Zondag 15/12/2019

Portret

The Rise and Fall van Filip Dewinter

Beeld belga

Filip Dewinter (52) maakt niet langer deel uit van het partijbestuur, de cockpit van het Vlaams Belang. Daarmee verdwijnt een man in de coulissen die Vlaanderen jarenlang verdeelde, en zo, hoewel onbedoeld, de architect is van ons huidige politieke landschap.

Zelden is een dramatischere politieke reportage gedraaid dan die van Telefacts, op 8 oktober 2006. Het is een dag van verkiezingen, alle ogen zijn gericht op de tweestrijd tussen Patrick Janssens en Filip Dewinter in Antwerpen. De reporters van Telefacts krijgen die dag toestemming om de grote man van het Vlaams Belang te volgen. En de grote man is er aanvankelijk nogal gerust op. Als de eerste resultaten binnenkomen, lijkt het erop dat Dewinter zijn grote droom - de Antwerpse burgemeestersjerp - aan het verwezenlijken is.

"Ge weet al hoe laat het is", zegt hij tegen zijn vrouw, alvorens af te zakken naar het partijhoofdkwartier aan de Amerikalei. Daar blijft het positieve resultaten regenen. Tot de cijfers van Antwerpen binnenkomen. Ze tonen een grote winst voor Janssens, een verlies van 5 procent voor Dewinter. Diens gezicht spreekt boekdelen. En dan moet het kwadraat van dit drama, de reactie van Dewinters dochter nog komen: "Papa, wordt gij nu de nieuwe burgemeester van Antwerpen?"

Vandaag, acht jaar later, kan Dewinter redelijk onbewogen over die dag spreken. Al wil hij nog altijd niet gezegd hebben dat hij zich toen zegezeker waande. "We wisten dat het kantje boord zou worden", zegt hij. "Het was erop of eronder. Toen de resultaten van Antwerpen binnenkwamen, wist ik onmiddellijk dat het eronder was. Natuurlijk was dat een geweldige klop. Dit moest de kroon op het jarenlange werk worden. De droom werd hier aan diggelen geslagen. Dat was bitter, niet in het minst omdat we er zo dicht bij waren."

Filip Dewinter toont in 2004 het nieuwe logo van de partij Beeld Belga

Over de rand

Filip Dewinter, burgemeester van de stad Antwerpen. De gedachte dat het inderdaad niet zo veel heeft gescheeld, blijft onwezenlijk. En ze wordt nog onwezenlijker als we voor deze gelegenheid even de geschiedenisboeken induiken.

Laat deze geschiedenis beginnen op 6 november 1988, op de begraafplaats voor Duitse soldaten in Lommel. Die dag is een bont allegaartje van neonazi's, VMO'ers (Vlaamse Militanten Orde) en skinheads naar Lommel afgezakt om hun 'oorlogsslachtoffers' te eren. Tussen dat tuig loopt ook een politicus van het Vlaams Blok. Het is Filip Dewinter, op dat ogenblik 26, het jongste kamerlid ooit en, opmerkelijk genoeg, een van de weinige VB-kopstukken die niet uit een zwart nest komen.

Het belet Filip Dewinter niet om enkele dagen na de mars in Lommel een interview te geven aan het buitengewoon extreemrechtse maandblad Deutsche Nationalzeitung. Daarin zegt hij dat "de strijd van het Vlaamse Legioen aan het Russische Oostfront" een van de grootste veldslagen was uit de geschiedenis. Voor een politicus met een meer dan gemiddelde ambitie lijken dat niet de verstandigste strapatsen, maar zie. Ook al is het eind 1988 nog niet overal doorgedrongen, de ster van Filip Dewinter is op dat ogenblik al aan het rijzen. Het nauwelijks verholen geflirt met racistische brigades lijkt zijn weg naar de top niet te beletten.

Misschien zelfs integendeel. Eind jaren tachtig woedt er aan de top van het Vlaams Blok een discussie die ook het latere Vlaams Belang zou verdelen. Toen al vond een aantal dissidente, ondertussen volledig in de anonimiteit verdwenen Blokkers dat hun partij te vaak over het randje ging. In een brief aan toenmalig voorzitter Karel Dillen vroegen die dissidenten een einde te maken aan "de bewust provocerende politiek, die electoraal gericht is op de laagste bevolkingsklassen, doch het krediet van de partij in tal van milieus grondig aantast."

