Vrijdag 24/01/2020

'The Dude for President? Neen, laat maar'

Een politieke thriller die zich grotendeels afspeelt in en rond het Witte Huis en waarbij een 'seksschandaal' een essentieel onderdeel vormt van het scenario. Krijgen die Amerikanen er dan nooit genoeg van? Gelukkig niet, want The Contender is een vernuftig geconstrueerde, intelligente en ook erg spannende film over 'sexual McCarthyism', met een uitgelezen ensemblecast, aangevoerd door Jeff Bridges en Joan Allen (die allebei een Oscar-nominatie kregen voor hun werk) en door een opnieuw nauwelijks herkenbare, maar wel zeer venijnige Gary Oldman.

Parijs / Eigen berichtgeving

Jan Temmerman

Jeff Bridges vertolkt de rol van de Amerikaanse president Jackson Evans, die na het overlijden van zijn vice-president een nieuwe kan- didaat moet aanwijzen. Hij wil zijn politieke carrière - hij nadert het einde van zijn tweede ambtstermijn - met een opmerkelijk statement afronden en kiest voor een vrouw als 'second in command', namelijk senator Laine Hanson (rol van Joan Allen). Maar de Republikeinse afgevaardige Runyon (rol van Gary Oldman) heeft zo zijn eigen politieke agenda en gaat daarom in het verleden van Hanson op zoek naar alles wat haar ook maar enigszins in diskrediet zou kunnen brengen. Een sappig seksschandaal bijvoorbeeld, uit haar jonge jaren aan de universiteit. De bedoeling is duidelijk en wordt mooi samengevat door de publicitaire slogan, waarmee deze film in de Amerikaanse bioscopen gelanceerd werd, namelijk 'Sometimes you can assassinate a leader without firing a shot'. Maar de president is natuurlijk niet van plan zijn protégé zomaar te laten afschieten. Van haar kant reageert senator Hanson op een wel erg vreemde manier. Zij denkt er niet aan, zoals haar door een politiek adviseur aangeraden wordt, alles maar snel te bekennen en dan vergiffenis te vragen. Maar ze wil ook niet ontkennen. Zij zegt gewoon... niets.

In eerdere interviews had Jeff Bridges al gezegd dat hij bij de vertolking van zijn 'presidentiële' rol vooral één man in gedachten had gehouden, namelijk zijn eigen vader, de acteur Lloyd Bridges.

"Ik wist dat ik zeker geen imitatie van Clinton wou geven", vertelt hij nu ook. "Ik heb natuurlijk wel beeldopnames van hem bekeken, net zoals ik ook archiefmateriaal van Kennedy en Lyndon Johnson bestudeerd heb. Van hen heb ik - zonder hen echt te kopiëren - een bepaalde lichaamstaal overgenomen. Als president gedroegen zij zich op een soort relaxte manier; zij leken stuk voor stuk 'very much at home in their bodies'. Maar de man die me telkens weer voor ogen kwam, was mijn vader. De manier waarop hij zich gedroeg en voortbewoog, had vaak iets van een presidential air. En ik zag ook wel vergelijkingspunten tussen zijn persoonlijkheid en die van mijn personage. Zo was er bijvoorbeeld het feit dat mijn vader zijn job dolgraag deed. Hij hield van acteren en alles wat daarbij kwam kijken: de voorbereiding, de repetities, de samenwerking met de meest uiteenlopende mensen. Hij beleefde daar veel plezier aan en het was een soort besmettelijk plezier. Nu nog kom ik mensen tegen die met mijn vader gewerkt hebben en in hun ogen kan ik als het ware de aangename herinneringen lezen. Dat was zo'n beetje het gevoel dat ik aan mijn personage wou geven: iemand die er kan voor zorgen dat mensen zich graag in zijn omgeving ophouden en van hun werk kunnen genieten. Ja, in zekere mate is mijn vertolking een soort hommage aan mijn vader."

