelijk bleek dit mijn dunste roman van de drie." De gehanteerde vorm doet denken aan de werkwijze van Roland Barthes. Die inspireerde ook op een ander niveau deze roman. "Toen ik dit boek aan het schrijven was, las ik zijn postuum verschenen Rouwdagboek over de dood van zijn moeder. Het viel me op dat ook Barthes - nochtans zo'n cerebraal persoon - bij dat verlies op clichés terugviel. Daarmee staat hij niet alleen: in momenten van ontreddering kan het stomste liedje op de radio ineens een draaglijk oordeel vellen over je situatie. Dat is ook frustrerend. Liefdesverdriet en rouw zijn niet zo uniek. Hoe overweldigend het gevoel ook, iedereen maakt het wel eens mee. Kijk bijvoorbeeld maar naar Dante en zijn liefde voor Béatrice. De manier waarop hij zijn geliefde idealiseert, leest als een opeenstapeling van gemeenplaatsen. Terwijl het anders kan: als je middeleeuwer Abélard over Héloise leest, is het alsof je rechtstreeks met hem communiceert, al zit er dan duizend jaar tussenin."

Masochisme

En zo komen we vanzelf uit bij de erotiek, die in de roman zo'n prominente rol speelt. Al is het vaak een gehannes en geklooi, Blondeau weet er met smaak over te schrijven. "Het ontregelende en grensoverschrijdende van seksualiteit heeft me altijd geboeid. Mensen worden er nog altijd ongemakkelijk van. Kijk maar naar het foute-grappengedrag, het knipogen van mannen en al die besmuikte blikken. Toch raakt erotiek aan authenticiteit. Steeds weer ben ik onder de indruk van het utopische dat liefde en seks belooft. Alleen: het hardnekkig najagen van een utopie, in bed of in de Wetstraat, corrumpeert tegelijk dat ideaal. De werkelijkheid praat terug. Als zo'n ervaring op niks uitloopt, hou je er wél een interessant emotioneel landschap aan over."

Blondeau ontkent niet dat er een waas van treurnis en onvolkomenheid over seks hangt in Het West-Vlaams versierhandboek, in zekere zin ook een kroniek van debacles. Serena blijft een ongrijpbaar personage. "Eerst liet ik Serena kunstgeschiedenis studeren. Maar dat was zo typisch vrouwelijk. Dus veranderde ik dat naar biomedische wetenschappen." Levensechter. "Ik wil recht doen aan het beeld van een hedendaagse vrouw. Zelden zal ik traditionele femmes fatales opvoeren, dat is te zeer een literaire code. Het seksueel bevrijde meisje is een mannelijke fantasie. Je kent ongetwijfeld de film 37°2 le matin, met Béatrice Dalle? De regisseur zei haar: "Je moet une femme hyperlibérée spelen." Het kwam erop neer dat ze voortdurend naakt moest rondlopen (lacht)."

Hoe autobiografisch is dit boek, wil ik ten slotte nog weten? Blondeau fronst cryptisch. "Dit boek vormt zeker niet de schaduwboekhouding van mijn leven. Het autobiografische element is een stijlgreep. Lezers gaan iets rechter zitten als ze denken dat dit waar kan zijn. En het is een aangename vorm van masochisme om de dingen wat pijnlijker voor te stellen dan ze in werkelijkheid zijn."

Thomas Blondeau, Het West-Vlaams versierhandboek, De Bezige Bij, 272 p., 18,50 euro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234