Karel Dillen is niet onder de indruk van de kritiek. Zijn partij mag dan wel ontstaan zijn als een reactie op het "verraad aan de Vlaamse zaak", in de loop van de jaren tachtig is de focus zich steeds nadrukkelijker gaan richten op de bevolkingsgroep die toen nog 'gastarbeiders' heette. Vreemdelingenhaat loonde. Dat begreep de jonge Dewinter nog beter dan Dillen. Dewinter spiegelt zich daarbij aan Jean-Marie Le Pen, de man die langzaam maar zeker Frankrijk verovert met een racistisch discours. In 1992 stelt Dewinter zijn beruchte 70-punten plan voor, een werkstuk dat zo goed als geplagieerd werd van Le Pens "bijdrage tot het regelen van het migrantenprobleem." Net als in de 'bijdrage' van Le Pen stelt Dewinter voor om het "eigendomsrecht van migranten" te beperken, de wet op de bloedafstamming terug in te voeren, en de tewerkstelling van migranten te belasten.

Propagandamachine

Weldenkend Vlaanderen gruwt ervan, maar niet zo een steeds belangrijker deel van de kiezers. In 1991, de fameuze 'Zwarte Zondag', haalt Dewinter bijna 12.000 voorkeurstemmen. De tegenreacties laten niet lang op zich wachten. Een jaar later ondertekenen alle andere politieke partijen een resolutie waarin het 70-punten plan verworpen wordt als strijdig met de Europese Verklaring voor de Rechten van de Mens. Samen besluiten ze tot het cordon sanitaire.

In dezelfde periode wordt het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding opgericht. Allemaal nobele initiatieven, maar de opmars van Dewinter en zijn Blok kunnen ze niet stuiten. In 1994 is Dewinter met 42.000 voorkeurstemmen de populairste Antwerpse politicus.

Niets lijkt zijn partij te kunnen stoppen, over het fenomeen wordt een halve boekenkast volgeschreven. In de analyses wordt vaak verwezen naar verpaupering in de grootsteden, in combinatie met de snel toegenomen migratie.

Ongetwijfeld zijn die analyses juist, al roepen ze de vraag op waarom het ongenoegen zich uitgerekend in Antwerpen zo sterk manifesteert? Omdat Antwerpenaren racistischer zijn? Of was het vooral de figuur Dewinter, een man die latent racistische gevoelens als geen ander kon bespelen? "Op het vlak van propaganda kende hij zijn gelijke niet", zegt een voormalig Vlaams Belang-kopstuk. "Zijn mediaoptredens zorgden ervoor dat de partij bleef groeien. Dewinter zocht de controverse. Choquerende uitspraken, een bokshandschoen, alles was goed, als het maar de media haalde. Aandacht was het ultieme doel."

Jarenlang speelde zich telkens hetzelfde scenario af. Dewinter choqueerde, en kreeg daarvoor de volle laag van de media en de politiek. Aan het eind, bij de stembusgang, was het telkens Dewinter die won. De wanhoop bij tegenstanders werd zo mogelijk nog groter toen in 2004 bleek dat behalve de media en de politiek, ook justitie de opgang van het Vlaams Blok niet kon stuiten. Op 21 april 2004 worden drie vzw's van het Blok veroordeeld voor racisme. De hoop dat Vlaanderen eindelijk zou begrijpen wat voor vlees er in deze kuip zit, is geen twee maanden later al vervlogen.

Op 13 juni 2004 kiest bijna een kwart van de Vlamingen voor het zopas veroordeelde Vlaams Blok. "De rechter heeft ons veroordeeld", glundert partijvoorzitter Frank Vanhecke die dag, "maar het volk heeft ons vrijgesproken."

De vreugde is zo mogelijk nog groter bij Dewinter. In zijn wingewest Antwerpen wordt een score van meer dan 34 procent gehaald. De zoveelste overwinning en het besef dat blijkbaar niets helpt, zorgt in die dagen voor een schisma binnen de media en de politiek. Cordon aanhouden, of meetrekken in het bad? Bijna onopgemerkt zorgt een zeer gelijkaardig dilemma ook voor verdeeldheid binnen het Blok. Het is in wezen dezelfde verdeeldheid waar ook Karel Dillen al mee te maken kreeg. Een partijlid van toen beschrijft hoe de fenomenale overwinning voor een breuk zorgde tussen "nieuwkomers en gematigden" aan de ene kant, "oudgedienden en de harde kern" aan de andere kant. "De gematigden (onder wie huidig N-VA-schepen Karim Van Overmeire, JdP) vonden dat we moesten tonen dat we wilden besturen en onze oppositierol verlaten. De harde kern wilde niet besturen en bleef liever rel schoppen."