Maar er zit natuurlijk nog wel méér in dat personage van president Jackson Evans. Het sleutelwoord is al eerder in het gesprek gevallen: relaxed. Er is inderdaad ook sprake van een vrij hoge 'Dude'-factor. De Dude was het personage dat Jeff Bridges zo magistraal vertolkte in de sublieme en speelse misdaadkomedie The Big Lebowski van de gebroeders Coen uit 1998. Bridges speelde daarin de hoofdrol van Jeffrey Lebowski, een overjarige hippie, die node in de jaren negentig leeft en die duidelijk van zijn rust houdt. 'Take it easy, man' is een van zijn geliefkoosde uitdrukkingen. De minzame, maar vooral slome Lebowski is, zoals de gebroeders Coen hem in hun scenario beschrijven, 'a man in whom casualness runs deep'. Als hij niet met zijn vrienden in de bowling zit, ligt hij thuis op de mat, op zijn walkman luisterend naar een cassette met... bowlinggeluiden. Ofwel zuigt hij de laatste restjes geestverruimende substantie uit zijn joints, terwijl hij in bad ligt te genieten van een bandje met walvisklanken. De problemen beginnen pas als Jeffrey verward wordt met een andere Lebowski, namelijk een oude en rijke filantroop, met een jonge en zéér spilzieke trophee wive. Dié man is The Big Lebowski uit de titel, terwijl het rustige personage van Bridges door iedereen die hem kent aangesproken wordt als Dude. Dat mag voor zijn part trouwens ook His Dudeness of desnoods zelfs Duder of Duderooni zijn.

"Rod Lurie (scenarist-regisseur) en Marc Frydman (producer) zijn inderdaad grote fans van de 'Dude', maar ik denk dat de bowlingscène reeds in het scenario zat voor ik bij dit project betrokken werd", glimlacht Bridges.

In de film vertelt president Evans zelf waar die bowlingzaal in het Witte Huis vandaan komt. Die werd namelijk in de jaren zestig op vraag van president Lyndon Johnson geïnstalleerd. Maar dat kleine, verrassende moment waarop de president even aan zijn schoen ruikt vóór hij hem aantrekt, dat stond duidelijk niet in het scenario. "Neen, dat heb ik op het moment zelf verzonnen. Dat was inderdaad iets dat de Dude ook zou gedaan hebben", lacht Bridges. "Een klein beetje humor, het leek mij the right thing to do in die situatie."

Opvallend is ook hoe de typische eetgewoontes van deze fictieve president als een soort rode draad doorheen het verhaal lopen. Hij geniet er zichtbaar van om op de onvoorspelbaarste momenten en het liefst in aanwezigheid van een 'publiek' - crisisvergadering of korte bijeenkomst vlak vóór een officieel galadiner, het maakt niet uit - via de huistelefoon nog snel iets (ingewikkelds) te bestellen bij de keuken van het Witte Huis. Het is een subtiel machtsmechanisme en hij geniet ervan. Hij beheerst het ook perfect, zoals in de sequentie waarin hij de jonge Congressman Webster (rol van Christan Slater), van wie hij iets gedaan moet krijgen, een stuk van zijn sandwich (met 'shark-steak'!) aanbiedt. De geïntimideerde Webster aarzelt en dan vraagt Evans hem of hij soms weigert 'het brood te breken met uw president'. De intimidatie wordt op dat moment alleen maar groter.

"Dat stond allemaal in het scenario en in eerste instantie vond ik dat gewoon leuk", knikt Bridges. "Ik dacht: 'OK.This guy likes food'. Maar er zit wel degelijk méér achter. Dat maakt van The Contender het soort film waar ik zelf graag naar kijk, omdat de filmmakers het publiek een stap voor blijven. Je kunt wel denken dat je de verhaallijn doorhebt en dat je weet hoe de personages in elkaar steken, maar dan merk je plots dat je eigenlijk op het verkeerde been werd gezet."