Over de toekomstige strategie wordt kort na 21 april 2004 nog niet duidelijk gecommuniceerd. Maar Dewinter weet dan al dat er maar één mogelijkheid is. "Zelfs als we ons van onze softste kant hadden laten zien, was niemand met ons in zee gegaan", zegt hij vandaag. "Het klopt dat onder meer Karim toen heeft gepleit voor een Vlaams Blok dat salonfähiger zou zijn en zo kon deelnemen aan de macht. Ik vond dat wishful thinking, en heb ervoor gepleit om dezelfde koers te blijven bewandelen. De harde lijn was volgens mij de enige optie."

Die boodschap wordt ook uitgedragen in de herfst van 2004, tijdens het congres waarop het Vlaams Blok vervelt tot het Vlaams Belang. Voorzitter Frank Vanhecke laat hier over de te volgen marsrichting weinig twijfel bestaan. "Wij veranderen van naam, maar niet van streken."

De stoere taal van Vanhecke doet vermoeden dat de twee mannen van de harde lijn nog altijd de dikke vrienden zijn. In werkelijkheid is wrevel ontstaan. Dewinter kiest in 2004 resoluut voor zijn grote droom, de burgemeestersjerp. "Het was ook een tactische keuze", zegt hij. "Eerst moest Antwerpen vallen, dan de rest."

De focus op Antwerpen, maar ook de keuze voor de harde lijn, zouden de sfeer in de partij voorgoed doen omslaan. De gematigde VB-ers en de niet-Antwerpse VB-ers vinden elkaar in de onvrede, en vallen elkaar, zoals in het geval van Marie-Rose Morel en Frank Vanhecke, soms ook letterlijk in de armen.

Filip Dewinter anno 1991 Beeld Photonews

Despoot

Sluipende onvrede en dissidentie kan Dewinter in de aanloop naar de verkiezing van de waarheid uiteraard missen als de pest. Partijleden van toen getuigen dat Dewinter zijn partij met steeds strakkere hand begon te leiden. "Er werd een soort communicatieverbod uitgevaardigd. Wie dat verbod overtrad, riskeerde een onverkiesbare plaats."

Dat de vrijheid van mening binnen de partij een zeer relatief begrip was, blijkt ook als wijlen VB-kamerlid Guido Tastenhoye in 2006 in het nieuws komt met een verhaal over een Kazachs gezin dat hij wil laten regulariseren. Een lastige kwestie, en het wordt er niet minder pijnlijk op als journaliste Linda De Win zijn collega-kamerlid Marleen Govaerts om een reactie vraagt. "Wilt u mijn persoonlijke mening?", vraagt Govaerts. "Dat moet u aan Filip Dewinter vragen."

Veel dissidentie is er in deze periode niet te bespeuren, ook al omdat een meerderheid binnen de partij het roerend met Dewinter eens is. "Bij de militanten en een groot deel van de partij leefde de overtuiging dat Dewinter het in 2006 ging halen", vertelt een ex-Belanger. "Alle propagandatroepen stonden als een blok achter Dewinter. Men was zo goed als zegezeker. Het cordon zou breken. Als het niet Antwerpen zelf was, dan zou het Hoboken of Schoten zijn. Het was nu of nooit, alles of niets."

Het werd uiteindelijk niets. Waarom? Dewinter zelf noemt in de eerste plaats de raid van Hans Van Themsche, enkele maanden voor de verkiezing. "Als dat niet gebeurd was, hadden we het gehaald."

Maar er was natuurlijk ook Dewinters strategie. Hierover verschijnt drie dagen na de fatale verkiezingen een opmerkelijk opiniestuk in De Morgen. Het is van de hand van een toen nog relatief onbeduidende politicus, Bart De Wever. "De basisstrategie van de partij om het systeem van buitenaf te kraken dreigt als een pudding in elkaar te zakken", schreef De Wever. "Na een lange opmars lijkt het alsof Dewinter in Antwerpen zijn Stalingrad bereikt heeft. Het perspectief van een lange, pijnlijke aftocht wordt plots heel realistisch."

Had het, zoals De Wever suggereert, anders, met ander woorden, binnen het systeem gekund? Dewinter zegt dat hij het wel degelijk heeft geprobeerd. Maar dat het uitgerekend De Wever was die hem leerde dat ongeveer niemand van betekenis met hem in zee wilde. "In 2004 zijn we ettelijke keren met De Wever gaan praten. Hij toonde zich geïnteresseerd, maar echt concreet zijn onze gesprekken nooit geworden. Vandaag vermoed ik dat hij alleen maar met ons gesproken heeft om zijn prijs op te drijven in zijn onderhandelingen met Leterme. Vergeet niet dat De Wever op dat ogenblik bijzonder weinig gewicht in de schaal kon leggen. Zijn partij had één verkozene, de kas was leger dan leeg."

De plannen voor een verruimd VB, het in die tijd veel besproken Forza Flandria, worden nog eens uit de kast gehaald na de nederlaag in 2006. Op aanraden van VB-verruimer Jurgen Verstrepen en zakenman Freddy Van Gaever wordt Jean-Marie Dedecker aangezocht. Zopas gedumpt door De Wever, die voor het kartel met CD&V heeft gekozen, wordt Dedecker uitgenodigd voor een verkennend gesprek.

"Een vruchtbaar gesprek", zegt Dewinter. "We waren zo goed als rond, maar een aantal elementen binnen de partij heeft de zaak doen ontploffen. Tijdens deze gesprekken hebben we onze historische kans gemist, en de concurrentie op rechts mogelijk gemaakt."

Dedecker bevestigt dat er gesprekken zijn geweest, maar herinnert zich anders dan Dewinter geen verbintenissen. "Ik heb toen inderdaad samen gezeten met Dewinter, Annemans en Vanhecke. Ze hebben me zelfs aangeboden om als onafhankelijke op de senaatslijst te gaan staan. Een tweede gesprek is er niet gekomen omdat Marie-Rose Morel nauwelijks een dag later in de krant is gaan roepen dat ruziemaker Dedecker niet welkom was. Spijt heb ik daar nooit over gehad. Ik ben geen Vlaams Belanger. Een historische kans gemist, zegt u? Tja. Als mijn tante wieltjes had, dan was ze een kinderwagen."

Gerolf Annemans en Filip Dewinter op election night op 25 mei dit jaar, toen de partij een harde verkiezingsnederlaag leed Beeld belga

Deuren open

Een waar woord, en het is nog maar de vraag of een Vlaams Belang mét Dedecker niet even goed kopje onder was gegaan. Uit het interview waarin Morel de hoop op een eventuele samenwerking met Dedecker aan flarden schiet, blijkt dat het conflict binnen de partij al zo goed als onherstelbaar is. Dewinter krijgt in dit interview het verwijt dat hij zo verbeten is dat ze "een beetje bang" van hem is. "Zijn geldingsdrang is nooit groter geweest dan nu, en Annemans volgt hem, zoals altijd."

De spanningen worden alleen maar groter als de verkiezingen van 2007 het vermoeden wekken dat de rechtse kiezer stilaan uitgekeken is op het Vlaams Belang. De partij stagneert, de grote overwinnaar is het kartel CD&V/N-VA, de grote verrassing Lijst Dedecker. Wat dit resultaat deed met de ooit zo éénstemmige partij is kernachtig samengevat in Eigen belang eerst, een boek van VB-watcher Tom Cochez. Was het voor journalisten tot voor kort haast onmogelijk om hier waardevolle informatie over los te peuteren, dan stond de deur plots wagenwijd open. Cochez: "De media worden niet langer gebruikt om de partij te verkopen, wel om onderlinge vetes te beslechten."

Om de spanningen te bezweren moet voorzitter Frank Vanhecke plaats maken voor Bruno Valkeniers. Aan hem de weinig verheffende taak om conflicten te beheersen die langzaam maar zeker ontaarden in een vuile oorlog, uitgevochten op het slagveld media. De weinig charismatische Valkeniers faalt nogal spectaculair in zijn onmogelijke opdracht. Vanhecke en Morel stappen op, het Vlaams Belang raakt in vrije val, en opnieuw is het Dewinter die de meubelen probeert te redden.

Dewinter grijpt daarvoor naar de oude, soms ranzige recepten. "Niet de vergrijzing, maar de verbruining is het probleem", stelt hij op het partijcongres, eerder dit jaar. Het is en poging om, net als in the old days, het voorwerp van controverse te zijn. Een mislukte poging, maar andermaal lijkt hij geen andere keuze te hebben. "Vandaag is er ook een weer een opening op de Vlaams-nationalistische flank, juist, maar wees eerlijk, daar win je vandaag geen verkiezingen meer mee. Het is veel verstandiger om een versnelling hoger te schakelen in het islamdebat. Wat we daar vandaag over vertellen is een soort update van ons oude verhaal, dat actueler is dan ooit."

Over de toekomst, het Vlaams Belang zonder hem, zegt Dewinter dat die er niet al te rooskleurig uit ziet. "We moeten realistisch zijn. Meer dan tien procent mogen we voorlopig niet ambiëren. Maar vergeet niet dat in de politiek alles snel kan kantelen."

Zijn opvolger Tom Van Grieken adviseert hij om te doen wat de jonge Dewinter ooit deed. "Kijk naar Jean-Marie Le Pen, en zijn Front National. Ooit was die partij helemaal van de kaart geveegd, maar dankzij zijn dochter Marine staan ze weer hoog in het politieke firmament."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234