Op het einde van The Contender verschijnen de woorden 'The End' op het scherm. Een sprekend detail, want tegenwoordig absoluut ongebruikelijk, net zoals de eindgeneriek waarop de voornaamste personages nog eens met hun foto worden afgebeeld. Maar het past wél perfect bij de hoogtijdagen van de Amerikaanse politieke thriller, namelijk de jaren zeventig, met titels als All The President's Men, The Parallax View, Three Days of the Condor of The Candidate. Dat waren vaak films met een grimmige, achterdochtige, bijna doemdenkende analyse van het politieke ambt. Vandaag is de argwaan niet minder geworden, maar toch lijkt The Contender behoefte te hebben aan een meer uplifting einde.

"Ik hoop in ieder geval dat de film discussies zal losweken", zegt Bridges. "Er is enerzijds dat gladde oppervlak, maar anderzijds roept The Contender wel degelijk vragen op naar hetgeen zich daaronder afspeelt. Wat waren de échte motieven van die president? Had hij zijn hart werkelijk op de juiste plaats of wilde hij alleen maar winnen? Handelde hij in functie van het algemeen belang of was hij gewoon zelfzuchtig? Misschien had zijn politieke tegenstander Shelly Runyon, het personage van Gary Oldman, het toch bij het rechte eind en was senator Laine Hanson inderdaad niet geschikt voor de job van vice-president. Het is hoe dan ook een zeer complexe film."

In deze film is het weliswaar niét president Jackson Evans die betrokken is bij het seksschandaal waar The Contender grotendeels om draait, maar het is voor iedereen duidelijk dat er impliciet - en in een bepaalde dialoog zelfs expliciet - naar de Clinton-perikelen verwezen wordt. En de film lijkt te willen zeggen wat velen hier in Europa geneigd waren te denken, namelijk: wij hebben wij in vredesnaam te maken met het private seksleven van een Amerikaanse president? Laat die man toch met rust! Stel hem die intieme vragen niet en dan zal hij ook niet in de verleiding komen om te liegen? Wat dacht Jeff Bridges indertijd zelf over die hele heisa?

"Wel, ik dacht daar precies zo over. Het nam allemaal zoveel tijd en energie in beslag, terwijl er op hetzelfde moment zoveel andere zaken waren die wél aandacht verdienden en die daardoor niet kregen. Maar misschien maakt het allemaal deel uit van een groeiproces voor ons land. We leren allemaal door vergissingen te maken, door ergens hard tegenaan te botsen. En uit die weerbots onthouden we misschien waar we de volgende keer vanaf moeten blijven. Een positief element zie ik bij voorbeeld in het feit dat we nu allemaal wel moéten aanvaarden dat seks deel uitmaakt van ieders leven en dus ook van het leven van onze politici."

Jeff Bridges (°1949) was samen met zijn (inmiddels overleden) vader te zien in de explosieve actiethriller Blown Away van Stephen Hopkins uit 1994, net zoals hij met zijn oudere broer Beau Bridges (°1941) de titelrollen vertolkte in The Fabulous Baker Boys van Steve Kloves uit 1989. Acteren als familiebusiness dus, maar toch was het voor de jonge Jeff niet vanzelfsprekend dat hij die richting zou kiezen.

"Dat had er vooral mee te maken dat ik nog andere creatieve interesses had. En nog steeds heb", legt hij uit. "Ik ben ook bezig met muziek, met fotograferen, met schilderen. Maar het heeft inderdaad een tijd geduurd voor ik wist op welke richting ik mij zou focussen. Het is uiteindelijk acteren geworden, onder meer omdat ik al zeer vroeg via mijn vader over de nodige introducties kon beschikken. In dat opzicht kan je mij dus gerust beschouwen als een product van nepotisme. In Hollywood hoor je ook wel verhalen over mensen uit het vak, die uit alle macht hun zonen of dochters uit de filmbusiness willen houden, maar zoals ik al zei: mijn vader hield van zijn job. Hij genoot ervan en hij wilde dat met zijn kinderen delen. Als ik er nu over nadenk, had een deel van mijn weerstand tegen het acteren ook wel te maken met die natuurlijke rebellie van kinderen, die net niét willen doen wat hun ouders graag zouden hebben. Een ander aspect dat mij niet zo beviel, was dat ik als acteur automatisch in een soort competitie met mijn vader én met mijn broer zou terechtkomen. Erg belangrijk was ten slotte het feit dat ik in mijn persoonlijkheid toch ook een soort 'Dude'-element heb, een nogal sterke 'lazy streak'. Als er keuzes moeten worden gemaakt, als er bepaalde voorstellen in mijn richting komen, dan probeer ik mij daartegen te verzetten. Als ik nu terugkijk op mijn carrière, dan zie ik natuurlijk ook wel dat ik al veel gedaan heb, maar toch verzet ik mij daartegen. Ik zeg meestal neen, maar de dingen die ik dan tóch doe, zijn meestal projecten die mij op de een of andere manier 'aan de haak' hebben geslagen. Ik spartel dan wel tegen, maar ik word er toch naartoe getrokken. Als een mot die onvermijdelijk naar het licht en uiteindelijk in de vlam wordt getrokken. Ik voel dat het telkens weer uitdagingen zijn, maar ik hou absoluut niet van uitdagingen. I have that lazy kind of side."

Dat is dan wellicht ook de reden waarom de eerste cd van Jeff Bridges (als muzikant, zanger en componist) pas onlangs werd uitgebracht, met de in deze context toch wel ironische titel Be Here Soon. "Dat is absoluut zo", glimlacht hij.

Ondanks zijn persoonlijke lobbyervaring in de wandelgangen van Washington (onder meer als één van de oprichters van het End Hunger Network) en ondanks het zichtbare gemak waarmee Bridges hier de rol van Amerikaanse president vertolkt, heeft de acteur zeker geen zin om zelf een politieke carrière uit te bouwen. "Only in the movies, man", grinnikt hij in pure 'Dude'-stijl. "Ik weet ook wel dat de politici soms als 's werelds beste acteurs beschouwd worden en mijn kleine lobbyervaring in Washington heeft mij ook wel geleerd dat die plek soms meer op Hollywood lijkt dan Hollywood zélf. Maar zelf voel ik geen enkel verlangen om in de politiek te stappen. The Dude for President? No, I don't think so."

Een laatste vraagje: heeft hij sinds The Contender in de Amerikaanse bioscopen kwam, al contact gehad met collega-acteur Warren Beatty?

Jeff Bridges kijkt oprecht verbaasd: "Ja, waarom?"

Omdat president Jackson Evans zich op een bepaald moment, na de zogenaamde 'onthullingen' over het seksuele verleden van senator Laine Hanson, eventjes boos maakt en haar vraagt of het misschien haar ambitie was om 'een vrouwelijke Warren Beatty' te worden.

Hij schatert het uit: "Oh shit! Oh God! Dat was ik helemaal vergeten. Nu begrijp ik waarom hij mij toen zo vreemd aankeek."

TITEL: The Contender. REGIE en SCENARIO: Rod Lurie. FOTOGRAFIE: Denis Maloney. MUZIEK: Larry Groupe. PRODUCTIE: Marc Frydman, Douglas Urbanski, Willi Baer en James Spies. VERTOLKING: Joan Allen, Jeff Bridges, Gary Oldman, Christian Slater, Sam Elliott, William L. Petersen, Philip Baker Hall, Saul Rubinek, Mike Bender, e.a.

VS, 2000, kleur, 126 min. Gedistribueerd door Les Films de l'Elysée.

The Contender draait vanaf 2 mei in de Belgische bioscopen.

Film

'Mijn ervaring in Washington heeft mij geleerd dat die plek soms meer op Hollywood lijkt dan Hollywood zélf'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234